Tagarchief: school

Nationaal Onderwijsmuseum – Dagje Dordrecht (1)

Een dagje in de herfstvakantie vrijgenomen. Bij het vragen waar we naar toe zouden ga, laat ik kiezen uit Delft of Dordrecht. Zonder twijfel appt Doris het antwoord terug: Dordrecht.

Wat moet je dan gaan doen daar? Ik heb het Dordrechts Museum op mijn lijstje staan. Net als Statenzaal in De Hof, in deze ruimte heeft de eerste vergadering van de Nederlandse Republiek plaatsgevonden in 1572. De plek waar Nederland is ontstaan.

We zijn in allebei niet geweest. Wel naar het Nationaal Onderwijsmuseum. Het zit in een statig pand uit 1939 van Sybold van Ravesteyn en is zandkleurig. Herkenbare architectuur, die vooral na de oorlog een grote bloei kende. Het staat evenwijdig aan de spoorbaan en ik herken het gebouw omdat het mij vanuit de trein al vaker is opgevallen.

Wat een prachtig pand is dit gebouw met de naam De Holland. Het is terecht een echt monument. De architect heeft ook veel stations ontworpen, waaronder het vorige Centraal Station in Rotterdam, maar ook de stations in ’s Hertogenbosch en Vlissingen. De beeldpartij boven de ingang is heel herkenbaar.

Het Nationaal Onderwijsmuseum laat veel zien: een feest de herkenning zijn de vele lesmethodes en de onderwijsplaten. Het biedt een mooi kijkje in het Nederlands onderwijs, geconcentreerd op het basisonderwijs.

Ook kun je er schrijven met een echte kroontjespen, maar ook de lei en griffel in je hand nemen. Je maakt kennis met de vele schrijfwijzen die er zijn. Met mooi krul of vierkante blokletters. Of het skelet dat er hangt en waarvan uiteraard enkele botten ontbreken.

Het is heerlijk om daar rond te neuzen. Jammergenoeg was de bovenzaal van het gebouw gesloten vanwege een vergadering. Ik had er graag even geneusd. Het is een opvallend element aan dit monumentale pand van Van Ravesteyn.

Ben jij anders gaan lezen door school? – #50books vraag 45

img_20161106_083730.jpgOp Twitter zag ik een interessante discussie over het literatuuronderwijs op school. De ontlezing is namelijk op zijn retour. Jongeren durven weer een boek te pakken en te gaan lezen. Hierbij grijpen ze ook terug op het papieren boek. Even geen mobieltje, even geen internet, maar gewoon met een boek op schoot.

Ik ben gek op lezen en verslond toen ik jong was al veel boeken. Ik las De schippers van de Kameleon, de spannende scheepsverhalen van K. Norel en Snuf de hond van Kees Prins. Op de Middelbare school maakte ik kennis met de geschiedenisboeken van Thea Beckman. Enthousiast geworden door een fragment van Kruistocht in spijkerbroek bij Nederlands.

De liefde voor literatuur kwam pas na de Mavo op de MTS. Ik ontdekte de boeken van Maarten ’t Hart en via hem rolde ik de Nederlandse literatuur in. Pas toen ik stopte met de MTS en versneld Havo en VWO ging doen, volgden andere boeken van ondermeer Harry Mulisch en ook Jan Wolkers.

Daarom loopt mijn liefde voor het lezen hand in hand met de opleidingen die ik deed. Maar geldt dat voor iedereen?

Daarom de boekenvraag voor deze week:
Ben jij anders gaan lezen door school?

Ben je juist meer gaan lezen door je opleiding en je docenten? Of werkte het literatuuronderwijs juist demotiverend voor je?

Ik ben heel benieuwd naar de antwoorden.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Gewiekst – #WOT

image

‘Meester Hendrik-Jan kunt u mij tillen?’ Ze vraagt het met een heel lief stemmetje, een beetje zachtjes, vleiend. Ik til haar in de auto en maak haar gelijk vast in het stoeltje, want dat kan ze nog niet. Ze is ook net vier.

Elke ochtend rijd ik als vrijwilliger de kinderen van de buitenschoolse opvang waar Inge werkt, naar school. In oktober genoot ik onderweg van de gouden zonnestralen in de vroege ochtend. Nu zwiepen mijn ruitenwissers in de dichte motregen. Het levert wel weer gedichten op.

Een tijdje terug vertelde ik dat het meisje van vier moeite heeft met instappen in de auto. ‘O, maar bij mij stapt ze gewoon in’, zei Inge. ‘Maar bij jou is de instap lager.’ ‘Nee hoor, ook in de auto waarin jij rijdt, stapt ze zelf in.’ Ik voelde mij een beetje voor de gek gehouden. Zeker ook toen ik hoorde dat het vastmaken van de gordel evenmin een probleem was.

De ochtend erop stond ze weer bij de open autodeur te wachten opgetild te worden. ‘Maar ik hoorde dat je dat zelf kunt’, zei ik in een poging haar te leren het zelf te doen. ‘Maar bij u niet’, gaf ze als antwoord en bleef net zo lang wachten tot ik haar erin had getild.

Een jongedame die het goed voor elkaar heeft. Zij behoort tot die groep mensen waarin je al de toekomstige manager in ziet opstaan. Of het meisje dat met gemak een jongen om haar vinger windt. Hij doet alles voor haar. Zo’n galante jongen, attent en actief om het haar zo goed mogelijk naar de zin te maken.

Het lijkt haar al aardig te lukken, gewiekst als ze is.

Voorlezen en opvoeden – #WOT

doris-leest-voor-op-voorleeswedstrijd-schoolVoorlezen hoort bij de opvoeding. Ik lees Doris al voor toen ze nauwelijks een boek kon vasthouden. Nu leest ze zelf, maar ik lees nog elke avond een verhaal voor. Deze weken lees ik de belevenissen van Meester Jaap voor in zijn klas.

Voorleeswedstrijd

In de klas won ze deze week samen met een klasgenote de voorleeswedstrijd. Vanmiddag mocht ze de strijd aangaan met de kinderen uit de andere groepen 5 en 6 van de school. De kinderboekenweek kreeg zo een extra dimensie voor haar en haar klasgenootjes.

Ik mocht erbij zijn. Doris las haar verhaal voor. ‘Meester Jaap eet een plant’ van Jacques Vriens. Een leuk verhaal over Johan die de verleden tijd niet snapt. Aan de hand van een toneelstukje maakt hij kennis met het verschil tussen de tegenwoordige en verleden tijd.

Flink geoefend

Ze had flink geoefend de afgelopen weken. Vanmiddag las ze het erg mooi voor, zonder fouten, met mooie accenten. En in een goed rustig tempo. Ik voelde mij ontzettend trots en filmde het optreden met mijn fototoestel. Het optreden ontroerde mij. Ik kon mijn tranen nauwelijks bedwingen.

Voor mij was ze de prijswinnaar. Natuurlijk ben je als ouder bevooroordeeld. Ik hoorde de anderen en vond hen beduidend minder goed. De jury van vier kinderen en de conciƫrge waren een andere mening toebedeeld.

Dat kon mij en Doris niet meer het bijzondere optreden afnemen. ‘Volgend jaar ga ik het weer proberen’, zei ze terwijl ze op het bankje zat.

De laatste avond

image

Daar is hij dan de laatste avond van de avondvierdaagse. We hebben over het weer niet te klagen gehad, maar toch ben ik blij dat het de laatste etappe is. Vier avonden op rij, vroeg eten, haasten om op het sportveld te komen. Dan die vijf kilometer in een rij slenteren en tenslotte halfgaar op de bank storten Niet zozeer van de inspanning als vanwege al het gedoe er omheen.

image

Het hoort natuurlijk bij de opvoeding. En we maken er onderweg het beste van. Gillende kinderen onder de bruggen. Heen en weer rennen, het taluud nemen en hollen door het hoge gras. Ze vindt het heerlijk, rent en gilt uitgelaten met de anderen mee. En geniet.

image

Onderwijl klets ik met leerkrachten en ouders van schoolgenootjes. In vier avonden tijd leer je de school kennen en weet je wat de vaders en moeders van haar klasgenootjes doen. Elke avond gaat het gesprek verder.

image

Maar als dan daar die laatste kilometer begint, ben ik blij dat het einde in zicht komt. Gewoon lekker ’s avonds op de bank ploffen en met een goed boek op schoot genieten. Het vooruitzicht dat het straks zover is, maakt me al vrolijk. Nog even…

Waar komt de Avondvierdaagse vandaan?

image

Waar komt die avondvierdaagse nou eigenlijk vandaan? Een collega-vader vroeg het aan mij bij het wandelen. Geen idee. Het schoolhoofd wist het ook niet. Hij herinnerde zich niet of hij hem ooit gelopen had, maar sinds hij in het onderwijs zit, liep hij de avondvierdaagse. Volgens mij is het een traditie die wel tot de oorlog teruggaat, zei ik. Dat zoeken we op, beloofde ik.

Ik dacht aan de vele optochten die er zijn. Met als hoogtepunt de feestelijke laatste avond. In Veenendaal werden we de laatste kilometer vergezeld door de fanfare. In Almere gebeurde dat vorig jaar omdat het een jubileumjaar was. De intocht is toen ook verplaatst naar de Esplanade. Het regende pijpenstelen, waardoor het uiteindelijke hoogtepunt voor de schouwburg een beetje in het water viel.

Ik dacht aan de eeuwwisseling. We zijn het maar gaan opzoeken. Wikipedia biedt uitkomst. De wandelmars bestaat als sinds 1909. In 1940 werd het voor het eerst vier opeenvolgende avonden gehouden. Het groeide snel uit tot een fenomeen. Niet eens zozeer bedoeld als protest, maar de Duitse bezetter zag het wel zo en verbood de optochten. Na de oorlog zijn de wandelmarsen weer in ere hersteld. En zoals dat snel gaat bij het gewoontedier mens, het werd een jaarlijks evenement.

Vooral voor kinderen is het een fenomeen. Ze beginnen er steeds jonger aan. De kleuters lopen al enthousiast mee. Daar is de afstand wel voor aangepast en veranderd in 5 kilometer per avond, in plaats van de gebruikelijke 10 kilometer. Zodoende is de 5 kilometer in Almere uitgegroeid tot de populairste afstand. En daar hebben veel ouders al moeite genoeg meer.

Naast de avondvierdaagse heeft Nederland ook een aantal andere vierdaagsen. De wandelvierdaagse in Nijmegen is de bekendste en populairste. Het evenement trekt veel bezoekers. Daar zijn de afstanden iets ruiger en daarmee de ontberingen wat groter. Het lopen in een lange stoet achter elkaar associeer ik wat minder met wandelen, maar meer met een mars. De reactie van de Duitsers is wel begrijpelijk.

Ik ben er niet bekend mee in hoeverre de vierdaagse ook in het buitenland wordt gelopen. Misschien hebben we wel een oer-Hollands fenomeen te pakken. Maar dat is een vraag voor een andere avond of misschien wel een volgend jaar.