Tagarchief: muziek lijdenstijd

De 7 kruiswoorden in improvisaties en gedichten

Ik was er al een tijdje mee bezig, langzaam alles bij elkaar spelend, improviseerde ik op mijn harmonium over de 7 verschillende kruiswoorden. De woorden die Jezus zou hebben uitgesproken toen hij aan het kruis hing.

Voor de componist Charles Tournemire is het een inspiratiebron geweest. Het leverde een muzikaal portret op van meer dan een uur aan muziek. Vanavond bezoek ik een concert in Doesburg. Al voorbereidend maakte ik vandaag 7 gedichten op mijn blog wolkenhemel en publiceerde de bijbehorende improvisaties.

Niet allemaal even geweldig. Ik heb zelfs vandaag nog 2 nieuwe gemaakt. Wel een prachtige manier om mij voor te bereiden op het concert dat ik vanavond bezoek.

7 gedichten over 7 kruiswoorden

  1. Geen idee
  2. Alles komt goed
  3. Achteloos vol
  4. Onverlaat
  5. Liefde
  6. Volbracht (vanaf 18 uur)
  7. Toekomst (vanaf 19 uur)

Beluister de bijbehorende improvisaties

Speellijst van improvisaties

Tournemire in het orgelpark

image

Een uitgesproken mysticus als Tournemire in het Orgelpark, kan dat eigenlijk wel? Een kerk bezit die gewijde ruimte, hoge gewelven en daarmee mystiek wel. Het Orgelpark is een concertzaal die haar oorsprong als kerk heeft, maar de protestantse uitstraling van weleer heeft nu een ander soort warmte plaatsgemaakt.

Bij Tournemires Les sept Paroles du Christ hoort de mystiek. Het vormt naast het orgel, de ruimte en de organist een wezenlijk element voor een uitvoering van dit bijzondere muziekstuk van de Parijse organist Charles Tournemire (1870-1939).

Inderdaad kan een uitvoering van dit werk in het Orgelpark een versie in de Parijse Sainte Clothilde niet verslaan. Daarvoor is de ruimte te klein en het orgel (in verhouding) te groot. Ondanks deze minpunten wist de Schaagse organist Tjeerd van der Ploeg woensdagavond erg dicht in de buurt te komen van een intense en mystieke uitvoering van dit bijzondere werk. De 7 koralen bij de 7 kruiswoorden die Jezus in de verschillende Evangelien spreekt, behoren tot het meest toegankelijke uit het oeuvre van deze Parijse organist.

Het muziekstuk past goed in de tijd waarin ook Dupre en Messiaen passages uit het evangelie in muzikale schilderingen uiteenzetten. Dupre schreef het lijdenswerk Le Chemin de la Croix in 1935. Messiaen schreef in hetzelfde jaar 9 meditaties rond de geboorte van Jezus. Een paar jaar eerder schreef Messiaen al L’Ascension. Het zijn 4 meditaties rond de Hemelvaart van Jezus Christus.

Messiaen bewandelde een andere weg dan Tournemire, net als dat Dupre verschilt van Tournemire. De inspiratiebron vormt wel het orgel, het Frans-symfonisch orgel zoals Cavaille-Coll dat ontwikkeld heeft.

De componist Marcel Dupre onderscheidt zich van Tournemire door zijn veel contrapunctischer en meer doorwrochte interpretaties van het lijden van Christus. Charles Tournemire is veel rauwer en intenser. Hij spiegelt de 7 kruiswoorden in een heuse muzikale strijd. En dat gaat heel ver. Soms krijst het orgel het in alle toonaarden uit. Dan lijkt het of het niet erger kan. Andere keren verzinkt de muziek in een zachte klankwereld waarin vooral berusting doorklinkt.

Tjeerd van der Ploeg wist deze aspecten prachtig te interpreteren op het Verschuerenorgel in het Orgelpark. Het orgel is sterk geinspireerd op de Frans symfonische orgels zoals Cavaille-Coll deze maakte. Zodoende waren de registratievoorschriften van Tournemire tot in de puntjes te volgen. Probleem bij dit orgel is dat het erg groot is voor de ruimte waarin het staat. Het uitgebreide scala van soorten aan fortissimo wordt zo gereduceerd tot 1 soort, namelijk hard. Alles klinkt hard. De kleine variatie van het ‘hard’ gaat verloren in de luide klank.

Het orgel bezit veel klankrijkdom, maar de ruimte vraagt minstens evenveel aandacht voor een goede match. Gelukkig boden de 7 verschillende meditaties van Tournemire genoeg mogelijkheden om je over dit punt heen te zetten. Juist de klankrijkdom, het zoeken naar de grenzen en mogelijkheden van het orgel, maken deze composities tot zo’n muzikaal hoogtepunt.

Tournemire weet alle facetten van de menselijke geest bloot te leggen in de 7 koralen. Hij doet dit enerzijds door uitdagende thema’s neer te zetten. Hij roept hiermee een enigszins vervreemdende sfeer op en tegelijkertijd een heel kerkmuzikaal klankidioom. Hij past prachtig in de traditie, maar zoekt de vernieuwing op. Vaak sluit zijn muziek naadloos aan op de muziek en van onder andere Louis Vierne of Charles Marie Widor. Maar de keuzes die hij uiteindelijk maakt, verschillen van zijn tijdgenoten. Hij brengt daarmee de verrassing in zijn muziek.

Het lijkt of in deze koralen van Tournemire de geloofsbeleving een wezenlijkere rol vervult dan in de muziek van Vierne of Widor. Dupre slaat een vernieuwende weg in, maar gaat veel rationeler te werk. Messiaen laat een heel nieuwe klankbeleving toe in zijn werk. Tournemire hangt een beetje tussen deze twee componisten in. Soms nadert hij in idioom de componist Jehan Alain. De ritmes in het zesde koraal en de akkoorden in het zevende, lijken soms rechtsstreeks uit een compositie van Alain te stappen. Tournemire verschilt echter met al deze componisten. Hij is een echte organist maar vooral mysticus.

Dat mystieke kwam ook goed tot uitdrukking in de uitvoering van Tjeerd van der Ploeg. Al is het een concertzaal en voorheen gereformeerd kerkgebouw, de zo typerende rooms-katholieke mystiek waarin gregoriaans aandoende thema’s een rol spelen in combinatie met de oosterse ritmes. Het klinkt heel vernieuwend en uitdagend. De muziek barst uit zijn voegen en dat werkt lastig in een kleine ruimte. Tegelijkertijd weet ik ook wel dat de kracht in de muziek zelf zit.

Dat is zo mooi aan het live horen van deze muziek. De klank van het pedaal komt veel beter tot uitdrukking dan je bij een opname kunt horen. En Tournemire benut het orgel op alle mogelijke manieren van hoog tot laag. Een opname laat daarin veel steken vallen. Zo is de verhouding tussen het pedaal en de hoge fluiten werkelijk adembenemend in het tweede koraal. Hierin nadert Tournemire een bijna paradijselijke ervaring bij Jezus’ woorden ‘Hodie, mecum eris in Paradiso’ (Nog vandaag zul je met mij in het paradijs zijn).

Of de weeklacht die in het vierde deel klinkt bij de woorden ‘Eli, Eli, Lamma sabacthani’ (Mijn God, Mijn God, waarom hebt u mij verlaten). Een grotere schreeuw van eenzaamheid en verlatenheid is niet tot klinken te brengen dan de krijs van Tournemire. Ook het thema van de berusting is een ontwikkeling die steeds sterker naar voren komt. De laatste twee koralen demonstreren dit heel mooi.

Zo word je als luisteraar helemaal meegevoerd met het lijden van Christus. De gevoelens bij deze woorden zijn intens en doorleefd in muziek gezet. Zo bereik je als luisteraar een heel andere ervaring dan bij het gesproken woord. Voor mij nemen de Sept Paroles du Christ een heel eigen plek in bij de muziek in de lijdenstijd. Tournemire weet een gevoelige snaar te raken.

Dat gebeurde ook bij de 50 toehoorders in het Orgelpark afgelopen woensdag. De laatste koralen voeren je mee in een toestand die je dicht bij jezelf brengt. Na het klinken van de laatste toon, was het helemaal stil. Zo drong zelfs de stilte door in de muziek en vormde een wezenlijk element bij deze compositie. Het applaus dat meer dan een minuut later volgde, was bijna ongepast. De muziek hield niet op bij de laatste noot.

Daarmee behoorde deze uitvoering tot een intens beleefd concert. Tjeerd van der Ploeg beheerste het muziekstuk goed, wist de subtiliteit goed uit het Verschuerenorgel te halen. Dwars door het rumoer van de tremulant en het robuuste volle werk. Tjeerd van der Ploeg wist zelfs iets van de mystiek uit het orgel en de ruimte te halen die ik voor onmogelijk hield.

Zo verliet ik woensdagavond het Orgelpark met een ervaring die zeker kan tippen aan de indrukwekkende uitvoeringen van Bachs passionen. Het einde van een mooie verdiepende periode in dit bijzondere muziekstuk uit het orgeloeuvre van Charles Tournemire.

Dupre's kruiswegstaties

image

Ik luister naar de 14 kruiswegstaties van Marcel Dupre. Prachtige muziek. Jan Hage speelt de 14 delige orgelcompositie zaterdag uit op het orgel van de Domkerk in Utrecht. Het is een prachtige orgelcyclus. Gebasseerd op de tekst Le Chemin de la Croix (1911) van de dichter Paul Claudel (1868-1955).

Ik heb op cassetteband 2 keer deze uitvoering, beide keren begin jaren 1990 uitgevoerd. Het eerste is van Maurice Pirenne op het orgel in de Sint Jan te Den Bosch, uitgevoerd voor de KRO-radio in 2 delen. Voorafgegaan door een voordracht van de bij de statie behorende tekst in het Frans. De tweede uitvoering is van Ton van Eck op het net gerestaureerde orgel in de Sint Servaes Basiliek in Maastricht.

De 14 muziekstukken behoren wel tot de meest intense van zijn imposante orgeloeuvre. Normaal is Dupre niet zo ernstig, maar in Le Chemin de la Croix is hij buitengewoon serieus. Elke statie heeft een heel eigen karakter en drukt een andere gemoedstoestand uit. Het roept het beeld op van iemand die zijn diepste zielenroerselen probeert bloot te leggen.

In vergelijking met Tournemires koralen bij de 7 kruiswoorden, is Dupre veel toegankelijker en misschien ook wel beweeglijker. Ik vind het oneerlijk beide orgelcycli met elkaar te vergelijken. Ze zijn daarvoor te verschillend. De componisten verschillen te sterk van elkaar in hun verwerking van het lijdensverhaal.

Dupres 14 muzikale schilderijen bij de 14 kruiswegstaties lijken ook in elke uitvoering weer een nieuw beeld op te roepen. Elke interpreet legt weer nieuwe accenten en speelt ritmes net weer iets anders. Registraties en verschillende soorten orgels doen wonderen met het muziekstuk. Een orgel als dat van de Sint Jan in Den Bosch levert een compleet andere uitvoering op dan het orgel in de Sint Servaes van Maastricht.

Wat heel mooi is van de uitvoering van Maurice Pirenne is dat de teksten van Paul Claudel vooraf worden voorgelezen. Ik ben heel slecht in Frans, maar het is heel intens en indringend om de vrouw deze teksten te horen voorlezen. De taal is hier geen obstakel maar een grote winst.

De bandjes waren al grijs gedraaid. Ze gaan weer in het cassettedek op mijn bureau. Niet van de beste kwaliteit, maar ik kom snel in de sfeer. Ik pak snel een cd van dit orgelwerk en merk hoe verschillende elke uitvoering weer is.

En dan verlang ik zo naar de uitvoering van de 7 koralen bij de kruiswoorden van Charles Tournemire. Zou het bandje echt niet in de bandjesdoos zitten?

Lees de tekst Le Chemin de la Croix van Paul Claudel