Tagarchief: weijts

Het valse seizoen

Een heuse muziek-roman is Het valse seizoen van Christiaan Weijts. De roman draait om 3 personages die elk hun eigen verhaal vertellen. Soms komen ze elkaar tegen, spelen met elkaar mee, soms vormen ze de tegenstem of laten een dissonant horen. Het is een heus kwartet dat je leest in deze roman.

In zijn debuutroman Art. 285b heeft Christiaan Weijts ook al een muzikant opgevoerd, de pianist Sebastiaan Steijn. Hier speelt de muziek van Scarlatti een belangrijke rol. In de grote architectuurroman Euforie voert Weijts een architect op.

Het draait in deze romans om het creëren, het maken van kunst. Het maken van muziek is natuurlijk wel een eigenaardige variant hierbij. Vaak is de muzikant niet de schepper, maar geeft een interpretatie van een werk. Hij speelt van papier en geeft betekenis aan de noten die op papier zijn gezet. Hierin onderscheidt de muzikant zich juist van de architect. Deze maakt een gebouw op papier en bemoeit zich soms helemaal niet met de verwerking ervan in de werkelijkheid.

In Het valse seizoen appelleert de muzikante Nadège op haar altviool tegen de uitvoering van papier. Zij schept er juist genoegen in om muziek uit het hoofd te spelen. Niet zozeer het improviseren van melodieën, maar het naspelen van de muziek zoals ze die eerder geleerd heeft.

De Parijse violiste Nadège vormt een mooi tegenwicht met Camiel. Camiel is violist in het Corretto Kwartet. Hij speelt letterlijk tweede viool en voelt zich hoe langer hoe meer buiten het ensemble staan. Hij leidt aan het begin van de roman aan een bijzondere kwaal: hij is ongevoelig geworden voor muziek.

Soms is het alsof ik door een omgedraaide verrekijker ons kwartet gadesla. (26)

Hij doet opeens andere dingen in de interpretatie van de muziek. Midden in een uitvoering, geeft hij een andere weergave dan afgesproken. Die houding helpt Camiel niet om beter in het kwartet te kunnen spelen. Als hij bij een liveopname zijn partituur vergeet en uit het hoofd moet spelen, vergeet hij 10 maten. De relatie is onherstelbaar beschadigd:

Zonder partituur: trapezekunst zonder vangnet. Wat de live-performance al aan extra spanning had opgeleverd vermenigvuldigde mijn verdwenen partituur nog eens met een factor tien. Het was onuitstaanbaar dat de anderen zich blind hielden voor die prestatie. (99)

Het veroorzaakt de onvermijdelijke breuk van het legendarische kwartet waarin Camiel speelt. Samen hebben ze succesvol getoerd over de hele wereld met hun eigenzinnige interpretaties. Camiel speelt mede dankzij het kwartet op een mooi authentiek instrument: een Landolfi uit 1764. Dit instrument begrijpt hem en kent zijn stemmingen, verlangens en angsten. Hij moet het na het uiteenvallen van het kwartet weer inleveren bij het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

Ongevoelig voor muziek

Het personage Camiel zegt aan het begin van Het valse seizoen dat hij ongevoelig geworden is voor muziek. De muzikant verliest zijn binding met de muziek die hij maakt. Het bedreigt dan ook het kwartet waarin hij speelt.

Grote inspiratiebron voor deze ongevoeligheid is het meisje Nadège. Camiel hoort haar spelen bij de Parijse metro. Het zet zijn wereld op zijn kop:

Hier stond een vrouw, jong, vijfentwintig of zo, en beroerd speelde ze allerminst. Er was iets vreemds aan haar spel, iets – dat was het eerste woord dat er in me opkwam – alarmerends. Van dichtbij was haar klank uitgesproken warm en secuur gefraseerd, maar af en toe gaf haar instrument een rare, beklemmende snik, die de huid van mijn nek liet samentrekken, ook al zong meteen daarop alles weer glaszuiver. (12)

De verwarring die deze ontmoeting veroorzaakt, is de bron voor deze roman. Christiaan Weijts weet hiermee een sfeer op te roepen zoals ik dat ken uit Doktor Faustus van Thomas Mann.

Dit boek las ik tijdens mijn studie. Het behandelt eveneens het dilemma tussen kunst en kitsch. De keuze tussen populariteit en eigenheid. Ben je als kunstenaar om de mensen te vermaken of is wat je maakt helemaal voor jezelf? Een duivels dilemma. Speel je waar je zelf van kunt genieten of speel je wat je publiek wil horen?

Christiaan Weijts geeft het verhaal van Thomas Mann een mooie eigentijdse invulling. Hierbij integreert hij dingen uit de hedendaagse werkelijkheid op een spannende manier in de roman. Bijvoorbeeld het krankzinnige idee om de Titanic op ware grote na te bouwen en met dit cruiseschip de wereld rond te varen.

In de roman van Christiaan Weijts ontmoeten de personages elkaar op dit schip. Ze zijn daar letterlijk onderdeel van een ensemble dat op het schip de muziek uitvoert op authentieke instrumenten uit de tijd van de bouw van het schip.

Naast de 2 muzikanten Nadège en Camiel is er namelijk ook de componist Pablo Sleedoorn. Camiel heeft vroeger een summerschool bij hem gevolgd. Het is een prachtig verhaal vol jeugdige passie en begeerte. Hoe erotiserend muziek werkt, maar hoe het samenspelen elkaar ook jaloers maakt en waanzinnig.

Christiaan Weijts: Het valse seizoen. Roman. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016. ISBN: 978 90 2950 5215. Pagina’s: 454. Prijs: € 23,99. Bestel

De linkshandigen

image

Met twee linkshandige opa’s was het best een spannend moment: zou Doris ook linkshandig zijn. Op het moment dat haar knuisje een pen of potlood pakte en ging krassen op een velletje papier. Het zou best kunnen. Niet dat het erg is, maar iemand die linkshandig is, valt toch op.

Ik vind het iedere keer weer frappant als ik dan iemand met links een pen zie vastpakken en dan vanuit de linkerhand iets zie opschrijven. Altijd weer die arm die precies over het geschreven gedeelte schuift. Omdat de meeste mensen rechtshandig zijn, gaat alles net een beetje anders voor een linkshandige.

Mijn vader is linkshandig. Hij vertelde weleens hoeveel moeite juffen en meesters deden hem rechts te laten schrijven. Ze vonden het abnormaal als iemand met links schreef. Daarom zat hij met een vastgebonden linkerhand te tekenen en te schrijven. Niet dat het iets hielp, toen er niet meer op gelet werd, schreef hij opgelucht met links.

De roman De linkshandigen van Christiaan Weijts is een eerbetoon aan de linkshandige. Dat begint al met de kaft van het boek, die precies andersom is vormgegeven en je daarmee al op het verkeerde been zet. Daarnaast is het boek doordrenkt van links en linkshandigheid. Op alle mogelijke manieren.

De verteller verwijst vaak naar beroemde linkshandigen: Napoleon, Michelangelo, Mozart, Jimi Hendrix en Barack Obama. De hoofdpersoon Simon Sinkelberg is uiteraard linkshandig, zelfs zijn naam verwijst ernaar.

Ook Weijts schrijft over het niet-accepteren van de linkshandigheid. Het is het eerste aspect waarin duidelijk wordt dat de samenleving maar moeilijk overweg kan met dingen die afwijken van wat gebruikelijk is.

Geslagen werden kinderen er niet meer om, evenmin werd je linkerarm nog op je rug gebonden, maar hij herinnert zich nog wel de verbeten felheid waarmee de juffrouw op de basisschool zijn pen uit zijn linkerhand trok en in de andere duwde. Verkeerde hand, riep ze dan, hem elke keer herinnerend aan deze afwijking, een tegennatuurlijke neiging die in de kiem gesmoord moest worden. (28)

Bijna elke bladzijde in De linkshandigen is een symfonie voor de linkerhand. De verteller buit elke gelegenheid uit om naar links te wijzen. Het stuur van de auto zit ‘verkeerd’, de hoofdpersoon verwondt zijn linkerhand en hij stuit op de allereerste bladzijde brengt een teruggevonden rechterschoen hem bij een eigenhandig kapotgemaakte linkerschoen.

Het spel met de linkerhand is even vermakelijk als goed doordacht. Het verveelt eigenlijk nergens. Het geeft het boek zijn gewicht en zijn luchtigheid. Het doet mij vooral denken aan alle linkshandigen die met dit boek geëerd worden. Het is bijna verdrietig om rechtshandig te zijn, net als dat ik het mijn dochter zou gunnen…

Christiaan Weijts: De linkshandigen. Roman. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2014. ISBN 978 90 295 8966 6. 194 pagina’s. Prijs: € 18,95.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over De linkshandigen van Christiaan Weijts. We lezen dit boek op vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nlLees de bijdragen van anderen in de reacties.

Eurofie op Utrecht Centraal

image

Kijkend naar al die machtige kantoorgebouwen die worden opgeworpen in de omgeving van Utrecht Centraal, bekruipt mij het gevoel dat imponerende gebouwen organisaties nog altijd trekt. De gebouwen mogen dan leeg staan, ze staan symbool voor een grote bedrijf. De gemeente Utrecht heeft een groots stadskantoor bij het station laten planten. Een indrukwekkend gebouw dat de Domtoren moet doen vergeten.

Het boek Euforie van Christiaan Weijts behandelt precies die grootsheid van gedachten. Architecten die zich onsterfelijk willen maken door een lelijk gebouw op deze aarde te planten. Vrijwel iedereen bestempelt ze als onooglijk, maar de bouwer laat het met trots achter. Ergeren is natuurlijk ook een emotie en daarmee drukt de architect een stempel op veel mensenlevens.

De aanleiding in Euforie is wat minder. Een aanslag in de tramtunnel van Den Haag zorgt ervoor dat er een prijs wordt uitgeschreven. De opdracht luidt om een gedenkwaardig monument voor de slachtoffers op te richten, dat eveneens van praktisch nut is.

Als de ramp zich heeft voorgedaan, wordt de architect Johannes Vermeer van de weg gehaald om assistentie te verlenen bij de ramp. Met zijn busje moet hij de gewonden vervoeren naar het ziekenhuis. Hij vertelt niemand van zijn heldendaden. Zelfs zijn vrouw hoort het niet van hem. Als zijn architectenbureau een ontwerp mag aanleveren, houdt hij zijn mond.

Christiaan Weijts weet in Euforie op een geraffineerde manier de architectuur te verheffen tot de voetafdruk die mensen proberen achter te laten op deze aarde. Zeker architecten benadrukken graag hun ontwerp en proberen dat op alle mogelijke manieren aan het voetlicht te brengen.

Het draait daarbij wel om bij een gebouw. De meeste ontwerpen zijn spuuglelijk en een compromis tussen architect, opdrachtgever, publiek en de commerciële belangen die meewegen. Daarmee worden de meeste gebouwen spuuglelijk, zonder enig respect voor de omgeving of de mensen die in het gebouw moeten leven en werken.

image

Dat gevoel van die nutteloosheid. De enorme bouwput en de belofte die veel mensen doen door te zeggen dat dit mooi is, bekruipt mij bij een bezoek aan Utrecht Centraal. Want wie zegt dat het nieuwe Stadskantoor echt mooi is. Of de golven in het nieuwe dak van het stationshal zoveel mooier zijn dan de oude ronde bogen van de vorige stationshal. Is het hoofdkantoor 3 van de NS, dat in 1989 bij het 150-jarig bestaan van de spoorwegen werd gebouwd, nu lelijker dan de hoogbouw van de Rabobank?

Ik weet het niet, maar vind de puisten die nu uit de grond ploppen, minstens zo lelijk als wat er stond. Er klinkt teveel prestige in de gebouwen door. Prestige die Christiaan Weijts in zijn boek zo mooi afstraft. Draait het niet om de harmonie, de verbeelding en de functionaliteit? Een vraag die op Utrecht Centraal wordt ingehaald door het verlangen groter en mooier te zijn dan het vorige.

Een missie die bij voorbaat gedoemd is te mislukken.

Christiaan Weijts: Euforie. Amsterdam: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2012. ISBN 978 90 295 8627 6. 400 pagina’s.