Tagarchief: tweede wereldoorlog

Op de rand van oorlog en revolutie

Een bezoek aan Huis Doorn confronteert je met de Eerste Wereldoorlog. Niet op heel veel plekken in Nederland dringt zich dat beeld zo aan je op. De pracht en praal van de Duitse keizer Wilhelm en tegelijkertijd die verschrikkelijke oorlog waarin de keizer zijn volk had geworpen.

Ik begreep van de rondleider dat koningin Wilhelmina niet zo’n hoge pet op had van de keizer. Ze vond het ergens laf dat hij gevlucht was en niet de consequenties wilde aanvaarden van zijn vroegere keuzes. De keizer was een oorlogsmisdadiger en zou bij overlevering aan het buitenland zeker zijn berecht. Nu speelde hij in Doorn zijn keizerrijk nog eens in het klein – heel klein – na.

In het Paviljoen krijg je een mooi beeld van de Eerste Wereldoorlog en wat het voor Nederland betekende. De helden van weleer komen voorbij en Mata Hari. De nachtclubdanseres speelde wel een heel gevaarlijke rol in de oorlog.

Mata Hari maakte zich erg verdacht bij de Fransen en is uiteindelijk berecht. Voor haar de doodstraf. Al heeft ze altijd de beschuldigingen ontkend. Wat dat betreft ben ik verschrikkelijk benieuwd naar de tentoonstelling die vanaf 14 okotober te zien is in Leeuwarden.

Mata Hari is berecht in 1917. Dit jaar betekent het keerpunt in deze verschrikkelijke oorlog. En dan concentreert zich die kentering in de maand maart. In maart 1917 worden de grote zetten gedaan op het schaakbord van de Eerste Wereldoorlog.

Will Englund: Maart 1917, Op de rand van oorlog en revolutie. Oorspronkelijke titel: March 1917: On the Brink of War en Revolution. Vertaling uit het Engels: Jan van den Berg, Piet Dal, Willem van Paassen en Jan Verschoor. Amsterdam: Hollands Diep, 2017. ISBN: 978 90 488 2954 5. 448 pagina’s. Prijs: € 29,99. Bestel

Verraad

In zijn roman Odyssee, Fernweh geeft Jan Cremer een indringend portret van de Tweede Wereldoorlog. Hij verliest in die periode niet alleen zijn vader, maar veel meer.

Zijn moeder, een Hongaarse dame van adel, lijkt ondanks haar huwelijk met Jan Cremer geen aanspraak te mogen maken op zijn bezittingen na haar mans overlijden. Aan het eind van de oorlog worden ze opgesloten in Kamp Scholten, als vermeende NSB’ers. De buren pikken alles in:

Toen we terug uit het kamp kwamen en waren leeggeroofd, liepen de kinderen van schoenmaker Nijhuis in mijn kleren, zijn vrouw in de jurken en jassen van mijn moeder, stonden delen van onze huisraad – de schemerlamp – in hun huis. (243)

Jan Cremer kan niet begrijpen dat je van naast buren kon pikken en het zonder schaamte open en bloot liet zien. Het verraad is groot en zijn moeder vergeeft het de buren nooit. Later maakt de slager aanspraak op het huis en raken ze van de ene op de andere dag dakloos. Het begin van een zwerftocht door de stad.

Het helpt zijn moeder niet om anders over haar overleden man en de Nederlanders te denken. Als Hongaarse van adel ziet ze de toestand waarin ze is terechtgekomen als een grote vernedering.

Als ze later de kans krijgt terug te keren naar haar geboorteland, ziet ze er op de laatste nipper vanaf. Het is opnieuw haar eer die haar tegenhoudt. Ze vindt dat ze als grande dame ontvangen moet worden.

Jan Cremer: Odyssee, Fernweh. 1e deel uit de Odyssee-cyclus. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 9982 4. 288 pagina’s. Prijs: € 19,99. Bestel

Wereldgeschiedenis in brieven

Het treffende taalgebruik van Konstantin Paustovski doet je bijna vergeten dat er om hem heen ook een de wereldgeschiedenis speelt. Bij alle grote gebeurtenissen van de 20e eeuw lijkt Konstantin Paustovski aanwezig te zijn. De Eerste Wereldoorlog, de Russische revolutie of de burgeroorlog die tussen 1917 en 1922 in Rusland woedt.

Als de eerste geruchten over de revolutie hem bereiken, weet Konstantin Paustovski dit prachtig uit te drukken. De mooie taal, maakt het gelijk tot een belevenis waarvan je als lezer even deelgenoot bent:

Ik herinner mij dat ik de hele nacht als met koorts lag te rillen, niet bij machte dit te stoppen en orde te scheppen in de gedachten die door mijn hoofd krioelden. De revolutie denderde zwaar en dof langs het front, overal werden geestdriftige ietwat stuntelige bijeenkomsten gehouden waar soldaten hun regiments- en compagniecomités verkozen, op de boerenhuisjes stonden rode, alweer een beetje verbleekte vlaggen te wapperen, in sommige van deze woningen zaten kapitein-luitenants, bij wie de eerste tekenen van syfilis al zichtbaar waren, verontwaardigd te oreren, en bij de generaals beefde ’s nachts van angst de snorband waarmee ze de unten van hun knevel dapper omhoog gedraaid wilden houden. Net zoals sneeuw in het voorjaar wegsmelt, raakte het hele land opeens uit zijn verstarring en liep men bij nacht en ontij onstuimig en luidruchtig te hoop in de ravijnen. (93)

Een treffende verwoording, waarbij je de siddering die door het volk gaat, meevoelt en beleeft. Hier voel je de spanning van de nieuwe tijd die aanbreekt. De belofte, vermengt met de vlucht uit de ellende en verschrikkingen van deze oorlog.

Je beseft bij het lezen ook dat de Russische revolutie onlosmakelijk verbonden is met de Eerste Wereldoorlog. De vrije doorgang die Duitsland gaf aan de banneling Lenin, om op die manier de vijand te verwarren. Met effect lees je hier.

In deze beschrijving weet Konstantin Paustovski wel de geschiedenisboeken tot leven te wekken. Hier kom je als lezer niet meer onderuit. Het verhaal van de ooggetuige die je meesleurt in de geschiedenis. Dichterbij kan de geschiedenis niet komen!

Konstantin Paustovski: Goudzand, Verhalen, dagboeken en brieven. Samengesteld en vertaald door Wim Hartog. Amsterdam: Uitgeverij van Oorschot, 2016. ISBN: 978 9028 261 228. Prijs: € 34,99. 670 pagina’s.Bestel

De Frauenkirche in Dresden en Goldberg van Bert Natter

img_20160714_211800.jpgDe roman Goldberg van Bert Natter speelt voor een groot gedeelte in Dresden. De hoofdpersoon Bas Lesage is er in 2020 tijdens de herdenking van het bombardement. Onderwijl gaan zijn gedachten terug naar zijn held: de muzikant Goldberg.

Voor mij staat de poster die ik van mijn ouders kreeg, symbool voor de wederopbouw van de kerk in de jaren 1990. Het gebouw fascineerde mij, maar misschien vooral door de herinnering aan de ruïnes van dit gebouw in de tijd van de DDR.

Vlog over Bert Natters roman Goldberg

Aan de hand van deze poster bespreek ik de bijzondere roman van Bert Natter.

Slachthuis Vijf

image

De schrijfster Renate Dorrestein verwijst in een interview naar het bijzondere boek van Kurt Vonnegut: Slaughterhouse-Five. Ik las het interview kort na het lezen van Henri Coulognes’ roman over het bombardement op Dresden: Vertrokken. De roman van Kurt Vonnegut trok onmiddellijk mijn belangstelling.

Ook Kurt Vonneguts roman behandelt dit gruwelijke bombardement van de geallieerden. Het bijzondere is dat Kurt Vonnegut in Dresden verblijft als Amerikaanse krijgsgevangene van de Duitsers als zijn landgenoten de stad bombarderen.

Het schrijven van zijn roman Slaughterhouse-Five or The Children’s Crusade bezorgt hem de nodige hoofdbrekens. Hij komt er niet uit. De verteller schrijft het in het eerste hoofdstuk. De gruwelijkheden laten zich niet vangen in fictie.

Als hij zijn oude oorlogskameraad Bernard V. O’Hare opspoort, is de vrouw van zijn oude strijdmakker, Mary O’Hare boos. Al zegt de verteller dat hij haar heel aardig vindt, ze is woest.

Toen draaide ze zich naar mij om en ik zag hoe kwaad ze was en dat haar woede tegen mij gericht was. Ze had in zichzelf lopen praten, dus wat ze zei was maar een fragment van een veel uitgebreider betoog. ‘Jullie waren nog maar kinderen!’ zei ze. (18)

Ze is niet boos op hem, maar op de oorlog ontdekt de verteller.

Ze wilde niet dat haar eigen kinderen of andermans kinderen in oorlogen zouden sneuvelen. En ze geloofde dat oorlog deels werd aangemoedigd door films en boeken. (19)

Daarom draagt hij ook het boek aan haar op. Hij trekt de vergelijking met de kinderkruistochten en weet zo zijn verhaal in het absurde te trekken. Daarmee kan hij schrijven over de gruwelen die hij heeft meegemaakt. Daarnaast pleegt hij nog een ander trucje: hij vertelt het verhaal van een ander, de militair Billy Pilgrim.

Zo blijft hij zelf buiten schot, al haalt hij zich af en toe binnen het verhaal. De verteller weet van een gruwelijk verhaal iets indrukwekkendst te maken. Hoe gek het ook klinkt maken de buitenaardse wezens iets dat niet te vatten is, begrijpelijk.

Kurt Vonnegut: Slachthuis Vijf of de kinderkruistocht, Een verplichte dans met de dood. Oorspronkelijk titel: Slaughterhouse-Five or The Children’s Crusade. Vertaald door Else Hoog. 8e druk. Amsterdam: Meulenhoff, 2006 [1e druk 1970]. ISBN: 90 290 7738 7. 190 pagina’s.

Pubertijd in gevangenschap

image

In haar memoires beschrijft Hannelore Grünberg-Klein de herinneringen van een meisje dat haar pubertijd doorbrengt in gevangenschap. Ze weet ternauwernood de verschrikkingen van de nazi’s te overleven.

Het onbekende verhaal van de zwerftocht van het cruiseschip de St. Louis is misschien niet helemaal uit de herinneringen van Hannelore Grünberg-Klein, het is een onbekend verhaal van de Duitse Joden van wie het burgerschap is ontnomen.

Ze doolden lange tijd rond, maar kregen nergens asiel. Niet in Cuba of Amerika, zodat ze uiteindelijk in Nederland belandden. Een onbekende geschiedenis waar iedereen zich voor mag schamen.

Soms neigt de moeder van de schrijver Arnon Grunberg in een droge opsomming van haar verhaal. Ze is het mooiste in de koele beschrijvingen van de emoties. Zoals wanneer ze schrijft over haar vriendinnetje Reni Guttmann:

Ze had tyfus en was heel erg ziek. Ik bezocht haar en zij gaf mij haar enige bezitting, een zelfgemaakte zeepdoos (zeep hebben wij natuurlijk nooit gehad) met haar initialen erop, die zij in de vliegtuigfabriek in Freiberg zelf had gemaakt van het vliegtuigmateriaal. (138)

Het is het afscheid van een vriendin die ze nooit meer terugziet. Ook als de oorlog voorbij is nemen de verschrikkingen niet af. Ze schrijft met ergernis over de pijnlijke opmerking die een medejodin maakte. De vrouw meende dat Hannelore Grünberg-Klein niet naar Nederland terugmocht omdat ze geen Nederlander was.

Deze kreet van leedgenoten, die de diepste ellende met ons hadden meegemaakt, maakte diepe indruk op mij en zou ik nooit vergeten. Ik weet me dan ook nu nog precies de naam van deze schreeuwlelijken te herinneren: Sera Sajet, die ik jaren later als verkoopster in Maison de Bonneterie weer terugzag. Ze deed toen of ze mij nooit eerder had ontmoet. (143)

Grünbergs moeder weet heel treffend haar persoonlijke verhaal over de oorlog te vertellen. Daarmee maakt ze de oorlog tastbaar. De aangrijpende herinneringen maken het verhaal heel intens.

In zijn nawoord vraagt Arnon Grunberg zich af waarom hij het boek niet eerder las, toen ze nog leefde. Hij denkt dat hij bang was om medelijden met haar te krijgen. Om het daarna onmiddelijk af te doen met de grap dat zijn moeder vroeger weleens zei dat haar gezin en haar kinderen erger waren dan Auschwitz. Het kan niet, want wat is er erger dan Auschwitz? Juist die wens erger te zijn dan Auschwitz, om geen medelijden met haar te hebben, maakt het sterk.

Het is een bijzondere ervaring om haar herinneringen te mogen lezen. Het plaatst de schrijver Arnon Grunberg in een ander daglicht. Door zijn moeder komt zijn schrijfstijl nog sterker tot uitdrukking.

Hannelore Grünberg-Klein: Zolang er tranen zijn. Nawoord Arnon Grunberg. Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar, 2015. ISBN: 978 90 388 0053 0. 172 pagina’s. Prijs: € 18,50.

Lees mijn bijdrage voor Litnet over het 25-jarig schrijverschap van Arnon Grunberg