Tagarchief: vreemdeling palazzo d’oro

Autolift

image

Een persoonlijk verhaal over schrijven dat mij erg trof in de bundel De vrouw van de reiziger, is het verhaal van een autolift in Italië. De verteller is in Italië en krijgt de vraag of hij mensen wil uitnodigen bij de presentatie van zijn boek. Hij denkt even na:

‘Er is maar één iemand, en dat is een Florentijn, maar het kan zijn dat hij niet meer leeft’, zei ik. In zekere zin hoopte ik dat het laatste het geval was, want dan zou ik de achtergrond aan Vittorio kunnen uitleggen. ‘Hij heeft Pietro Ubaldini.’ (236)

Daarna komt het verhaal van de jonge schrijver in Italië. Hij woont er een tijdje om te kunnen schrijven en hij logeert bij een Amerikaanse professor en zijn vrouw. Het echtpaar maakt de hele dag ruzie en hij schrijft erover in zijn dagboek. Tot zij zijn dagboek lezen en hij de wind van voren krijgt

‘Dus zo denk je over ons,’ zei Benny. ‘Na alles wat we voor je gedaan hebben.’ (239)

Hij wordt het huis uitgestuurd en gaat liftend door Italië. Daar belandt hij in een rode Alfa Romeo. De bestuurder vraagt of hij een student is. Nee, hij is een schrijver. Hij krijgt van de bestuurder de uitnodiging om op zijn villa te gaan schrijven. Hij mag er alles doen, maar de verteller durft het niet aan. Er moet een tegenprestatie zijn die de man niet wil vertellen.

Woest is de man dat hij het aanbod niet aanneemt. Hij laat hem achter op een parkeerplaats, midden in Italië. Het is het begin van zijn schrijverschap. Als Pietro Ubaldini aanschuift bij het diner bedankt de verteller hem. Dat hij deze vertwijfelde schrijver heeft achtergelaten en hem aan het schrijven hebt gezet:

‘Dus ik wil u bedanken dat u een van zijn stuk gebrachte vreemdeling geholpen hebt zijn weg te vinden. U wist niet wat u deed, en dat wist ik ook niet, maar het heeft ons hier gebracht – en het is goed zo.’ (252)

Het is een prachtige vertelling hoe talent van een jongeman met schrijfambities wordt aangeroerd. Bij het verlaten van de zaal krijgt hij opnieuw de uitnodiging van Pietro en hij komt er snel achter dat het vermoeden van toen niet zo verkeerd was.

Het verhaal doet denken aan de erotische novelle die Paul Theroux schreef, De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Dit soort verhalen maken de bundel ijzersterk. Een verteller die alles in dezelfde trant vertelt, verveelt. Hier experimenteert Paul Theroux zelfs nog een paar keer. Zoals in ‘De liefde spreekt’ of ‘Lang verhaal kort’ waarin allemaal heel korte verhalen voorbijkomen. Telkens op een andere manier komt de liefde aan bod. Het zijn korte verhalen die soms zelfs aan een mop doen denken. Alleen is de clou dan nog beter.

De verhalenbundel De vrouw van de reiziger laat zien dat Paul Theroux een verhalenverteller pur sang is. Hij kan het niet laten te vertellen en zelfs als een verhaal lijkt op iets dat hij eerder schreef, dan weet hij de spanning op te bouwen alsof hij het voor het eerst vertelt. Nergens maar dan ook nergens had ik het gevoel iets te lezen dat ik al wist.

Paul Theroux: De vrouw van de reiziger. Twintig verhalen. Oorspronkelijke titel: Mr. Bones, twenty stories. Vertaald door Auke Leistra. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2014. ISBN 978 90 254 4439 6. € 21,99. 424 pagina’s.

Jongensgeheimen

20140921_194016De drie verhalen onder de titel Jongensgeheimen behoren tot de mooiste verhalen uit de bundel De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Hier laat Paul Theroux zien dat hij een meester is in het schrijven van korte verhalen. Op een prachtige manier weet hij de weemoed van de jeugd op te roepen.

Het verhaal Shelter vertelt over een jongen die zich terugtrekt in een zelfgekocht tentje in de achtertuin, zijn shelter. Het buurmeisje weet hem hier ook te vinden. Totdat zijn strenge ouders erachter komen. Het is een ontroerend verhaal.

‘Truman komt’ speelt vlak na de oorlog als president Truman een ronde maakt door Amerika met een trein. Het verhaal speelt met zondebesef en het wangedrag van volwassenen waar kinderen onder lijden. Paul Theroux weet een heel weemoedige sfeer op te roepen, net als in het eerder verhaal.

Het derde Jongensgeheim onder de titel ‘Padvinders’ verwijst naar drie jongens die padvinder zijn en het geleerde in het bos in praktijk brengen. Ze blijken erg goede speurders te zijn, ook als één van hen door een vreemde man wordt misbruikt.

Het is een hartverscheurend verhaal waarbij de jongens het kwade bestraffen, maar wat al ver voor de hele discussie rond seksueel misbruik in de katholieke kerk is geschreven. Daarmee geeft het verhaal een heel mooi beeld van de jaren ’50 waarbij veel onder het priesterkleed werd weggemoffeld.

Een verhaal over een onderwerp dat de laatste jaren veel aandacht heeft gekregen. De verteller speelt heel mooi en integer met de schijnheiligheid die het (katholieke) geloof ook weet op te roepen.

Het slotverhaal ‘Slonzinge nimfen’ is eveneens een verhaal van Paul Theroux dat contrasteert tussen ouderdom en de kloof tussen arm en rijk. Een rijke advocaat krijgt best warme gevoelens voor de moeder en dochter die zijn huis schoonhouden. De kloof tussen hen is minder groot dan je aanvankelijk zou vermoeden.

Paul Theroux: De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Oorspronkelijke titel: The Stranger at the Palazzo d’Oro. Vertaald door Theo Hendriks. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1059 3.

Prinsloo

20140831_184358Naast de novelle De vreemdeling in het Palazzo d’Oro bevat de gelijknamige bundel van Paul Theroux nog een paar verhalen. Het bevat drie Jongensgeheimen, Een Afrikaans verhaal en Slonzige nimfen.

Het Afrikaanse verhaal is een indrukwekkend verhaal over de Zuid-Afrikaanse schrijver Lourens Prinsloo. Een fictieve schrijver die Paul Theroux op een heel bijzondere manier verweeft in zijn verhaal.

Prinsloo is een Afrikaanse boer, een Afrikaner, die in de avonduren na het werk op het boerenland schrijft. De familie van de blanke schrijver leeft al een aantal generaties in Oranje-Vrijstaat, de plek waar Etienne Leroux ook vandaan komt.

Volgens Paul Theroux is de schrijver Prinsloo niet verzonnen, maar dat is weldegelijk het geval. De verteller weet op een mooie manier zijn reis door Afrika te combineren met de ontmoeting met deze fictieve schrijver. Het is een mooi excuus om het levensverhaal van deze boerenschrijver te vertellen, want niemand anders kent het.

Ik zou zulks kunnen doen door een fictieve naam voor hem te verzinnen, maar Prinsloo is zo bekend, zijn werk zo alom gelezen, dat het geen zin heeft. En ik loop al te lang mee om de verdichtselen te verbergen. (239)

Daarna citeert Paul Theroux die Prinsloo zou hebben ontmoet bij Etienne Leroux, uit het werk van deze schrijver. Er komen een paar verhalen langs die hij mocht lezen. Helaas beschikt hij niet meer over het manuscript. Ook is het werk niet meer uitgegeven omdat de schrijver voortijdig stierf en zijn erfgenamen een uitgave tegenhouden door onderlinge ruzie.

Zo vertelt de verteller zelf het verhaal van de schrijver. Een bijzondere vermenging van verhalen ontstaat waardoor de werkelijkheid helemaal heen kronkelt. Het verhaal is zo geloofwaardig dat veel mensen naarstig op zoek zijn naar het werk van Lourens Prinsloo. Tot op heden heeft niemand het kunnen vinden. Maar misschien is het werk van de novellist Koos Prinsloo een waardige vervanger.

Toeval of niet, het is deze week de Week van de Afrikaanse roman. Lees mijn verslag van de openingsbijeenkomst op Litnet.

Paul Theroux: De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Oorspronkelijke titel: The Stranger at the Palazzo d’Oro. Vertaald door Theo Hendriks. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1059 3.

De vreemdeling in het Palazzo d’Oro

20140831_185406Tijdens zijn reis door de binnenlanden van Afrika, schrijft Paul Theroux in Dark Star Safari een novelle. Het boek wordt een jaar na het reisboek uitgegeven onder de naam De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. In zijn reisverhaal doet Paul Theroux veel over het schrijfproces uit de doeken. Het schrijven van het lange erotische verhaal dient als troost, afleiding en zinnige tijdsbesteding.

Na het lezen van het reisverhaal werd ik erg nieuwsgierig naar de novelle. Paul Theroux noemt De vreemdeling in het Palazzo d’Oro een erotische novelle. Hij wekte daarmee grote verwachtingen bij mij.

De vreemdeling in het Palazzo d’Oro is een bijzonder verhaal. Het gaat over een dame van adel, de Gräfin, van wie de ik-verteller moeilijk de leeftijd kan inschatten. Hij ontmoet haar op Sicilië, in Taormina. De Gräfin is er met haar arts Haroun, die duidelijk op mannen valt. Hij daagt de student die de ik-verteller is uit en zegt hem dat de Gräfin op zoek is naar zijn genegenheid.

Als hij haar dan eindelijk verovert, komt het verhaal in een erotische versnelling:

We communiceerden via aanraking, vlees was alles, en als in een nabootsing van taal gebruikten we onze monden, onze lippen, onze tanden, kussend, likkend. Mijn mond zwierf over haar hele lijf, die van haar over dat van mij. Na dagen van verhongering, verslonden we elkaar in het duister. (72)

De erotiek komt helemaal los in het verhaal van Paul Theroux. Hij wil weg van haar omdat hij beseft dat het niet meer lust is dat hem leidt, maar dat de Gräfin hem in haar macht heeft. De vrijheid die hij had, heeft hij ingeleverd voor de lust.

Daarnaast is het vooral een verhaal over oud worden. Zeker als de hoofdpersoon ontdekt dat de Gräfin wel zijn moeder had kunnen zijn, misschien wel zelfs zijn grootmoeder. Na de ontdekking keert hij juist naar haar terug, uit bewondering voor het prachtige werk die haar arts Haroun bij haar heeft gedaan.

Het einde is een ander verhaal, aangezien de roman begint met de zin:

Dit is mijn enige verhaal. Nu ik zestig ben, kan ik het vertellen.

Het is namelijk een raamvertelling van de oude man die naar Taormina terugkeert en verliefd wordt op een jong meisje. Hier lijkt het verhaal cyclisch te worden, maar Paul Theroux weet dit op een mooie manier te breken.

Daarmee is het verhaal meer geworden dat het Leidmotief dat hij onderweg in de Afrikaanse hotels en bussen schreef aan de erotische novelle. Het is zelfs iets meer dan een erotische novelle.

Paul Theroux: De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Oorspronkelijke titel: The Stranger at the Palazzo d’Oro. Vertaald door Theo Hendriks. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1059 3.

Erotisch verhaal

20140831_185357Aan boord van het schip de Philae komt Paul Theroux op zijn tocht door Afrika een zestal oudere, uitbundige blonde vrouwen tegen. De Duitse dames zijn op reis met een Levantijnse arts. De man is een plastisch chirurg die de dames behandeld heeft. Ze zien er allemaal hetzelfde uit, aar de dames zijn zo sknp om te zien dat niet zij een compliment verdienden maar de arts.

Het bracht hem op het idee terwijl hij de Nijlcruise vervolgt:

Dat geweldige inzicht leek mij een geweldig onderwerp voor een verhaal: bijvoorbeeld over de relatie van een jongeman met een veel oudere vrouw die er uitziet als dertig, en die op reis is met haar plastisch chirurg. Om mezelf te kalmeren met de illusie dat ik werkte, begon ik aan dat verhaal te schrijven. Dit is mijn enige verhaal. Nu ik zestig ben, kan ik het vertellen… Naarmate de dagen en weken verstreken, werd dit verhaal beurtelings melancholiek, komisch, weemoedig en op een troostende manier erotisch. (59)

Vanaf dat moment gaat het verhaal als het erotisch verhaal waaraan Paul Theroux werkt. Het wordt een steeds langer verhaal ‘over die jongeman en die oudere vrouw op het zomerse Sicilië.’ (229) Het erotisch verhaal groeit uit tot een novelle.

In Harar, Lilongwe en in de luxebus van Harare naar Johannesburg. Overal werkt hij aan de erotische novelle. IN de bus zit hij naast een evangelist terwijl hij de spannende passages opschrijft in het schrift dat op zijn schoot ligt. Dan volgt een citaat van Paul Theroux uit de novelle die hij schrijft:

In dat sombere sterrenlicht stond nog een verschijning die mij een wijnglas overhandigde, terwijl zij nog steeds haar kanten handschoenen droeg. Ik nam een slokje, raakte haar hand aan en werd verrast door de warmte van het kant, haar vlees had haar handschoen verwarmd, en toen ik mijn hand uitstak om haar borsten aan te raken, stond ik versteld van de manier waarop haar lichaam haar zijden hemdje had verwarmd, haar japon, haar mouwen… (415)

Als de evangelist met hem in gesprek komt, daagt Paul Theroux hem op zijn bekende manier uit. Het stelt bijna onmogelijk kritische vragen over het geloof. Flauw en niet het meest indrukwekkende gedeelte van het reisverslag. De vermenging met de passages uit de erotische novelle, laten zien dat voor Paul Theroux het schrijven een vorm van meditatie is. Daarbij bestrijdt hij zijn eenzaamheid door te krabbelen in het schriftje.

Tijdens zijn week in het reservaat, voegt hij nog pagina’s toe aan zijn erotisch verhaal. Het verhaal krijgt de lengte van een novelle van honderd pagina’s. Daar in Zuid-Afrika rondt hij de novelle af:

De uren dat het donker was, gebruikte ik om me van het raam af te wenden en verder te krabbelen aan mijn erotische verhaal; ik kopieerde en verbeterde het, en zei tegen mezelf dat zelfs de grote kunstenaars Utamaro en Hokusai weleens iets erotisch hadden gemaakt, tot aan porno toe zelfs. De Japanners haden een mooi eufemisme voor dergeljk werk bedacht – dat noemden ze shunga, ‘lentebeelden’. (494)

Zo schrijft het verhaal af en kopieert het in een nette versie die hij bij zich draagt. Het is zijn redding. Als later zijn tas uit een kluis in het hotel wordt gestolen terwijl hij een paar dagen de hort op is. Gelukkig heeft hij de verbeterde kopie van zijn erotisch verhaal bij zich gedragen de tas die hij wel bij zich droeg.

Het verhaal waaraan Paul Theroux onderweg schreef, is een jaar na Dark Star Safari verschenen in 2003 onder de titel The Stranger at the Palazzo d’Oro. In hetzelfde jaar is het boek vertaald door Theo Hendriks als De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Naast de novelle bevat het boek nog een paar heel lezenswaardige verhalen.

Paul Theroux: Dark Star Safari, Een reis van Caïro naar Kaapstad. Oorspronkelijke titel: Dark Star Safari. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1056 9.

Paul Theroux: De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Oorspronkelijke titel: The Stranger at the Palazzo d’Oro. Vertaald door Theo Hendriks. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1059 3.