Tagarchief: steven gort

2013 in blogs (5) – Bloggen

image

Meer dan ooit geblogd in 2013 en wat voor een blogs. Over boeken, gedichten, muziek en het bloggen zelf. Ik kreeg van Mary het verzoek mee te doen met een bloginterview. Een hele week stond ik stil bij wat mij dreef bij het bloggen. Ook mocht ik meedoen met mijnmoment van Henk-Jan.

Wat een prachtig project. Ik genoot niet alleen van het schrijven van mijn blog, maar ook van het lezen van de 221 blogs in de laatste dagen van het jaar. Daarnaast ontdekte ik veel nieuwe blogs, waarvan de blog van Sabine wel de meest spectaculaire vondst was.

Reflectieblogs

Misschien is de reflectieblog wel wat voor jou, zei Steven bij onze eerste ontmoeting in augustus. Het werd er eentje. Wel een heftige. Hoe gebeurtenissen als een boemerang weer terugkomen in mijn kop.

Ik kan dan dagenlang met hetzelfde bezig zijn. Zoals de show van Jochem Myjer of een ontmoeting. Dit jaar heb ik wel geleerd hier steeds beter mee om te gaan. Het bloggen is sinds 2006 mijn uitlaatklep.

Lees verder

Dit is de tiende en laatste blog over de blogs van 2013

Boemerang

image

Gewoon een woensdag en ik lees een oude blog van hem. Brullen. Eigenlijk zou ik hem willen vertellen waarom maar ik doe het niet. In plaats daarvan post ik de klaargezette blog. Ook mooi, maar het dekt niet het gevoel dat ik heb.

Ik twitter:

Hij reageert onmiddellijk:

 

Misschien moet ik een popmeditatie schrijven. Het begin is er. Op zijn reactie komen vrijwel meteen weer reacties. Ja, doen. Ik weet het niet. Veel werk. En ik duik diep in dingen. Heel diep. Zo ben ik de laatste tijd heel intensief met hem en ons gesprek bezig.

Nee, in plaats daarvan stuur ik een tweet over muziek die al tweeënhalve week klaarligt. Ik voel me een lul en zou nog altijd dat andere willen zeggen. De blog ligt notabene klaar, maar waar ik twijfel.

Reflectie

Meer dan een week weer veel met hem bezig. Ik weet het, het hoort bij mij. Ik moet een nieuwe weg inslaan. Het is niet mijn keuze. Dat kan ik niet accepteren. Alles wordt een chaos. Niet in de laatste plaats in mijn hoofd. Alles slaat wild om zich heen. Als een schip in storm probeer je koers te houden, de hoge golven te omzeilen en verder redden wat er te redden valt.

Je verlangt naar rustige golven, de duidelijkheid. Maar het is allemaal onduidelijk en lijkt soms teveel te worden. Ik denk aan ons gesprek. Een ontmoeting met iemand die ik alleen van het scherm ken. Volledig authentiek, maar ik begrijp hem vaak niet. Eerlijk, open en bloot. Hij zoekt mij, hij zoekt contact, maar ik beantwoord zijn vragen niet. Zou zo graag degene willen zijn die hij zoekt, maar twijfel. Aan mijzelf.

Het is onduidelijk: wat wil hij? Kan ik in zijn team komen? Of zitten we hier gezellig over koetjes en kalfjes te praten? Ik droom ervan voor hem te werken, zijn team extra glans te geven met al mijn tekortkomingen. Hij wil dat ik uit mijn schulp kruip, terwijl ik me op zulke momenten juist alleen maar in mijn schulp wil terugtrekken.

Ook omdat ik weer bezig ben mijzelf te ontdekken en te kennen. Een proces waar je ongetwijfeld een leven lang mee bezig bent. En dat ergens ook moet passen bij dat andere. Andere mensen die vinden dat je weg moet. Omdat een contract een ander label moet krijgen en daar willen ze niet aan. Je mag gaan.

Ik ben niet zo van het open en bloot. Moet er eerst over nadenken, terughalen en weer neerzetten. Weer van plaats halen, herschikken tot het een definitieve plek heeft en vergeten mag worden. En dan kan het in een heel andere context weer terugkomen. Als een boemerang waarvan je dacht dat hij weg was en niet meer terug zou komen. Maar dan raakt hij je vol op het achterhoofd.

Zo denk ik alweer een week over ons gesprek. De andere werkwijze. Het anders zijn. Ik wil het ergens in een boeiend betoog verstoppen. Of gewoon over het boek hebben dat ik gelezen heb. Over dat andere, waar ik door beheerst word, schrijf ik liever niet. Dat gaat over mijzelf en dat is moeilijk. Ik snap mijzelf vaak niet, hoe kan ik dat dan aan anderen uitleggen.

Hij denkt dat de reflectieblog goed is. Ik denk dat het alleen maar verwarring oplevert. De storm gaat er niet van liggen, maar wakkert juist aan. Nieuwe meningen en opvattingen doorkruisen dan de koers die ik heb ingezet naar rustiger vaarwater. Het brengt mij juist van de koers af en brengt mij terug in de storm. Ik raak dan nog meer de controle kwijt.

Het gesprek komt terug. De boemerang. Ik lees over de worstelingen van elke dag bloggen. Een paar medebloggers komt er niet uit. Stoppen of doorgaan? Ik lees hun ervaringen en strubbelingen. Voor mij is het juist moeilijk – zo niet onmogelijk – niet elke dag te bloggen. Hoe ziek ik ook ben. Het moet. Het is onderdeel van een patroon om de wereld te vatten en te gieten in een verhaaltje of een gedicht. Elke dag. Soms is het druk, dan pers ik met moeite een blog eruit. Andere keren schieten er zo een paar tegelijk uit mijn mouw.

Ik hoor weer zijn woorden over elke dag bloggen: ‘Ik weet precies waar het misging’. Dan ga ik het opzoeken en vind de plek. Hij raakt oververhit van elke dag bloggen, zegt hij. Terwijl ik denk dat er veel andere dingen spelen. Ik speur naar de laatste blog. Wanneer was het ook alweer?

Hij heeft het 40 dagen uitgehouden tot die woorden kwamen: ‘Ik stop ermee. Voorlopig. Vandaag. Morgen. Overmorgen. Ik weet het niet. Mentaal door het ijs gezakt vandaag. Bloggen is niet leuk meer. Even niet.’

Dat hoofd is bij mij juist oververhit door de indrukken van de dag. Het bloggen gebruik ik om af te koelen. Te ordenen en mijzelf een spiegel voor te houden. Bloggen om te spiegelen en te overleven. Bij hem wakkert het vuur juist aan als je erop blaast.

Dan speur ik verder op zoek naar de dag voor het moment. Ik lees het, kan het er niet uithalen. Het is iets anders, vind ik. Dan klik onderaan de blog naar het verhaal over zijn zoon. Zou dat niet de reden zijn? Een verhaal dat ik al een paar keer gelezen heb. Steeds op andere momenten. Nu is het anders. Als ik bij de laatste regel kom, moet ik janken. Ik weet waarom. Hij ook, want ik heb hem over mijzelf verteld.

Ik wil twitteren: ‘@stevengort Zitten brullen bij je verhaal over Tom’. Maar ik doe het niet.

Tegenpolen

image
Bloeiende wilde braam. Mooie bloemen, maar de doorns zijn venijnig.

Hij is groot. Ik ben klein naast hem. Als hij op de roltrap een trede lager staat, valt mij op hoeveel groter hij is. We zijn elkaars tegenpolen. Ik verslind boeken; hij kent alle films. Ik ben gek op klassieke muziek; hij is dol op popmuziek.

‘Jullie lijken helemaal niet op elkaar’, zei Inge toen ik vertelde over de afspraak. Maar ik word juist erg getriggerd door een tegenpool. Gelijkgestemden komen niet verder. Juist het verschil zorgt voor de alliantie, het samenwerken.

Zo pratend over werk, belastingdienst, universiteit, overheid, bedrijfsleven, liefde, geloof, kinderen, ouder zijn en de anonimiteit van de stad. In de verwerking van al het gesprokene kwam ik op een lijst met tegenstellingen.

Ze allemaal op één of andere manier aan de orde geweest in ons gesprek. Het is een weergave in de vorm van een lijstje met trefwoorden. Voer om een volgend gesprek mee voort te zetten. Soms laat de tegenstelling juist de overeenkomst zien.

Lijst met tegenstellingen

open – gesloten
routine – vrijheid
loslaten – vastbijten
wantrouwen – vertrouwen
zeker – onzeker
structuur – chaos
woord – beeld
verstoppen – laten zien
lezen – kijken
ontwerpen – organiseren
prikkelbaar – knuffelbaar
gevoel – verstand
groot – klein
behaard – kaal
koppig – meegaand
stoer – teer
geheimzinnig – open boek
sterk – slim
anoniem – openlijk
bekend – onbekend
boos – blij
gelukkig – ongelukkig
meewerken – tegenwerken
conflict – samenwerken
leiding geven – onderdanigheid
gehoorzaam – ongehoorzaamheid
eigenwijs – meegaand
liefde – haat
negeren – aandacht geven
attent – vergeten
ontkennen – bevestigen
ouder – kind
werk – privé
drukte – rust
energie – uitgeput
denken – doen

Een mooie lijst met allemaal woorden die het overwegen waard zijn. Sommige woorden vatte ons allebei samen. Andere woorden duidden juist op de tegenstelling. Daar ligt de kracht. Daar kun je elkaar aanvullen, leren van elkaar en helpen. Of zoals Hegel het noemde: these – antithese – synthese.

Mijlpaal – #WOT

image

Soms duurt het even voor een #WOT geland is. Zeker als je een dag later Steven Gort ontmoet. Met deze bijzondere medeblogger had ik een bijzonder gesprek op twitter een paar weken terug. Het ging over het mislukken van grote IT-projecten bij de overheid. We moeten elkaar eens zien, concludeerde hij. Ik was het wel met hem eens en we spraken voor vandaag af. Op mijn eerste vakantiedag. Euforie.

We spraken af in de nieuwe bibliotheek van Almere. Gewoon omdat dit een mooie plek is. Een plaats om op verhaal te komen. Tussen de boeken mag je elkaar ontmoeten. Een plek die er niet zonder slag of stoot gekomen is, maar die er toch maar mooi staat. Een plek om nieuwe sporen te bouwen. Een spoor om verder te gaan, een spoor om af te slaan. Een spoor de toekomst in.

Dit gesprek is voor mij een mijlpaal. Een nieuwe, eentje tussen enkele andere. Ik schudde de kaarten en haalde de troef eruit: ik vertelde over mijzelf. Iets wat ik niet zo vaak doe. Ik vertel graag. Zeker, maar liever niet over mijzelf. Nu vertelde ik hem dat ik deze week weer 8 uur per dag had gewerkt. ‘Dan heb je een mijlpaal bereikt’, merkte hij op.

Zo had ik het nog niet gezien. Ik vertelde hem verder over de weg die ik het afgelopen jaar ben gegaan. Een moeilijke weg, met vallen en opstaan. Waarin ik vooral mijzelf leerde kennen. Het was niet altijd leuk, maar ik heb mijzelf leren kennen. Een jaar dat ik niet had willen missen. Ik zit ongeveer aan het einde, maar ben er zeker nog niet. Zeker ook omdat ik aan het eind van dit jaar afscheid moet nemen van de VU. Mijn derde contractperiode verloopt en wordt niet meer verlengd.

Hij borduurde voort op mijn situatie. We zochten samen naar verwantschap, overeenkomst. Want dat wij tegenpolen zijn, is duidelijk. We verschillen van elkaar en ik begrijp hem niet altijd. Aan de andere kant lijken we juist op elkaar. Misschien kunnen we een tijdje met elkaar optrekken en kunnen we van elkaar leren. Al beantwoordde ik niet altijd zijn vragen. Hij gaf vaak wel antwoord op de vragen die ik niet stelde.

Ik denk er nu over na. En ik zal zeggen, het was een gesprek zoals ik niet vaak heb. Het ging over mij en er zat iemand tegenover mij die tijd had voor mij. Wat bijzonder. En terwijl ik nu zo zit te typen, raak ik ontroerd. Steven stelde dat ik mij misschien meer moet openstellen. Als je je verhaal vertelt, kun je misschien andere mensen helpen. Wat heb je te verliezen?

Zeker ik moet mij niet een stijl proberen eigen te maken die niet bij mij hoort. Maar er ligt natuurlijk best veel ruimte die ik mij kan toe-eigenen. Ik ga er eens over nadenken. Wat kan ik delen, wat wil ik delen en wat hou ik voor mijzelf. Ik ga opnieuw zoeken naar de grenzen. Wat kun je zeggen en wat kun je beter niet zeggen. Soms kun je mensen helpen door je eigen verhaal te vertellen.

Vandaag heb ik mijzelf zo geholpen mijn eigen verhaal te vertellen. Op verhaal komen in de bibliotheek. Hij die niets met boeken heeft, maar buitengewoon veel liefde voor verhalen heeft. En wat mooi dat Steven daar naar wilde luisteren. Bedankt.