Tagarchief: vuursteenhof

Zoek de rabarber – Tiny House Farm

Sommige planten zitten verstopt in de bodem. Na de winter komen ze al dan niet tevoorschijn. Het is altijd weer spannend waar ze precies zitten. Rabarber is zo’n voorbeeld.

Het lukt nog niet zo goed om rabarber goed op te laten komen. Vooral de hete zomers houden ze erg klein. De harde zeeklei doet de rest. We vertroetelen ze dit jaar wat meer dan eerst, met onder andere koffieprut.

Rabarber extra verwennen

Volgend jaar zullen we ze ook wat extra verwennen met compost. Op sommige plekken zijn ze afgelopen jaar niet zo goed meer opgekomen. Daarom is het extra spannend wat er nu in de grond in zit.

Niet overal komen ze nu op. Maar het kan ook zijn dat er wat tussen zitten die later zijn. De kou van de laatste dagen helpt natuurlijk ook niet mee. De grote bladeren verschrompelen meteen bij het voelen van zoveel de noordenwind meegebracht hagel en natte sneeuw.

Opdoemende rabarber

Toch doemt er soms ineens eentje op. Een tijdlang hielden we de rabarber die het laatste gepland is, goed in de gaten. Maar ik was er niet zo zeker van of het plekje waar ik de koffieprut had neergelegd, wel de juiste was.

Tot er ineens een vreugdekreet in mij loskomt. Daar zie ik toch duidelijk het begin van de rabarber. De bladeren nog mooi in een knop, die later als een ontward zakdoekje vol met vouwen, opent. Wat een blijdschap voor zo’n klein plantje.

Eerste rabarberoogst?

De rabarber die bij de wilgen groeit, lijkt het nu het beste te doen. De stengels intens rood en de bladeren steeds groter. Zou het dan komend voorjaar zover komen: de eerste rabarber uit de tuin op het bord?

En beloofd: ik zal ze wat meer gaan vertroetelen en minder aan hun lot overlaten. Dus flink wat compost erbij en als het langere tijd droog is wat extra water. Zo kunnen ze uitgroeien tot planten waar we elk jaar van kunnen oogsten.

En extra troeteltips zijn altijd welkom.

In de put, uit de put – Tiny House Farm

Hét kenmerk van Oosterwold: je moet voor je eigen riolering zorgen. Daarvoor hebben wij bij ons huisje onze eigen put. Het heet een septic tank. Hierin stroomt het vieze water om daarna via de rioolbuizen naar het gezamenlijk helofytenfilter te gaan.

Bij ons groeien daar wilgen. Afgelopen winter hebben we met z’n allen deze wilgen gesnoeid. Als het water door het helofytenfilter gegaan is en daarmee gezuiverd, belandt het uiteindelijk in de gezamenlijke wateropvang.

De septic tank zit vol. Het vuil drijft en wordt opgezogen door de blauwe slang

Ieder huis eigen put

Voor de putten bij de huizen, zijn we zelf verantwoordelijk. Het is een septic tank van 4 m3 en een paar weken geleden heeft Wetlantec in onze put gekeken. Ze waarschuwden dat we hem snel moesten legen. Een gezin van 3 min of meer volwassenen, samen met een jaar thuiswerken door corona. Dat is waarschijnlijk de oorzaak dat de put nu al vol zit.

Daarom zijn we snel op zoek gegaan naar iemand die de put wil legen. We kregen via Wetlantec de naam Olthuis Recycling uit Dronten door. De septic tank mag namelijk absoluut niet helemaal leeggehaald worden. Het is bij ons ook geen bezinksel dat erin zit; het ‘bezinksel’ drijft bovenop.

Het legen van de put

Werking septic tank

De werking van de septic tank is dat de eerste zuivering van het water hier al gebeurt. Er zitten allerlei bacteriën in het water dat het afvalwater in de septic tank al zuivert en ervoor zorgt dat de ‘grote delen’ niet in het helofytenfilter belanden.

Alle huishoudens van de Tiny House Farm hebben de kleinste maat put, 4 m3. Het is verschillend hoe lang je ermee doet. Heb je een 1-persoonshuishouden dan zal het langer duren. Een bewoner op ons hofje heeft bijvoorbeeld een composttoilet. Die gebruikt het riool alleen voor het vuile water uit de douche en van de afwas. Zij zal er misschien wel 10 jaar over doen voordat de put verschoond moet worden.

De vieze septic tank. In tegenstelling tot een beerput, drijft het vuil bovenop.

1 m3 afgevoerde smerigheid

Gelukkig weet Olthuis Recycling er genoeg vanaf. De chauffeur vond het ook heel leuk om langs te komen. Wij en onze nieuwe buren hebben de put geleegd. Goed voor ieder 1 m3 afgevoerde smerigheid.

Wij hebben daar dus ruim 2,5 jaar over gedaan. We waren overigens net op tijd en hadden er niet veel langer mee moeten wachten. Daarom zullen we vanaf nu ook zelf wat vaker kijken of de stront niet te hoog komt.

Vuile water belandt in de tankwagen

Put helft gevuld laten

Het is bij het legen wel heel belangrijk dat de put tot meer dan de helft met water gevuld blijft. De wanden schijnen speciaal gemaakt te zijn om de bacteriën goed te huisvesten. Ook is de stabiliteit afhankelijk van het water. Helemaal leeghalen is niet de bedoeling; de septic tank moet minimaal voor de helft gevuld blijven met water.

Overigens verschilt het verkooppraatje van de werkelijkheid. Bij ons is destijds gezegd dat ongeveer na 5 jaar de put geleegd zou moeten worden. Ze hebben daarbij niet gezegd voor hoeveel mensen dat zou gelden. Ik had om eerlijk te zijn, niet verwacht dat we zo tekeer zouden gaan.

Kijk maar niet naar de vieze smurrie in de put

Schone put

De put is weer schoon. Benieuwd of het over 2,5 jaar weer moet of dat het nu wat langer kan. Voor een jaarbedrag rioolheffing is de put nu geleegd. Natuurlijk komt daar ook nog onderhoud bij voor het hele systeem. Het zag er allemaal prima uit, beweerde de man van Olthuis Recycling. Ik weet niet of hij dat uit beleefdheid zei of echt meende.

Zwarte huizen – Tiny House Farm

Zwart en grijs. Dat zijn de huizen van Oosterwold voornamelijk. De komst van al die zwarte bouwsel verbaast mij steeds weer. Waarom al de donkere bouwsels?

Dan zuigen de zwarte huizen het licht op

Dan lijkt het huis op zo’n houten schuur, zeggen de eigenaars over hun gitzwart geschilderde ‘schuren’. De grijszwarte dakpannen laten ze vaak gelukkig achterwege.

Gitzwarte schuren

Het is vooral een marketingpraatje. Er zijn niet veel gitzwarte schuren te vinden. Ze verwijzen vaak naar de tabakschuren die bijvoorbeeld in en rond Amerongen te vinden zijn.

Sombere, zwarte huizen overheersen

Ik ken ze uit de omgeving uit mijn jeugd. Opgetrokken uit hout weliswaar, maar dan wel midden tussen de hoge groene bomen of in het weiland. De ruimte om zo’n schuur heen is dan een goede compensatie. Er staat vooral veel groen omheen en weinig anders.

Tabaksschuur

Bovendien is het aandeel hout gering bij de Amerongse tabakschuur. De grootste vlakken waartegen je kijkt zijn de rode dakpannen. Ook is het hout niet zo intens zwart. De zon maakt het al snel een stuk lichter en dragelijker. Hier lijkt de zon geen vat te krijgen op de grote zwarte vlakken waartegen je kijkt.

Nog niet overal definitief, maar veel huizen krijgen later een zwarte laklaag

Nu verrijzen deze donkere bouwsel toch wel erg dicht op elkaar. Ze zuigen al het licht in de omgeving op. De aanwezigheid is wel heel sterk. Het zijn er zoveel. Overal zwarte gaten in het uitzicht. Alsof er geen andere kleuren zijn te vinden dan zwart.

Andere reden

Er schuilt volgens mij een heel andere reden voor de voorkeur voor deze donkere kleur. De eigenaars zijn vooral bang om hun paleis in een opvallende kleur te schilderen. Niemand mag weten dat het een paleis is, daarom camoufleren ze dit tot een zwarte schuur.

Ik zie veel zwart, want bijvoorbeeld het blauw wordt ook nog zwart

Een van de eerste dingen die de nieuwe buurman zei bij ons kennismakingspraatje was dat hij de kleur van ons huis zo gaaf vindt. Hij verklapte dat hij zeker zijn huis op een later moment in een mooie opvallende kleur gaat schilderen. We waren meteen heel blij. Al die kleurtjes word ik zo ontzettend blij van.

De Vuursteenhof heeft gelukkig niet alleen zwarte huizen, maar het is wel een kleur die vaak gebruikt is

Er kleeft 1 nadeel aan onze vrolijke kleuren. We hebben er zelf namelijk weinig voordeel van. Al die mensen om ons heen hebben dan vanuit hun donkere ‘schuren’ zicht op 2 vrolijk gekleurde huisjes.

Zij wel…

In de ochtend ziet ons huisje er nog rozer uit!

Meneer Hendriks – Tiny House Farm

Het voorjaar komt steeds dichterbij. De amandelboom staat al voorzichtig in bloei. Ook piept op een paar plekjes al voorzichtig de rabarber uit de grond. Veelbelovende dingen. Ik kijk ernaar uit.

De amandelboom is voorzichtig in bloei

Het eerste jaar moestuinieren was heel fanatiek. Het was ook veel water geven en ontzettend veel aandacht voor de planten. Niet alles lukte. En dan de tomatenziekte die heel de tomatenoogst in een week lamlegde. Oneetbaar en de smurrie die we ervan maakten, smaakte ons niet zo.

Altijd iets eetbaars

Nu richten we de tuin vooral in als een voedselbos; waarbij de fruitbomen ook in gildes groeien. We bouwen in lagen, zodat de planten en bomen elkaar versterken en er altijd wel iets eetbaars in de tuin is te vinden.

Inrichten van de moestuin

Een heel klein hoekje ben ik aan het inrichten voor de moestuin. We kweken de planten op in de kas. Daarnaast groeien er in de kas ook de planten die beter gedijen op meer warmte. Voor de andere planten richten we een klein moestuintje in.

Moestuinbak

Hiervoor ben ik druk in de weer om een vierkante moestuinbak te maken. We hadden nog wat grote balken liggen, gekregen van buren of nog over van ons eigen huis. De houtvoorraad lijkt wel onuitputtelijk. Ook deze vierkantemeterbak maak ik ervan.

De moestuinbak gemaakt van stukken resthout

De grond in de bak is klei vermengd met de compost die vorige week arriveerde en waar ik tussen het werk door af en toe een kruiwagen van heb versjouwd van de oprit naar de achtertuin.

Handzaag

De dikke balken voor de bak kan ik niet zagen met de decoupeerzaag. Hiervoor gebruik ik de handzaag. Zorgvuldig afgetekend gaat de zaag erin. In het begin gaat het nog best lastig, maar tijdens het zagen komt meneer Hendriks van de MTS voor ogen.

Zagen met de afkortzaag

Meneer Hendriks was altijd te vinden in de werkplaats. Hij begeleidde de vakdocenten bij de praktijklessen. We bouwden de hoek van een raam, een kozijn, een timmerdoos, een klein tafeltje en een zaagbankje. Na afloop mocht je deze voorwerpen kopen. De minitrap heb ik gelaten voor wat hij was. De rest heb ik nog altijd. Niet zo mooi gemaakt. Ik heb en had zeker in die tijd, geen handige vingers en handen.

Botte bijl

Meneer Hendriks zag met lede ogen hoe ik het hout toetakelde, met de botte bijl in het vurenhout hakte. Precies de spaanders verwijderde die moesten blijven zitten en liet zitten wat zo hinderlijk in de weg zat. Geen handige Harry dus.

Bij het zagen met de handzaag komt hij weer voor de geest. Hij zag mijn geploeter dan met de handzaag. Hij zei dan dat ik voor niet moest drukken en trekken, maar de zaag het werk moest laten doen. Geef de zaag de ruimte, laat hem het werk doen. Als je geen druk zet en de kracht bij de beweging laat, gaat het bijna vanzelf.

Mes in de boter

Ik kreeg het toen niet voor elkaar, maar nu bijna 30 jaar later, lukt het mij. De zaag doet het werk en daar gaat het. Als een mes door de boter. Een geweldige ervaring. Ook al weet ik dat deze zaag best bot is, ik krijg het voor elkaar. Dankzij meneer Hendriks.

De kas met de moestuinbak in onze achtertuin

En zo zet ik de moestuinbak in elkaar op een zaterdagmiddag. Genietend van het voorjaarszonnetje. Samen met de permacultuurtuin krijgen ook een paar eenjarige groenten een kans. Het is gewoon te lekker om het niet te doen.

Loslopende honden – Tiny House Farm

Loslopende honden. Het lijkt helemaal bij Oosterwold te horen. Niet alleen in de boskam lopen ze los, ook in de woonwijk. Laatst zelfs bij ons in de buurt. Dan loop je zelf netjes met je hondjes aan de lijn en vliegt er ineens van een erf een grote hond op je af.

Niks tegen te beginnen. Alleen maar verweren. Met moeite kreeg ik het dier weer weg. Maar ook op de Goudplevierweg een paar weken terug, daar greep zo’n grote Sint-bernhard onze Saar. Ik wist het dier op strenge toon weg te krijgen.

Het bos in Almere Oosterwold

Die loslopende honden zijn niet alleen in Oosterwold een probleem. Staatsbosbeheer waarschuwt met enge foto’s van dode reeën. Opgejaagd door honden rennen ze het bos uit, de weg op waar een auto ze dan zonder genade schept. Geen ontkomen aan.

Nog weinig voedsel

Dikwijls zijn de reeën ook nog zwanger ook. Vooral deze tijd is nog zwaar, na de zware vorstperiode is er nog niet veel voedsel te vinden. Op hun verstopplekken in het bos worden ze dan nodeloos opgejaagd door honden. De eigenaars van die honden lijken zich helemaal niet bewust van wat ze eigenlijk aanrichten.

Ook in de boskammen van Almere Oosterwold zitten veel reeën.

Blijft het ook buitengewoon asociaal om je hond op alles en iedereen af te laten vliegen. Ik zag het deze week gebeuren. Dan komt zo’n loslopende hond recht op ons af, terwijl ik 2 angstige teckels in toom probeer te houden. Als ik ze zou loslaten, zou hun lot het lot van de vluchtende reeën evenaren. Ze zouden de weg op schieten met alle gevaren van dien.

Vluchtende reeën in bosrand

Deze week in de vroege ochtend liep ik met de honden door de bosrand. Ik had ze vast. Onze teckels laat ik niet los, dan zijn ze weg. Er liepen 2 reeën, duidelijk op de vlucht. Even later gevolgd door een loslopende Dobberman. Ik heb het dier weggestuurd, maar de reeën zijn al op de vlucht. Ik hoopte het beste voor deze dieren. Veel meer kan je niet doen.

Het bos met de jonge berkenbomen in een boskam.

Het zou die zogenaamde natuurliefhebbers die hun honden loslaten in het Oosterwoldse bos sieren, als ze hun beesten aan de lijn hielden. Als je er een opmerking over maakt, wordt je afgesnauwd. Laatst maakte ik een opmerking tegen een eigenaar met een loslopende hond, die ik maar net bij mijn teckels toen weghouden. ‘Ook goedemorgen’, reageerde hij gepikeerd. Alsof hij met zijn gedrag mij een vrolijke ochtend bezorgde.

Loslopende bazen

Als ik iets leer in deze tijd dan is het wel dat het gedrag van mensen zegt wie en hoe ze zijn. Het draait vooral om zichzelf. En hun honden kun je niet veel kwalijk nemen, die gedragen zich vaak netter dan hun baas. Als ze loslopen kan ik ze beter corrigeren dan hun bazen.

Ik heb de eigenaar van de hond die achter de reeën zat, later nog gesproken. Hij zei dat hij hem dan maar even vast moest houden. Ik ben benieuwd. Er komt nog een heel seizoen dat de reeën kalfjes krijgen. Vaak verstoren de loslopende honden het kraambed. Terwijl deze beesten echt in rust moeten kunnen opgroeien.

Voedselbos – Tiny House Farm

We proberen onze tuin in te richten naar de ideeën van de permacultuur en maken er een klein voedselbos. Dan is het goed om af en toe ook inspiratie op te zoeken. Dat is in deze coronatijd best lastig. Ik wil al langere tijd bijvoorbeeld naar het Voedselbos De Overtuin bij de botanische tuin Trompenburg in het Rotterdamse Kralingen.

de bosrand van het voedselbos Zeewolde
Bosrand van het voedselbos Zeewolde

We hebben in de buurt gelukkig ook wat initiatieven. Zo is er eentje op nog geen halve kilometer bij ons vandaan. In het Kathedralenbos is 2 jaar geleden en vorig jaar al een deel van het toekomstig voedselbos Eemvallei van Staatsbosbeheer aangeplant. Dit jaar is er dat niet gebeurd om de aanplanting van vorig jaar wat meer ruimte te geven. Het afgelopen jaar was het heel warm waardoor veel nieuwe aanplant is doodgegaan of minder goed is gegroeid.

Voedselbos dichtbij in Zeewolde

In Zeewolde is ook een mooi voedselbos. En omdat we vorige week in de vakantie ook nog een uitstapje wilden maken, zijn we hier naartoe gegaan. Het Voedselbos Zeewolde is ook een jaar of 2 terug aangeplant. Er is een stuk bestaand bos gedeeltelijk weggehaald en daar zijn nu allemaal voedselrijke bomen en struiken voor in de plaats gekomen.

Klein hoefblad in het voedselbos
Klein hoefblad in het voedselbos

Natuurlijk is het zo in de winter heel anders dan midden in de zomer. Toch is het mooi om zo de contouren van het voedselbos te zien en te kijken wat er allemaal staat. Het voedselbos in Zeewolde aan de Eikenlaan is 1,4 hectare groot. Samen met het IVN, dat er vlakbij zit, werken vrijwilligers aan de realisering hiervan.

Veel geduld

Bij een voedselbos draait het vooral om heel veel geduld. Zoiets ontstaat niet zo snel. Bomen en struiken moeten groeien en de laatste jaren is het heel droog in de zomer geweest. Daardoor had deze jonge aanplant het ontzettend zwaar. We zien het zelf ook in de tuin. Niet alle planten wisten goed te wortelen door de warmte in de laatste 2 warme zomers. De langdurige droogte zorgde eveneens voor weinig groei. Overleven is dan belangrijker dan groeien. Tegelijk zal het de planten sterk maken voor langdurige droge periodes.

Onderstte kruidenlaag in het voedselbos
De onderste kruidenlaag in het voedselbos met bosaardbei

Het was heel inspirerend om eens te kijken in Zeewolde. Wat een prachtig bos is het. Zelfs in deze opbouwfase en ook in dit seizoen. Het zal nog wel even duren voordat het zijn vruchten afwerpt. Daar moet je wel geduld voor hebben. Ik herken dat ook in onze eigen tuin. Het kost veel tijd voordat de bomen zo groot zijn dat ze veel vruchten dragen en de struiken hebben ook zeker 2 jaar nodig om meer opbrengst op te leveren.

Hommels op de toverhazelaar
Vroege hommels op de toverhazelaar

Toverhazelaar en uiensoepboom

De braamstruiken groeien al hard. Ook in Zeewolde zag ik er veel groeien. Net als dat ik getroffen werd door een prachtige winterbloeier die met het mooie weer al heel wat hommels trok: de toverhazelaar. Prachtige bloemen waar hommels en zweefvliegen gek op zijn. Net als dat sommige struiken en bomen al prachtig in knop stonden. Zo is er in deze tijd van het jaar al best veel te beleven.

Ook heerlijke plekjes om te zitten
Plekjes om te genieten van de warme voorjaarszon

Een zorgvuldig ingeplant bos zoals het voedselbos in Zeewolde is onze tuin niet. Ook is het te klein voor heel veel bomen. Daarom blijft het klein. We hebben nog niet alle planten staan en komen door het bezoek aan zo’n voorbeeld ook op ideeën voor andere planten. Nu staat de toverhazelaar op ons lijstje. Net als de Chinese Mahonie of uiensoepboom. Echt planten voor in een voedselbos.

Voedselbos Sierradenbuurt

Enthousiast geworden door Zeewolde, ben ik ook in Almere Buiten gaan kijken naar het buurtinitiatief in de Sierradenbuurt. Het voedselbos Sierradenbuurt valt mij wel een beetje tegen. Hier is niet zo gedacht in lagen zoals bijvoorbeeld wel in Zeewolde is.

Voedselbos Sierradenbuurt Almere Buiten

Voedselbos Sierradenbuurt is teveel een park met perkjes waar je toevallig van de planten kan eten. Dat is naar mijn mening niet genoeg voedselbos. Al is het natuurlijk bij ons zelf ook de vraag of het echt een voedselbos is of een permacultuurtuin die neigt naar een voedselbos.

Genoeg om over na te denken en vooral om veel van te genieten. Nu en in de komende tijd.

insectenhotel
En natuurlijk een insectenhotel