Tagarchief: ochtend

Mistmorgen

Eigenlijk is zondagmorgen de mooiste ochtend van de week. De stilte en het vroege licht zijn een prachtige combinatie. We lopen door het gemaaide gras, de honden zijn gek op het gras dat is blijven liggen.

Je kunt door de zon kijken. Vorige week was het ook zo’n mooie ochtend, toen zag ik een groep ganzen door de zon vliegen. Nu ben ik er te laat voor, maar ik geniet nu vooral van het bijzondere licht.

Het mooiste is de open plek in het park waar je de mist in alle flarden ziet. De bomen worden schimmen, de herfstkleuren dringen zoetjes door het beeld. Genieten. Midden op het veld zit een man te fotograferen. Zijn fiets midden in beeld. Net als hijzelf.

Op zijn fiets dreint een transistorradiotje. Hij fluit mee met de muziek terwijl hij met zijn kont in het natte gras zit. Hij zit achter het statief waarop een grote kijker staat.

De wereld is van hem. Hij staat op, buigt half naar achteren. Het lijkt net of hij plast met die grote toeter voor zijn kruis.

Ik probeer om hem heen te fotograferen en pak mijn eigen beeld. Ook genieten. Een roodborstje overstemt de radio met gemak, dus ik hoef me niet druk te maken.

Het is gewoon heerlijk. Zo’n mistige zondagochtend. De wereld slaapt nog half en de wakkere helft wrijft de ogen langzaam uit. Intens zo’n ochtend.

Wat is jouw leesmoment – #50books vraag 31

img_20160731_091123.jpgElke ochtend is het even mijn moment: na het uitlaten van de honden lees ik een stuk in een boek bij het ontbijt. Het is ligt ergens tussen een kwartier en een halfuurtje dat ik een helemaal in een boek duik.

Rust in mijn hoofd

De rust in mijn hoofd, nog voordat de indrukken van de dag doordringen. Het komt uit de tijd dat ik met de trein naar mijn werk reisde en dat moment heerlijk gebruikte om te lezen. Nu ik op de fiets ga, heb ik het momentje lezen wel gehouden. Het is belangrijk om even met iets heel anders bezig te zijn.

’s Avonds pak ik het tweede deel van mijn leesmoment. Lekker in bed, een kwartier voor ik ga slapen, met een goed boek. Zo kan ik even de indrukken van de dag achter mij laten liggen. Al merk ik dat een heftig boek je ook uit de slaap kan houden. Dan maalt het verhaal rustig verder in mijn hoofd.

Begin en eind dag

Aan het eind van de dag en aan het begin van de dag. Dat zijn dè 2 momenten van de dag die ik bewust pak om te lezen. Het zijn ook mijn momenten waar iedereen van af moet blijven. Nee, nu niet, ik lees.

Dat brengt mij bij de boekenvraag voor vandaag:
Op welk moment van de dag lees jij het liefste?

Hoe zit het bij jou? Heb je een vast moment dat of maakt het voor jou niet uit? Lees je altijd en overal zoals mijn lerares Nederlands bij wie overal in huis boeken rondzwierven en die bij het koken zelfs verdiept zat in een roman. Het gebeurde bij haar regelmatig dat de aardappels aanbranden.

Ik ben heel benieuwd naar jullie antwoorden.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Ochtendwandeling in de mist

image

Een ochtendwandeling door het park. Het is mistig. De mist verhult deze dag. Alles lijkt zich te verstoppen in de laaghangende bewolking.

image

De takken van de bomen raken meer en meer bladeren kwijt. Ze veranderen door de mist in schimmige wachters, die met de vele armen gespreid staan.

image

De lage zon schijnt door de wolken heen en tekent van de bomen silhouetten. Je denkt aan schimmen die zweven tussen de mist. Daar is geen verkleedpartij voor nodig, maar verbeelding.

image

Zo is de dag al verdwenen voor ze begonnen is. Zo’n dag waarvan je vermoedt dat het lastig wordt om alle mist te laten wegtrekken.

image

Vaartochtje in voorjaarsochtend

image

De ochtendzon maakte lange schaduwen van de huizen aan de gracht. Ze had het zeil losgemaakt dat over het bootje lag. De twee raampjes aan de voorzijde wezen al de goede kant op. Ze zat klaar voor vertrek. Startte de motor en liet de schroef in het water zakken. De schroef maakte contact met het water. Gelukkig had ze de hendel bij het stuur nog niet naar voren gedaan. Anders was ze nu weggesjeesd, wist ze.

Voorzichtig liet ze de hendel zakken. De motor bromde niet meer zo agressief maar liet een zacht en tevreden gepruttel horen. Ze haalde het laatste stukje van het zeil weg en legde het in het kastje naast de bestuurdersstoel. Het bootje schommelde, maar was nog niet klaar voor vertrek. Eerst nog de touwen los. Ze probeerde de ingewikkelde knoop te ontwarren. Ze kreeg het stuk touw los, maar daarvoor in de plaats veroorzaakte ze een nieuwe knoop.

Het bootje schommelde hevig en draaide in de gracht. De boot dreef door de reep zon die tussen de schaduw van de huizen op het water van de gracht viel. Snel zocht ze de plek op de stoel. Het bootje draaide verder in de tegengestelde richting die ze varen wilde. De motor bleef zachtjes pruttelen. Ze trok voorzichtig aan de hendel. Hij ging in zijn achteruit, draaide wild aan het stuur om de vaarrichting weer goed te krijgen.

Het ging allemaal best goed. Ze merkte hoe het bootje de goede kant op wees. Het schommelde nog wel een beetje, maar ze trok de hendel en stand verder. De motor pruttelde tevreden. Het bootje dobberde langzaam vooruit door de gracht. Hier niet te hard varen, had haar vader de vorige keer gezegd. Toen ging hij nog mee. Nu was ze alleen. Ze was de eerste geweest vanmorgen. Niemand had iets gemerkt.

Daar pruttelde het bootje door de gracht voor haar huis. De buurman met zijn honden liep voorbij. De honden kwispelden in haar richting. Ze keek even naar de buurman en glimlachte naar hem. Snel moest ze zich weer omdraaien. Goed letten op de gracht. Voorbij de speedboot een paar huizen verder. De boot voer traag door de gracht. Uitkijken voor de waterplanten. Gelukkig dreef de boot hoog. Alleen aan haar kant zakte het bootje een beetje naar beneden.

Hij liep op het bruggetje en keek haar weer aan. Ze keek omhoog, maar gelijk weer naar voren. Onder het bruggetje door ging het bootje. Voorbij het open veld dobberde haar bootje. Ze ging een stand hoger. Hij voer wat sneller door het water. Ze haalde de buurman en zijn honden in. Daar kwam de kruising in zicht met de bredere gracht. De hoofdvaarroute naar de grote plas of de andere kant op in de richting van het park.

Ze ging even rechtop staan om te zien of er verkeer kwam. Waarschijnlijk niet, maar je wist maar nooit. De boot deinde heen en weer. Ze keek snel naar links en naar rechts. Ze bleef staan, maar zette de motor alvast een stand hoger. De boot schoot vooruit en ging sneller en sneller.

Ze wist waar ze heen wilde en liet haar buurman achter zich. Net als dat het water van de brede gracht zo mooi spleet en een spoor van stilstaand water achterliet. Het water stond stil omdat voor en langs haar de golven wegrolden naar de waterkant. Klaar voor een mooie tocht op deze voorjaarsochtend.

Lees het vervolg: Buitenboordmotor