Tagarchief: verhuizen

Tegenvallende verwachtingen – Tiny House Farm

Veel mensen zijn nog bezig om hier te komen wonen. Dan is het gek dat er al mensen vertrekken. Je schrikt best als je hoort dat je buren weggaan. Zeker als je weet dat er nog buren moeten komen naast en achter ons; er is nog niet eens een stip gezet achter en opzij van ons aan de Vogelakker.

Toch kregen we laatst een mailtje waarin de buren vertellen dat ze weggaan. Ze geven allemaal goede redenen. Het is vooral het missen van de drukte en het gemak van de stad. De stad is de grote afwezige in Oosterwold. Er is hier nog niet zoveel te vinden. Geen winkelcentrum op loopafstand en voor vertier moet je de auto pakken als je snel ergens wil zijn.

De Vuursteenhof in het winterlicht

Verwachtingen op afstand

De wijk is ook nog lang niet klaar. Het centrum van Almere Stad ligt op 12 kilometer afstand. Het winkelcentra van Almere Buiten en Almere Haven op 8 kilometer. De kleine, dure supermarkt bij de boer kunnen we zien vanuit ons huis, maar ligt op ruim 2 kilometer van ons.

Het duurt zeker nog 5 jaar voordat het hier wat vollediger is. Ik verwacht dat naast en achter ons het komende jaar nog niet gebouwd gaat worden. De mensen van het huis dat iets verderop verrijst, hebben zich een klein jaar na ons ingeschreven en wonen er nog steeds niet.

Oosterwold in wording

Er ligt dus veel verschil in de tijd dat je inschrijft en hier werkelijk woont. Mensen die erg drukken en heel goed plannen, weten het soms binnen 1 jaar voor elkaar te krijgen. De meesten doen er zeker een jaar of 2 over. Voor ons lag tussen inschrijving en dat we er woonden ook 2,5 jaar.

Nog even geduld

En ook de periode erna vraagt ook om geduld. We ontwikkelen de wijk zelf. Er zijn geen projectontwikkelaars. Het gaat niet allemaal van een leien dakje. Je moet zelf ook tijd en energie stoppen. Wij hebben de beschikking over een gezamenlijk gebouw: De Vuurplaats. Ook de ontwikkeling hiervan ligt bij ons. De coronacrisis helpt niet mee om het goed van de grond te krijgen. Daar is ook tijd voor nodig.

De Vuursteenhof met het gezamenlijke gebouw De Vuurplaats

Voor iedereen met haast is Oosterwold een krachttraining. Alleen met geduld en lange adem is het hier goed te doen. Je accepteert dat het wel 2 jaar kan duren voor een weg er ligt. De laatste bewoner van ons project moet nog steeds beginnen met bouwen. Bij een ander liggen de heipalen erin en is het wachten op het vervolg.

Meer huizen te koop

Onze buren gaan dus en ik heb al meer huizen te koop zien staan in Oosterwold. Niet iedereen kiest ervoor om hier heel lang te blijven. Iedereen heeft zijn eigen reden om te vertrekken, maar je merkt dat de verwachtingen waarmee mensen in Oosterwold komen wonen verschillen. Het kan ook tegenvallen. De tegenvallende verwachtingen laten zien dat het wonen in Oosterwold meer van je vraagt dan wonen in welke wijk en waar dan ook.

En vergeet de prachtige luchten boven Oosterwold niet

Opruimer – Sientje (42)

De verminderde aandacht was niet zo erg voor Sientje. Ze genoot van het nieuwe huis en vond snel haar plekje. In de winter scheen de zon een heerlijk eind de woonkamer in. Dat er nog witte plavuizen lagen waarop je bijna uitgleed, deerde Sientje evenmin. Zij genoot van het zonlicht en legde zich uitgespreid te ruste. De ruimte was verder heerlijk. Het park was om de hoek en daar kon ze heerlijk rennen.

Tegelplein

In de tuin vond ze wat minder van haar gading. Achter het huis verrees een tegelplein waar een helikopter een mooie landingsplaats zou vinden. Het bestond alleen maar tegels waar een stukje groen niet te vinden was. Wij wilden het allemaal opknappen, maar er lagen nog teveel andere klussen in huis.

Pas bij het aanleggen van de schutting ruim 2 jaar later, zouden we de achtertuin aanpakken en er zelfs een kikkerpoeltje leggen. Niet dat dit Siens interesse trok. Elk dier, van vogel tot kat, liet haar onberoerd. Ze negeerde deze dieren, schonk er weinig aandacht aan. Ze wilde er hooguit op afstappen uit nieuwsgierigheid, maar dat stelden weer veel katten en vogels niet op prijs.

Maatje Doris

In huis was er wel een maatje: Doris. Het kleine meisje was best interessant en er viel altijd wel wat bij te halen. Als Doris aan het eten was, zorgde Sientje dat ze in de buurt was. Er was wel een onbewaakt ogenblik waarop ze kon inspelen.

Tijdens al die verbouwingen kropen de 2 vaak bij elkaar. Dan lag Sientje heerlijk in de nabijheid van onze dochter. Ook wisselden ze graag van stoel. Dan lag Doris in Sientjes mand, noodgedwongen, want Sientje had een plek gevonden op Doris’ wippertje. Of Doris vond er een genoegen in om in de bench van onze teckel te kruipen. Een gezellig holletje. Dat het er sterk naar hond rook, haalde haar eerder naar binnen dan dat het haar verjoeg.

Elke nieuwe kwast verf die over de muren en deuren ging, maakte het huis meer van ons. De geur van vorige bewoners en de leegstand van een halfjaar, verdween geleidelijk uit het huis. Zeker ook na de echte verhuizing en al onze spulletjes in het nieuwe huis stonden. En – last but not least – werd Doris steeds groter.

Junk af

Ze begon ineens zelf uit de borst te drinken en zo kickte de junk van de moedermelk af. Het was niet meer overal te vinden. Hooguit in een spuugdoekje, die ze dan meteen half verslond. Sientje vond wel weer nieuwe gelegenheden om eten te vinden. Daar hoefden we ons geen zorgen over te maken. Doris kreeg steeds meer vast voedsel en liet dan genoeg vallen om op te likken. Een kaakje was altijd een feest, want de stoel van Doris kreeg meer eten binnen dan Doris. Sientje verzorgde na afloop altijd dat de troep keurig werd opgeruimd.

Lees het vervolg: Kopjes geven »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Minder aandacht – Sientje (41)

Best lastig om met een kind genoeg aandacht aan je teckel te geven. Of je leeft met of zonder een kind in huis, er is een groot verschil hoe je omgaat met je hond. Bovendien brak bij mij na de geboorte van Doris een tijd van onzekerheid aan. Ik raakte mijn baan bij de krant kwijt. Na twee jaar werkervaringsplek en een interne opleiding tot journalist was er geen plek voor mij bij het krantenbedrijf. Uiteindelijk vond ik een baan in Amersfoort bij een instelling waarbij het mij erg lang onduidelijk was, wat ze precies deden.

Het werk dat ik gevonden had, stelde wel als eis dat ik in de nabijheid van Amersfoort zou gaan wonen. Op zich had ik daar weinig bezwaren tegen. Zeker ook omdat we een paar dagen voor ik hoorde dat ik aangenomen was, een ernstige bedreiging van de buurvrouw hadden gehad. De buurvrouw die Sientje zo liefdevol had opgevangen toen Coby zichzelf en Sientje buitengesloten had, was verhuisd. Nu woonde er een buurvrouw die zich elk weekend meerdere gaten in de kraag dronk. Ze leefde op ruziënde voet met haar puberende zoon. Zeker in de nachten dat ze dronken thuiskwam leidde dit tot kabaaltaferelen.

Dit zorgde er ook voor dat we hier niet te lang wilden blijven wonen. We kregen de mogelijkheid om te verhuizen. Dat moesten we met beide handen aangrijpen en dat deden we ook. Nog geen 3 maanden nadat ik in Amersfoort begonnen was, verhuisden we naar Almere. De lange ritten van ruim anderhalf uur naar mijn werk in Amersfoort braken ook aardig op.

Ik was blij iets dichterbij een leuk huis te hebben gevonden. Al ontdekte ik snel dat het iets dichterbij toch een aardig eindje uit de buurt lag. Ik deed er alsnog meer dan een uur over om na het dichttrekken van de voordeur, achter mijn bureau te kunnen schuiven.

Sientje onderging de hele verhuizing, het bezichtigen van het huis en de uiteindelijke koop gedwee. Op de dag dat we het huis kochten, gingen we gelijk naar het nieuwe huis, braken het nep-haardje uit de woonkamer en deden nog wat kleinigheden, waarna we terugreden naar Almelo. We hadden Sientje daargelaten. Het zou vooral hinder zijn om haar mee te nemen en je laat je hond niet meer dan een uur achter in een parkeergarage bij strenge vorst. Want het vroor hard op die dag in februari dat de overdracht was.

De wandelingen met Sientje waren in het nieuwe huis ook niet veel verder dan in het oude huis. We vonden een vergelijkbaar rondje. De bermuda-driehoek in Almelo liep ik ’s avonds ook alleen, want het kleine kindje lieten we niet graag alleen in huis. Voor hetzelfde geld gebeurde er iets in die vijf minuten dat we met Sientje liepen. We voelden ons erg verantwoordelijk. Met Doris was er een nieuwe zorg bijgekomen en we namen dat erg serieus.

De periode die daarna aanbrak was een tijd van heel hard werken. Maanden werkten we aan het huis. Onderwijl de boel inpakkend in Almelo. Vanaf de dag dat we voornamen om te gaan verhuizen, verzamelde ik al bananendozen en pakte ik al de boeken in die door het hele huis verspreid stonden. Zo werkten we een beetje in het vooruit. Ook omdat aan het nieuwe huis erg veel moest gebeuren.

Het huis was aardig uitgeleefd en vroeg om iets meer dan een likje verf. Daarbij waren we druk in de weer met het uitzoeken van een nieuwe keuken. Het was erg veel werk dat moest worden verricht. Sientje kreeg minimale aandacht. Doris, het nieuwe werk en het huis schrokten alle aandacht op.

Lees het vervolg: Opruimer »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Kapotte boormachine – Tiny House Farm

Een paar weken geleden verkochten we onze boormachine. Hij was te zwaar voor ons en voor ons nieuwe huis wilden we de andere boormachine gebruiken die ook nog hadden. De boormachine – een heuse boorhamer om in het beton te kunnen boren – leverde niet zoveel op, maar we waren hem kwijt.

Een oud mannetje in een scootmobiel kocht hem, mopperend dat het te duur was en twijfelend of hij wel in beton kon boren. Hij zou de resterende 5 euro een week later door de brievenbus doen. Als de uitkering voor de volgende maand binnen was. Maar hij had zoveel te boren dat hij hem nu echt nodig had.

Of hij blij was met het koopje of dat hij echt uit de brand was, was mij niet duidelijk. Ik voelde me – eerlijk gezegd – een beetje door hem besodemieterd. Die 5 euro hebben we nooit meer gezien en dat wisten we eigenlijk toen hij al wegreed.

Dat beeld. Van de boormachine die we hebben weggedaan, kruipt de laatste 2 weken geregeld door mijn hoofd. Zeker de boormachine was veel te zwaar om in ons houten huisje te gebruiken, maar precies met al dit werk heeft de andere boormachine het opgegeven. Hij doet het niet meer, wat we er ook aan doen. Hij heeft de geest gegeven.

Moeten we nu een nieuwe boormachine kopen? Want we moeten toch best veel doen aan werkzaamheden in huis. We hebben hem laatst geleend bij de buurman. En voor dit weekend hebben we hem van andere een buurman iets verderop geleend. We mogen hem even gebruiken van hem. Dat is onwijs tof. Dus voorlopig gaan we het op die manier proberen. We zullen eerst maar eens kijken of we het zo redden. Of dat we echt niet zonder kunnen.

Al blijft dat beeld van die veel te goedkoop verkochte boormachine door mijn hoofd spelen.

Dag huis – Tiny House Farm

Vanmiddag was de overdracht van ons oude huis. Een bijzonder huis. Ons eerste koophuis. We hebben er 12,5 jaar gewoond. En in 12,5 jaar gebeurt er niet alleen veel. Je verzamelt ook heel veel spullen hebben we gemerkt.

Het huis is de laatste weken steeds leger geworden. En met dat het leger werd, werd het ook steeds minder van ons. Zeker, de gordijnen hangen er nog. En daar zitten ook best veel herinneringen in. Maar de energie die in het huis zweeft, zal steeds minder onze energie zijn.

Huis achterlaten

De nieuwe bewoner geeft zijn eigen invulling aan het huis zoals wij dat achterlaten. Allerlei dingen gaan weg. Misschien breekt hij muren af of rooit de planten en bomen die wij hebben geplant.

Doris was nog geen jaar toen we er kwamen wonen. Nu is ze een heuse puber. Wat een contrast. In dit huis heeft ze leren lopen, praten, lezen en schrijven. En nog veel meer. Al die voetstappen en ervaringen laat je achter.

Zwevende herinneringen

Net als veel andere bijzondere ervaringen. Dingen die nooit meer terugkomen en blijven zweven in je herinneringen. In dit huis is gelachen, gehuild, gejuicht en gescholden. Kortom, we hebben hier geleefd. Sterker dan in het huis van Almelo, heb ik dat nu. Misschien omdat ik daar korter woonde, maar ik denk vooral omdat de herinnering zwaarder is. Met het huis laten we iets van Inges moeder achter, die er niet meer is en dit niet meer meemaakt.

Een dag die een beetje dubbel is. Enerzijds de bevrijding dat het huis niet meer van ons is. Anderzijds de weemoedigheid over alles wat er daar geweest is.

Gelukkig nemen we onszelf mee en weten hoe mooi en fijn ons roze huisje aan de Vuursteenhof is.

Dit hoofdstuk is gesloten; het volgende begonnen.

Komen tot de kern van je bezit – Tiny House Farm

Alle zeilen zetten we bij voor de overdracht van ons oude huis. Volgende week is het zover, dan zitten we bij de notaris. Maar daarvoor moeten we wel een heel leeg huis opleveren. Het gaat gestaag, het leeghalen van 12 jaar verwoed verzamelen. Ik sta er best versteld van wat wij allemaal in huis hebben gehaald.

2 jaar opruimen

En dan zijn we al meer dan 2 jaar bezig met opruimen. Het begon aarzelend, niet teveel en met veel emotie. Rommelend in stapels papieren, veel inscannen en vast willen houden. Opruimen is eigenlijk afscheid nemen. Soms komen er zelfs herinneringen naar boven waarvan je niet meer wist dat ze er nog waren.

Het huis verkoopklaar maken, was al een hele uitdaging. Maar daar hoefde ik mij alleen te houden aan de capaciteit van de boekenplanken die er hingen. Nu ga ik kleiner wonen, dat betekent dus dat er nog meer boeken wegmoeten.

Schillen van de boekenvrucht

Een moeilijk proces, want hoe meer je schiltvan de boekenvrucht, hoe meer je tot de kern van je boekenbezit komt. De kern van boeken die je het liefst de hele dag bij je zou willen houden. En dat is niet makkelijk. Want welke boeken mag je echt niet missen en welke zijn toch niet zo belangrijk om te bewaren. En bewaar je een boek dat je al gelezen hebt of juist een boek dat je nog moet lezen?

Er is weer een schifting geweest en mijn oude studiemaat komt dit weekend weer een flinke stapel dozen met boeken halen. De rest staat nog in de container naast ons nieuwe huisje. Ik ben al heel ver met de boekenkasten en dan komt het spannendste: voor hoeveel boeken heb ik straks nog een plekje.

Zoveel meer

En dat waren alleen de boeken. Er is nog zoveel meer. Een stapel gezelschapsspelletjes, servies, bestek, pannen, posters, schilderijen, knuffels, voetenbankjes, krukjes en dekentjes. Nooit geweten dat we zoveel dekbedden hebben. En hout. Wat veel hout hebben wij! Plankjes, panelen en balken. Er is zoveel. Ik kan er misschien nog een hele schuur van bouwen.

En wat staat er veel in de schuur. Ik heb de laatste dagen best vaak uitgeroepen: waarom hebben we een schuur. Kan alles wat daarin staat niet in de vuilnisbak. Het lijkt wel of een schuur de plek is om dingen neer te zetten die eigenlijk weg moeten. Daarom misschien toch een kleiner schuurtje bouwen, straks bij ons nieuwe huisje.

En zo ruimen we op voor de laatste fase in. Al weet ik dat de echte laatste fase is als we de container voor ons roze huisje weghalen.