Tagarchief: verhalenbundel

Knalpot Indonesië – Leestip

De student Daan Goppel blijft een jaar in Jakarta. Zijn belevenissen in deze bijzondere stad heeft hij prachtig beschreven in een aantal korte verhalen die gebundeld zijn in de bundel Knalpot.

Indonesisch studeren

Daan Goppel studeert Indonesisch en gaat in de rumoerige hoofdstad Jakarta wonen. Een miljoenenstad waarin heel weinig natuur en rust te vinden is. Het leven verschilt er nogal. In het eerste verhaal maakt hij kennis met een Nederlandse expat en krijgt veel te zien.

Het boek geeft een inkijkje in allerlei bijzondere gebruiken. Ook maak je kennis met het nachtleven in deze hoofdstad van Indonesië. Zo op het oog is Jakarta een chaotische en ongecontroleerde stad. Alles kringelt en rijdt door elkaar. Of zoals de verteller het duidt:

Het is hét voorbeeld van waar ongecontroleerde vooruitgang toe kan leiden. De economie groeit en de stad vreet zich een hartinfarct. (11)

Het leidt tot files en heel veel luchtvervuiling. Lopen is dan geen optie, zo ontdekt de verteller al vrij snel na aankomst. Op de eerste dag dat hij naar de universiteit loopt, komt hij adem tekort en riskeert zijn leven.

Jakarta is als wonen in een rokerslong, (12)

Hartlopen is evenmin een optie. Hij concludeert na een rondje rennen in de middag dat hij beter wat zuiniger kan zijn op leven:

‘s Middags sporten in de buitenlucht van Jakarta. Levensgevaarlijk. (16)

Net als het wennen aan de andere gerechten. Bij de vele straatwinkeltjes is het lastig om aan je dagelijkse aanbevolen hoeveelheid groenten te komen. Hij vindt zijn weg en leert ook meer en meer het leven in Indonesië te waarderen.

Andere kijk op liefde

Wat Daan uitgebreid ervaart is de andere kijk op liefde en relaties. Hij spreekt veel Indonesiërs. In het uitgaansleven merkt hij dat veel vrouwen die daar zijn hun lichaam voor geld aanbieden. Mannen spreken er ook zonder gene over als ze met een hoer naar bed zijn geweest. Hij is daar verbaasd over. Je gaat toch niet betalen voor seks?

In Indonesië werkt dat anders, merkt hij. Mannen moeten voor vrouwen zorgen, is het motto. Ze betalen alles. Ook de seks. Vrouwen hoeven alleen maar op hun rug te liggen, terwijl mannen keihard moeten werken.

Uitgaansleven

Daan Goppel probeert zich helemaal in te bedden in het Indonesische leven. Hij doet dat in het uitgaansleven, maar hij woont ook op enkele bijzondere plekken in Jakarta. Hij vindt een plekje bij een hospita, maar ook bij een rijke man waar hij een tijdje gratis onderdak vindt. Hij merkt daar dat deze man geregeerd wordt door zijn vrouw. De man is helemaal niet zo rijk en zijn vrouw weet hem helemaal uit te zuigen.

De man weet zich geen raad, maar zoekt ook geen echte hulp en laat aan de buitenwereld nauwelijks iets merken. Een volle confrontatie, dat wil zeggen een scheiding van de vrouw, zou kunnen leiden tot vergelding. Ze is tot alles in staat. (69/70)

De nachtelijke ruzies op het binnenplaatsje bij zijn huis, houden de verteller dusdanig uit zijn slaap dat hij besluit te verkassen. Hij komt terecht bij een hospita die hij met tante aanspreekt. Er breekt weer een rustigere tijd aan.

Het zijn allemaal bijzondere ontmoetingen met Indonesiërs, voornamelijk in het uitgaansleven. Er passeren veel hoeren in de verhalen, waarbij de verteller altijd even zijn afschuw daarover moet geven. Omringd door bijzondere mensen zoals de taxichauffeur Abu. In de verhalen sluiten de 2 vriendschap en leert Daan Goppel veel kennen van het land waar hij een jaar mag wonen en studeren.

Verbazing en verwondering

Al deze ontmoetingen leveren prachtige verhalen op. De verteller kijkt hierin vol verbazing en verwondering naar het bijzondere land. Waarbij het soms echt lastig is om alles te snappen. Zoals een moslim die na een avond stappen en veel alcohol drinken zijn kleedje neerlegt richting Mekka en begint te bidden. Of het betalen voor seks. Maar ook de bittere armoede waarin veel mensen verkeren en hun pogingen iets van het leven te maken. Zo ook Abu die met meerdere banen het hoofd boven water probeert te houden.

Een land waarin herkomst belangrijk is, maar waar de verteller uiteindelijk zal roepen: ‘Orang Jakarta ini!’ Ik ben een Jakartaan.

Daan Goppel: Knalpot, Verhalen uit Jakarta. Delft: Uitgeverij Elmar, 2018. ISBN: 978 90389 2675 9. 132 pagina’s. Prijs: € 16,99. Meer info en bestel.

Autolift

image

Een persoonlijk verhaal over schrijven dat mij erg trof in de bundel De vrouw van de reiziger, is het verhaal van een autolift in Italië. De verteller is in Italië en krijgt de vraag of hij mensen wil uitnodigen bij de presentatie van zijn boek. Hij denkt even na:

‘Er is maar één iemand, en dat is een Florentijn, maar het kan zijn dat hij niet meer leeft’, zei ik. In zekere zin hoopte ik dat het laatste het geval was, want dan zou ik de achtergrond aan Vittorio kunnen uitleggen. ‘Hij heeft Pietro Ubaldini.’ (236)

Daarna komt het verhaal van de jonge schrijver in Italië. Hij woont er een tijdje om te kunnen schrijven en hij logeert bij een Amerikaanse professor en zijn vrouw. Het echtpaar maakt de hele dag ruzie en hij schrijft erover in zijn dagboek. Tot zij zijn dagboek lezen en hij de wind van voren krijgt

‘Dus zo denk je over ons,’ zei Benny. ‘Na alles wat we voor je gedaan hebben.’ (239)

Hij wordt het huis uitgestuurd en gaat liftend door Italië. Daar belandt hij in een rode Alfa Romeo. De bestuurder vraagt of hij een student is. Nee, hij is een schrijver. Hij krijgt van de bestuurder de uitnodiging om op zijn villa te gaan schrijven. Hij mag er alles doen, maar de verteller durft het niet aan. Er moet een tegenprestatie zijn die de man niet wil vertellen.

Woest is de man dat hij het aanbod niet aanneemt. Hij laat hem achter op een parkeerplaats, midden in Italië. Het is het begin van zijn schrijverschap. Als Pietro Ubaldini aanschuift bij het diner bedankt de verteller hem. Dat hij deze vertwijfelde schrijver heeft achtergelaten en hem aan het schrijven hebt gezet:

‘Dus ik wil u bedanken dat u een van zijn stuk gebrachte vreemdeling geholpen hebt zijn weg te vinden. U wist niet wat u deed, en dat wist ik ook niet, maar het heeft ons hier gebracht – en het is goed zo.’ (252)

Het is een prachtige vertelling hoe talent van een jongeman met schrijfambities wordt aangeroerd. Bij het verlaten van de zaal krijgt hij opnieuw de uitnodiging van Pietro en hij komt er snel achter dat het vermoeden van toen niet zo verkeerd was.

Het verhaal doet denken aan de erotische novelle die Paul Theroux schreef, De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Dit soort verhalen maken de bundel ijzersterk. Een verteller die alles in dezelfde trant vertelt, verveelt. Hier experimenteert Paul Theroux zelfs nog een paar keer. Zoals in ‘De liefde spreekt’ of ‘Lang verhaal kort’ waarin allemaal heel korte verhalen voorbijkomen. Telkens op een andere manier komt de liefde aan bod. Het zijn korte verhalen die soms zelfs aan een mop doen denken. Alleen is de clou dan nog beter.

De verhalenbundel De vrouw van de reiziger laat zien dat Paul Theroux een verhalenverteller pur sang is. Hij kan het niet laten te vertellen en zelfs als een verhaal lijkt op iets dat hij eerder schreef, dan weet hij de spanning op te bouwen alsof hij het voor het eerst vertelt. Nergens maar dan ook nergens had ik het gevoel iets te lezen dat ik al wist.

Paul Theroux: De vrouw van de reiziger. Twintig verhalen. Oorspronkelijke titel: Mr. Bones, twenty stories. Vertaald door Auke Leistra. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2014. ISBN 978 90 254 4439 6. € 21,99. 424 pagina’s.

De vrouw van de reiziger

image

Zijn laatste verhaalbundel De vrouw van de reiziger laat een Paul Theroux zien die je al eerder in zijn werk tegenkwam. De personages reizen, herinneren en vertellen vooral verhalen. De verteller speelt hiermee bijvoorbeeld in het titelverhaal ‘De vrouw van de reiziger’. Het spel in dit verhaal behelst een leuke verwisseling van personages. Zo kom je heel veel dingen tegen uit de reisverhalen en romans van Paul Theroux, maar nergens komt het over als een herhaling van zetten.

Het is eerder een feest der herkenning. In De vrouw van de reiziger lees je over het boze oog, komt uiteraard dr. Johnson langs, net als het personage van de schrootboer dat aan De Muskietenkust en de verhalen waarin kinderen een hoofdrol spelen doen denken aan andere verhalen die Paul Theroux eerder schreef. Heel ontroerend.

Of het verhaal ‘Siamese Nights’ dat doet denken aan de roman De laatste dagen van Hongkong. Ook hier wordt de hoofdpersoon verleid en valt genadeloos in de zelfvernietiging. Net als bijvoorbeeld in de roman Saint Jack. Je voelt het aankomen, maar het blijft lekker om het lezen.

De kracht in de verhalenbundel zit hem in de vele facetten die Paul Theroux weet te pakken. Alle mogelijke verhalen komen voorbij. Paul Theroux draait mee met de vele menselijke emoties en verschillende situaties waarin een verhaal kan spelen.

Hij is van vele markten thuis. Het ene moment spreekt een oud personage, wat verderop haalt de verteller een jeugdherinnering op. Deze wisselingen maken de bundel gevarieerd en zorgen voor een enorme hoeveelheid aan ervaringen: wasberen die een gescheiden vader met zijn zoon het leven zuur maken, een kunstliefhebber die het heerlijk vindt dure kunst kapot te maken of een rijke dame met een groot geheim bij wie je om het minste uit de gratie valt.

Al deze verhalen roepen een eigen sfeer op, maar het fatalisme, de rijke hoofdpersoon die valt of de verteller de geleidelijk wegzakt in zijn eigen moeras van idealen. Het zijn allemaal elementen die in het werk van Paul Theroux te vinden zijn. Hij weet dit allemaal in de verhalenbundel op te roepen. En meer dan dat.

Lees het verhaal van de autolift uit De vrouw van de reiziger.

Paul Theroux: De vrouw van de reiziger. Twintig verhalen. Oorspronkelijke titel: Mr. Bones, twenty stories. Vertaald door Auke Leistra. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2014. ISBN 978 90 254 4439 6. € 21,99. 424 pagina’s.

Jongensgeheimen

20140921_194016De drie verhalen onder de titel Jongensgeheimen behoren tot de mooiste verhalen uit de bundel De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Hier laat Paul Theroux zien dat hij een meester is in het schrijven van korte verhalen. Op een prachtige manier weet hij de weemoed van de jeugd op te roepen.

Het verhaal Shelter vertelt over een jongen die zich terugtrekt in een zelfgekocht tentje in de achtertuin, zijn shelter. Het buurmeisje weet hem hier ook te vinden. Totdat zijn strenge ouders erachter komen. Het is een ontroerend verhaal.

‘Truman komt’ speelt vlak na de oorlog als president Truman een ronde maakt door Amerika met een trein. Het verhaal speelt met zondebesef en het wangedrag van volwassenen waar kinderen onder lijden. Paul Theroux weet een heel weemoedige sfeer op te roepen, net als in het eerder verhaal.

Het derde Jongensgeheim onder de titel ‘Padvinders’ verwijst naar drie jongens die padvinder zijn en het geleerde in het bos in praktijk brengen. Ze blijken erg goede speurders te zijn, ook als één van hen door een vreemde man wordt misbruikt.

Het is een hartverscheurend verhaal waarbij de jongens het kwade bestraffen, maar wat al ver voor de hele discussie rond seksueel misbruik in de katholieke kerk is geschreven. Daarmee geeft het verhaal een heel mooi beeld van de jaren ’50 waarbij veel onder het priesterkleed werd weggemoffeld.

Een verhaal over een onderwerp dat de laatste jaren veel aandacht heeft gekregen. De verteller speelt heel mooi en integer met de schijnheiligheid die het (katholieke) geloof ook weet op te roepen.

Het slotverhaal ‘Slonzinge nimfen’ is eveneens een verhaal van Paul Theroux dat contrasteert tussen ouderdom en de kloof tussen arm en rijk. Een rijke advocaat krijgt best warme gevoelens voor de moeder en dochter die zijn huis schoonhouden. De kloof tussen hen is minder groot dan je aanvankelijk zou vermoeden.

Paul Theroux: De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Oorspronkelijke titel: The Stranger at the Palazzo d’Oro. Vertaald door Theo Hendriks. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1059 3.

De vreemdeling in het Palazzo d’Oro

20140831_185406Tijdens zijn reis door de binnenlanden van Afrika, schrijft Paul Theroux in Dark Star Safari een novelle. Het boek wordt een jaar na het reisboek uitgegeven onder de naam De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. In zijn reisverhaal doet Paul Theroux veel over het schrijfproces uit de doeken. Het schrijven van het lange erotische verhaal dient als troost, afleiding en zinnige tijdsbesteding.

Na het lezen van het reisverhaal werd ik erg nieuwsgierig naar de novelle. Paul Theroux noemt De vreemdeling in het Palazzo d’Oro een erotische novelle. Hij wekte daarmee grote verwachtingen bij mij.

De vreemdeling in het Palazzo d’Oro is een bijzonder verhaal. Het gaat over een dame van adel, de Gräfin, van wie de ik-verteller moeilijk de leeftijd kan inschatten. Hij ontmoet haar op Sicilië, in Taormina. De Gräfin is er met haar arts Haroun, die duidelijk op mannen valt. Hij daagt de student die de ik-verteller is uit en zegt hem dat de Gräfin op zoek is naar zijn genegenheid.

Als hij haar dan eindelijk verovert, komt het verhaal in een erotische versnelling:

We communiceerden via aanraking, vlees was alles, en als in een nabootsing van taal gebruikten we onze monden, onze lippen, onze tanden, kussend, likkend. Mijn mond zwierf over haar hele lijf, die van haar over dat van mij. Na dagen van verhongering, verslonden we elkaar in het duister. (72)

De erotiek komt helemaal los in het verhaal van Paul Theroux. Hij wil weg van haar omdat hij beseft dat het niet meer lust is dat hem leidt, maar dat de Gräfin hem in haar macht heeft. De vrijheid die hij had, heeft hij ingeleverd voor de lust.

Daarnaast is het vooral een verhaal over oud worden. Zeker als de hoofdpersoon ontdekt dat de Gräfin wel zijn moeder had kunnen zijn, misschien wel zelfs zijn grootmoeder. Na de ontdekking keert hij juist naar haar terug, uit bewondering voor het prachtige werk die haar arts Haroun bij haar heeft gedaan.

Het einde is een ander verhaal, aangezien de roman begint met de zin:

Dit is mijn enige verhaal. Nu ik zestig ben, kan ik het vertellen.

Het is namelijk een raamvertelling van de oude man die naar Taormina terugkeert en verliefd wordt op een jong meisje. Hier lijkt het verhaal cyclisch te worden, maar Paul Theroux weet dit op een mooie manier te breken.

Daarmee is het verhaal meer geworden dat het Leidmotief dat hij onderweg in de Afrikaanse hotels en bussen schreef aan de erotische novelle. Het is zelfs iets meer dan een erotische novelle.

Paul Theroux: De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Oorspronkelijke titel: The Stranger at the Palazzo d’Oro. Vertaald door Theo Hendriks. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1059 3.

Erotisch verhaal

20140831_185357Aan boord van het schip de Philae komt Paul Theroux op zijn tocht door Afrika een zestal oudere, uitbundige blonde vrouwen tegen. De Duitse dames zijn op reis met een Levantijnse arts. De man is een plastisch chirurg die de dames behandeld heeft. Ze zien er allemaal hetzelfde uit, aar de dames zijn zo sknp om te zien dat niet zij een compliment verdienden maar de arts.

Het bracht hem op het idee terwijl hij de Nijlcruise vervolgt:

Dat geweldige inzicht leek mij een geweldig onderwerp voor een verhaal: bijvoorbeeld over de relatie van een jongeman met een veel oudere vrouw die er uitziet als dertig, en die op reis is met haar plastisch chirurg. Om mezelf te kalmeren met de illusie dat ik werkte, begon ik aan dat verhaal te schrijven. Dit is mijn enige verhaal. Nu ik zestig ben, kan ik het vertellen… Naarmate de dagen en weken verstreken, werd dit verhaal beurtelings melancholiek, komisch, weemoedig en op een troostende manier erotisch. (59)

Vanaf dat moment gaat het verhaal als het erotisch verhaal waaraan Paul Theroux werkt. Het wordt een steeds langer verhaal ‘over die jongeman en die oudere vrouw op het zomerse Sicilië.’ (229) Het erotisch verhaal groeit uit tot een novelle.

In Harar, Lilongwe en in de luxebus van Harare naar Johannesburg. Overal werkt hij aan de erotische novelle. IN de bus zit hij naast een evangelist terwijl hij de spannende passages opschrijft in het schrift dat op zijn schoot ligt. Dan volgt een citaat van Paul Theroux uit de novelle die hij schrijft:

In dat sombere sterrenlicht stond nog een verschijning die mij een wijnglas overhandigde, terwijl zij nog steeds haar kanten handschoenen droeg. Ik nam een slokje, raakte haar hand aan en werd verrast door de warmte van het kant, haar vlees had haar handschoen verwarmd, en toen ik mijn hand uitstak om haar borsten aan te raken, stond ik versteld van de manier waarop haar lichaam haar zijden hemdje had verwarmd, haar japon, haar mouwen… (415)

Als de evangelist met hem in gesprek komt, daagt Paul Theroux hem op zijn bekende manier uit. Het stelt bijna onmogelijk kritische vragen over het geloof. Flauw en niet het meest indrukwekkende gedeelte van het reisverslag. De vermenging met de passages uit de erotische novelle, laten zien dat voor Paul Theroux het schrijven een vorm van meditatie is. Daarbij bestrijdt hij zijn eenzaamheid door te krabbelen in het schriftje.

Tijdens zijn week in het reservaat, voegt hij nog pagina’s toe aan zijn erotisch verhaal. Het verhaal krijgt de lengte van een novelle van honderd pagina’s. Daar in Zuid-Afrika rondt hij de novelle af:

De uren dat het donker was, gebruikte ik om me van het raam af te wenden en verder te krabbelen aan mijn erotische verhaal; ik kopieerde en verbeterde het, en zei tegen mezelf dat zelfs de grote kunstenaars Utamaro en Hokusai weleens iets erotisch hadden gemaakt, tot aan porno toe zelfs. De Japanners haden een mooi eufemisme voor dergeljk werk bedacht – dat noemden ze shunga, ‘lentebeelden’. (494)

Zo schrijft het verhaal af en kopieert het in een nette versie die hij bij zich draagt. Het is zijn redding. Als later zijn tas uit een kluis in het hotel wordt gestolen terwijl hij een paar dagen de hort op is. Gelukkig heeft hij de verbeterde kopie van zijn erotisch verhaal bij zich gedragen de tas die hij wel bij zich droeg.

Het verhaal waaraan Paul Theroux onderweg schreef, is een jaar na Dark Star Safari verschenen in 2003 onder de titel The Stranger at the Palazzo d’Oro. In hetzelfde jaar is het boek vertaald door Theo Hendriks als De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Naast de novelle bevat het boek nog een paar heel lezenswaardige verhalen.

Paul Theroux: Dark Star Safari, Een reis van Caïro naar Kaapstad. Oorspronkelijke titel: Dark Star Safari. Vertaald door Tinke Davids. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1056 9.

Paul Theroux: De vreemdeling in het Palazzo d’Oro. Oorspronkelijke titel: The Stranger at the Palazzo d’Oro. Vertaald door Theo Hendriks. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2003. ISBN: 90 450 1059 3.