Tagarchief: verhaal

Einzelgänger – Sientje (31)

Sientje heeft ons bij alles in het leven vergezeld. Overal was ze erbij. Op de essentiële momenten misschien niet, zoals bij het afstuderen en de geboorte van onze dochter, maar eromheen was ze er altijd bij. De enige uitzondering op de regel vormt onze trouwerij. Zeker, in onze gedachten speelde het idee om haar de ringen te laten binnendragen op een kussentje in de trouwzaal. Alleen merkten we dat dit niet echt zou werken bij Sientje. Ook omdat ze niet zoveel vertrouwen had in andere mensen. Het zou veel stress opleveren die haar ook niet gelukkig zou maken.

Bij onze ondertrouw hadden we de middag gepland in Apeldoorn, de plek waar we elkaar voor het eerst hadden ontmoet. We vroegen een vriendin of zij Sientje wilde uitlaten terwijl wij weg waren. Ze moest namelijk best lang alleen zijn. De vriendin had de sleutel gekregen en zou haar dan eventjes uitlaten. We hadden een heerlijk etentje en kwamen ’s avonds laat thuis. We stapten binnen, maar troffen geen Sientje.

Aan de deur hing een briefje: Sientje is bij de buurvrouw. De buurvrouw van de andere kant, die helemaal niks met ons en Sientje had. Juist zij had zich over de hond ontfermd.

Er was een drama geweest. Met een sleutel die ze per ongeluk in huis had laten liggen en zo. Ze moest weg en kon de hond niet mee naar huis nemen. Daarom belde ze bij de buurvrouw aan en vroeg of Sientje daar mocht doorbrengen. De buurvrouw, bezorgd om de hongerige hond, had haar kaakjes gegeven die gretig in de bek verdwenen. Ze had wel heel erge honger, beweerde de buurvrouw. Ze keek ons er een beetje verwijtend aan. Een teckel kun je nooit genoeg te eten geven. Natuurlijk hebben we haar duizendmaal bedankt.

Voor de trouwerij en de daaraan gekoppelde huwelijksreis zochten we een plekje waar Sientje een klein weekje zou kunnen logeren. Via een kennis kregen we een adresje midden in de landerijen bij Almelo. Daar was een hobbyboer die ook voor de hobby een kleine hondenhotel draaide. Het moest allemaal kleinschalig blijven, maar wij konden er wel met Sientje terecht. Ze besteedden echt veel aandacht aan de hond, met extra knuffels en zo. Zo kreeg Sientje ook een plekje toegewezen. We draaiden eerst maar eens een proefnachtje een paar weken voor ons huwelijk.

Het was de eerste keer zonder Sientje in huis. We werden er zelf onrustig van. Een nacht zonder hond. Het was bijna onmogelijk. We namen haar altijd mee, zelfs als we bij andere mensen logeerden of op vakantie gingen. Nu was ze er niet. Alleen weg in dat hotel. Niet ver van ons, maar toch. Zenuwachtig haalden we haar de volgende dag op en vroegen hoe het gegaan was. ‘Het ging erg goed’, vertelde de gastheer. ‘Ze is wel een beetje einzelgänger, het liefst op zichzelf. Andere honden interesseren haar niet.’ We bevestigden de veronderstellingen.

Bij ons huwelijk was Sientje de grote afwezige. Net als bij onze huwelijksreis naar Barcelona. We misten ons hondje best wel. Sientje hadden we al sinds het begin van onze relatie. Ze had overal bijgestaan. Zoals bij mijn huwelijksaanzoek, in de achtertuin terwijl we bij de vuilnisbak stonden en genoten van het voorjaarszonnetje. De teckel tussen ons in. Daar vroeg ik Inge ten huwelijk. Met een hond nog geen 3 maanden en een halfjaar na onze eerste ontmoeting in Apeldoorn.

Een dag na terugkeer van onze huwelijksreis, haalden we Sientje op. Ze lag net in de buitenkennel. Alleen was ze en ze genoot van het herfstzonnetje. Ze staarde ernstig voor zich uit en had ons niet eens in de gaten. Bij het horen van onze stemmen, keek ze verbaasd op en kwispelde haar staart bijna van haar lijf af. Dat was een enorme verrassing. Misschien verwachtte ze ons niet meer, maar de blijdschap bij het zien van ons, maakte ons ook weer helemaal blij.

De eigenaar van het dierenhotel vertelde dat Sientje toch wel duidelijk een Einzelgänger was. Ze maakte geen contact met andere honden, maar gaf ook geen kik als zij bij haar kwamen zitten om te kroelden. Ze liet het toe, maar zocht geen toenadering terug. Pas aan het eind kwam ze voorzichtig naar je toe als je het hok binnenkwam. Gelukkig was de eetlust niet verdwenen. Als ze de kans kreeg, haalde ze bakjes van de andere honden ook leeg. Maar dan riepen ze ‘Sientje’. Betrapt keek ze dan omhoog en kwispelde aarzelend.

Een mooie ervaring. Sientje is daarna nooit meer uit logeren geweest zonder ons. We waren gewoon onafscheidelijk.

Lees het vervolg: Park aan huis »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

Op cursus – Sientje (22)

We merkten toch dat we een beetje onzeker waren met Sientje. Ze luisterde slecht. Misschien moesten we maar eens met haar op cursus. Inge speurde wat rond en vond in Almelo een kynologenclub die cursussen verzorgde. Het was in de wijk waar ze vroeger was opgegroeid, net aan de rand tegen de weilanden aan. Zo konden we misschien een iets gehoorzamere teckel krijgen. Niet dat we de verwachtten een teckel te krijgen die bij elke kik luisterde, maar het zou wel fijn zijn als ze kwam als je haar riep.

Het was al eens gebeurd dat Sientje was verdwenen uit de tuin. De poort had op een kier gestaan, was niet helemaal goed afgesloten en de teckel was plotseling verdwenen. Inge had gezocht en gekeken. Tot ze een uurtje later Sientje struinend op straat vond. Ze liep rond te snuffelen en was op speurtocht naar iets eetbaars. Zo struinde ze vaak rond op haar dooie akkertje. Na de schrik, kwam wel het besef dat we haar toch wat meer wilden bijbrengen. Ook omdat ze in huis niet altijd goed te corrigeren was.

Zo ging Inge met Sientje naar de gehoorzaamheidscursus. Omdat Sientje een volwassen hond was, kwam ze bij de cursus met de honden die met succes de puppycursus hadden doorlopen. Bovendien waren het allemaal honden die goed luisteren in de genen hebben zitten. Honden als labradors en golden retrievers. Zij scheppen genoegen in het luisteren naar hun baas. Teckels hebben een sterke eigen wil en luisteren als hun dat uitkomt of als het echt niet anders kan. Een teckel komt niet meteen als je hem roept, maar op zijn eigen tijd.

Inge ging naar de cursus. Ook omdat zij de hele dag met het dier zat opgescheept. Ik had in die tijd net mijn rijbewijs gekregen en bracht haar weleens weg of haalde haar op. Zo’n cursus is altijd op een steenkoud grasveld. De wind giert langs je benen en beproeft je blaas. De instructies lijken nooit te werken en het is wachten op je beurt. En altijd als jij aan de beurt bent, dan ben jij degene die de tijd van de anderen vraagt. Want je hond luistert nooit als jij dat wilt. Zeker een teckel is daar heel goed in.

Zo wachtte Inge avond aan avond op haar beurt. Ze kreeg instructies van een instructeur met veel ervaring. Hij trainde politiehonden en wist veel uit honden te halen. Ons ruwhaar teckeltje was een stuk ouder dan de andere honden en vroeg om heel veel geduld. De trainer benaderde het rustig en Inge speelde er heel mooi op in. Ze wist van Sientje niet een gehoorzame teckel te maken, maar wel een ruwhaartje die op de tijden dat ze moest luisteren, luisterde.

Ze kwam thuis met een hond die heel aardig volgde en goed te corrigeren was. Soms baalden we dat er niet meer uit te halen was, maar we merkten dat ze heel goed bij ons bleef. Zulke avonturen als op het Katwijkse strand waren verleden tijd. We raakten niet meer in paniek als ze los raakte. Alleen ging ze niet voor je zitten, maar met een koekje kreeg je best veel voor elkaar. Het hielp ons om een hond te hebben die volgzaam was als het moest en verder lekker eigenwijs mocht zijn. We hadden nou eenmaal voor een teckel gekozen en een teckel kun je niet veranderen in een golden retriever. Als je dat accepteert, bespaart je dat veel frustratie.

Lees het vervolg Kiwi-drol »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

Doctorandus – Sientje (15)

In mijn studentenkamer waren geen huisdieren toegestaan. Ik zou afstuderen op 28 juni 2002. Inge was overgekomen, had hiervoor zelfs vrij gekregen. De hond moest nu een groot deel van de middag in de kamer alleen blijven. We lieten haar in de bench zitten. Dat zou de rust moeten geven. We hoopten dat ze niet zou blaffen.

We lieten Sientje alleen en gingen een prachtige dag tegemoet. De grachten schitterden in de warme zomerzon. Ik droeg het grijze pak dat ik gekregen had voor dit soort gelegenheden. Het was niet strak uitgesneden en flubberde aan alle kanten. Ook gaf de grijze kleur mij iets grimmigs. In combinatie met mijn keurig geschoren uiterlijk begon een mooie dag. Een mijlpaal.

We verzamelden ons in de stad bij het café recht aan de overkant van het academiegebouw. Oma was mee, mijn ouders, broer, zus, een aantal vrienden en enkele collega’s. Later wachten in het academiegebouw zelf. Wat was dit spannend. Verder naar de zaal waar mijn docent mij toesprak. Ik wilde iets verbeteren, maar de hoogleraar greep in. Het was niet de bedoeling dat ik hier zou tegenspreken. Ik diende te luisteren.

Daarna een borrel in het café in de Doezastraat – tegenover de Mensa – en als bekroning van de dag pannenkoeken eten aan de Beestenmarkt. Ieder op eigen kosten zoals dat bij studenten gaat. Geld om iedereen te trakteren ontbrak. Aan het einde van de borrel kreeg ik van mijn collega’s een enorm boeket bloemen. ‘Maar ik ga de volgende dag met vakantie’, stuntelde ik. ‘Ach dan neem je die toch mee’, grinnikte mijn collega.

Zo kwamen we die avond thuis met een enorm boeket bloemen. Sientje was helemaal blij ons eindelijk weer te treffen. Ik liet haar gelijk uit. Droeg haar eerst de steile trap af naar beneden om haar te trakteren op een mooie wandeling. Een paar maanden eerder hadden Inge en een vriendin voor het raam gekeken en gelachen. Het zag er ook wel heel bespottelijk uit om mij te zien wachten tot de hond uitgepoept was en daarna het geschetene met de poepschep van de straat te scheppen.

Nu zag het er bespottelijk uit hoe een kersverse doctorandus keurig in pak daar zijn teckel uitliet. Een dag voor de vakantie. Morgen zouden we aan kamperen in Limburg. De kortgeleden bij de Makro aangeschafte tent lag al in de auto klaar om meegenomen te worden. De bos bloemen zou de volgende dag naast Sientje geschoven worden. Op de camping in Vaals kreeg het boeket een plekje in de emmer waarin we eigenlijk hoorden te plassen. Naast de tent kwam het boeket te staan. Het zag er niet uit, maar was erg origineel. Wie neemt er nou een bloemetje en een teckel mee op vakantie?

Lees het vervolg: Kamperen met je teckel »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

Teckel in studentenhuis mag dat wel? – Sientje (14)

Sientje woonde in Almelo bij Inge. Zij had een huisje met een tuintje. In de tijd dat we Sientje kregen, woonde ik nog in mijn Leidse studentenkamer aan de Lage Rijndijk.

Mijn kamer bevond zich op de eerste etage aan de voorzijde. Ik had de meest in het oog springende kamer van het huis door de iets naar buiten stekende erker. De ramen gingen open met een ingenieus mechaniek van katrollen en gewichten in het kozijn.

Onder mijn kamer bevond zich een grote opslag. In de jaren dat ik er woonde was er in elk geval een kringloopwinkel gehuisvest en later vormde de ruimte het magazijn van een schildersbedrijf. Elke ochtend stegen de terpentine, thinner en andere oplosmiddelen omhoog door de houten vloer. Ik begon de dag zo altijd enigszins bedwelmd en high.

Zachte spons

Inge kwam af en toe logeren in de weekenden dat ik werkte. Speciaal voor die logeerpartijtjes had ik een oud slaapbankje voor 100 gulden bij de kringloopwinkel op de kop getikt. Het was een slecht, versleten ding. Maar met een extra door midden gezaagd oud matras van Inge ging het best. Het sliep heerlijk in de zachte spons die we hadden gemaakt.

Soms ging ik met Inge en Sientje mee terug naar Almelo als de laatste dienst erop zat. Andere keren kwamen vrienden even langswippen. Inge nam bij die bezoeken Sientje mee. Ze kreeg het beest niet alleen de trap op. De steile trap maakte het voor haar onmogelijk om ook nog een hond in de arm te houden. Ze was met haar hoogtevrees veel te veel bezig om omhoog of omlaag te komen.

Daarom droeg ik de hond altijd aan het begin of einde van mijn werk bij de dak- en thuislozen de trap af en op. Gelukkig waren de diensten daar kort genoeg voor. Ik werkte dicht genoeg bij huis voor Sientjes blaas. Ik liep nooit grote rondjes in de buurt. Het was er niet zo hondvriendelijk, over de brug aan de achterzijde van het huis, was een klein stukje industrieterrein met gras. Verder liep ik de Sumatrastraat in, maar daar viel nog minder groens te besnuffelen.

Hoge laarsjes

Een studiegenote van mij kwam een keer op bezoek en droeg hoge laarsjes. Ze stapte de kamer binnen. Sientje ging voor haar staan en blafte zich een ongeluk. Ze hield niet zo van die laarsjes. Zelfs nadat mijn studiegenote ging zitten, bleef Sientje onrustig. Daarom liep ik maar even een rondje met het hondje voor de avondplas. Ik droeg haar onder mijn arm de trap af naar beneden.

Buitengekomen stonden mijn studiegenote en Inge te kijken hoe ik Sientje aan het uitlaten was. Ze moesten erom lachen hoe ik daar stond met die teckel en in mijn vrije hand de poepschep. Het uitlaten van een teckel heeft natuurlijk iets komisch. Zo’n langgerekte hond, kort op de pootjes naast zo’n rechtopgaande mens.

Teckelgang

Teckels hebben altijd een grappig loopje zeker als de tussen stap en draf vooruit komen. Het lijkt misschien het meeste op een tussengang, waarbij de achterpootjes ogenschijnlijk onhandig door de lucht zwaaien.

Sientje kon erg goed sprinten. Ze zette zich dan af met de achterpoten en trok de voorpoten daarna effectief naar achteren. Ze bereikte er hoge snelheden mee waarbij haar oren flapperden in de door de snelheid veroorzaakte wind.

Steile trap

De trap liep steil naar beneden en onderaan waren de treden ook nog eens in een heel onhandige kromming gemaakt. Geen ideale trap om over te lopen. Ik was het niet anders gewend. We wilden Sientje niet leren traplopen en Inge vond het maar een eng ding. De smalle gangen boven waren bedekt met afgesleten linoleum. Sientje struinde daar op momenten dat wij bezig waren in de keuken gewoon rond tussen de kamer voor en het smalle keukentje helemaal achterin het pand.

Om van de keuken in de kamer te komen moest je door de smalle gang naar voren lopen, met een lichte knik het stukje hal pakken tussen toilet en trap en daarna de nis induiken naar de deur van mijn kamer.

Sientje ontdekte al heel snel dat je deze route snel kon pakken. Ze holde door het smalle gangetje, nam de strakke bocht bij het toilet om de nis in te sprinten van mijn kamer. Het dier liep met een noodgang door de gang. Wij waren allebei in de keuken met een pan eten toen we haar vooruit stuurden naar de kamer. We zagen het niet, maar hoorden de nagels krassen op het afgesleten linoleum. Er klonk een enorm gekras, ze wist ternauwernood de kamer te bereiken.

Levensgevaarlijke manoeuvre

Ik besefte pas later dat ze in die bocht een levensgevaarlijke manoeuvre uitvoerde op weg naar mijn studentenkamer. Ze had zo de bocht uit kunnen vliegen en zou zich dan in het trapgat hebben gelanceerd. Met alle verschrikkelijke gevolgen. Zonder twijfel zou ze met haar snelheid en de val 3 meter lager, haar nek en rug hebben gebroken. Je moet er niet aan denken. Je begrijpt wel dat we na die krabbelactie voorzichtiger waren geworden. We lieten Sientje nu alleen onder begeleiding door de gang lopen.

Een andere keer stormde ze na de meer dan 2 uur durende autorit uit Almelo mijn kamer binnen. Ze sprong met een enorme vaart het slaapbankje op en stopte precies op tijd op enkele centimeters van het raam. Ook daar zou een ongelukkige beweging fatale gevolgen hebben gehad. Het dunne enkelglas in het erkertje van mijn kamer zou weinig hebben tegengehouden.

Grootste verhuisbus

Nog geen 11 maanden nadat we elkaar voor het eerst hadden leren kennen via internet, verhuisde ik naar Almelo. Te gevaarlijk voor een hond was dat studentenkamertje. Bovendien verlangde ik altijd als ik in dat kamertje zat, naar mijn lief en ons schattige hondje in Almelo. Zodoende gebeurde het dat ik een halfjaar na onze eerste gezamenlijke aankoop met de grootste bus die je met een B-rijbewijs mocht besturen naar Almelo verhuisde.

Bij de verhuizing bleef Sientje thuis. Mijn kersverse (oud-)collega Mo hielp met sjouwen en droeg zo mijn enorme Mannborg-harmonium naar beneden. Van die trap waar niet alleen teckels de kans liepen hun rug of nek te breken, maar ook verhuizers. Hij droeg het muziekinstrument manshandig op zijn rechterschouder naar beneden.

Met bewondering en ontzag zag ik hoe zijn rug het instrument droeg en zijn schouder meestuurde. Wat een gewicht en wat een kracht. Beneden mocht ik het ding de verhuiswagen in tillen. Het zware gevaar gevaarte dat ik een paar jaar eerder naar boven had gesjouwd met twee vrienden. Ik had plechtig moeten beloven nooit meer zoiets te kopen en voorlopig niet meer te verhuizen. Maar dit was iets heel anders natuurlijk.

Lees het vervolg Doctorandus »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

Oorlog met teckel om de bank – Sientje (11)

Meteen nadat onze teckel Sientje in huis kwam, stelden we de eerste regel: geen hond op de bank. Een hond op de bank was smerig, vonden we. Daarom wilden we onder geen beding een hond op de bank zien. De hond uit mijn jeugd had nooit op de bank gemogen. Ik wilde het niet. Zo’n hond die op je plek zit.

Om te voorkomen dat als wij weg waren, Sientje lekker op de bank zou gaan liggen, bouwden we allerlei stellages op de bank. Een paar kratten, dozen, een omgekeerde kruk en allerlei andere middelen werden ingezet om te voorkomen dat Sientje zich een plekje op de bank zou toe-eigenen als wij niet aanwezig waren.

De stellage werd elke keer verder uitgebreid. We ontdekten dat ze steeds wel een manier vond om op de bank te kruipen. Zo waren we elke keer voordat we weggingen bezig een heel kasteel aan te leggen op en rond de bank. Zo probeerden wij te verhinderen dat Sientje zich een plekje op onze bank vond tijdens onze afwezigheid.

Het had weinig zin. Vaak kwamen we thuis en zagen haar liggen. Op een dag waren we thuisgekomen, de bank hadden we kasteel gelaten en we waren gelijk aan de slag gegaan. Inge was aan het koken, ik liet de hond uit en ging bij terugkomst nog wat dingetjes doen.

Over de kook

Het koken verliep niet zoals gepland. Er zat niet genoeg water in de pan en de zuurkool brandde aan. Inge tierde en schold. Ze liep de kamer in en er klonk een enorm gebrul. Ik dacht dat ze helemaal in tranen was uitgebarsten en rende naar haar toe. ‘Wat is er aan de hand.’ Ze lachte. ‘Moet je kijken.’ Sientje lag kwispelend op de bank en keek vanuit een krat ons aan.

Het verzet zag er zo aandoenlijk uit, dat we de strijd opgaven. We hebben verloren, zeiden we tegen elkaar. Vanaf die dag lieten we de bank gewoon zonder obstakels achter. Ook mocht ze lekker tegen ons aankruipen. De bank veranderde in een mand. Net als de stoel waarin de schone was lag die nog gestreken moest worden.

Schone was

Ze sprong op de stoel en nestelde zich heerlijk in de schone was. Met haar pootjes schikte ze de was tot een aangename kuil. Net als in de tijd dat ze het stro in haar Goorse hok schikte tot een warm nestje. Geen groter plezier voor Sientje dan de schone was in het weekend.

Lees het vervolg: Van wie is die leuke teckel »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]

Een teckel die niet blaft? – Sientje (10)

‘Heb jij Sientje al eens horen blaffen?’ vroeg ik aan Inge. We hadden onze teckel Sientje nog maar een paar dagen. Ze sjokte al een aardig pootje door het huis. Het werd steeds meer haar domein, maar ze had nog nooit een blaf laten horen. Zou ze wel kunnen blaffen?

Nee, Inge had ook niks gehoord. Het dier was muisstil. Ze at keurig de brokken op. Van de ene op de andere dag waren we op ander voer overgegaan. Volgens de dierenwinkel was het prima voer voor die prijs. De stank van Fokker Plus konden we niet verdragen. Dit nieuwe – uiteraard duurdere – voer weerde meteen de ergste hondengeurtjes uit ons huis.

Kan ze wel blaffen

‘Zou ze wel blaffen?’ vroeg Inge. Ik had geen idee. We leefden alweer een tijdje met het dier en we vertelden langzaam iedereen over onze aankoop. We werden met grote ogen aangekeken. Het was een grote stap, vond iedereen. In het huwelijksbootje stappen was een kleinere. Een collega had mij met medelijden aangekeken. ‘Man’, had hij verbaasd uitgeroepen. ‘De volgende stap is een kind.’

Ik zag het niet zo. En als het wel zo was, vond ik het eigenlijk helemaal niet zo erg. Ik had alweer gewerkt en was naar Leiden vertrokken voor een paar dagen. Het ontbreken van de hond, vond ik meteen al een gemis. Sientje was ook van mij. Voor de helft. Ik had 100 euro van de 200 betaald. Het bezoek aan de dierenarts was ook keurig door de helft gegaan. We waren zelfs een kasboek gaan bijhouden.

Op woensdagmiddag was Inge met het dier naar het Nijreesbos gegaan. Ze was er een stukje het bos ingelopen. Sientje achter haar aan. Het dier was dit soort zware tochten helemaal niet gewend. Keurig volgde ze. Zwijgend en hijgend. Het dier liep netjes om de modderplas midden op het pad heen. Op de terugweg, kwamen een paar tegenliggers tegemoet. Sientje was bekaf en stapte zonder nadenken in de diepe modderpoel. De pootjes zogen zich vast en er klonk een zoenend geluid van een hond die zich losmaakte uit de modder.

Vieze teckel

Inge nam een heel vieze teckel mee naar huis. De hele kofferbak van de auto was een modderbende geworden. Thuisgekomen had ze de hond – tegen het advies van de dierenarts in – onder de douche gedaan. De douche zou veel te veel stress geven en die had Sientje nu even genoeg. Sientje had geschud en probeerde de warme straal te voorkomen. Geen grotere verandering dan van een hok in de schuur naar een mand in de warme huiskamer. De modderactie had ons wel vooruit geholpen: Van de muffe strolucht en vieze walm waren we vanaf dat moment verlost. Geholpen door het veel betere voer.

Ik begroette een paar dagen later weer helemaal blij mijn 2 dames. Sientje had ook gekwispeld, maar bleef verder muisstil. Een paar dagen later kwam de eerste visite langs. Een vriendin van Inge bracht even een bezoekje om het nieuwe hondje te zien. Ze had haar eigen hond maar even niet meegenomen.

Ze kwam binnen, hing haar jas op en kwam de kamer in. De hond rook onwennig aan haar. Sientje wist er zogezegd weinig raad mee. Totdat Ingeborg wilde vertrekken. Ze liep naar de gang om haar jas aan te trekken. Sientje stormde op haar af en begon te blaffen. Ze wilde het duidelijk niet. Wij riepen verbaasd en blij: ‘Ze blaft, ze blaft.’

Blaffen met de jas aan

Inderdaad blafte ze. Vanaf dat moment werd de jas voor Sien het signaal om te gaan blaffen. Iemand die binnenkwam met de jas aan, moest deze zo snel mogelijk uittrekken. Niet aanhouden. Mijn schoonmoeder moest er al snel aan geloven. Ze hield haar jas aan bij binnenkomst. Moeder wipte even langs en wilde dan ook weer zo gaan. Maar dat mocht niet. Jas uit, anders kalmeerde ze niet. Daarom kreeg ze een hap – per ongeluk – tussen het blaffen door. Sientje schrok er zelf ook van.

De blaf ontwikkelde zich tot een apparaat dat gelijk afging met de deurbel of het vertrek van bezoek. Blaffen was vooral uit angst. Angst voor het onbekende. Wat zou er ging gebeuren? Ze wist niet wat mens en dier gingen doen.

En op bezoek bij mijn ouders kon ze de bel van van de hangklok niet verdragen. Bij elke tingel om het halve uur en het aantal uren getingeld om het hele uur, blafte ze woest om zich heen. Die klok, dat mocht niet. Een bezoek aan mijn ouders werd zo elk halfuur opgeluisterd met een fraai staaltje blaffen.

Rothond

Zo kende mijn oma Sientje. Een keffertje noemde ze de hond. Ze kon het dier niet uitstaan. Totdat Sientje een keer bij wijze van hoge uitzondering bij mijn ouders op de bank mocht. Ze lag daar heerlijk te kroelen naast oma. Vanaf die dag veranderde de ‘rothond’ in een ‘lief beest’.

Lees het vervolg: Oorlog om de bank »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

[mc4wp_form id=”20905″]