Tagarchief: verhalen

Orgels en de liefde

Als Konstantin Paustovski een verslag doet over zijn derde reis naar Polen, schrijft hij over het orgel in een kerk in Oliwa. Hij bezoekt een concert en spreekt met veel liefde voor het orgel. Ook legt hij een verband tussen het orgel en de liefde.

In de kerk zit een meisje dat hem doet denken aan een meisje waar hij bij een eerder bezoek aan Polen verliefd op was. Heel mooi betrekt hij de ervaringen van het concert bij het meisje dat hij ziet zitten.

Zo typeert hij treffend het orgel:

Van alle blaasinstrumenten is het orgel veruit het beste. De tragische kracht van zijn stem die de hemel doet trillen, de snelle overgang van een donderend geluid naar een stamelend lied, het is allemaal even wonderbaarlijk en bijna raadselachtig. (492)

De verteller heeft een even grote zwak voor organisten. Deze mannen zijn vaak een beetje doof, merkt hij op. Ze maken eerbied en afgunst in je los. Immers, zij dragen zorg voor de uit volle borst meezingende vrouwen.

Het orgel in Oliwa is een mooi wonder van de barok. De klank vervult de ruimte:

Zijn klanken tsjilpten en fladderden als het war van tak tot tak. (493)

Als het concert voorbij is en de kerk leegloopt, probeert de verteller nog een glimp op te vangen van het meisje. Zonder resultaat. Hoe herkenbaar als liefhebber van orgels en orgelconcerten in de avond…

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel

Stoere piemels

img_20161106_143028.jpgDe verhalenbundel De stadsvogelaar van Jip Louwe Kooijmans is heerlijk om te lezen. Hij schrijft op een aanstekelijke manier over de vogels en mensen die hij tegenkomt. Tussendoor tokkelt hij graag op zijn gitaar. Het is een mooie combinatie: muziek maken en naar vogels kijken en luisteren.

Als de verteller op een dag in de supermarkt staat te wachten voor de kassa, komt er een heel aantrekkelijk liedje op zijn pad. Een peuter gaat pontificaal in de open ruimte voor de kassa’s staan:

Hij stak zijn handen in zijn zakken, duwde zijn kruis naar voren en begon luidkeels te zingen: stoere piemel, stoere piemel! Stoere piemel, stoere piemel! (68)

Hij zingt zo toonvast en in een staccato metrum dat het de verteller enthousiasmeert. Hij hoort er een leuk deuntje in voor een liedje. Hij snelt met de boodschappen naar huis, legt de gitaar op zijn knie en slaat het eerste akkoord aan:

Voor het raam hingen mantelmeeuwen roerloos in de wind. Zoals ze daar de dag hiervoor ook hingen en – mits het weer niet om zou slaan – morgen ook weer zouden hangen. Ik keek naar de meeuwen en ik keek naar mijn gitaar. Misschien is het niet de dag dat de wereld verandert, dacht ik bij mijzelf. (70)

Het is die heerlijke ontnuchtering van de vogels die je als lezer ook wakker maakt. De schoonheid van buiten is sterker dan de schoonheid van binnen dat je alleen maar stil kunt zijn.

Ik herken veel in die heerlijke verhalen van Jip Louwe Kooijmans. Hij weet het zo treffend uit te drukken, terwijl de vogels altijd aanwezig zijn. Ze vliegen hoog, vliegen laag of drijven. Maar ze zijn er. In alle verhalen.

Jip Louwe Kooijmans: De stadsvogelaar & andere verhalen. Soesterberg: Uitgeverij Aspekt, 2016. ISBN: 978 94 6153 9182. 110 pagina’s. Prijs: € 12,95.Bestel

De stadsvogelaar

img_20161106_142957.jpgOver vogels kun je heel veel schrijven. Dat bewijst vogelliefhebber en gitarist Jip Louwe Kooijmans wel in zijn verhalenbundel De stadsvogelaar & andere verhalen. Het boekje met 40 vogelverhalen geven een mooi inkijkje in het leven van een stadsvogelaar.

Jip Louwe Kooijmans is heel openhartig over zijn liefde voor vogels, zijn gezinsleven en zijn gitaarspel. Langzaam geeft hij de lezer een inkijkje in het leven van vogels en hun bewonderaar in de stad. Hij voert in 40 verhalen de bijzondere vogels op die hij gezien heeft en hoe hij vervult raakt van de vogels in de stad.

Aan de hand van een vogel, zoals de boerenzwaluw, vertelt hij hoe zijn moeder het zolderraampje op een kier zet om de vogel in de nok van de zolder te laten broeden. Of dat meeuwen eigenlijk helden zijn in plaats van irritante vogels:

Meeuwen behoren tot de beste vliegers uit het dierenrijk en hebben geleerd om zich succesvol aan te passen aan een wereld die in toenemende mate gedomineerd wordt door mensen. (32)

De mens zou net zo leergierig moeten zijn als de meeuw, stelt Jip Louwe Kooijmans. Dan zouden mensen en meeuwen prima met elkaar kunenn samenleven in de stad. Alleen leren meeuwen sneller hun lessen dan mensen.

Hij schrijft met een grote liefde over de behendige kauwtjes die jongleren op de wind of de dodaars die hij in de haven van Amsterdam ziet. Het diertje haalt hem over om in de hoofdstad te gaan wonen. Een wereld vol vogels gaat voor hem open. Niet alleen alledaagse vogels, maar ook bijzondere exemplaren.

Jip Louwe Kooijmans weet zelfs van zijn hobby zijn beroep te maken. Als de functie van stadsvogelaar vrijkomt, sollicteert hij onmiddellijk. En met succes: hij wordt de eerste van Nederland! Sindsdien werkt hij aan een beschermingsprogramma voor stadsvogels.

Jip Louwe Kooijmans: De stadsvogelaar & andere verhalen. Soesterberg: Uitgeverij Aspekt, 2016. ISBN: 978 94 6153 9182. 110 pagina’s. Prijs: € 12,95.Bestel

IJslandse baby

img_20161029_105340.jpgGedurende de schetsen die ze over IJsland schrijft in haar bundel Winter-IJsland groeit er een kind in Laura Broekhuysens buik. Ze schrijft erover als ze bij haar schoonouders logeert in een visserdorp.

Ze merkt op dat ze draagmoeder is van het nageslacht, maar nog altijd moeilijk het vertrouwen van haar schoonfamilie weet te winnen.

Wie zwanger is in een vissersdorp wordt een en al neus. (34)

Vanaf dat moment meandert de zwangerschap door de verhalen over het IJsland. Beide aspecten lopen samen op, gaan soms even uit elkaar, maar vinden elkaar altijd weer. Bijna in iedere schets komt het aan de orde.

Op de langste dag, bij de zomerwende, installeert ze zich op een stoel:

Ik doe niet mee, al ben ik rolbaar. Ik zit met buik en al in een stoel. Ik spreid zoals de doeken mijn vacante gedachtes uit in het landschap, om zich vol te zuigen, om later lekkend en wel boven de liefhebber uit te knijpen. (91)

De deelgenoot van die ‘vacante gedachtes’ is natuurlijk de lezer. De bevalling weet de verteller prachtig te vatten in een verhaal over de vele rotondes die ze moeten nemen op weg naar het ziekenhuis.

Ze zijn ook best wel recalcitrant geweest door stiekem het ziekenhuis te verlaten terwijl het kind elk moment kan komen. Dan is het heel erg zwaar om tijd bij het ziekenhuis terug te komen. Ze telt prachtig de 7 rotondes die de hoofdstad Reykjavík rijk is.

De vroedvrouwen zijn verbaasd dat ze gelijk een naam voor de jongen weten als hij geboren is. In IJsland schijnen ze daar altijd een paar weken over na te moeten denken.

Als het kersverse gezinnetje later naar huis rijdt, verwelkomt haar dochter onderweg al de winter. Zo is het verhaal weer helemaal rond, met het verschil dat een nieuw gezinslid is toegevoegd aan het gezin.

Laura Broekhuysen: Winter-IJsland, Mijn eerste jaar in een verlaten fjord. Verhalen. Amsterdam: uitgeverij Querido, 2016. ISBN: 9789021402178. Prijs: € 15. 136 pagina’s.Bestel

Kramp in het voorstellingsvermogen

img_20161029_105414.jpgLaura Broekhuysen gebruikt in haar schetsen over het leven op IJsland in Winter-IJsland veel metaforen. Het is een boek dat overkookt van de metaforen. Daardoor is het best lastig in het begin door de overvloedige vergelijkingen heen te komen.

Het leest alsof je een terrein betreedt waar het gras tot de knieën groeit. Je ontdekt pas later de schoonheid van het groene gras. Er blijken zelfs mooie bloemen tussen te groeien.

Het gebeurt overal in de schetsen. De ene metafoor komt beter over dan de andere. Zoals bijvoorbeeld in het hoofdstuk ‘Het gouden kistje’. Ze probeert de sprookjesachtige omgeving aan te halen. De verteller denkt aan de sprookjes die de meester op school vroeger vertelde. Hij haalde dan een gouden kistje tevoorschijn en legde het op de palm van zijn hand.

Koninkrijken zaten erin, te klein om te bevatten. Ik probeerde die miniatuurwereld te visualiseren, die uitgestrekte landerijen, bossen, bergketens, de koningszoon te paard, die allemaal in dat kistje pasten, ik probeerde microscopisch te denken, kreeg kramp in mijn voorstellingsvermorgen. (96)

Die kramp in het voorstellingsvermogen zie je overal terug in de schetsen van Laura Broekhuysen. Ze beschrijft het landschap om haar heen, de flank van een berg, alsof het heel de wereld bevat. En weet de duisternis en de sneeuwstorm prachtig te vatten. Sneeuwvlokken worden grote hondenpoten en poollichten zijn reusachtig zwiepende springtouwen.

Een genot om te lezen. Het maakt het verhaal over IJsland extra geheimzinnig. Ik kan er ontzettend van genieten.

Laura Broekhuysen: Winter-IJsland, Mijn eerste jaar in een verlaten fjord. Verhalen. Amsterdam: uitgeverij Querido, 2016. ISBN: 9789021402178. Prijs: € 15. 136 pagina’s.Bestel

Land over

img_20161029_105404.jpgIn Winter-IJsland vertelt Laura Broekhuysen bijzondere verhalen over een uitgestorven landschap. Struiken heten in IJsland bomen en de ruimte lijkt grenzeloos. Ook al vordert de burgemeester een stuk land omdat hij er een weg wil.

Er blijft genoeg tuin over om te beheren. Het doet ze niet zoveel en de buurman zegt dat de burgemeester bluft. Als je een auto verkoopt, kun je ook niet een wiel later terugvorderen.

Land bezitten betekent vooral dat niemand in je uitzicht bouwt. Dat trok ons toen we hier kwamen. (46)

Ze leven op deze plek van de wereld wel veel bewuster. De winter is veel extremer, het voorjaar openbaart zich veel subtieler maar valt veel meer op door het contrast met de donkere, koude winter. Als de eerste krokus bloeit, komen de mensen uit hun winterholen.

Laura Broekhuysen: Winter-IJsland, Mijn eerste jaar in een verlaten fjord. Verhalen. Amsterdam: uitgeverij Querido, 2016. ISBN: 9789021402178. Prijs: € 15. 136 pagina’s.Bestel