Tagarchief: zuilen van hercules

Paul Bowles

image

Tegenover de schrijvers die in hun vrijheid worden beknot, eindigt Paul Theroux De Zuilen van Hercules met een ontmoeting met de schrijven Paul Bowles in het Marokkaanse Tanger.

Het is een contrastrijk ontmoeting in vergelijking met de ontmoetingen met schrijvers in Egypte, Syrië en Israël. Paul Theroux heeft een prachtig gesprek met een schrijver die hij aanbidt. De Amerikaanse schrijver woont al jaren in Marokko. Hij voelt zich er vrij. Paul Bowles vindt het heerlijk om in een wereld te leven omringd door moslims.

De 80-jarige schrijver merkt dat hij veranderd is door in Marokko te wonen. Het heeft hem geduldiger en fatalistischer gemaakt. ‘Je hebt geen controle over de dingen, dus wat kan een mens doen?’ zegt hij tegen Paul Theroux. In het appartement in Tanger hoort Paul Theroux wat de Amerikaanse schrijver van moslims vindt: ‘Moslims maken hun geloof waar, het zijn zelden huichelaars.’

Een bijzondere kijk op de islam van de schrijver die vaak tot de Beats gerekend wordt. Hijzelf reageert maar afstandelijk op Beat-schrijvers die enkel in Marokko op doorreis waren. Paul Bowles lijkt meer op deze vrije schrijvers dan hijzelf wil doen geloven, stelt Paul Theroux:

In mijn ogen was hij een man die al zijn gevoelens verborg; hij had glinsterende ogen, maar een koele blik. Hij leek tegelijkertijd verstrooid, alwetend, werelds, afstandelijk, gereserveerd, ijdel, sceptisch, excentriek, onafhankelijk, onverwoestbaar, egotistisch en ontvankelijk voor lovende woorden. Hij leek op vrijwel alle andere schrijvers die ik van mijn leven had leren kennen. (507)

Zo eindigt de reis met een bevinding dat schrijven vrij en onafhankelijk maakt. Het zijn de basisingrediënten voor een schrijver. Een schrijver die monddood wordt gemaakt, is geen schrijver meer. Die is zijn mond verloren en daarmee zijn vrijheid.

Bespreking van Paul Theroux: De Zuilen van Hercules, Een reis rond de Middellandse Zee. Vertaling van The Pillars of Hercules, A grand Tour of the Mediterranean. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 1996. 512 pagina’s.

Vrijheid – #WOT

image

Bij Paul Theroux’ reis door de landen rond het Middellandse Zeegebied, valt op hoeveel landen gebukt gaan onder een gebrek aan vrijheid. Ze leiden onder oorlog, bezetting of een dictatuur. Zo laat De Zuilen van Hercules zien dat misschien in Griekenland wel de democratie is uitgevonden. Veel landen om Griekenland worden overheerst door een tiran of er woedt een oorlog.

Dat begint al in de landen van het voormalig Joegoslavië. De oorlog is in volle gang als Paul Theroux er is. De stad Dubrovnik waar hij verblijft, is kort voor zijn bezoek getroffen door dertigduizend granaten. De oude binnenstad is weer hersteld in een poging het toerisme weer te laten opleven. De toeristen blijven weg uit angst voor het geweld. Als hij de stad liggen vanaf de berghelling achter Dubrovnik, ziet Paul Theroux de schade in de herstelde daken.

In Albanië is ook een gebrek aan vrijheid. Het land is net verlost van het bewind van de paranoïde dictator Enver Hoxha. In gesprek met Albanezen vertelt zijn taxichauffeur Adrian hoe ze hun dictator noemden: ‘Shokut Enver.’ Wat betekent: Vriend.

Dat was schitterend. De man die een muur rond hun land had gebouwd en hen had uitgehongerd en het licht had uitgedraaid en hun doodsbang had gemaakt en hen gevangen gezet en niet goed vond dat ze hun baard lieten staan, en die in fraaie villa’s woonde terwijl zij in hun hutten zaten en zuur brood aten of hun persoonlijke wapen reinigden (‘voor het geval van een aanval door de imperialisten’), die man was ‘Vriend Enver’. (290/291)

Het woord Shokur wordt nauwelijks meer gebruikt, vertelt zijn taxichauffeur. Het is te beladen door het verleden. Ze gebruiken nu het woord zoti, wat God betekent. ‘We zijn geen vrienden meer, we zijn nu goden.’

Albanië en Joegoslavië zijn niet de enige landen die gebukt gaan onder overheersing. In landen als Syrië, Israël, Libanon, Egypte en Libië moeten burgers of bepaalde bevolkingsgroepen het doen met een gebrek aan vrijheid.

In elk land vindt hij wel een schrijver die strijdt voor zijn vrijheid. In Egypte is dat de net neergestoken Naguib Mahfoez. In Syrië treft hij Abd al-Rahman Munif. In Israël ontmoet hij de Palestijnse schrijver Emile Habiby.

Ze zijn allemaal kritisch in de richting van de overheerser en streven op hun manier hun vrijheid na. Het is bewonderenswaardig hoe ze in het leven staan. Ze mogen misschien beknot zijn in hun vrijheid, het denken en het schrijven geeft ze een grote mate van vrijheid. Alsof ze dan even een vogeltje zijn en rondvliegen in de vrije lucht, met onder de onderdrukte wereld.

Bespreking van Paul Theroux: De Zuilen van Hercules, Een reis rond de Middellandse Zee. Vertaling van The Pillars of Hercules, A grand Tour of the Mediterranean. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 1996. 512 pagina’s.

Het boze oog

image

Als Paul Theroux in zijn boek De Zuilen van Hercules op Sicilië is, haalt hij een interessant bijgeloof aan: het boze oog. Volgens veel Italianen laten priesters die langs een slagerswinkel lopen, het vlees bederven.

Priesters zijn noch man, noch vrouw. Ze hebben het boze oog. (173)

Bij het zien van een priester, kijkt Paul Theroux snel om zich heen om te zien hoe de Italianen reageren. Hij doet een interessante ontdekking:

Bij Italiaanse mannen was de meest algemene en effectieve manier om dat geestelijke boze oog af te weren, een aanraking van de eigen testikels en een subtiel gebaar met twee vingers in de richting van de priester. Wat Italiaanse vrouwen deden, heb ik nooit kunnen ontdekken. (173/174)

Als hij in de trein zit naar Metaponto komt er in zijn lege coupé een priester te zitten. De coupé blijft verder leeg. Elke voorbijganger die naar binnen kijkt, wendt zijn blik meteen af en loopt snel verder door de gang. Als de priester weg is, verkoopt een non een bidprentje van Maria aan hem. Hij gebruikt het plaatje van de Heilige Maagd als bladwijzer in het boek Frankenstein dat hij op dat moment leest.

Later op het cruiseschip de MS Seaborne Spirit komt Paul Theroux het boze oog weer tegen. Hij vraagt ernaar bij de gids Riccardo als hij door Pompeii loopt. Volgens Riccardo speelt het boze oog vooral op Sicilië en ten zuiden van Napels. ‘Hier kom je dat niet zo vaak tegen’, zegt hij.

Daarna komt een verhandeling van Paul Theroux over het boze oog. Het is waarschijnlijk op afgunst gebaseerd. Als er één overeenkomst te vinden is aan de kusten van de Middellandse Zee, dan is het de vrees voor het boze oog. Dat strekt van de Franse kust tot in Turkije.

In Griekenland en Turkije is eenzelfde remedie tegen het boze oog: het glazen blauwe oog. In Turkije is dat oog in alle gedaantes verkrijgbaar. Elke kraam of winkel verkoopt glazen blauwe ogen bij de andere dagelijkse benodigdheden als lucifers of spijsolie.

In werkelijkheid is het een visseoog, en het oog van een vis verwijderen en erop trappen is werkzame contramagie in het oostelijk bekken van de Middellandse Zee. (309)

Zo zijn de verschillende culturen rond de Middellandse Zee meer met elkaar verbonden dan je in eerste instantie zou denken. Van een priester of non tot een bezwering in Turkije dat overwegend Islamtisch is. Een prachtige bevinding van Paul Theroux in De Zuilen van Hercules. Zeker ook omdat het steeds weer in andere gedaantes terugkomt in zijn verhaal.

Bespreking van Paul Theroux: De Zuilen van Hercules, Een reis rond de Middellandse Zee. Vertaling van The Pillars of Hercules, A grand Tour of the Mediterranean. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 1996. 512 pagina’s.

Neergestoken schrijver

image

Net als in andere reisboeken, bezoekt Paul Theroux in De Zuilen van Hercules ook schrijvers. Hij doet dit bij ze thuis of in het ziekenhuis. De Egyptische schrijver Naguib Mahfoez ontmoet hij in het ziekenhuis. Vlak voor de ontmoeting is de Egyptische schrijver op straat neergestoken.

Paul Theroux gaat met de trein van Alexandrië naar Caïro, waarbij het nog even een citaat geeft uit Justine van Lawrence Durrell over ‘het snuiven van de reusachtige locomotief’.

Het is een intrigerend gesprek dat Paul Theroux heeft met Mahfoez, de schrijver die Alexandrië als inspiratiebron in zijn werk heeft. De Egyptenaar spreekt vrij luchtig over de aanslag die op hem gepleegd heeft. Hij is verontwaardigd dat de dader hem neergestoken heeft om zijn boek. Maar de dader heeft het boek waarschijnlijk niet eens gelezen omdat zijn religie het hem verbiedt.

‘Als je het boek gelezen hebt en het niet goed vindt,’ wist hij uit te brengen, haperend, ‘goed, dan heb je misschien een reden om een schrijver neer te steken. Nietwaar? Nietwaar?’ (367)

Wat verderop gevolgd door de mooiste zin uit het interview met de oude schrijver die op straat is neergestoken omdat er over hem een fatwa is uitgesproken.

‘Denkbeelden moet je met denkbeelden bestrijden – niet met geweld.’ (367)

Paul Theroux spreekt ook een andere schrijver. Weer op aanraden van zijn broer Peter Theroux die werk van veel Arabische schrijvers vertaald heeft. Het gaat om de Palestijnse schrijver Emile Habiby.

Het bezoek aan de schrijver geeft een mooie inkijk in het verschil tussen Palestijnen en Joden. ‘De deur van Arabieren staat altijd open’, laat hij de taxichauffeur zeggen. Terwijl bij Joden de deur op slot is.

Ook brengt hij een bezoek aan de Syrische schrijver Abd al-Rahman Munif in Damascus. Samen met hem bezoekt hij Ma’aloula, een plaats waar nog mensen zijn die Aramees spreken, de taal die Jezus sprak.

Het levert een mooi verhaal op over mensen die alleen gebeden in het Aramees kunnen uitspreken. Ze wijzen hem voortdurend op het oude altaar in de kerk, dat er meer uitziet als een gootsteen, dan op een altaar lijkt.

Het zijn bijzondere ontmoetingen met schrijvers. Is het niet de taxichauffeur die hem er naartoe brengt, dan treft Paul Theroux samen met de schrijver wel bijzondere mensen. Dat is het element in het werk van Paul Theroux: de ontmoeting met de ander. Gaat het niet via een boek, dan wel via een schrijver.

Bespreking van Paul Theroux: De Zuilen van Hercules, Een reis rond de Middellandse Zee. Vertaling van The Pillars of Hercules, A grand Tour of the Mediterranean. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 1996. 512 pagina’s.

Doctor Johnson rond Middellandse Zee

image

Op zijn reis rond de Middellandse Zee leest Paul Theroux veel boeken. Daarnaast bezoekt hij ook schrijvers in De Zuilen van Hercules. Een traditie sinds zijn bezoek aan Borges in zijn treinboek De oude Patagonië-expres. In dat boek voert hij ook heel actief de schrijvers Poe en Boswell op. Vooral de laatste krijgt in vrijwel elk reisboek van hem aandacht.

Ook in De Zuilen van Hercules voert Paul Theroux de gesprekken met Doctor Johnson van James Boswell op. Dat begint al bij de introductie waarin hij zijn reis om de Middellandse Zee motiveert.

Het hoogste doel van reizen is de kusten van de Middellandse Zee te zien,’ heeft Doctor Johnson gezegd. ‘Aan die kustne lagen de vier grote rijken van de wereld: het Assyrische, het Perzische, het Griekse en het Romeinse. Onze complete godsdienst, bijna al onze wetten, bijna al onze kunsten, bijna alles wat ons verheft boven de wilde, is tot ons gekomen van de kusten van de Middellandse Zee. (10)

Een betere motivatie om de reis te beginnen is er niet. Wat verderop als hij op Corsica is, haalt Paul Theroux nog een keer Boswell aan als hij het over Corsicaanse nationalisten heeft:

De Corsicaanse trots varieert van fel nationalisme tot zwijgzame waardigheid, dat hadden alle bezoekers geschreven sinds James Boswell, die geïnteresseerd was geraakt in de Corsicaanse onafhankelijkheid en Doctor Johnson had laten kennismaken met Paoli. (136)

Daarna verlaten Doctor Johnson en James Boswell het verhaal om op de achtergrond stilletjes mee te neuriën. Maar noemen doet Paul Theroux niet meer. Gelukkig verruilt hij Johnson spoedig voor een exemplaar Frankenstein. Een boek dat ik niet zo direct met de Middellandse Zee associeer. Maar dat hoeft bij Paul Theroux ook niet, weet ik uit ervaring.

Bespreking van Paul Theroux: De Zuilen van Hercules, Een reis rond de Middellandse Zee. Vertaling van The Pillars of Hercules, A grand Tour of the Mediterranean. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 1996. 512 pagina’s.

Hondenpoep

image

Ik vind hondenpoep verschrikkelijke smerig. Zeker als je erin stapt, dat is een afschuwelijke ervaring, elke keer weer. Maar ook als je op een mooie zomerdag loopt langs een plek waar talloze van die opgewarmde hondenresten liggen in de warme zon. Het stinkt dan verschrikkelijk. Nog sterker dan het sowieso al doet.

Het is één van de dingen die ik als hondenbezitter doe: ik ruim de poep van mijn viervoeters op. In een zakje verdwijnt het aan het einde van onze ronde in de vuilnisbak. Ik snap dan ook echt niet waarom al die andere eigenaren van honden achteloos de stront van hun hond laten liggen. Of het nu in een grasveld is, aan de kant van de sloot of op het voetpad. Het maakt niet uit. Poep is poep en dat is vies.

Paul Theroux levert voor mij een vermakelijk stukje tekst als hij De zuilen van Hercules in Zuid-Frankrijk is en de hondenstront ziet. Hij ziet het als vorm van verval. In Arles en Nice treft hij twee mindere dingen aan: graffiti en hondenpoep. Dat hij niet gek is op graffiti wist ik al na het lezen van de prachtige reportage ‘Ondergronds’ in de New Yorkse metro.

De hondenpoep is een nieuw aspect die Paul Theroux aanhaalt. Hij ziet het als één van de twee plagen die Franse provinciestadjes ontsieren:

De trottoirs waren zo smerig dat je er haast niet kon lopen van de drollen.

In Nice komt hij nog meer aan zijn trekken. Hij denkt dat de Engelse schilder Francis Bacon wel aan zijn trekken zou zijn gekomen. De schilder zou op zeventienjarige leeftijd bij het zien van een hondendrol verrukt hebben geroepen: ‘Dat is het, zo is het leven.’ Paul Theroux vervolgt:

Wat een verrukking zou hij gevonden hebben in Nice, waar de stoepen zo vol poep liggen dat er een speciale eenmansdrolmobiel rondrijdt, die ze met een lange snuit opzuigt. En zelfs die ononderbroken vlijt maakt nauwelijks verschil. (112)

Er is één ding dat erger is: de oudere, veel te duur geklede Franse vrouw: ‘een weduwe, een gepensioneerde, een welvarende kamerverhuurster.’ Of misschien is er nog één ding verschikkelijker… Precies: deze vrouwen met honden. Er zijn er duizenden van:

Ze jagen aanhoudend hun hondjes over de stoepen en kijken de andere kant op terwijl de beesten blijven zitten om een stijf worstje te deponeren, n et op de plaats waar jij straks je voet zult neerzetten. (113)

Geen wonder dat de Paul Theroux de eerste de beste trein pakt naar het oosten om spaghetti in Italië te eten. En verlost te zijn van de honden, duur geklede Franse vrouwen en hondenpoep.

Paul Theroux: De Zuilen van Hercules, Een reis rond de Middellandse Zee. Vertaling van The Pillars of Hercules, A grand Tour of the Mediterranean. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 1996. 512 pagina’s.