Tagarchief: natuur

Vlinder – #WoT #sprookje #bijhetnieuws

De vlinder Magda slaat haar vleugels extra breed uit. Ze voelt de wind slaan op haar engelachtige voorkomen. De zon schijnt verwachtingsvol door haar vleugels heen. Dit belooft een mooie dag te worden.

Ze geeuwt nog eens goed en zoekt haar ouders. Nu zou je verwachten dat Magda geen vlinder was, maar een rups. Dit is best een ingewikkeld verhaal dat ik hier niet uit de doeken ga doen. Magda is een vlinder en woont namelijk nog steeds bij haar ouders. Wie wie niet kan loslaten, is onduidelijk. Misschien helpt dit verhaal erbij. Al kunnen in sprookjes heel veel dingen en moet je er niet te lang bij stilstaan. Dat doen we dan ook vandaag maar niet. Daar is het veel te lekker weer voor.

Magda wil vandaag haar vlinderjurk aantrekken. ‘Mam’, roept ze in de richting van de keuken waar haar moeder een heerlijk ontbijt klaarmaakt. ‘Heb jij mijn vlinderjurk gezien?’
‘Bedoel je die jurk met die vlinders erop?’
‘Ja, die.’
‘Volgens mij zit die in de was.’

De was is een ingewikkeld iets bij vlinders. Hiervoor werken ze samen met de bijen. Om hun kleren de gewenste glans en zachtheid te geven, gebruiken ze de vetachtige substantie van bijen. Terwijl de bijen ook gek zijn op nectar, levert dat een heel gedoe op.

Magda begint te schelden. Hoe kan het bestaan. Het enige zomerjurkje dat ze heeft, gesponnen van het zachtste zijde dat er bestaat, zit in de was. Ze vloekt binnensmonds, maar hoe zacht ze het ook doet, haar moeder hoort het. Verdorie.

Dan zit er niet veel anders op, dan een list bedenken. Ze gaat naar de wasmand, haalt de jurk eruit. Hij is helemaal vet en verkreukeld. Zijde kreukelt waar je bij staat. Niet tegenop te strijken. Ook weet ze dat je dan de strijkbout minimaal mag laten warmworden. De zijde verschrompelt anders meteen.

Ze trekt de jurk aan. Wat ik niet dacht, denkt ze. Helemaal verkreukeld. Sommige modeontwerpers hebben de kreukels tot kunst gemaakt. Die moeten weer de kleding op een heel speciale manier kreukelen. Ze kijkt nog eens in de spiegel, scheldt nog een keer en loopt naar haar moeder voor het ontbijt.

‘Dat kan echt niet’, zegt haar moeder. En ze heeft ook gelijk. Het kan echt niet. Ze weet het ook niet meer. Misschien toch maar dat naveltruitje. Al etend van haar boterham met hagelslag, loopt ze naar haar kledingkast. Ze trekt het naveltruitje en de korte broek eruit. Maar is het niet te koud voor dit setje? Nee, besluit ze dapper. Het is niet te koud voor dit setje.

Ze voelt de wind luid blazen over haar navel. Dit truitje is veel te kort. Zeker als ze haar vleugel op laat fladderen, dan zie meteen meer dan je eigenlijk mag zien. Ze ziet de begeerlijke mannenvlinders uit haar klas al kijken. Ook langs haar ranke benen voelt ze de wind omhoog trekken. Ze laat haar voelsprieten nog eens de lucht in gaan. Het moet maar.

Ze vertrekt in vliedende vlinderslag richting school. Het lesuur staat op beginnen en ze is nog maar halverwege. Gelukkig heeft ze de wind in de rug en vliegt koortsachtig met de kronkelende slagen naar school. De zon in haar rug doet de rest. Heerlijk die warmte. Soms laat ze zich even meesleuren door een verleidelijke windvlaag. Woeps. Ze weet zich maar net te herstellen. Bijna tegen het wapperende blad van een boom geslagen.

En zo kan het gebeuren dat ze even later in een naveltruitje op de foto staat, terwijl de koning en de koningin op haar school komen kijken. Alle televisiezenders en internetmedia besteden aandacht aan het bezoek van de koning aan haar school. Op nu.nl staat ze groot naast de minister die de koning een hand geeft. Het schoolhoofd staat achter haar. De NOS heeft haar iets kuiser van opzij genomen.

Het is een verrassingsbezoek, niemand mocht weten dat hij langskomt. Magda is ontzettend blij, maar ze weet ook dat ze nu de enige is die in een naveltruitje staat bij dit hooggeplaatste bezoek. Ze weet hoe begeerlijk ze is. Gelukkig heeft ze altijd een lipstick mee. Haar lippen in een zoen en de stift plakt rondjes. Zo valt het extra op dat ze hier staat en niemand anders.

WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord of een foto. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Vorige week was is het woord: Vlinder. Doe ook mee op writeonthursday.wordpress.com

Onkruid – Tiny House Farm

Er zijn veel spreekwoorden over onkruid. Onkruid vergaat niet. Het is een gebeuren waar mensen veel last van kunnen hebben. Hier aan de Vuursteenhof begon het met de enorme hoeveelheden distels. Eindeloos zag je mensen deze hinderlijke planten wegtrekken.

Het is grond die niet in balans is. Al is grond nooit in balans, er zijn altijd stoffen in de bodem teveel of te weinig. Dat hoort bij het leven. De kunst is dat planten hierop reageren en daarmee een waarde leveren aan de grond.

Onkruid bestaat niet

Onkruid bestaat ook niet. Het is de benaming van planten die wij hinderlijk vinden. Keurig aangeharkte perkjes bestaan in de natuur ook niet. Dat doet de mens omdat hij vindt dat iets er op een bepaalde manier uit moet zien.

In de afgelopen jaren heb ik veel soorten planten in mijn tuin voorbij zien komen. De distels hebben plaatsgemaakt voor andere planten zoals paardenbloemen. Een prachtig gezicht als al die paardenbloemen in bloei staan. Dan is onkruid toch ook heel mooi.

Het hardnekkigste onkruid is nu wel het gras. Heel veel Engels raaigras, krachtvoer voor koeienmelk en heel opdringerig kruid. Dat is hier gekomen omdat de tuinen om ons heen massaal dit gras bevatten.

De mens als onkruid

Eigenlijk zou de invloed van de mens onkruid moeten heten. De mens als grote verstoorder van het evenwicht. De balans slaat voortdurend door, want de natuur krijgt de kans niet om het te herstellen. Omdat wij menen dat die planten er niet horen, terwijl alle omstandigheden ernaar zijn dat ze daar wel groeien.

Ik vond het bijzonder bij mijn voedselboswandeling door het voedselbos Weerwoud zoveel antipatie over het vermeende onkruid te horen. Die brandnetels horen daar niet. Ze schaden de biodiversiteit. Daarom halen we ze maar weg, terwijl de oorzaak – stikstof – overal boven en in de grond zit.

Meer in evenwicht

In onze tuin komt meer en meer het evenwicht. De grond is verstoord door jarenlange eenvormige teelt en daarna de bouw van de huizen. Het laatste heeft een enorm beslag gelegd op het bodemleven.

Nu zie je als je een schop in de grond steekt hoe het leven in de bodem terugkeert. Allemaal wormen en andere beestjes laten zich heel even zien, om daarna – gelukkig – zich meteen weer te verstoppen. Ik word daar zo vrolijk van.

Voedselbos Weerwoud op Utopia-eiland

Het eilandje Utopia in het Weerwater is altijd een favoriete plek van mij geweest. Ik schreef er weleens een gedicht over in opdracht van de gemeente. Het haalde helaas het betreffende boekje waarin het zou komen niet.

De periode dat de Floriade gepland werd, leek het gebied een beetje tussen wal en schip te vallen. De weg, bijna een dijkweg naar het eiland. Zo mooi aan weerszijden gemarkeerd door grote, hoge populieren. Het ritselende blad en het hobbelige asfalt. Allemaal elementen waar ik echt van genoot.

Beklimming Utopiatoren

Het hoogtepunt van een bezoek aan Utopia was dan de beklimming van de toren. Opgebouwd uit leidingbuizen waarmee de polder is leeggezogen. De 12 meter hoge toren was een geschenk van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders (RIJP). Hij verwijst naar de tijd van de inpoldering. Overal plaatste de RIJP deze torens, minder hoog dan deze, maar hoog genoeg om een eind verder te kijken.

Ongeveer tot een jaar of 5 terug kon je nog op het eiland rondlopen. Er waren plannen, maar vooralsnog was het vooral een eiland vol met bomen. Er stonden veel essen en populieren. De charme dat je het eiland echt betrad via een bruggetje. Het bruggetje stond op instorten, maar wat voelde het steeds als het betreden van een echt eiland.

Het hele gebied waar nu de Floriade komt, is op de schop gegaan. Er zijn maar weinig plekken waar de grond niet is geroerd. Het Utopia-eiland is onherstelbaar veranderd. Geen trappetje meer maar een brede aanvoerweg. Naast de oude dijkweg ligt een brede weg. Het asfalt van eertijds en de hoge bomen langs de oude weg, zijn er nog. Maar verder is er alleen de herinnering. Alleen het uitzicht over het Weerwater in de richting van de stad is hetzelfde gebleven.

Weerwoud

Utopia is enorm veranderd. Er is nu een select groepje mensen aan het werk om een voedselbos te bouwen. Ze doen dat onder de Stichting Weerwoud. Een groepje mensen, de Urban Greeners werkt nu aan de groene stad van de toekomst. Naast een voedselbos is het gedeelte waarin ze experimenteren met nieuwe landbouwmethoden.

Agroforesty noemen ze het. Stroken landbouwgrond van 3 meter breed wisselen af met bomenrijen waar onderbegroeiing groeit. Er groeien amandelbomen, walnotenbomen, duindoorns en uiensoepbomen. Ik mocht zaterdag bij de rondleiding van de blaadjes proeven.

Op wereldvoedseldag bezocht ik namelijk het eiland met het Voedeslbos Weerwoud. Ik kreeg een uitgebreide rondleiding. Er liepen ook veel vrijwilligers mee. Ze verzetten veel werk. Vooral het weghalen van de brandnetels, het plaatsen van houtwallen en aanleggen van paadjes, is hun taak. Het ziet er indrukwekkend uit. De plek waar eens essen groeiden van zeker 10 meter hoog, zijn nu kleine boompjes en stroken met landbouwgrond.

Idee

Het voedselbos en de agroforesty zijn een idee van Xavier San Giorgi. Hij heeft al veel werk verzet op het gebied van voedselbossen. Het idee is ook dat mensen zich meer omringen met natuur waar ze ook voedsel uit kunnen halen. Niet alleen een omgeving voor de sier, maar ook een omgeving waaruit je een maaltijd kunt samenstellen.

Dat zie je ook terug in het Voedselbos Weerwoud. We mochten ook in de strook bos lopen langs een breed betonnen pad. Ik herinner mij vooral het kruipdoor-sluipdoor weggetje naar de Utopiatoren. Nu is het een brede weg met een geleiderail voor blinden in het midden. Al ligt deze nog niet overal goed, volgens een medebezoeker van de rondleiding.

In de bosstrook van een meter of 20 breed en zo’n 100 meter lang wisselen hoge en lage begroeiing elkaar af. Hier hebben de vrijwilligers dus heel veel werk met het weghalen van wat zij onkruid noemen. Er zijn nu bessen gepland en ook veel laaggroeiers. Bijna alles is te eten.

Lagen in het voedselbos

De verschillende lagen in het voedselbos kun je prachtig zien. In het voorbeeld wat ik zag, groeide een mispelboom onder de hoge populieren en enkele es die de essentakziekte lijkt te overleven. Of de moerbeiboom, die weer hoger wordt dan de mispel. Ook mocht ik proeven van de bijzondere peperboom, de kiespijnboom.

De kleine szechuan peppers smaken heel apart. Ze geven een tintelend gevoel in je mond. Het puntje van mijn tong en mijn lippen tintelden nog lang na, nadat ik voorzichtig een pepertje proefde. Niet pijnlijk warm, maar meer prikkelend. Een apart gevoel.

Spiraalvormige tuinen

Het 3e deel van Utopia-eiland bestaat uit allerlei spiraalvormige tuinen, waaronder een tiny forrest, een demonstratiemodel van hoveniers waarin gebruikte tegels spiralen naar een plas in het midden, en een minivoedseltuin. In de laatste hebben we even gestaan. Onder de hogere bomen, kersen, amandel en daaronder een heel ‘sla-bed’ van kleine lindeboompjes. De bladeren zijn in het voorjaar heerlijk om op te eten. Er groeien verschillende lindes, elk met een eigen karakter en smaak.

Bij de terugkeer naar mijn fiets raakte ik verstrikt in weemoedigheid. Een heel klein klaproosje groeide in de berm tussen het nieuwe asfalt en het Weerwater. De dunne rode bloemblaadjes trilden op de wind. De bloem deinde mee op diezelfde wind. Het vervult je met hoop. Misschien oogt de hele exercitie als een slagveld, maar hopelijk zullen de bergen zand en kale, lege vlaktes plaats maken voor veel nieuw groen.

Al weet ik ook dat doorsnee Floriadebezoeker iets ander groen dan de aangeharkte perkjes met bloemen snel bestempelt als onkruid. Net als dat een pad vooral van betonsteen gemaakt moet zijn en niet teveel natuurlijke obstakels mag hebben zoals groen tussen de tegels.

Aardbeien – Tiny House Farm

De droom voor onze tuin is een eenvoudige tuin waar je vooral veel bessen en vruchten vindt. Een enkele verdwaalde notenboom (hazelaar en walnoot) en verder veel vriendelijke planten voor vogels, bijen en kleine zoogdieren als de egel en de wezel.

aardbeienplantje
Aardbeienplantje op een nieuw plekje midden in de klei.

Daarom ben ik afgelopen weken druk in de weer geweest met het klaarmaken van de bedden met aardbeien. Ze staan her en der door de tuin. Zo na de winter zagen bepaalde delen er een beetje mistroostig uit door de vele planten die er tussen groeide.

Bedden aardbeien

Ook heb ik de bedden met aardbeien op het heuveltje naast het huis een stukje verplaatst. Ze leken op het oude plekje een beetje te droog te staan. Nu staan ze iets lager en wat natter. Hopelijk is het er warm genoeg. Al leert de ervaring dat deze kant van het huis lekker warm kan worden.

In de wastobbe op de vlonder voor het huis heb ik ook aardbeienplantjes geplant

De eerste warme dagen zijn heerlijk. Dan word ik helemaal vrolijk van de warme zon, het vele licht. We letten ook meteen op dat het in huis niet te warm wordt. De buitenmuur voelt best warm aan als de voorjaarszon er goed op schijnt. Ik krijg al meteen ideeën om wat bijzondere planten aan deze kant van het huis een kans te geven.

Gemiste artisjok

De door de vorst gedode artisjok mis ik wel. Er is niks aan te doen. Die oostenwind gaf de genadeklap. Nu heb ik een nakomeling op het plekje geplant. Hij is vanaf het najaar in huis gegroeid en heeft een plekje gekregen bij de dikke stam. Wie weet, volgt deze nakomeling zijn voorouder in grootte en in bloemenpracht.

Nakomeling van de gemiste artisjok. Dat ziet er veelbelovend uit.

Van de aardbeienplanten die er over waren, heb ik er ook een paar op de regenton gezet. Het kan hier best warm worden en dat is voor het rijpen van de aardbeien natuurlijk geweldig. Zo hoop ik dat we komend jaar een grote eigen oogst kunnen maken.

Aardbeienplanten op de regenton.

Loslopende honden – Tiny House Farm

Loslopende honden. Het lijkt helemaal bij Oosterwold te horen. Niet alleen in de boskam lopen ze los, ook in de woonwijk. Laatst zelfs bij ons in de buurt. Dan loop je zelf netjes met je hondjes aan de lijn en vliegt er ineens van een erf een grote hond op je af.

Niks tegen te beginnen. Alleen maar verweren. Met moeite kreeg ik het dier weer weg. Maar ook op de Goudplevierweg een paar weken terug, daar greep zo’n grote Sint-bernhard onze Saar. Ik wist het dier op strenge toon weg te krijgen.

Het bos in Almere Oosterwold

Die loslopende honden zijn niet alleen in Oosterwold een probleem. Staatsbosbeheer waarschuwt met enge foto’s van dode reeën. Opgejaagd door honden rennen ze het bos uit, de weg op waar een auto ze dan zonder genade schept. Geen ontkomen aan.

Nog weinig voedsel

Dikwijls zijn de reeën ook nog zwanger ook. Vooral deze tijd is nog zwaar, na de zware vorstperiode is er nog niet veel voedsel te vinden. Op hun verstopplekken in het bos worden ze dan nodeloos opgejaagd door honden. De eigenaars van die honden lijken zich helemaal niet bewust van wat ze eigenlijk aanrichten.

Ook in de boskammen van Almere Oosterwold zitten veel reeën.

Blijft het ook buitengewoon asociaal om je hond op alles en iedereen af te laten vliegen. Ik zag het deze week gebeuren. Dan komt zo’n loslopende hond recht op ons af, terwijl ik 2 angstige teckels in toom probeer te houden. Als ik ze zou loslaten, zou hun lot het lot van de vluchtende reeën evenaren. Ze zouden de weg op schieten met alle gevaren van dien.

Vluchtende reeën in bosrand

Deze week in de vroege ochtend liep ik met de honden door de bosrand. Ik had ze vast. Onze teckels laat ik niet los, dan zijn ze weg. Er liepen 2 reeën, duidelijk op de vlucht. Even later gevolgd door een loslopende Dobberman. Ik heb het dier weggestuurd, maar de reeën zijn al op de vlucht. Ik hoopte het beste voor deze dieren. Veel meer kan je niet doen.

Het bos met de jonge berkenbomen in een boskam.

Het zou die zogenaamde natuurliefhebbers die hun honden loslaten in het Oosterwoldse bos sieren, als ze hun beesten aan de lijn hielden. Als je er een opmerking over maakt, wordt je afgesnauwd. Laatst maakte ik een opmerking tegen een eigenaar met een loslopende hond, die ik maar net bij mijn teckels toen weghouden. ‘Ook goedemorgen’, reageerde hij gepikeerd. Alsof hij met zijn gedrag mij een vrolijke ochtend bezorgde.

Loslopende bazen

Als ik iets leer in deze tijd dan is het wel dat het gedrag van mensen zegt wie en hoe ze zijn. Het draait vooral om zichzelf. En hun honden kun je niet veel kwalijk nemen, die gedragen zich vaak netter dan hun baas. Als ze loslopen kan ik ze beter corrigeren dan hun bazen.

Ik heb de eigenaar van de hond die achter de reeën zat, later nog gesproken. Hij zei dat hij hem dan maar even vast moest houden. Ik ben benieuwd. Er komt nog een heel seizoen dat de reeën kalfjes krijgen. Vaak verstoren de loslopende honden het kraambed. Terwijl deze beesten echt in rust moeten kunnen opgroeien.

Voedselbos – Tiny House Farm

We proberen onze tuin in te richten naar de ideeën van de permacultuur en maken er een klein voedselbos. Dan is het goed om af en toe ook inspiratie op te zoeken. Dat is in deze coronatijd best lastig. Ik wil al langere tijd bijvoorbeeld naar het Voedselbos De Overtuin bij de botanische tuin Trompenburg in het Rotterdamse Kralingen.

de bosrand van het voedselbos Zeewolde
Bosrand van het voedselbos Zeewolde

We hebben in de buurt gelukkig ook wat initiatieven. Zo is er eentje op nog geen halve kilometer bij ons vandaan. In het Kathedralenbos is 2 jaar geleden en vorig jaar al een deel van het toekomstig voedselbos Eemvallei van Staatsbosbeheer aangeplant. Dit jaar is er dat niet gebeurd om de aanplanting van vorig jaar wat meer ruimte te geven. Het afgelopen jaar was het heel warm waardoor veel nieuwe aanplant is doodgegaan of minder goed is gegroeid.

Voedselbos dichtbij in Zeewolde

In Zeewolde is ook een mooi voedselbos. En omdat we vorige week in de vakantie ook nog een uitstapje wilden maken, zijn we hier naartoe gegaan. Het Voedselbos Zeewolde is ook een jaar of 2 terug aangeplant. Er is een stuk bestaand bos gedeeltelijk weggehaald en daar zijn nu allemaal voedselrijke bomen en struiken voor in de plaats gekomen.

Klein hoefblad in het voedselbos
Klein hoefblad in het voedselbos

Natuurlijk is het zo in de winter heel anders dan midden in de zomer. Toch is het mooi om zo de contouren van het voedselbos te zien en te kijken wat er allemaal staat. Het voedselbos in Zeewolde aan de Eikenlaan is 1,4 hectare groot. Samen met het IVN, dat er vlakbij zit, werken vrijwilligers aan de realisering hiervan.

Veel geduld

Bij een voedselbos draait het vooral om heel veel geduld. Zoiets ontstaat niet zo snel. Bomen en struiken moeten groeien en de laatste jaren is het heel droog in de zomer geweest. Daardoor had deze jonge aanplant het ontzettend zwaar. We zien het zelf ook in de tuin. Niet alle planten wisten goed te wortelen door de warmte in de laatste 2 warme zomers. De langdurige droogte zorgde eveneens voor weinig groei. Overleven is dan belangrijker dan groeien. Tegelijk zal het de planten sterk maken voor langdurige droge periodes.

Onderstte kruidenlaag in het voedselbos
De onderste kruidenlaag in het voedselbos met bosaardbei

Het was heel inspirerend om eens te kijken in Zeewolde. Wat een prachtig bos is het. Zelfs in deze opbouwfase en ook in dit seizoen. Het zal nog wel even duren voordat het zijn vruchten afwerpt. Daar moet je wel geduld voor hebben. Ik herken dat ook in onze eigen tuin. Het kost veel tijd voordat de bomen zo groot zijn dat ze veel vruchten dragen en de struiken hebben ook zeker 2 jaar nodig om meer opbrengst op te leveren.

Hommels op de toverhazelaar
Vroege hommels op de toverhazelaar

Toverhazelaar en uiensoepboom

De braamstruiken groeien al hard. Ook in Zeewolde zag ik er veel groeien. Net als dat ik getroffen werd door een prachtige winterbloeier die met het mooie weer al heel wat hommels trok: de toverhazelaar. Prachtige bloemen waar hommels en zweefvliegen gek op zijn. Net als dat sommige struiken en bomen al prachtig in knop stonden. Zo is er in deze tijd van het jaar al best veel te beleven.

Ook heerlijke plekjes om te zitten
Plekjes om te genieten van de warme voorjaarszon

Een zorgvuldig ingeplant bos zoals het voedselbos in Zeewolde is onze tuin niet. Ook is het te klein voor heel veel bomen. Daarom blijft het klein. We hebben nog niet alle planten staan en komen door het bezoek aan zo’n voorbeeld ook op ideeën voor andere planten. Nu staat de toverhazelaar op ons lijstje. Net als de Chinese Mahonie of uiensoepboom. Echt planten voor in een voedselbos.

Voedselbos Sierradenbuurt

Enthousiast geworden door Zeewolde, ben ik ook in Almere Buiten gaan kijken naar het buurtinitiatief in de Sierradenbuurt. Het voedselbos Sierradenbuurt valt mij wel een beetje tegen. Hier is niet zo gedacht in lagen zoals bijvoorbeeld wel in Zeewolde is.

Voedselbos Sierradenbuurt Almere Buiten

Voedselbos Sierradenbuurt is teveel een park met perkjes waar je toevallig van de planten kan eten. Dat is naar mijn mening niet genoeg voedselbos. Al is het natuurlijk bij ons zelf ook de vraag of het echt een voedselbos is of een permacultuurtuin die neigt naar een voedselbos.

Genoeg om over na te denken en vooral om veel van te genieten. Nu en in de komende tijd.

insectenhotel
En natuurlijk een insectenhotel

Modder in Oosterwold – Tiny House Farm

In de wintermaanden verandert Oosterwold in een grote modderpoel. Door de vele regen is de klei nat en natte klei is spekglad. Het laat zich ook niet zo snel weghalen. Helemaal omdat zeeklei zo compact is, verandert het in een grote klont.

Met de schep is het nauwelijks doorkomen. Zak je met een laars in een zachter fragment van de bodem, dan is de kans heel groot dat je de laars niet meer uit de grond krijgt.

Laagje modder

De modder merk je overal. De puinwegen veranderen in wegen waar een flinterdun laagje modder op ligt. Het wordt spekglad. Helemaal als het vriest, dan is het glijden en glibberen over de wegen.

Teckel Saartje vindt al die modder niet altijd geweldig.

De wandelpaden door de doorwaadbare zones zijn het ergste. De mooie paden bij de Ecohoven van zijn veranderd in een verzameling voetstappen in de modder. De ene na de andere persoon die hier zijn hond uitlaat, probeert een nieuw spoor te maken.

Vroege modder

Op deze plek begint de modder al heel vroeg in het najaar. In september laten de bewoners daar elk jaar de rietkraag helemaal weggehalen met zware landbouwwerktuigen.

Voetpad of glibberpad?

De zware landbouwvoertuigen drukken alle grond samen en het is heel snel een grote modderpoel. Heel jammer, want het zijn mooie paden. Goed beheer van de sloot, hoeft niet te betekenen dat je alles altijd weghaalt.

Drassig aanzien

Hetzelfde zie je nu gebeuren op andere paden. Het wordt steeds drukker, maar vooral landbouwvoertuigen geven het bos een drassig aanzien. De zware kiepwagens met zand voor de brug over de vaart, de apparaten in het bos.

Een laagje modder op de puinwegen van Oosterwold.

Ze zorgen voor diepe slenken in de paden waar het water blijft staan. Het vocht kan niet meer weg. Bovendien is het bos op de bodem van de voormalige Zuiderzee minder waterdoorlatend dan het zand op de heuvelruggen.

Nergens leuk lopen

Zodoende is het momenteel eigenlijk nergens leuk lopen. Ik loop in korte broek, dan houd ik de broek een beetje schoon. Een beetje modder op de benen is er makkelijker af te halen dan wanneer het op mijn broek zit.

Zoek de weg in deze modderpoel

Iemand uit Oosterwold is daarmee altijd te herkennen. Hij of zij heeft iets van een grondwerker. Overal kleeft modder aan vast. Je zult weten dat je in de polder woont. En in huis? De kleiklonten zijn niet te tellen.

Doordat het riet is weggehaald, ontstaat er ook snel modder. Al is in deze tijd weinig meer bestand tegen de modder.

Rabarber – Tiny House Farm

Wanneer zou het voorjaar echt beginnen? Misschien als het sneeuwklokje en de krokus opkomen, maar ik voel het komen als de rabarber opkomt. Vorig jaar deed de rabarber het niet zo geweldig. Ik denk dat het komt omdat de grond nog niet helemaal goed was.

rabarber
De eerste tekenen van rabarber

Teveel stikstof

Teveel stikstof en nog te weinig andere voedingsstoffen in de grond. Dat was ook de reden dat de spruitjes niet wilden. Ze groeiden te hard. Nu dragen de opgeschoten spruitjes zaadjes. Maar als de grond wat evenwichtiger is, zullen deze ook beter groeien.

rabarber tussen stro
Rabarberblad tussen stro

Nu komen de eerste stronken op. De laatstgeplante rabarber kon ik niet meer vinden, maar gelukkig kwam er ook eentje op die het vorig jaar niet zo lekker deed. Op andere plekken wil het nog niet zo. Ik hoop er het beste van. Het vraagt misschien ook wat geduld. Zo hebben we wat compost erbij gelegd en veel stro.

Eerste tekenen

Ik hoop dat het helpt, maar de eerste tekenen zijn veelbelovend. De plant die ik kwijt was, vond ik weer, maar nu groeit er een dikke stronk zuring midden op de plek waar de rabarber zou moeten opkomen. Ik hoop er het beste van, maar ja. Het is in onze tuin vooral een groeien naar evenwicht.

Rabarberstronken
Ja, rabarberstronken!

Op een paar plekken komt het in wat grotere hoeveelheden op. Lijkt al meteen een betere opening te zijn dan vorig jaar. Het zal in de toekomst een mooi evenwicht moeten vormen met de fruitbomen en andere planten in ons kleine voedselbosje rond het huis. Er zal nog flink wat werk verzet moeten worden voor het zover is.

Rabarber van bovenaf gezien
De eerste tekenen rabarber.

Maar het voorjaar is er als de rabarber opkomt.

Tekenen van voorjaar – Tiny House Farm

Het voorjaar valt vroeg. De eerste tekenen dienen zich aan. En aan wie de eer: de seringstruik bevat beginnende blaadjes en tekenen van bloesem!

Naast de bessenstruik is de sering, de enige struik uit de oude tuin die we hebben meegenomen. Het was een rampzalige dag waarop we het deden, vlak na de grote warmte van 2018. Precies op een dag dat het hard stormde en het er veel regen viel.

eerste tekenen: beginnend blad in sering
Eerste tekenen: beginnende bladeren in de sering

Vorig jaar bleven de bladeren klein. Net als dat de bloemen niet de uitbundigheid lieten zien zoals we dat aan de Alkmaargracht gewend waren. De struik had het erg zwaar. Zeker ook omdat de zomer vorig jaar ook erg warm en droog was. Zo kreeg de struik twee zware zomers te verduren.

Eerste blaadjes

Daarom is het nu extra prachtig om te zien dat de eerste blaadjes en zelfs bloemen zich beginnen te vormen. Het is allemaal heel vroeg dit jaar.

Blaadjes en bloemknoppen in sering
Vroege blaadjes en bloemknoppen in de sering

De knoppen van de in het najaar geplante Japanse sierkers beginnen zich ook heel mooi te vormen. Dat belooft een bijzondere eerste bloei te worden. De liefhebbers van deze bloesem kijken jaarlijks erg naar uit naar de bloei van deze bomen. Als ze zo bij elkaar staan is dat een prachtig gezicht.

Japanse sierkers

In Almere Muziekwijk bij het station en in Almere Buiten in de Regenboogbuurt groeien heel veel van deze bomen bij elkaar. Op de laatste plek staan 850 Japanse sierkersen, Vorig jaar is daar onder de bomen het eerste Kersenbloesemfeest gehouden.

Bloemknoppen in Japanse sierkers
Bloemknoppen in de Japanse sierkers

Een feest zoals in Japan vaak is onder de vele kersenbloembomen. Ze gaan dan massaal eten en drinken onder de bomen, maar zich ook bezig houden met allerlei kunstvormen als schilderen en dichten. Net als dat veel mensen dan prachtige kimono’s en jurken dragen met veel kersenbloemen in de stof.

Spektakel

In onze tuin staat er eentje. Ik ben heel benieuwd wat dat bij ons voor een spektakel dat gaat opleveren volgende maand. De amandel is bijna uitgebloeid. De abrikoos volgt nog een beetje aarzelend. Vorig jaar hebben we de laatste met een paar kleine bloemen eraan gepland. Nu is het al heel wat uitbundiger.

Kleine bloemknoppen in Japanse kers
De eerste bloemknoppen in de Japanse kers

Ik schreef over de knoppen van de Japanse sierkers al een voorzichtige haiku:

de kleine knoppen
verraden kersenbloemen
nog een paar weken

Zo dienen de eerste tekenen van het voorjaar zich aan. Wel een beetje vroeg. Dat wel, maar meer dan welkom. Ik verlang dit jaar heel erg naar een beetje groen in de kale leegte die Oosterwold (nog) is.

Kwastje – Tiny House Farm

De amandel staat prachtig in bloei en de knoppen van de aangrenzende abrikoos beginnen ook uit te komen. Het zijn nog een paar bloemen, heel aarzelend. Zo roze als de amandel is hij nog niet.

Hommel of schilderskwastje?

De insecten zijn er nog niet. Al heb ik vorige week hommel geholpen, ze vliegen gelukkig niet meer rond. Daarom bevruchten we de amandel maar met hulp van een schilderskwastje. We gaan met kwast langs de meeldraden in de hoop dat er wat stuifmeel achter blijft hangen. Daarna gaat hetzelfde kwastje langs de stamper in een andere bloem.

abrikoos in bloei
Abrikoos in bloei

Wie weet, lukt het. We hebben het nog niet eerder gedaan. Vorig jaar waren er 3 amandelen zonder hulp van een kwastje. Mogelijk helpt het kwastje wel mee om sowieso amandelen te krijgen en wie weet ook nog wat meer.

Bloesem amandel
Bloesem in de amandelboom

Dat is ook best zorgwekkend wanneer de teruggang van insecten en vooral van hommels en bijen doorzet. Het zijn essentiële dieren voor bij de bevruchting van heel veel planten. Het doet ook wel pijn als je ze ziet lijden, zoals ik vorige week die aardhommel zag tobben.

Het lied der dwaze bijen

Het is nu weer wat kouder waardoor ze gelukkig weer een veilig heenkomen hebben gezocht. Bij het zo vroeg uitvliegen denk ik meteen aan Het lied der dwaze bijen van de dichter Martinus Nijhoff. De bijen vliegen uit op zoek naar een hoger ideaal gaan ze een wisse dood tegemoet.

Het is onduidelijk of de bijen in het gedicht zelf sneeuwen of dat het werkelijk sneeuwt. Ik interpreteer het altijd als het laatste, dat de bijen te vroeg zijn uitgevlogen en in hun begeerte sterven.

Het gedicht drukt precies uit wat je voelt bij het zien van zo’n te vroeg uitgevlogen hommel. Bijen en hommels roepen veel respect op. Ze zorgen voor een groot deel van ons voedsel en daarnaast helpen ze mee om de wereld wat mooier te maken. Bovendien is hun honing heerlijk.