Tagarchief: ontspullen

Heeft een kleiner huis nadelen? – Tiny House Farm

Wonen in een kleiner huis, heeft dat nadelen? We wonen bijna een jaar in ons kleinere roze huisje in Almere Oosterwold. Hoe bevalt het leven nu alles wat kleiner is? We wonen kleiner en hebben meer tuin om ons heen. Het is niet echt een tiny house, daarvoor is 62 m2 net een beetje te groot. Al leven we hier met ons drietjes en komt het op ruim 20 m2 per persoon.

Jinek besteedt in aandacht aan tiny houses. Het is allemaal niet zo positief als vaak geschetst wordt, beweert zij in 3 dingen die je moet weten voor je naar een tiny house verhuist. Ze citeert onderzoek van de BBC over het leven in een klein huis. Er kleven heel wat nadelen aan, staat daar. Jinek wijst er op 3. Je hebt in een klein huis geen voet aan de grond, stopt het vol met spullen en tiny houses zouden minder duurzaam zijn dan gedacht.

Voet aan de grond

Veel Tiny Houses staan op wielen. Ons huis is stevig gefundeerd op 11 heipalen. Ik kan mij voorstellen dat je in een echt tiny house het gevoel kan hebben, dat je niet met beide benen op de grond staat. Dat je letterlijk niet verankerd bent. De Nederlandse wetgeving staat permanente bewoning van kleine huisjes alleen toe als ze gefundeerd zijn. De meeste tiny houses staan op wielen, moeten daardoor vaak verplaatsen. Dat helpt niet mee om je wat beter verankerd te voelen.

Boekenkasten in de slaapkamer
In onze slaapkamer slapen we tussen de boeken. Heel romantisch!

Minder ruimte, minder spullen?

Het is inderdaad heel moeilijk om je huis niet vol te stouwen met spullen. We merken het zelf ook hoe onze samenleving is ingericht op het kopen van dingen. We proberen al een aantal jaar zo min mogelijk spullen te kopen. Ook druppelen er nog steeds boeken uit via mijn boekwinkeltje, maar het is heel verleidelijk om toch met iets thuis te komen. Streng blijven is dus de regel. En dat is niet makkelijk in een samenleving die promoot om vooral dingen te kopen en wat je niet zint, weg te gooien.

Kleiner huis minder duurzaam?

De keuze van ons houten huis, gebouwd volgens traditionele Zweedse huizenbouw, is vooral gemaakt vanwege de duurzaamheid. We hebben niet het idee in huis te wonen dat extreem slijt. Wel vraagt het materiaal hout om goed onderhoud. Dat betekent eens per 10 jaar een integrale schilderbeurt buitenom. Ook zal ons bitumen dak over een jaar of 25 vervangen moeten worden. Allemaal dingen waar we rekening mee houden. Van de buren krijg ik ook geen signalen over de vermeende gebrekkige duurzaamheid van dit soort huizen. Ik zal het in de gaten houden.

Spullen in ons kleine huisje
Boekenkasten en een harmonium. Ons kleine huisje bevat zeker spullen.

Heeft het echt geen nadelen? Wat mij op de Tiny House Farm wel opvalt, is dat veel bewoners moeite hebben om een klein huis te maken. De grenzen van het maximaal te bouwen oppervlak zoeken de meeste bewoners toch op. Hierbij duiken zelfs varianten op met het vergunningsvrije deel dat je mag gebruiken voor een serre of schuur en dat nu anders gebruikt wordt.

Zo is er bij ons een heel groot huis te vinden dat ver over het 1/8 deel gaat dat je mag bebouwen. Hoe hoog het BVO is, weet ik niet. Maar het grote rechthoekige blok hout dat er staat, dat is zeker niet tiny te noemen. En als er mensen hier komen om de Tiny House Farm te bekijken, moet ik bij dit huis altijd heel wat uitleggen.

Minder klein dan tiny

Ik noem het de natuurlijke neiging van mensen om de grens op te zoeken. Misschien speelt hebzucht ook een rol. Het is net als de neiging om veel spullen in huis te halen. Als je huis dan te vol wordt, moet je het snel opruimen. Iets waarbij je met een kleiner huis sneller aan wordt herinnerd dan wanneer je een gigantisch kasteel hebt. Voor mij heeft het kleiner wonen eigenlijk alleen maar voordelen.

Oosterwold in belangstelling – Tiny House Farm

De aandacht voor ons huisje én Almere Oosterwold blijft mij verbazen. In het weekend rijden de auto’s in colonne achter elkaar aan. Stapvoets, raampjes open en dan maar turen naar alle huizen. We noemen ze de Oosterwold-toerist.

Soms stoppen ze even. Dan stappen ze uit en turen naar een open veld. Ze wijzen. Altijd wijzen ze naar de verte. Van iets dat er nog niet is, maar dat er nog komen gaat. Ze dromen van plannen die zeker nog een paar keer zullen veranderen.

Dagjesmensen

Maar dat zijn de dagjesmensen. De bezoekers die even een ochtendje de auto in stappen en dan rondtoeren. Via mijn blog krijg ik ook allerlei vragen. Soms zijn het studenten die een project doen en dan heel benieuwd zijn naar de experimentele wijk Oosterwold.

Andere keren zijn het verzoeken om mee te werken aan een televisieprogramma of om een rondleiding te geven. Heel leuk allemaal. Zeker ook omdat we heel trots zijn op ons huis en de wijk waarin we wonen. We vertellen graag over ons bijzondere project. Hoe het de grenzen van ons eigen kunnen vroeg, maar ook hoe we het toch hebben weten te redden.

BBC London

Vorige week was een drukke week wat bezoek en Oosterwold betreft. Maandag kwam BBC London langs voor een reportage over Oosterwold. Een mooi interview, maar ook heel pittig met mijn hakkelengels. Ze kwamen met z’n 2-en, cameraman en interviewer. Heel professioneel en vooral ontzettend snel ging het allemaal. Heerlijk op de bank gekletst over ons roze huis.

Vrijdag mocht ik een rondleiding geven voor het bijzondere symposium We make the city, geïnitieerd door de gemeente. Het was een heel divers gezelschap van mensen met interesse voor stedenbouw en architectuur, een verdwaalde Engelse journalist en mensen die binnenkort gaan wonen in Oosterwold. Erg leuk bij dit alles was dat ik de rondleiding mocht doen samen met iemand van het Waterschap Zuiderzeeland. Dat is meteen voor mij ook weer leerzaam.

Oosterwold Ontkiemt

Zaterdag de prachtige markt Oosterwold Ontkiemt. Een mooi initiatief waarbij bewoners en allerlei organisaties zich presenteren aan het publiek. Mensen die willen kennismaken met de wijk, krijgen zo een treffend beeld van het reilen en zeilen in Oosterwold. Als bewoner doe je juist weer heel inspiratie op voor de tuin en hoe je duurzamer kunt leven. En natuurlijk ga je naar huis met een paar plantjes.

Een dag later kregen we bezoek van een oude jeugdvriendin van Inge. Ze werkt momenteel hard aan een boek over duurzaam leven. Het wordt een heel bijzonder boek waarin ons verhaal ook een plekje krijgt. Heel bijzonder om zo met elkaar in gesprek te zijn. Wij stonden daar juist weer stil bij het verhaal hoe we op deze manier van leven zijn gekomen.

Veel kanten

Veel vragen en antwoorden zijn hetzelfde, al merk ik ook dat je zelf steeds een ander accent legt. Het verhaal verschilt daarmee telkens weer een beetje en dat laat zien dat het iets is dat je van veel kanten kunt bekijken. Al die verschillende vormen van tijdschriftartikel, scriptie, televisieprogramma tot een plekje in het groter verhaal van een boek. Het is erg leuk om te zien hoe iedereen naar je huisje kijkt.

En heel vaak maken we dan ook een rondje door de tuin. Veel verbazing en ook verontwaardiging over de hoeveelheid – en soorten – distels die er groeien. Maar ook veel bewondering voor de manier waarop wij met het land omgaan. Ik hoop echt dat onze tuin ook nieuwe bewoners inspireert dat je niet meteen je hele tuin op orde hoeft te hebben, maar gewoon stukje voor stukje kunt opbouwen.

Wat voor een vragen krijgen wij?

Welke vragen stellen journalisten aan ons? Een paar voorbeelden:

  • Waarom een roze huisje?
  • Heb je heel veel weg moeten doen?
  • Wat heb je ingeleverd?
  • Hoeveel heeft het gekost?
  • Is het niet klein met z’n 3-en?
  • Heb je wel tijd voor die gigantische moestuin?
  • Lukt het om duurzaam te leven?
  • Jullie moeten alles samen met de buren doen, krijg je geen ruzie?

Graag wil ik een blogje maken met antwoorden op dit soort vragen. Heb je zelf aanvullingen op deze vragen of een heel andere vraag die wilt stellen. Zet deze onder in de opmerkingen bij deze blog. Wie weet geef ik er wel een antwoord op…

Kapotte boormachine – Tiny House Farm

Een paar weken geleden verkochten we onze boormachine. Hij was te zwaar voor ons en voor ons nieuwe huis wilden we de andere boormachine gebruiken die ook nog hadden. De boormachine – een heuse boorhamer om in het beton te kunnen boren – leverde niet zoveel op, maar we waren hem kwijt.

Een oud mannetje in een scootmobiel kocht hem, mopperend dat het te duur was en twijfelend of hij wel in beton kon boren. Hij zou de resterende 5 euro een week later door de brievenbus doen. Als de uitkering voor de volgende maand binnen was. Maar hij had zoveel te boren dat hij hem nu echt nodig had.

Of hij blij was met het koopje of dat hij echt uit de brand was, was mij niet duidelijk. Ik voelde me – eerlijk gezegd – een beetje door hem besodemieterd. Die 5 euro hebben we nooit meer gezien en dat wisten we eigenlijk toen hij al wegreed.

Dat beeld. Van de boormachine die we hebben weggedaan, kruipt de laatste 2 weken geregeld door mijn hoofd. Zeker de boormachine was veel te zwaar om in ons houten huisje te gebruiken, maar precies met al dit werk heeft de andere boormachine het opgegeven. Hij doet het niet meer, wat we er ook aan doen. Hij heeft de geest gegeven.

Moeten we nu een nieuwe boormachine kopen? Want we moeten toch best veel doen aan werkzaamheden in huis. We hebben hem laatst geleend bij de buurman. En voor dit weekend hebben we hem van andere een buurman iets verderop geleend. We mogen hem even gebruiken van hem. Dat is onwijs tof. Dus voorlopig gaan we het op die manier proberen. We zullen eerst maar eens kijken of we het zo redden. Of dat we echt niet zonder kunnen.

Al blijft dat beeld van die veel te goedkoop verkochte boormachine door mijn hoofd spelen.

Komen tot de kern van je bezit – Tiny House Farm

Alle zeilen zetten we bij voor de overdracht van ons oude huis. Volgende week is het zover, dan zitten we bij de notaris. Maar daarvoor moeten we wel een heel leeg huis opleveren. Het gaat gestaag, het leeghalen van 12 jaar verwoed verzamelen. Ik sta er best versteld van wat wij allemaal in huis hebben gehaald.

2 jaar opruimen

En dan zijn we al meer dan 2 jaar bezig met opruimen. Het begon aarzelend, niet teveel en met veel emotie. Rommelend in stapels papieren, veel inscannen en vast willen houden. Opruimen is eigenlijk afscheid nemen. Soms komen er zelfs herinneringen naar boven waarvan je niet meer wist dat ze er nog waren.

Het huis verkoopklaar maken, was al een hele uitdaging. Maar daar hoefde ik mij alleen te houden aan de capaciteit van de boekenplanken die er hingen. Nu ga ik kleiner wonen, dat betekent dus dat er nog meer boeken wegmoeten.

Schillen van de boekenvrucht

Een moeilijk proces, want hoe meer je schiltvan de boekenvrucht, hoe meer je tot de kern van je boekenbezit komt. De kern van boeken die je het liefst de hele dag bij je zou willen houden. En dat is niet makkelijk. Want welke boeken mag je echt niet missen en welke zijn toch niet zo belangrijk om te bewaren. En bewaar je een boek dat je al gelezen hebt of juist een boek dat je nog moet lezen?

Er is weer een schifting geweest en mijn oude studiemaat komt dit weekend weer een flinke stapel dozen met boeken halen. De rest staat nog in de container naast ons nieuwe huisje. Ik ben al heel ver met de boekenkasten en dan komt het spannendste: voor hoeveel boeken heb ik straks nog een plekje.

Zoveel meer

En dat waren alleen de boeken. Er is nog zoveel meer. Een stapel gezelschapsspelletjes, servies, bestek, pannen, posters, schilderijen, knuffels, voetenbankjes, krukjes en dekentjes. Nooit geweten dat we zoveel dekbedden hebben. En hout. Wat veel hout hebben wij! Plankjes, panelen en balken. Er is zoveel. Ik kan er misschien nog een hele schuur van bouwen.

En wat staat er veel in de schuur. Ik heb de laatste dagen best vaak uitgeroepen: waarom hebben we een schuur. Kan alles wat daarin staat niet in de vuilnisbak. Het lijkt wel of een schuur de plek is om dingen neer te zetten die eigenlijk weg moeten. Daarom misschien toch een kleiner schuurtje bouwen, straks bij ons nieuwe huisje.

En zo ruimen we op voor de laatste fase in. Al weet ik dat de echte laatste fase is als we de container voor ons roze huisje weghalen.

We wonen er! – Tiny House Farm

We wonen in Oosterwold! Zaterdag zijn we overgegaan van de Alkmaargracht naar de Vuursteenhof. Een hele klus zeker bij die temperatuur.

We kregen hulp van 2 Syrische jongens. Best lastig bij het geven van instructies, maar ze waren erg bereidwillig en alles lijkt zonder veel kleerscheuren te zijn overgebracht.

nOnderweg in de bus mooie gesprekken met de jongens. Hoe ze gezworven hebben en wat hun plannen zijn voor de toekomst. Hoe het is om helemaal ontheemd te zijn. Wat een luxe dat wij hier in zo’n huis mogen wonen.

We zijn nu erg druk met uitpakken en het inrichten van ons huisje. Als er dan gratis tegels voorbij komen, dan ga ik ze halen. Het levert weer mooie gesprekken op en ik leer er veel van.

pWat ik deze week heb geleerd:

  • rijden in een bus met automatische versnelling;
  • achteruit inparkeren met een bus op een puinweg;
  • dingen loslaten en op tijd weer vastpakken. Dat kan zelfs bij een loodzware wasmachine. Én bij een oud harmonium;
  • rijden met een aamhangwagentje, achteruit rijden op een puinweggetje lukt nog niet zo goed;
  • 3500 kilo betontegels versjouwen en vervoeren;
  • meisjes van 13 erg goed en veel kunnen tillen;
  • teckels graag willen ‘helpen’;
  • een zacht-houten vloer geeft snel krassen en dutsen. Maar dat dit nu juist charmant is;
  • de tuin ons levenswerk gaat worden, daar kun je wel ;
  • het leeghalen en schoonmaken van ons oude huis nog zeker een paar weken duurt.

Adres: Het roze huis – Tiny House Farm

Het project nadert meer en meer zijn voltooiing. Natuurlijk moet er nog onwijs veel gebeuren en de laatste loodjes zijn het zwaarste. Dat merken we wel. Meer dan 2 jaar zijn we met de Tiny House Farm bezig.

Het huis is steeds meer af en het huis waar we weggaan, wordt steeds leger. Toch is het nog steeds erg vol. Er moet nog zoveel weg. Bijna niet te vatten, maar het zal toch moeten gebeuren.

We zoeken nog naar ideeën. Misschien een openstelling van ons oude huis in augustus, waarbij iedereen mag langskomen om iets op te halen. Goed idee? Ik weet het niet. We hebben nog flink wat boeken liggen, maar ook heel waardevolle boeken. Ik merk dat het steeds moeilijker wordt. De schifting steeds dunner. Er blijft bijna niks over.

En dan is er de bouwplaats zelf nog. De projecten die snel moeten gebeuren: het sausen van de muren. Dat is het belangrijkste. Dan moeten we een platje achter het huis bestraten, meter of 5 breed en 4 meter diep (schat ik globaal in). En als laatste belangrijke actie: het maken van een hek op het roodkavel. Er lopen namelijk al vreemde honden in onze tuin. Iets waar onze teckels denk ik wel een mening over hebben.

Heel vaak rijst de vraag op wat de naam van ons huisje is of wordt. Ik weet het niet, om heel eerlijk te zijn. Moet het huis een naam krijgen of volstaat het zo. Ik ben een beetje geneigd tot het laatste. Veel mensen komen al een kijkje nemen. Er verschijnen zelfs selfies van mensen voor ons huis. Wat een eer.

De echte naam van het huis, laat zich niet raden. De meubels voor de badkamer werden afgelopen week geleverd. En op de pakketten stond naast de naam van onze bouwer, ook heel duidelijk waar de dozen moesten worden afgeleverd: Roze huis.

Precies wat onze bedoeling is met de keuze van de kleur. Het is vrolijk en het valt op. Dat scheelt heel wat speurwerk. Daarom bellen we de Ikea binnenkort ook op voor de levering van de keuken. Mochten ze de Vuursteenhof niet vinden, dan moeten ze gewoon bij het Roze huis zijn.