Tagarchief: orgelconcert

Jazz en pop op orgel

image
Bert van den Brink bespeelt het Verschueren-orgel in het Orgelpark te Amsterdam

Bert van den Brink is al jaren het bewijs hoe mooi jazz en popmuziek op orgel kunnen klinken. Gisteren presenteerde hij zijn eerste orgel-cd in het Orgelpark. Zijn concerten zijn een jaarlijkse traditie in het Orgelpark. Dit jaar kreeg de traditie een bekroning met de uitgave van een cd. Bij het presentatieconcert liet de jazz-pianist publiek enkele stukken van de cd horen.

Reach out
De opening: Reach out van The Four Tops. Een indrukwekkend muziekstuk waarmee hij zijn cd ook begint. Het spreekt misschien voor zich, maar ik liet mij verrassen door de ongebruikelijke ritmes en ongebruikelijke akkoorden. Zeker, het orgel leent zich ook heel goed voor de lichte muziek. Dat bewees deze entrada wel.

Tussen de muziekstukken door lichtte Bert van den Brink de muziek toe. Tegelijk gaf hij een inkijkje in de keuzes die hij maakte voor zijn cd. Alle nummers van de cd zijn opgenomen op het Verschueren-orgel. ‘Bij mijn concerten hier bespeelde ik alle orgels die hier staan. Wat me daarbij opviel, was dat ik daardoor nauwelijks toekwam om het instrument echt te ontdekken.’

Vox Celeste
Het Verschueren-orgel leent zich volgens Bert van den Brink uitstekend voor zijn muziek. ‘Het is het grootste orgel van het park en het is helemaal mechanisch. Je moet ervoor werken en daar houd ik van.’ Hij is gek op de Frans-symfonische bouw van het instrument. Met name de Vox Celeste is erg geliefd bij hem. ‘Ik kreeg de kans om twee hele dagen hier te spelen en dan ontdek je zo’n instrument.’ Hij speelde wat op de Vox Celeste. ‘En dan is er zo een uur voorbij.’

De mogelijkheden die de Vox Celeste biedt, demonstreerde hij daarna in de bewerking van het Ierse anonieme lied Shenandoah. Een liefdeslied. Het klonk adembenemend. In de vertolking van Bert van den Brink kreeg dit lied  rust en een bijna profane karakter. De combinatie van de Vox Celeste als begeleiding en de fluiten als uitkomende stem maakten het tot de sensatie die bij dit Ierse lied hoort.

image
Het Mustel-harmonium beneden in de Orgelzaal op het podium.

Harmonium
Op de cd heeft Bert van den Brink één nummer op een ander instrument gespeeld. Op het Mustel-harmonium speelt hij Body and Soul van Johnny Green. Hij speelt het jazz-nummer op de célesta. De combinatie van het klokkenspel met de ‘vox celeste’ van het harmonium maken het tot een ingetogen stuk. Dat demonstreerde de jazz-muzikant gisteren overtuigend in het Orgelpark.

Bij de wandelingen naar en van het podium beneden liet hij zich begeleiden door ‘pauzemuziek’. Op het Sauerorgel had hij enkele improvisaties eerder ingespeeld die het publiek te horen kreeg als hij naar het podium liep. En later ook toen hij terugkeerde naar het grote orgel om Yesterdays van Jerome Kern te laten horen. Gevolgd door de Blues die hij door het Orgelpark blies.

Queen
De afsluiting was het meest verrassende en ik denk stiekem ook het hoogtepunt van de avond: de uitvoering van Bohemian Rhapsody van Queen. Een verzoek van zijn vrouw en twee kinderen. ‘Maar het kan niet’, had hij verzucht. ‘Probeer maar eens.’ En die poging werd rijkelijk beloond. Want wat klonk het overtuigend.

De uitdaging bij de uitvoering van dergelijke muziek is een zorgvuldige analyse van het origineel. Je kunt onmogelijk alles laten horen. Een uitvoering op orgel vraagt om keuzes. Die keuzes maakt Bert van den Brink. Hij laat dingen weg en legt op andere aspecten accenten. De registratie vormt hier een wezenlijk element bij. Het levert een interpretatie van een poplied op, dat net zo overtuigend klinkt als een klassieke compositie of als het origineel.

image
Bert van den Brink wordt gefilmd voor een videoreportage.

Hij is een overtuigende muzikant. De muziek die hij speelt, overtuigt mij ervan dat elke organist een tijdje bij een jazz-muzikant in de leer zou moeten gaan. Of moet meespelen in een popbandje. Het zou helpen bij het improviseren en spelen van klassieke composities. Het zou hem nog beter leren muziek te maken.

Update
De cd die ik aanschafte, deed het helaas niet. Gelukkig kreeg ik vandaag bericht: er is iets misgegaan met de persing. Volgende week krijg ik de nieuwe toegestuurd. Ik zie er erg naar uit. Ook omdat ik heel graag de muziek die ik zaterdag hoorde nog een keer wil horen.

Lijdensweg op cassettebandjes

lijdensweg op cassettebandjes

Ik weet zeker dat het ergens op een cassettebandje moet staan: de koralen bij de 7 kruiswoorden van Charles Tournemire. In een uitvoering van een onbekende organist, omlijst met de bijbelfragmenten uitgesproken door een even onbekende Amerikaanse kunstenaar.

Het is de registratie van een concert opgenomen in de Sint Servaes Basiliek van Maastricht, begin jaren 1990. Het orgel is enige jaren tevoren gerestaureerd en de KRO-radio registreert het concert. In de weken voorafgaand aan het concert laat de programmaleider Jos Leusink ander werk van Charles Tournemire horen.

Ik duik in de doos op zolder, boordevol met cassettebandjes. Ik draai bijna geen cassettebandjes. Ze lopen niet stabiel. Het is lastig een nummer nog een keertje te beluisteren en je loopt het risico dat door het afdraaien de kwaliteit van de opname nog verder afneemt.

De luxe cassettespeler heb ik nog wel bewaard, voor het geval dat. De versterker is lang geleden al overleden. Dat was een miskoop. Vrijwel vanaf het begin deed hij het niet. Slechts een kant van de boxen deed het. Daarom leef ik tegenwoordig op een goedkoop apparaatje. Er kunnen bandjes in afgedraaid worden, maar de kwaliteit is ronduit slecht.

De doos zet ik neer, ik speur stapels bandjes af. Maar het juiste bandje vind ik niet. Wel 2 uitvoeringen van Dupres Le Chemin de la Croix, van Ton van Eck – eveneens op het orgel van de Sint Servaes – en van Maurice Pirenne op het orgel van de Sint Jan in Den Bosch.

Teleurgesteld ruim ik de rest weer op. Het is een hele operatie de bandjes op te snorren. Ik verwissel een stapeltje, dat al heel lang op mijn bureau staat. De rest laat ik voor wat het is. Blijkbaar is Tournemire ergens gesneuveld. Ik wil de intrigerende opname weer eens horen, maar het blijft beperkt tot de herinnering.

Amerikanen, boeken en krankzinnigheid

Het twaalfde deel van de encyclopedie ‘Het historische Orgel in Nederland’ is gisteren feestelijk in de Oudenbosche basiliek gepresenteerd. De kerk is een kopie van de Sint Pieter in Rome, maar dan vele malen kleiner.

Het blijft een gigantisch bouwwerk, zeker als je beseft dat Oudenbosch een klein dorpje is. En dan zo’n kerk. De schuldige is een krankzinnige pastoor die zo verliefd was op Rome dat hij dat thuis wilde nabouwen. Dat hij zoveel mensen en vooral zoveel geld heeft weten mee te krijgen in zijn gekte.

De Vlaming Luc Ponet concerteerde. Hij kwam erg professioneel over en speelde fraai repertoire. Het was alleen een beetje kort en onbekend. Dat gaf luister- en concentratieproblemen. Ergens was ik blij het gepeupel weer te verlaten. Wel leuk vond ik om Jeroen en Irma even te ontmoeten en bij te kletsen.

De namiddag maakte erg veel goed. Ik stapte in Rotterdam uit om naar de serie Concerts Populaires te gaan van stadsorganist Geert Bierling. Ik was veel te vroeg en kocht de boekenmarkt leeg met Potgieter en ander onnodige boeken. Het concert was prachtig. Bierling maakte met zijn toehoorders een reis naar Hamburg, zoals Bach die ooit maakte.

Stadsorganist Geert Bierling speelde werken van Buxtehude, Bruhns (iemand met adhd, naar de huidige maatstaven volgens Bierling), Boehm en Reincken (iemand die er vreemde hobby’s op nahield, zo zou hij een hoerentent hebben bezeten). En natuurlijk: Bach.

De slotimprovisatie ‘In stylus bombasticus’ kwam inderdaad wat bombastisch over en vormde een schril contrast met de prachtige poëtisch aandoende improvisatie ‘Herinnering aan Hamburg’. De basiliek van Oudenbosch hangt een beetje tussen deze twee improvisaties in. Bombastisch, maar met poëtische verrassingen erin verwerkt.

Het echte toetje kwam gisteravond thuis. Ik had de cd ‘An American in Paris’ van Geert Bierling gekocht. Hij vertelde erbij dat ik hem voluit moest draaien, hij had registraties gekozen die het Rotterdamse Laurensorgel niet zo sterk verrieden.

Prachtig is de cd. Met werken van Vierne, Widor en Alain. Bierling weet ze heel aardig te presenteren. De echte kracht zit hem in de bewerkingen voor orgel van Gershwins Rhapsody in Blue en Ravels Bolero. De eerste vind ik werkelijk onovertroffen. De Bolero wordt mooi als je een paar keer luistert, al blijf ik vinden dat Bierling het einde niet zo fraai heeft opgelost…