Tagarchief: stadswandeling

De wallen en Oude kerk

De wandeling terug naar het station, lopen we via de Nieuwmarkt. Het is druk. Veel groepen en als er dan een auto midden op de stoep staat geparkeerd, is er even een opstopping. De zon schijnt werkelijk heerlijk en het lijkt ook wel of iedereen naar buiten is gekomen. Heerlijk weer, de kou is daarbij geen vijand, maar een vriend.

We slaan dan af in de richting van De wallen. Burgemeester Van der Laan kondigde een paar jaar geleden de strijd aan met dit gebied. De criminaliteit dit dit deel van de stad aantrok, was de burgervader een doorn in het oog. Het is nog steeds een toeristische attractie, maar veel panden zijn gesloten. Voor de beleving van de opgeschoten toerist maakt het niet zoveel uit.

Het is een prachtig deel van de stad met de Oude kerk als middelpunt. We gaan even de kerk binnen. Een expositie is aan de gang. Christian Boltanski heeft grote donkere installaties opgetrokken. Huizenhoge blokken, afgedekt met zwarte plastic folie. Het lijken wel grote vuilniszakken. De luchtbewegingen in de kerk zorgen dat het plastic zachtjes deint.

Een bijzondere expositie. Op de grafstenen in het schip liggen jassen. Ze verbeelden de overledenen die in deze kerk leggen. Soms staan er zuilen, een jas met een licht ervoor waaruit een stem spreekt. Ze stellen vragen. Of je alleen bent en waar je moeder is. De ruimte doet de rest.

kIn de verte vanuit de omgang in het koor klinken belletjes. Een continue stroom geluid, opnames van 800 Japanse belletjes op stokken in Quebec. In het koor op de plek waar voor de reformatie het altaar stond, liggen verdorde tulpen. In het koor staan stoelen verspreid met daarover heen jassen en uit alle hoeken en gaten fluisteren stemmen de namen van de overledenen die hier liggen.

Een indrukwekkende expositie die je ook unheimisch maakt. Spooky noemt Doris het en dat is het ook. Je voelt je ongemakkelijk, een klassiek beeld van de dood, terwijl je verlangt naar troost en liefde. De donkere installaties van plastic en de stemmen staan dit teveel in de weg.

Het orgel is in restauratie. De kas is gerestaureerd. De vergulde versieren blinken je tegemoet. Het is bladgoud dat er blinkt. De bekroning met het wapen van Amsterdam is weer vol in de verf gezet. De hedendaagse vorm van restaureren lijkt wel dat oude instrumenten of gebouwen meer blinken dan ze ooit gedaan hebben. Het is meer dan stof eraf halen. Er komt een dikke laag verf tussen toen en nu. Hoe zal dat straks met de klank zijn?

Lees verder over ons dagje Amsterdam: Ons’ lieve heer op solder ยป

Stadswandeling door Utrecht

image

Een stad op een zaterdag in oktober. Ik loop het station uit. De hal van Utrecht Centraal begint zijn vorm te krijgen. Ik heb het nog niet direct in de gaten omdat ik de rode bogen van de oude, vertrouwde hal zie. Maar van daaruit loop ik de nieuwe hal binnen.

Wat een ruimte, wat een hoogte en wat een licht. Het krijgt net zoiets groots als de stationshal van Rotterdam, maar dan nog net iets extremer. De grootheidswaan van de spoorwegen verbeeldt in de stationshal. Bijna 2 eeuwen spoorwegen lijken van dit uitgangspunt niet af te wijken.

image

De stad is druk. De wegen zijn afgezet vanwege alle verbouwingen. Het lijkt wel of het station Utrecht Centraal altijd verbouwd wordt, misschien al wel sinds de sloop van het vorige station en na de verdwijning van een hele wijk in Utrecht om plaats te maken voor de winkels van Hoog Catrijne.

Ik ontwijk het winkelparadijs vernoemd naar de heilige. Ik loop langs het oude kantoor van mijn vader, waar we hem soms ophaalden. Steek de befaamde gracht over, die nu het midden houdt tussen een gracht en een weg en duik de Mariaplaats op, het plekje waar in de 19e eeuw een kerk moest wijken.

image

Nu klinken er toonladders op een piano. Het conservatorium huist in het gele gebouw en het gebouw dat ernaast staat. In grote letters staat het boven de ingang. Een man zit beneden bij de oude omgang en eet een broodje. Een kat loopt rond tussen de eeuwenoude stenen. Het heeft iets van een kloostertuin waarvan meer dan de helft is verdwenen. De Romaanse bogen en de kleine pilaren geven het wel iets moois.

Ik loop de straat in naar de Domtoren, wil nog even snel een bezoekje brengen aan de boekwinkel vlakbij de toren. Een bruidspaar loopt mij tegemoet. Hij in een helderblauw pak, zij in een witte jurk die meer van een mantelpakje wegheeft. Een fotograaf drentelt om ze heen en probeert een mooi plekje te vinden. Misschien wel het Romaanse binnenplaatsje.

image

De Oude gracht over, mensen maken foto’s, een fietser door mijn beeld en de klank van het carillon omdat het een heel uur is. Ik vlucht de boekwinkel in met de ramsj en kijk of er wat van mijn gading is. Een stapel boeken vormt zich in mijn handen. Wat een mooie boeken zijn het. Over de gotiek, Cuyers en een biografie van Willem Kloos. Ik kan het niet laten liggen.

Tot overmaat koop ik een cadeautje voor Doris. Een mooi boek dat haar nog wijzer kan maken dan ze al is. Een prachtig cadeau voor een andere keer. Het kost 9 euro en daarom geeft de boekwinkeleigenaar mij geen kinderboekenweekgeschenk. Dat geldt pas bij een bedrag van 10 euro.

image

Kinderachtig, bedenk ik mij als ik buiten sta, maar de drukte weerhield mij om er een punt van te maken. Jammer, want ik heb de man toch voor 45 euro extra omzet gegeven. Het is heel druk in de zaak. Ik vermoed dat hij op deze zaterdag de omzet van de rest van de week draait.

Ik duik nog even de Domkerk in. De domorganist oefent op Ernst Pepping (1901-1981), Johann Nepomuk David (1895-1977) en Hugo Distler (1908-1942), de perfecte muziek voor het Nicolaiorgel waar ik straks naar ga luisteren. In een hoekje prop ik de boeken die ik gekocht heb in mijn rugzak. De klank van het orgel is mooi, maar toch is het te mollig voor deze muziek, lijkt het.

image

Het mooie licht van de herfstmiddag weer in, loop ik door de straat die evenwijdig loopt met de Oude Gracht, langs de Utrechtse hortus met de oudste Ginkgo van Europa, zegt het schreeuwerige bord buiten en langs de armenhuisjes de hoek om. Daar staat hij: de Nicolaikerk of Klaaskerk.

De innemende torens, de vlak aflopende spits aan de ene toren en de lantaarn op de andere. Ik had het gebouw zo vaak gezien vanuit de trein als we Utrecht binnenreden. De zachte kleur van de steensoort, in kleur tussen geel en grijs in, en het venster in de westgevel. Een feest der herkenning en toch helemaal nieuw, omdat ik er nog binnen ben geweest.

image

Lees morgen over het Marcussen-orgel in de Nicolaikerk te Utrecht