Tagarchief: sientje

Kijken, kijken, kopen – Sientje (72)

We waren weer terug van vakantie. Het volgende weekend zouden we naar Friesland gaan om te gaan kijken. Een bezoek aan teckel Beppe leek me geweldig. Ik haalde de website tevoorschijn en ging weer zitten kijken. Ergens leek ze op Sientje. Waarschijnlijk was ze een stuk kleiner, Beppe was een dwergteckel. Haar lieve blik, het enigszins norse vermengd met de trouwe ogen. Echt zo’n teckelblik. Ik wilde haar hebben. Ik fantaseerde al dat ze door ons huis liep.

Verkocht

Een paar dagen voordat we zouden gaan, bekeek ik nog een keer de site. Ineens stond er bij Beppe dat ze verkocht was. Ik schrok. Nee, dit is niet waar. We hadden een weekend moeten wachten omdat we heel toevallig op vakantie gingen en in die tijd was Beppe weg. Ik was woest. En vooral teleurgesteld. Inge probeerde te bellen, maar de fokster nam niet op. Ze probeerde het nog een keer. Weer niet opgenomen. Werden we nu in het ootje genomen?

Eindelijk kreeg Inge haar te pakken. Het ging gepaard met veel verontschuldigingen. Het was de teckel van haar broer en ze was meegegaan met mensen die hij heel goed kende. ‘Het klikte zo goed en jullie kennen we nog niet. Beppe is een bijzondere teckel voor hem.’ Ik was teleurgesteld, merkte dat ik in gedachten al met Beppe in huis liep. Dat ik haar naam telkens door mijn mond had laten gaan. Ik genoot al van deze hond, terwijl we haar nog niet eens hadden gezien.

Inge vroeg of het roodharige teefje van Greetjes moeder dan nog wel te koop was. Ja, die was er inderdaad. Ze zag dat er ook een nestje gevlekte teefjes bij was gekomen. Daar waren er nog voldoende van, zei Greetje. We zouden die zaterdag gaan kijken. Al had de verkoop van Beppe mij wel iets meer afwachtend gemaakt. Tegelijk liet de gebeurtenis mij iets heel waardevols zien: ik kon mij weer verheugen op een ander hondje. Het kon weer na Sientje.

Kriebel of jeuk?

Maar Inge zag hoe snel de gevlekte teefjes gingen en reserveerde ook een gevlekte. Ze wilde niet nog een keer een hondje mislopen. Daarom hadden we er ineens 2 gereserveerd. En we wisten wel beter: als je zo’n hondje ziet, koop je hem. Het is kijken, kijken en kopen met jonge honden! Zo zouden 2 puppies over een paar maanden dan in ons huis lopen. Het begon weer te kriebelen, maar zouden we het niet gaan jeuken?

Ik uitte wel mijn twijfels. Was dit wel zo verstandig. Wisten we wel wat we ons op de hals haalden met 2 jonge honden die we helemaal moesten opvoeden. Met de opmerkingen van mensen hierover, twijfelde ik alleen maar meer. Konden wij dat wel en vroeg het niet heel erg veel van ons?

Dit is de laatste aflevering van de blogserie over Sientje. Je kunt de hele serie nalezen op deze blog. Begin bij de eerste aflevering en klik onder elk bericht door naar de volgende aflevering. Lees het verhaal van Sientje.

Wil je graag op de hoogte blijven. Laat hier dan je e-mailadres achter.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Weer een teckel? – Sientje (71)

Als je teckeltje net overleden is, moet je er niet aan denken een andere in huis te halen. Het teckeltje dat er niet meer is, is onvervangbaar. Zo’n lieve hond als Sientje, vind je nooit meer. Toch begint het na een maand of 7 te kriebelen. We gaan eens kijken op internet en komen heel veel teckels tegen.

Eigenlijk zou ik een oudere teckel willen. We nemen geen jonge hond, zeg ik tegen Inge. Dat is zo’n gedoe en zoveel drukte. Zo’n klein hondje ziet er heel schattig en vertederend uit, maar het opvoeden en trainen van zo’n puppy… Ik moet er niet aan denken.

Dromen van een teckeltje

Leuk allemaal dat dromen van een teckel, maar eerst moeten we de stacaravan zien kwijt te raken, vindt Inge. We hebben hem vlak na de zomervakantie op internet geplaatst. Marktplaats is geen optie, daarvoor moeten we opeens een gigantisch bedrag betalen om hem alleen te plaatsen.

Zo staat hij daar op internet. Niemand kijkt. Niemand belt. Niemand mailt. Daarom ga ik in november een paar dagen in de caravan zitten. Ik heb een improvisatiecursus verderop in Bergentheim. Een stuk dichterbij om vanuit de camping te rijden dan elke dag heen en weer vanuit Almere.

Het vriest niet als ik aan het spelen ben. De kachel hoeft zelfs niet aan. Ik ruik de geuren van de muffe caravan en hoor ’s avonds de muizen over de vloer trippelen. Alles staat schots en scheef. Wie zou dit ding willen hebben?

Kijkers

Tot Inge de volgende middag opbelt. Er is een belangstellende die wel wil komen kijken. De volgende ochtend kan ik wel voordat de laatste cursusdag begint, de caravan laten zien. Zodoende komt het stel uit Zutphen om te kijken naar het gele monster.

Ze komen kijken en vooral zij is superenthousiast. Hij ziet er wel al het werk in. Hij is een stuk ouder dan zij en voelt zijn afgekeurde rug al pijn doen. Alles wat er nog moet gebeuren in deze afgeschreven caravan. Maar je kunt het rustig aan doen, zegt zij tegen hem. Zij ziet de barbecue al smeulen en ruikt het schroeiende vlees. Zo is de caravan even later verkocht. Ver onder de vraagprijs dat wel. Maar weg is weg.

Kijken naar teckeltjes

Als de deal helemaal rond is, gaan we wat serieuzer kijken naar teckeltjes op internet. Inge wil wel heel graag een jonge hond. ‘Als het dan verpest is, hebben we het zelf gedaan’, zegt ze er stellig bij. Ik twijfel. Een jonge hond betekent ook veel rompslomp. We hadden het met Sientje betrekkelijk eenvoudig gehad, maar een puppy in huis halen… Dat vraagt om wat meer dan alleen ‘nee’ zeggen. Het vraagt om een complete opvoeding.

We speuren langs allerlei sites. Wat een verschil met de tijd waarin we Sientje kochten. Het is een overdaad aan informatie. Veel fokkers zitten op internet en marktplaats stroomt over van de aanbiedingen. Maar we gaan beter onderzoek doen dan de vorige keer, besluiten we. Niet zomaar ergens heen en een hondje kopen, maar gedegen uitzoeken of de betreffende fokker een goede teckel aanbiedt.

Diepe basstem

We vinden een fokker. De vrouw spreekt met een diepe lage basstem. We kunnen wel pas na onze vakantie komen kijken. Misschien zijn ze dan al weg, vindt de vrouw. Ze gaat niet op ons wachten.

Nou, dan kijken we wel even verder. Inge voelt genoeg weerstand om zich er niet verder in te verdiepen. We neuzen verder en komen via marktplaats op allerlei sites van fokkers met puppies in de aanbieding. En een warme mand die gezocht wordt. Mijn oog valt op ruwhaar teckel Beppe. Een vier jaar oude hond waarvoor de fokker een warme mand zoekt. Dat wil ik wel. ‘Die wil ik’, zeg ik helemaal ontroerd.

Friese fokker

Inge kijkt verder op de website en ziet dat er ook puppies aangeboden werden. Ze is erg gecharmeerd van de gevlekte ruwhaar teckels. Het was een specialiteit van deze Friese fokker. Net als dat zij de rode teckels – ik noemde het blonde – op de kaart heeft gezet in Nederland. ‘Ze heeft ook rode teckels’, zegt Inge en ze laat een nestje zien.

Het is al na nieuwjaar als Inge haar opbelt. Ze vraagt of we in aanmerking kunnen komen voor Beppe. En dan meteen kijken naar een rode ruwhaar teckel. ‘Als jij een oude wilt, dan wil ik een jonge’, zegt Inge.

Lees de laatste aflevering van de Sientje blog: Kijken, kijken, kopen »

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Vergeelde herinnering – Sientje (70)

Overal waar je opnieuw kwam zonder Sien, miste ik haar. De aanslag van de hondenbelasting was voldoende om aan haar te denken. Na een paar weken gingen we weer eens naar de stacaravan in Delden. Het rook er niet alleen ontzettend muf. De hondenmand en de bench stonden duidelijk in het zicht. De kleedjes roken naar Sientje.

Als we bij mijn ouders op bezoek gingen en de klok het hele en halve uur sloeg, schrokken we overeind. Het bleef echter stil. Al hadden we Sientje al een tijdje niet mer meegenomen, we dachten toch eventjes aan haar. Maar het meeste toch bij de caravan. Sientje was onlosmakelijk verbonden met Twente, met de stacaravan op Westerholt. Nu was ze er niet. De caravan leek alles te laten zien wat er niet meer was.

De caravan maakte me onrustig. Er viel in elk hoekje en elk gaatje wel iets te doen. De vloeren kraakten, hij stond schots en scheef en de kranen lekten. Ik miste de rust, het geduld en de handigheid om dit karwei aan te gaan pakken. In plaats daarvan wilde ik lekker zitten en lezen. De reizen van Jules Verne, een fietstrip van Ilja Leonard Pfeiffer. Alles beter dan mijn eigen caravan op te klussen.

Op het veldje veranderde de werkelijkheid ook. Naast onze caravan had de campinghouder een nieuwe caravan geplaatst. Ik vroeg mij af hoe hij op dat smalle strookje een nieuwe caravan kon neerzetten. Aan het begin van het veld vertrok het vriendinnetje van Doris. Haar ouders gingen plotsklaps uit elkaar.

Ik voelde mij hoe langer een vreemde snuiter op ons veldje en wilde niet meer op de camping. Het herinnerde aan teveel dat niet meer was en voelde te weinig meer het vertrouwde plekje van weleer. Ik had ander werk gekregen, hoefde niet meer zoveel te reizen als eerst, maar ik was uitgekeken in Delden. De regen in de laatste week stuurde ons een paar dagen eerder dan gepland naar huis. Wat was ik gelukkig toen ik thuiskwam. Ik voelde mij gelijk een stuk beter.

We gingen er eens goed voor zitten, probeerden een rekensom te maken. Wat moest er allemaal gebeuren en woog dit allemaal nog op tegen wat het opleverde? Er was een grote opknapbeurt nodig en het geld dat daarvoor nodig was, hadden we niet.

En om er zelf aan te beginnen was voor mij even helemaal geen optie. Dat nooit. Had ik in het voorjaar nog de coniferen gesnoeid, in het najaar zat er weer een flinke laag aan. Thuis had ik geen zin in dit soort karweitjes en op de camping moest ik dat ook nog eens doen. Extra, boven al het werk thuis in Almere. Ik baalde ervan.

De energie was op en de motivatie om naar Delden te gaan werd hoe langer hoe kleiner. Misschien moesten we de boel maar eens opgeven en verkopen. De leegte van een leven zonder Sientje kwam op de camping nog meer op ons af dan thuis. We merkten dat ons plezier op dit plekje verdwenen was.

De nota voor het nieuwe jaar viel op de deurmat. Wat gingen we doen? Misschien moesten we hem maar op marktplaats zetten. Bij het plaatsen van de advertentie, viel op dat er ineens vijfentwintig euro moest worden betaald om hem neer te mogen zetten. Dat nooit. Inge speurde verder en zette hem ergens anders. Tegen elk aannemelijk bod, wat de gek ervoor geeft. Ik had er niet veel verwachtingen van. Maar wie weet…

Lees het vervolg: Weer een teckel »

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Plukjes haar – Sientje (69)

Hoe lang is je hondje er nog, ook al is ze er niet meer? Door het hele huis zwierven nog de haren. Herkenbaar aan de donkere kleur van onderen en het lichte puntje bovenin. Ze waren slap, verborgen zich in stofnesten.

Ik vroeg me af waarom we niet een plukje haar hadden bewaard. Zoals we hadden gedaan met het plukje van het eerste babyhaar van Doris. We hadden het haar veilig opgeborgen in een klein potje.

Mijn schoonmoeder vond dat maar niks. Een pluk haar bewaarde je niet. De pluk babyhaar is er niet meer. Dat zachte haar. Daarom vermoedden we ook dat mijn schoonmoeder het haar had weggegooid. Ze vond het luguber. Zo’n pluk haar roept alleen maar het ongeluk over je kunt af.

Haarlokken

Ze snapte al die kunstwerken met haarlokken niet. In de achttiende en negentiende eeuw bewaarden mensen de haarlokken van overledenen. Vaak verfijnd verwerkt in kunstwerken. Verborgen achter glas werd de lok haar van de geliefde opgehangen. Mijn schoonmoeder vond het niks.

Na haar dood zochten we ons rot op zoek naar die pluk haar. Totdat we ze tegenkwamen in het envelopje in een herinneringsalbum. Uit angst dat mijn schoonmoeder het haar zou weggooien, hebben we het daar opgeborgen.

De haren van Sientje waren niet verwerkt in de kunstwerk. Dat vonden we te gortig. Het is wel een dier. Daarom lieten we Sientje ook achter op de behandeltafel van de dierenarts. Ze zou tegen de avond worden opgehaald. Een gespecialiseerd bedrijf waarvan de vrachtwagens als anonieme transporteurs over de weg razen. Niemand hoeft te weten dat in die grote vrachtwagen misschien wel een paar honderd overleden honden en katten, konijnen en cavia’s, misschien een verdwaalde parkiet, worden vervoerd.

Overal haren vinden

In de maanden en zelfs jaren na Sientjes dood, vond ik nog haren. Niet met grote plukken, maar gewoon ergens een losse haar. In een pluk stof onder het bed. In een hoek van mijn studeerkamer. Of hij bleef aan mijn wijsvinger plakken als ik ergens over een richeltje schoof. Net als haar geur, in alle kleedjes, zelfs in de bank, hing hij. Een muffig luchtje. Een luchtje dat ergens tussen pies en natte hond zweefde. Als het warm en benauwd was of de verwarming weer ging aan, dan rook je het weer.

Het kleed in de kamer met de 45 vakjes in verschillende kleuren is misschien wel de grootste herinnering. Al de vlekken die Sientje daarin achtergelaten heeft. Van de omgegooide bekers met limonade en yoki drink. Ze liggen daar de donkere vlekken op de lichtere vlakken. Om er nooit meer uit te gaan. Net als de gedroogde piesvlekken waar Sientje het heeft laten gaan.

Kleed

Zo lang het kleed er is zullen ze duidelijk zichtbaar blijven. Misschien dat het zonlicht de felheid wat vervaagd. Maar de tijd zal die zwarte vlekken nooit uit het kleed krijgen. Uiteindelijk hebben we het kleed vervangen. Te vies om te bewaren.

Net als het teckelkleedje in de hondenmand. Sientje heeft het heelgelaten. Het vormt een aandenken uit die tijd, die ongetwijfeld door een volgende teckel zal worden aangevreten. Want herinneringen in materialen, verdwijnen altijd. Is het niet een schoonmoeder die het weggooit, dan is het wel de slijtage die de voorwerpen verwoest.

Lees het vervolg: Vergeelde herinnering »

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Kaartje – Sientje (68)

Na het overlijden van Sientje, hoefden we niet gelijk af te rekenen bij de dierenarts. Ze zouden de rekening nasturen. Na zo’n bezoek bij de dierenarts, heb je wel iets anders aan het hoofd. We liepen terug naar de auto. Ik voelde mij week en huilde. Mijn benen zwabberden alle kanten op. Geen wonder. We hadden geen hondje meer.

Ik sloeg een arm om Inge heen en hield Doris’ handje vast. Zij was nog verbaasd over het afscheid en tuurde naar de lucht of Sientje misschien nu al een sterretje geworden was. Of ze dan bij oma zou zijn, vroeg ze. ‘Ik denk dat ze vanavond bij oma is’, zei Inge. Ze lachte. ‘Dan krijgt ze de hele tijd pepermuntjes van oma.’

Overal haar geur

Dan kom je thuis en is je hond niet meer bij je. Maar het hele huis ruikt nog naar het beestje. De geur van een oude hond verdwijnt niet snel uit je huis. Het mandje stond hinderlijk in de weg. Net als de bench en alle kleedjes. Wat zouden we er allemaal mee gaan doen. Geen idee.

Laten we het eerst maar eens opruimen, zei Inge. De kleedjes die niks meer waren, verdwenen in de vuilnisbak. De rest kreeg een plekje op een verzamelplaats op zolder. Even uit het zicht, zodat we niet steeds hoefden terug te denken.

Rode halsband

De rode halsband, meer dan 9 jaar daarvoor gekocht op zaterdagmiddag een uur voor sluitingstijd in Goor, legden we in een mandje. Het ding had het al die jaren uitgehouden. Net als het kokertje dat aan de halsband hing met naam en telefoonnummer voor als ze zoek zou raken. Het roodharige meisje uit de buurt had het als laatste opengemaakt om haar bij de rechtmatige eigenaar terug te brengen.

2 dagen later – op zaterdagmorgen – viel een kaartje op de deurmat. Mollige letters van een meisjeshandschrift. Het was van de dierenarts. Ze wenste ons sterkte met het verlies. Ik zag haar staan bij de behandeltafel. Sientje erop. Ik voelde weer de tranen.

Herinneringen opschrijven

Op mijn eerste vrije vrijdag wilde ik mijn herinneringen aan mijn teckel opschrijven. Probeerde het begin te zoeken en te vinden. Het verlangen naar een teckel, de krant waarin die advertentie stond ‘Goed tehuis gezocht voor zeer lieve teckel’. De tranen kwamen. Ik dacht aan de autorit waar Inge de naam bedacht op het moment dat we de snelweg opreden. Ze gaf gas. ‘Sientje. We noemen haar Sientje.’

Ik probeerde wat te tikken, maar kreeg geen letter van het toetsenbord ingedrukt. Weer die tranen. Maar ik wilde zo graag een eerbetoon aan ons hondje schrijven. Waar het allemaal mee begonnen was. Het hondje die ons verbond en die overal was bijgeweest. Zelfs bij de verloving, bijna bij de geboorte van onze dochter. Altijd zat ze er met haar neus bij.

Nooit opdringerig, maar op de achtergrond was ze altijd aanwezig. Nu was ze er niet meer. Al zag ik haar bij elke oogopslag die ik in de richting van de bank deed, even liggen.

Hoorde ik haar nou?

Ik meende haar te horen lopen. Keek aandachtig op de bank voor ik ging zitten. Of ze niet toevallig op mijn plekje lag. Maar het was leeg. Het bleef leeg. Zelfs niet het ‘oef, oef, oef’, wat ze op het eind alleen maar uitstootte. Ik dacht er de hele dag aan. Voelde hoe erg ik haar miste. Al twijfelde ik eraan of ik haar miste of het idee dat ze er niet meer was, mij juist aangreep. Aan het eind was ze er al niet meer. Haar lijf was er nog geweest, maar ze was leeg geweest. De geest was al verdwenen.

Het lijf keek haar geest nog na, maar was slechts de schim die achtergebleven was. Heel soms tintelde ze even op, maar het meest van de tijd sliep daar een oude hond. Moe van het leven. Zonder geest. Maar nu was ook dat geestloze wezen verdwenen.

De schimmen bleven over en verdwenen zodra je keek. De bank bleef leeg. Het mandje was opgeruimd. Net als alle andere dingen die geleidelijk verdwenen. Naar zolder, weggestopt. Zoveel mogelijk uit zicht.

Lees het vervolg: Plukjes haar »

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Het laatste zetje – Sientje (66)

Wel moeilijk om uitgerekend als je je hond wilt laten inslapen een andere dierenarts te zoeken. Ze was na de hernia niet meer bij een dierenarts geweest. We hadden na de ruggenprik en de aansluitende pijnstillers gemerkt dat het wel weer ging. Daarom probeerden we het contact met een dierenarts zo lang mogelijk uit te stellen.

Bij het maken van de afspraak legde Inge het al uit aan de telefoon. Dat we het heel vervelend vonden om uitgerekend op dit moment een afspraak met hen te moeten maken. Je komt liever met een blije puppy binnen dan met een oud bessie die alleen nog een zetje hoeft te hebben om dood te kunnen gaan. Maar ze maakten geen enkel bezwaar. We konden komen en ze zouden ons helpen. Natuurlijk zou de dierenarts ook nog even kritisch naar Sientje kijken.

Het uiteindelijke moment

Er lagen nog wat dagen tussen dat de afspraak gemaakt werd en het uiteindelijke moment. Ik dacht terug aan hoe mijn vader elk jaar met ons konijntje Snuffie naar de dierenarts ging om hem te laten inslapen. Zo rond de zomervakantie dook de vraag op: het gaat niet meer met snuffie. Mijn vader pakte het konijn, deed het beestje in een boodschappentas en reed naar de dierenarts. Voor vertrek hadden we uitvoerig afscheid genomen. Tranen gehuild. Snuffie was ontzettend lang bij ons. Mijn hele leven al.

Na een uurtje kwam mijn vader weer terug. Snuffie zat nog gewoon in de tas. ‘Hij is nog te goed’, zei hij droogjes. Het diertje verdween weer in de kooi, waar hij weer terughipte naar zijn hoekje. Daar zat hij weer in zijn vertrouwde stand. Een kennis zei eens: ‘Het lijkt wel of hij de hele dag aan het bidden is.’ Misschien bad het dier tot de heer dat het eindelijk eens afgelopen was. We vroegen de buurvrouw of ze om de dag het beestje eten en schoon water wilde geven.

Afscheid nemen

2 jaar later ging mijn vader weer naar de dierenarts. We hadden een aai als afscheid genomen. Mijn handen zaten vol met haren. Het diertje hield geen enkele haar meer vast. Zat de hele dag in zijn hoekje in de kooi. ‘Het lijkt wel of hij om zijn einde bidt’, had een kennis gezegd.

De amechtige houding waarin het beestje de hele dag zat, leek dit vermoeden inderdaad te bevestigen. Snuffie ging weer in dezelfde donkere boodschappentas. Bij het wegfietsen maakten we nog grapjes. ‘Tot zo, snuffie.’ Een halfuur later was mijn vader weer terug. De tas was leeg. Ik had het gevoel dat ik niet goed afscheid genomen had.

Dodenrit

‘Misschien vinden ze Sientje nog te goed’, zei ik tegen Inge. Daarbij hield ik de dodenritten van mijn vader met ons konijn in gedachten. Ik hoopte het stiekem, dan kon ze nog eventjes wat langer bij ons blijven. ‘Ik kan het mij niet voorstellen’, zei Inge. Ik vertelde het verhaal van mijn vader en Snuffie. De laatste keer had de dierenarts het beestje uit de tas gehaald.

Het dier was zo licht en zag er meer dood dan levend uit. ‘Hou hem maar hier’, had hij gezegd. Mijn vader had niet eens gezien dat het diertje de injectie kreeg toegediend. ‘Hij wilde er 5 gulden voor hebben.’ Ik had het diertje graag nog in de tuin naast het huis begraven. Op de plek waar we later de duif Koertje zouden begraven en waar een paar jaar later grote graafmachines de grond afgroeven voor de uitbouw die er nu staat.

Hele gezin bij afscheid

Nu reden we met het hele gezin naar de dierenarts. Het afscheid moesten we met zijn allen nemen. Ik was een paar uur eerder van mijn nieuwe werk naar huis gegaan. Ik denk dat we de hond straks een spuitje moeten geven, had ik gezegd. ‘Maar je weet het nooit wat zo’n dierenarts ervan vindt.’

De hond uit mijn jeugd, Blekkie hadden mijn ouders ook laten inslapen. Ik kon er niet bij zijn. Het moest hals over kop. Ik woonde niet meer thuis. Ik studeerde in Leiden. Ze probeerden me nog te bellen, maar ik was de hele dag aan de studie geweeest in de bibliotheek en ’s avonds bij vrienden.

Toen ik ’s avonds laat thuiskwam en het bericht hoorde, moest ik huilen. Al wist ik heus wel dat het einde eraan zat te komen. Die zomer was ik speciaal op de hond wezen oppassen met mijn vriendinnetje. Blekkie kon amper lopen. Na een paar stappen zakte hij in elkaar. De poging om zijn pootje te lichten als hij ging plassen, was het meest schrijnend. Soms viel hij al plassend om omdat hij zijn evenwicht niet meer kon houden.

Ik had er best lang mee rondgelopen dat ik geen afscheid had kunnen nemen. Daarom vond ik dat we nu samen afscheid moesten nemen. Geen uitzonderingen. Ook Doris mocht mee bij de afspraak met de dierenarts. Hoe klein ze ook was, ze wilde er met haar neus bovenop. Het was ook haar hondje.

Lees het vervolg: Afscheid nemen »

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief