Tagarchief: orgel spelen

De Duif

We lopen langs de grachten en stappen het Begijnhof in. Dan gaan we op het Spui op een bankje in de zon zitten. We genieten van onze broodjes en kijken naar de vele toeristen die voorbij lopen. Hoe een wagentje van de gemeente het plein schoonzuigt. Een grote stofzuiger waar een grote stofwolk vanaf komt als hij over het plein rijdt en tussen de kinderkopjes het vuil wegveegt en opzuigt.

We genieten van de voorjaarszon. Het vriest, maar het is helemaal niet koud om hier te zitten. De zon doet de rest en warmt je heerlijk op. Als we later langs de plek lopen met Vlaamse frites waar we vroeger altijd een zak patat aten aan het einde van een dagje Amsterdam, gaan wij verder naar De Duif.

Langs de Munttoren in de richting van de Prinsengracht waar we moeten zijn. Voorbij de Amstelkerk, helemaal van hout, vanwaar je al heel mooi de imposante gevel van De Duif ziet. Verstopt achter de hoge bomen, maar door de kale wintertooi is het gebouw goed te zien. De kerk zelf is ook indrukwekkend. Hoeveel ruimte er achter zo’n gevel verborgen zit.

We zijn mooi op tijd. Tijd om te acclimatiseren en de ruimte tot je te nemen. Als ik dan aan de beurt ben om te spelen, geniet ik vooral van de subtiele kanten van dit instrument. Het blijft een bijzonder orgel in Amsterdam, met veel Brabantse elementen erin. Dat komt ook door de lange bouwtijd van dit orgel waarbij de mooie dingen met elkaar verenigd zijn.

Ik moet wennen aan het toucher en de positie van het pedaal. Ik probeer er wat voorbereide werken op te spelen en leer dat je ‘Erbarm dich mein’ echt veel losser moet spelen, anders wordt het zo’n brei. Het beste lijkt Brahms uit de verf te komen, samen met die rustieke verfdoos boordevol met een klankpalet in alle soorten en toonaarden. Een instrument om bij weg te dromen, zelfs als je erop speelt. Het halfuur is zo voorbij.

Lees verder: De wallen en Oude kerk »

Orgelspelen in Noordwijk

Afgelopen zondag mocht ik het orgel spelen van de Buurtkerk in Noordwijk. Op zondagmiddag is de kerk in de zomermaanden open voor langslopende toeristen. Ze kunnen even rustig zitten en luisteren naar de muziek. Een momentje mediteren of een kaarsje opsteken.

Ik speelde enkele werken van Sweelinck, Pachelbel en Bach op het orgel van Sanders uit 1951. Het is een mooi instrument. Vooral de fluiten en de Quintadeen klinken heel spannend. Het zou mij niet verbazen als hier nog pijpwerk uit het oorspronkelijke orgel van Van Petegem zit.

Ik mocht 2 uur met muziek vullen en heb alle tijd die ik kreeg, benut. Geen seconde zonder muziek dus. Veel gevarieerde werken waarbij ik klassieke muziek afwisselde met modernere werken van Bert Matter (psalm 23 en psalm 139) en improvisaties. Ik heb echt genoten.

De Roerfluit van het bovenwerk weet heel mooie gevoelens op te roepen. Heel integer. Net als de Quintadeen, met een subtiele klank. Ik ben er gek op en heb hem volgens mij overdadig gebruikt vandaag. De combinatie met de Prestant is wat minder, besef ik achteraf.

Een feest om op dit instrument te mogen spelen. Misschien denk je er niet meteen aan, maar ik heb genoten. Ik hoop dat ik er deze zomer nog een keertje terecht kan.

De mooiste toegift is natuurlijk dat Doris ’s avonds het jeugdjournaal heeft gehaald met haar duik in de zee.

Orgelspelen in de Frauenkirche

Het spel tussen fantasie en werkelijkheid voert Bert Natter prachtig uit in zijn roman Goldberg. Zoals bij zijn speurtocht naar het leven en werk van Goldberg. Hoofdpersoon Bas Lesage of Sebastian Savage zoals hij zich op de cover van zijn boek over Bach noemt, ziet de wereld om zich heen veranderen in de wereld van Goldberg.

Bas Lesage gaat met de systeembeheerder Dieter mee de kerk in omdat er een storing is in het orgel.

Hij mag mee omhoog en ziet de speeltafel. Het instrument is een reconstructie van het Silbermann-orgel dat hier voor het bombardement in de kerk stond. Overigens behelst de reconstructie alleen het uiterlijk, de façade van het instrument. Achter het front huist een modern instrument.

Het resultaat van een strijd tussen 2 kampen, de eerste wilde een nauwgezette reconstructie van het orgel van Silbermann. De tweede wilde achter het historisch ogende front een instrument waarop muziek uit de tijd van ontstaan van de kerk gespeeld kan worden, maar waar ook moderner werk goed op klinkt.

De laatsten hebben gewonnen. Het is een orgel geworden net 4876 pijpen, waarvan de kleinste amper tien centimeter is en de grootste meer dan vijf meter lang. (308)

Buiten is Dieter tegen hem opgefietst en nu maakt Bas van de gelegenheid gebruik om kerk van binnen te zien en het orgel van dichtbij te bekijken. Er is een computerstoring in het orgel die Dieter moet verhelpen. Hij start Windows XP op terwijl Sebastian het orgel van dichtbij gaat bekijken. Even later krijgt hij de vraag of hij een stukje wil spelen, maar hij kan helemaal niet spelen. Het maakt volgens de systeembeheerder Dieter niet zoveel uit wat hij speelt, als hij maar iets speelt.

Mijn vingertoppen liggen al een tijdje op de toetsen en daar gaan ze. Mijn vingers drukken de toetsen in en ik kan er niets aan doen, ik ben niet in staat te begrijpen wat ze beweegt, met een mogelijkheid kan ik ze sturen, of tegenhouden. Kunt u wellicht een stukje spelen? Dat zal Dieter weten, ik zal die hele herbouwde koepel laten instorten onder het geweld van mijn spel. (371/372)

Er gebeurt een wonder. Bas heeft niet in de gaten wat zijn vingers precies doen, maar ze maken een vloeiende beweging. Hij hoort wat zijn handen precies spelen: de Goldberg Variaties. Ze spelen de 26e variatie. Bas voelt hoe Goldberg zich een weg vreet door zijn lichaam.

Als de technicus zijn hoofd weer om de hoek steekt, moet Dieter wel iets over het orgelspel van Bas zeggen. Sebastian hangt voorover gebogen van de pijn in zijn buik.

‘U heeft geen woord te veel gezegd,’ zegt de Duitser vriendelijk, ‘u bent inderdaad een waardeloze organist.’ (373)

Hij gaat naar de wc bij het orgel voor als de organist hoge nood heeft. Als Bas klaar is, is de pijn in zijn buik verdwenen.

De roman Goldberg zit vol met dit soort raadselachtigheden. De verteller wisselt steeds van de fantasie naar de werkelijkheid en terug. Het is een schommelen van het verhaal waarmee hij speelt. De verwarring haalt je soms ook uit balans als lezer. Dan lijk je de weg kwijt te raken. Gelukkig heeft de werkelijkheid dan weer snel genoeg grip op je.

Bert Natter: Goldberg. Amsterdam: Uitgeverij Thomas Rap, 2015. ISBN: 978 94 004 0358 1. 632 pagina’s. Prijs: € 22,90. Bestel

Orgeldag Noord-Nederland 2013

image

Een trip naar Groningen is een dagreis. We vertrekken bijtijds, mijn vader haal ik af van het station en we gaan gelijk door naar de snelweg. We moeten op tijd in Groningen zijn en er zijn meer dan 426 kilometers te bedwingen en in totaal meer dan 5 uur rijden. Tenminste dat voorspelt de routeplanner van Google. Om half 11 is de eerste beurt: het orgel van de katholieke kerk in Kloosterburen.

Kloosterburen
De routebeschrijving van Google brengt ons op tijd in Kloosterburen. Gewoon rijden in de richting van de plaats waar de boten naar Schiermonnikoog vertrekken. De katholieke kerk, een creatie van Cuypers prijkt duidelijk zichtbaar boven het landschap uit. Dat kan niet missen.

image
Mijn vader bespeelt het Adema-orgel in Kloosterburen

Vlakbij de kerk een antiquariaat. Ik kan mij nog net bedwingen, al is het erg zwaar bij het zien van zo’n bord met de tekst ‘boeken te koop’. Als ik de auto uitstap, hoor ik het orgel al klinken. Het orgel staat in de toren en is daardoor heel goed buiten vanaf de straat te horen.

Halfuurtje per orgel
We hebben afgesproken dat we het halfuurtje per orgel delen in een kwartiertje per persoon. Al betalen we wel voor twee personen, maar dat heb ik nog met iemand van de organiserende Stichting Hinszorgel Leens geregeld. Het is krap, maar lang genoeg het orgel vluchtig te leren kennen.

Ik heb een muziekstuk van Jehan Alain ingestudeerd Choral Dorien. Het klinkt mooi, al is het lastig te registeren. Ik bedenk snel welke combinaties in mijn ogen het beste klinken. Het orgel van Adema is vorig jaar gerestaureerd. Als afsluiter speel ik een improvisatie op Victimae Pascali Laudes.

De Rank Zuidhorn
De tijd is krap, we moeten weer snel verder in de richting van de Gereformeerd Vrijgemaakte kerk De Rank in Zuidhorn. Daar staat een prachtig Van Vulpen-orgel. Het telt 25 stemmen.

image
Orgel in De Rank te Zuidhorn

Ik ken het instrument van de cd die Jan Jongepier maakte, kort na de oplevering van het instrument in 1991. Ik heb de laatste week veel geluisterd naar deze cd als voorbereiding. Daar was het nog gestemd in de gemodificeerde variant van de 1/5-komma middentoonstemming.

Milder gestemd
Het is nu iets milder gestemd in de zogeheten Young-stemming. Iets minder sprekend en spannend, maar er is een veel breder palet aan muziekstijlen op te spelen.

Als mijn vader klaar is met spelen, leg ik een partita van Albert de Klerk op de lessenaar. Zingt nu de Heer! Hij zag ons aan, twee intonaties en twee variaties met een harmonisatie van lied 220 uit het liedboek. Het klinkt verrassend goed, ook al grenzen de variaties aan de stemming van het instrument.

image
Mijn vader achter de klavieren van het Van Vulpen-orgel in Zuidhorn

Verbazing over de grootte van het instrument. Wat een groot orgel staat hier op een kleine orgelgallerij gepropt. Het past allemaal maar net. Het gangetje achter dat toegang biedt tot het orgel, is berekend op slanke organisten. Het is dringen, maar dat maakt het extra spannend. Zeker ook omdat het een erg mooi instrument is.

In de improvisatie die ik zo uit de losse pols speel, ontdek ik de kracht en kleur van het instrument. Wat een orgel. Een feest om op spelen en naar te luisteren.

Hervormde kerk Zuidhorn
Nog snel een kopje koffie en gesprekje met de beheerder van de kerk. We moeten weer verder. De volgende kerk is de hervormde kerk van Zuidhorn. Hier staat een orgel van Freytag en Snitger jr. uit 1793. Het instrument is vorig jaar gerestaureerd nadat het in 1924 genadeloos was toegetakeld door een zogenaamde opknapbeurt.

De smalle toetsen neem je snel voor lief, al struikel ik er aardig over in het Ricercar in fis van Johann Pachelbel. Maar het instrument grijpt je beet. Wat een klank en helderheid. Dat het allemaal op een klavier moet gebeuren biedt eerder mogelijkheden dan grenzen. De rijke dispositie maakt dat ook mogelijk.

image
Freytag-Snitger-orgel in de dorpskerk van Zuidhorn

Ik speel als afsluiting een improvisatie op psalm 119. Het instrument bezit twee vier-voets-fluiten, een Speelfluit en een Gedektfluit. Het zijn allebei mooie registers met een heel eigen klankrijkdom. Het inspireert ongelooflijk om op dit instrument te spelen. Net als de bijzondere stemming waarin dit dorpsorgel is gestemd.

Uithuizermeeden
Weer weinig tijd, snel een broodje in de auto en door naar de volgende locatie. Dan gaat het fout, bij Groningen missen we een afslag. De routebeschrijving en de kaart besparen ons deze misstap niet. We verdwalen en komen bijna 20 minuten nadat de speeltijd begonnen is aan bij de gereformeerde kerk vrijgemaakt in Uithuizermeeden.

Net nog tijd om de variatie met koraal over psalm 139 van Bert Matter spelen. Het orgel van Menze Ruiter moet in dezelfde stemming staan als De Rank in Zuidhorn, maar hij klinkt hier beduidend spannender. Ik hanteer het registervoorschrift en het klinkt prachtig. De uitkomende tenor in het afsluitende koraal waarbij ik de dulciaan van het rugwerk gebruik, klinkt heel mooi.

Mariakerk Uithuizermeeden
Balen dat het zo kort kon, maar we moeten weer door. In de hervormde Mariakerk van Uithuizermeeden zijn we gelijk bij binnenkomst aan de beurt. Hier bouwde Hinsz zijn laatste orgel in 1785. Een imposant dorpsorgel dat liefst 28 stemmen telt. Het overzicht bij de klaviatuur is best lastig om in enkele minuten te doorgronden. Ik speel een voorspel met koraal op psalm 98 van Bert Matter en besluit met een grote improvisatie over psalm 103.

image
Het Hinszorgel in Uithuizermeeden

Wat een kracht zit er in dit orgel zeg. We blazen de kerk uit. Het instrument van Hinsz is in 1970 door Van Vulpen gerestaureerd. Komend jaar wordt het aan een nieuwe opknapbeurt onderworpen. Zo zal de windvoorziening worden verplaatst van de toren naar een vliering naast de toren. En natuurlijk zal het hele instrument doorlopen worden.

Steendam
Als klapstuk brengen we nog een bezoek aan orgelbouwer Sicco Steendam in Roodeschool. Voorbij het meest noordelijke treinstation van Nederland kijken we in de werkplaats van deze bijzondere orgelbouwer. Er staan leuke instrumenten opgesteld, ondermeer twee eenklaviers orgels uit de neobarok-periode (Pels en Van den Berg & Wendt). Het is lastig te beoordelen hoe de instrumenten klinken in een kerk.

image
Het houtsnijwerk van de preekstoel in Uithuizermeeden

Ik merk dat het vele autorijden ook zijn tol aan de oplettendheid begint te eisen. Er zitten bijna 400 kilometers rijden op. We gaan naar huis en onderweg eten we bij het wegrestaurant In de Klaver in Niebert.

Het lichaam weer verkwikt rijden we de laatste kilometers naar huis, waar ik mijn vader weer op de trein zet. Hij heeft nog een uur reizen tegoed voor hij thuis is. Ik merk dat de kilometers mijn lijf stijf hebben gemaakt. Maar een mooie dag met veel indrukken zit erop.

image
Gronings landschap gezien vanuit de werkplaats van Steendam in Roodeschool