Tagarchief: oosterwold

Tuin in bloei – Tiny House Farm

Elk jaar weer een feest als de eerste bloei begint. De sleedoorn is van de inheemse struiken het eerst. Je weet dan meteen dat alle Japanse kersenbomen in bloei staan.

De pruimenboom in bloei

Kleurrijke bloesemroute

Voor mij elke keer de reden om weer richting de kleurrijke Regenboogbuurt in Almere Buiten te gaan, met als toetje de kersenbloesem in Muziekwijk die zo mooi roze is.

Mooie aan elkaar geregen kersenbloesem

Wat mooie is, dat de bloesems elkaar afwisselen. Na de sleedoorn is in de natuur de kers aan de beurt. In de tuin bloeit de kers ook, maar daarnaast ook de pruim en de peer. De appel sluit het af in de tuin en ook in de natuur. En vergeet de mispel niet. Al doet die in onze tuin nog niet zoveel. Helaas.

Alle kleuren en geuren in de tuin

Zo geniet je eigenlijk de hele periode van maart tot en met mei van alle kleuren en geuren bloesems in de tuin. Het geeft het voorjaar een heel mooie glans. Ik geniet ontzettend van al deze schoonheid.

Wat het genot extra versterkt zijn alle bijen en hommels die je tuin verrijken. Als je denkt dat alle bloemen door bijen uit nestkasten worden bevrucht, dan heb je het goed mis. Ik vermoed zelfs dat bijna alle bloemen bevrucht worden door wilde bijen en hommels.

In de bloem zit een heel klein bijtje verstopt.

Beetje bijtje

En dat is zo mooi om te zien. Ik betrapte laatst een heel klein bijtje in de ontluikende kersenbloesem. Hij zat helemaal opgekruld in de nog vrijwel gesloten bloem. Dat is echt een belevenis. Hoe zo’n klein diertje meehelpt om straks te genieten van de kersen aan de boom.

Dat geeft het voorjaar nog meer schoonheid en vooral fleur.

Aardbeien – Tiny House Farm

De droom voor onze tuin is een eenvoudige tuin waar je vooral veel bessen en vruchten vindt. Een enkele verdwaalde notenboom (hazelaar en walnoot) en verder veel vriendelijke planten voor vogels, bijen en kleine zoogdieren als de egel en de wezel.

aardbeienplantje
Aardbeienplantje op een nieuw plekje midden in de klei.

Daarom ben ik afgelopen weken druk in de weer geweest met het klaarmaken van de bedden met aardbeien. Ze staan her en der door de tuin. Zo na de winter zagen bepaalde delen er een beetje mistroostig uit door de vele planten die er tussen groeide.

Bedden aardbeien

Ook heb ik de bedden met aardbeien op het heuveltje naast het huis een stukje verplaatst. Ze leken op het oude plekje een beetje te droog te staan. Nu staan ze iets lager en wat natter. Hopelijk is het er warm genoeg. Al leert de ervaring dat deze kant van het huis lekker warm kan worden.

In de wastobbe op de vlonder voor het huis heb ik ook aardbeienplantjes geplant

De eerste warme dagen zijn heerlijk. Dan word ik helemaal vrolijk van de warme zon, het vele licht. We letten ook meteen op dat het in huis niet te warm wordt. De buitenmuur voelt best warm aan als de voorjaarszon er goed op schijnt. Ik krijg al meteen ideeën om wat bijzondere planten aan deze kant van het huis een kans te geven.

Gemiste artisjok

De door de vorst gedode artisjok mis ik wel. Er is niks aan te doen. Die oostenwind gaf de genadeklap. Nu heb ik een nakomeling op het plekje geplant. Hij is vanaf het najaar in huis gegroeid en heeft een plekje gekregen bij de dikke stam. Wie weet, volgt deze nakomeling zijn voorouder in grootte en in bloemenpracht.

Nakomeling van de gemiste artisjok. Dat ziet er veelbelovend uit.

Van de aardbeienplanten die er over waren, heb ik er ook een paar op de regenton gezet. Het kan hier best warm worden en dat is voor het rijpen van de aardbeien natuurlijk geweldig. Zo hoop ik dat we komend jaar een grote eigen oogst kunnen maken.

Aardbeienplanten op de regenton.

Verwaaide kas – Tiny House Farm

De grootste vijand in onze tuin is de wind. Het waait hier altijd. Zelfs als het niet waait. Zeker als het weer omslaat, dan slaat hier voor de wind toe. Je ontkomt er niet aan in de polder. Het hoort bij Almere, maar blijft soms ongemakkelijk.

De kas voor de genadeklap

De microklimaatjes verschillen hier sterk van elkaar. Zo hebben de buren die wat meer in de beschutting wonen van het helofytenfilter en het gebouw, maar ook van de omliggende huizen.

Ontbrekende stippen

Bij ons staan nog niet alle huizen. Sterker nog: er moeten zelfs nog een paar stippen worden gezet. Daarom zal het voorlopig ook zo blijven.

Wind en heel veel sneeuw bedreigen de kas

De tol die je moet betalen voor al die wind is best hoog. Zo groeien veel planten langzamer of niet. Daarnaast droogt het land ook sneller uit door de wind. Zeker als het langdurig niet regent, dan is de grond eerder uitgedroogd. De planten worden er steeds beter bestand tegen, maar het kost veel tijd.

Groene haag

We willen het nu vooral hebben van een groene haag. Die kan veel wind tegenhouden, maar als in de winter de blaadjes van de bomen vallen, houden de bomen en struiken natuurlijk minder tegen.

Vorig weekend sloeg de wind genadeloos toe. Het waaide weer hard. Dit keer uit het Noorden en dat werd ons kasje uiteindelijk teveel. De plastic overkapping begaf het. Gelukkig zagen we het gebeuren. We stormden het huis uit en trokken de overkapping er snel van af. Daarom geen schade aan omringende bomen, struiken en andere planten.

Winterse bui

Maar de planten die in ons kas stonden hadden geen bescherming meer tegen al die winterse buien. Jammer, maar er zat niks anders op dan een deel van de bietjes, opkomende sla en bonen even asiel in huis te geven.

Het weer afgelopen weekend was nog niet van dien aard om aan het restauratieproject te beginnen. De wind blijft onze grootste vijand. Het vraagt veel geduld en doorzettingsvermogen om het vol te houden. Maar we houden ons vol. We laten ons niet zomaar verslaan door een beetje wind.

Plastic hoes om verwaaide kas

Daarom heb ik zondag bij de eerste windstilte het plastic hoes uit de schuur gehaald. Een flinke slag om het groene plastic weer om het frame te krijgen. Het is aardig toegetakeld met de harde noordenwind. Het is overal stukgeslagen. Daarom zit het nu vooral vast met stenen.

Alles weer terug, maar voor hoe lang?

Als het hard waait, zwiept het een stukje omhoog. De gerepareerde ingang is kapot, maar ik wil nog kijken hoe lang dit het allemaal houdt. Wie weet halen we de nazomer nog en kunnen we in het najaar een kasje gaan opbouwen.

Zoek de rabarber – Tiny House Farm

Sommige planten zitten verstopt in de bodem. Na de winter komen ze al dan niet tevoorschijn. Het is altijd weer spannend waar ze precies zitten. Rabarber is zo’n voorbeeld.

Het lukt nog niet zo goed om rabarber goed op te laten komen. Vooral de hete zomers houden ze erg klein. De harde zeeklei doet de rest. We vertroetelen ze dit jaar wat meer dan eerst, met onder andere koffieprut.

Rabarber extra verwennen

Volgend jaar zullen we ze ook wat extra verwennen met compost. Op sommige plekken zijn ze afgelopen jaar niet zo goed meer opgekomen. Daarom is het extra spannend wat er nu in de grond in zit.

Niet overal komen ze nu op. Maar het kan ook zijn dat er wat tussen zitten die later zijn. De kou van de laatste dagen helpt natuurlijk ook niet mee. De grote bladeren verschrompelen meteen bij het voelen van zoveel de noordenwind meegebracht hagel en natte sneeuw.

Opdoemende rabarber

Toch doemt er soms ineens eentje op. Een tijdlang hielden we de rabarber die het laatste gepland is, goed in de gaten. Maar ik was er niet zo zeker van of het plekje waar ik de koffieprut had neergelegd, wel de juiste was.

Tot er ineens een vreugdekreet in mij loskomt. Daar zie ik toch duidelijk het begin van de rabarber. De bladeren nog mooi in een knop, die later als een ontward zakdoekje vol met vouwen, opent. Wat een blijdschap voor zo’n klein plantje.

Eerste rabarberoogst?

De rabarber die bij de wilgen groeit, lijkt het nu het beste te doen. De stengels intens rood en de bladeren steeds groter. Zou het dan komend voorjaar zover komen: de eerste rabarber uit de tuin op het bord?

En beloofd: ik zal ze wat meer gaan vertroetelen en minder aan hun lot overlaten. Dus flink wat compost erbij en als het langere tijd droog is wat extra water. Zo kunnen ze uitgroeien tot planten waar we elk jaar van kunnen oogsten.

En extra troeteltips zijn altijd welkom.

In de put, uit de put – Tiny House Farm

Hét kenmerk van Oosterwold: je moet voor je eigen riolering zorgen. Daarvoor hebben wij bij ons huisje onze eigen put. Het heet een septic tank. Hierin stroomt het vieze water om daarna via de rioolbuizen naar het gezamenlijk helofytenfilter te gaan.

Bij ons groeien daar wilgen. Afgelopen winter hebben we met z’n allen deze wilgen gesnoeid. Als het water door het helofytenfilter gegaan is en daarmee gezuiverd, belandt het uiteindelijk in de gezamenlijke wateropvang.

De septic tank zit vol. Het vuil drijft en wordt opgezogen door de blauwe slang

Ieder huis eigen put

Voor de putten bij de huizen, zijn we zelf verantwoordelijk. Het is een septic tank van 4 m3 en een paar weken geleden heeft Wetlantec in onze put gekeken. Ze waarschuwden dat we hem snel moesten legen. Een gezin van 3 min of meer volwassenen, samen met een jaar thuiswerken door corona. Dat is waarschijnlijk de oorzaak dat de put nu al vol zit.

Daarom zijn we snel op zoek gegaan naar iemand die de put wil legen. We kregen via Wetlantec de naam Olthuis Recycling uit Dronten door. De septic tank mag namelijk absoluut niet helemaal leeggehaald worden. Het is bij ons ook geen bezinksel dat erin zit; het ‘bezinksel’ drijft bovenop.

Het legen van de put

Werking septic tank

De werking van de septic tank is dat de eerste zuivering van het water hier al gebeurt. Er zitten allerlei bacteriën in het water dat het afvalwater in de septic tank al zuivert en ervoor zorgt dat de ‘grote delen’ niet in het helofytenfilter belanden.

Alle huishoudens van de Tiny House Farm hebben de kleinste maat put, 4 m3. Het is verschillend hoe lang je ermee doet. Heb je een 1-persoonshuishouden dan zal het langer duren. Een bewoner op ons hofje heeft bijvoorbeeld een composttoilet. Die gebruikt het riool alleen voor het vuile water uit de douche en van de afwas. Zij zal er misschien wel 10 jaar over doen voordat de put verschoond moet worden.

De vieze septic tank. In tegenstelling tot een beerput, drijft het vuil bovenop.

1 m3 afgevoerde smerigheid

Gelukkig weet Olthuis Recycling er genoeg vanaf. De chauffeur vond het ook heel leuk om langs te komen. Wij en onze nieuwe buren hebben de put geleegd. Goed voor ieder 1 m3 afgevoerde smerigheid.

Wij hebben daar dus ruim 2,5 jaar over gedaan. We waren overigens net op tijd en hadden er niet veel langer mee moeten wachten. Daarom zullen we vanaf nu ook zelf wat vaker kijken of de stront niet te hoog komt.

Vuile water belandt in de tankwagen

Put helft gevuld laten

Het is bij het legen wel heel belangrijk dat de put tot meer dan de helft met water gevuld blijft. De wanden schijnen speciaal gemaakt te zijn om de bacteriën goed te huisvesten. Ook is de stabiliteit afhankelijk van het water. Helemaal leeghalen is niet de bedoeling; de septic tank moet minimaal voor de helft gevuld blijven met water.

Overigens verschilt het verkooppraatje van de werkelijkheid. Bij ons is destijds gezegd dat ongeveer na 5 jaar de put geleegd zou moeten worden. Ze hebben daarbij niet gezegd voor hoeveel mensen dat zou gelden. Ik had om eerlijk te zijn, niet verwacht dat we zo tekeer zouden gaan.

Kijk maar niet naar de vieze smurrie in de put

Schone put

De put is weer schoon. Benieuwd of het over 2,5 jaar weer moet of dat het nu wat langer kan. Voor een jaarbedrag rioolheffing is de put nu geleegd. Natuurlijk komt daar ook nog onderhoud bij voor het hele systeem. Het zag er allemaal prima uit, beweerde de man van Olthuis Recycling. Ik weet niet of hij dat uit beleefdheid zei of echt meende.

Zwarte huizen – Tiny House Farm

Zwart en grijs. Dat zijn de huizen van Oosterwold voornamelijk. De komst van al die zwarte bouwsel verbaast mij steeds weer. Waarom al de donkere bouwsels?

Dan zuigen de zwarte huizen het licht op

Dan lijkt het huis op zo’n houten schuur, zeggen de eigenaars over hun gitzwart geschilderde ‘schuren’. De grijszwarte dakpannen laten ze vaak gelukkig achterwege.

Gitzwarte schuren

Het is vooral een marketingpraatje. Er zijn niet veel gitzwarte schuren te vinden. Ze verwijzen vaak naar de tabakschuren die bijvoorbeeld in en rond Amerongen te vinden zijn.

Sombere, zwarte huizen overheersen

Ik ken ze uit de omgeving uit mijn jeugd. Opgetrokken uit hout weliswaar, maar dan wel midden tussen de hoge groene bomen of in het weiland. De ruimte om zo’n schuur heen is dan een goede compensatie. Er staat vooral veel groen omheen en weinig anders.

Tabaksschuur

Bovendien is het aandeel hout gering bij de Amerongse tabakschuur. De grootste vlakken waartegen je kijkt zijn de rode dakpannen. Ook is het hout niet zo intens zwart. De zon maakt het al snel een stuk lichter en dragelijker. Hier lijkt de zon geen vat te krijgen op de grote zwarte vlakken waartegen je kijkt.

Nog niet overal definitief, maar veel huizen krijgen later een zwarte laklaag

Nu verrijzen deze donkere bouwsel toch wel erg dicht op elkaar. Ze zuigen al het licht in de omgeving op. De aanwezigheid is wel heel sterk. Het zijn er zoveel. Overal zwarte gaten in het uitzicht. Alsof er geen andere kleuren zijn te vinden dan zwart.

Andere reden

Er schuilt volgens mij een heel andere reden voor de voorkeur voor deze donkere kleur. De eigenaars zijn vooral bang om hun paleis in een opvallende kleur te schilderen. Niemand mag weten dat het een paleis is, daarom camoufleren ze dit tot een zwarte schuur.

Ik zie veel zwart, want bijvoorbeeld het blauw wordt ook nog zwart

Een van de eerste dingen die de nieuwe buurman zei bij ons kennismakingspraatje was dat hij de kleur van ons huis zo gaaf vindt. Hij verklapte dat hij zeker zijn huis op een later moment in een mooie opvallende kleur gaat schilderen. We waren meteen heel blij. Al die kleurtjes word ik zo ontzettend blij van.

De Vuursteenhof heeft gelukkig niet alleen zwarte huizen, maar het is wel een kleur die vaak gebruikt is

Er kleeft 1 nadeel aan onze vrolijke kleuren. We hebben er zelf namelijk weinig voordeel van. Al die mensen om ons heen hebben dan vanuit hun donkere ‘schuren’ zicht op 2 vrolijk gekleurde huisjes.

Zij wel…

In de ochtend ziet ons huisje er nog rozer uit!