Tagarchief: maarten ’t hart

Moestuinieren en geduld – Tiny House Farm

De schrijver en bioloog Maarten ’t Hart houdt ook van moestuinieren. Hij schreef er wekelijks een column over op de achterpagina van NRC Handelsblad. Deze bijdragen zijn gebundeld in De groene over macht met als ondertitel: Tuinieren op de zware zeeklei. De bundel was in 2005 het nieuwjaarsgeschenk van uitgeverij De Arbeiderspers. Met illustraties van Peter Vos. Later is er een handelseditie van verschenen.

Boek Maartens moestuin
Moestuinieren in de zware zeeklei van Maarten ’t Hart

Maartens moestuin

Het boekje leverde zelfs een televisieserie op van de VPRO: Maartens moestuin. Overigens schijnt de romancier na een val van zijn e-bike niet meer te lukken. Ook tuinieren vergt veel kracht en als je arm niet meer wil, lukt het niet.

Beginnende amandel
Amandel die begint te groeien

Aan de boektitel met de zware zeeklei erin moet ik vaak denken. Het is niet makkelijk werken in de zeeklei. Dat leer ik wel in het kleine jaar dat we hier in de achtertuin ploeteren. Grote en zware klompen klei. In de herfst en winter als de grond vochtig is, bijna niet door te komen. In het voorjaar en de zomer kom je er niet door vanwege de droogte.

Pronkbonen lijden onder koude nachten
De koude nachten zijn funest voor de pronkbonen

Uitzetten eerste planten

We zijn dapper al een maandje terug begonnen met uitzetten van de eerste planten. De tomaten zitten al een enkele weken helemaal in de volle grond. Dat ging prima met de warme dagen. Nu er een paar koude nachten zijn geweest, is het zwaar. Net als de pronkbomen. Ze groeiden zo hard binnen dat we ze naar buiten hebben gedaan. De koude nachten doen ze de das om. Het is treurig om te zien hoe de planten dood gaan.

Jonge Black Prince tomatenplant
Jonge Black Prince tomatenplant.

Te snel en te haastig, vermoed ik. Je wordt ook wel ongeduldig als het zulk mooi weer is. Als het dan een periode wat kouder is, hebben de planten het zwaar. Ik ben heel benieuwd wat het allemaal gaat redden. Dan sta ik er toch weer versteld van dat die ene tomaat met het label Black Prince die is opgekomen, toch heel aardig begint te groeien.

jonge artisjok
Jonge artisjok

Artisjokken

Of wat dacht je van de artisjokken. Zelfs het plantje dat we opgegeven hadden, krijgt toch weer leven. Hoezo trage groente? Er komen hier prachtige dingen uit de aarde. Net als de machtige amandel. De vruchten hoor je bijna groeien. Wat een joekels worden dat. Ik kan niet wachten tot de oogst kan beginnen.

En ook dat zullen we met veel geduld moeten afwachten. Want als ik iets leer met de moestuin is dat je geduld moet hebben.

Chicklit, kookboek of historische roman – #50books antwoorden vraag 22

image

Dichters die een roman schrijven, romanciers die ineens op de proppen komen met een dichtbundel. Het bestaat allemaal en veel lezers dromen van zo´n zet van hun favoriete schrijver. Het zijn de antwoorden op de 22e boekenvraag: Welke schrijver of schrijfster zie jij het liefst zijn of haar boekje te buiten gaan?

Kookboek of chicklit?

Het levert weer mooie antwoorden op, waarvan het voorstel voor chicklit door Maarten ’t Hart misschien wel de opvallendste is of een bundel light verse zoals Jannie voorstelt. Wat van een kookboek van Adriaan van Dis met heerlijke Zuid-Afrikaanse recepten? Het kan geen kwaad als een schrijver gewoon eens iets heel anders gaat doen.

Historische roman

Ik had mij laatst ook laten verrassen door de historische roman van A.F.Th. van der Heijden: Ochtendgave. Ik genoot van hoe ik onze tijd teruglas in het spel met de tijd, maar de verwevenheid van de historische feiten in een bijna hedendaags verhaal hebben mij heel erg getroffen.

Slauerhoff in hedendaagse stijl

De wens van Niek is net zo mooi. Hoe zou het zijn als je een verhaal van Slauerhoff zou lezen in de stijl van onze hedendaagse schrijvers. Het zou een bijzonder verhaal worden, denk ik. Net als de erotische bundels en verhalen, die ze noemt in haar blog van schrijvers die een andere, schaamtevolle kant van zichzelf lieten zien.

Onwennige critici

Martha stort zich op de schrijvers die al hun boekje te buiten zijn gegaan. Ze wijst op de critici die vaak onwennig zijn. Zoals bij de thriller van J.K. Rowling The Casual vacancy of Stephen Kings roman Misery waarmee hij de horrorkritiek op het verkeerde been zet. De weg die Marek van der Jagt zet, verschilt niet veel van het andere werk van zijn schepper Arnon Grunberg, maar hij zette daarmee wel de hele literaire wereld op het verkeerde been.

Een literaire Fernanda?

In de vraag van Tessa over chicklit van John Irving staan al nog een paar suggesties, net als in de reacties onder haar post. Karin Slaughter met een liefdesroman of Fantasyverhaal van Hanna Bervoets? Wat dat je van een literaire roman van José Fernanda of Mel Wallis de Vries met een thriller voor volwassenen?

Suggesties waarvan ik hoop dat een paar schrijvers ze lezen en op een idee brengt.

Lees morgen de nieuwe boekenvraag.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Biesheuvel: De weg naar het licht

image

In mijn strooptocht op zoek naar de boeken van Maarten Biesheuvel krijg ik plotseling de delen 2 en 3 van het Verzameld werk toegeworpen. Ze liggen op de tafel met afgeschreven boeken in de bibliotheek.

Een droom wordt werkelijkheid. Behalve dat ik wekenlang achtereen de tafel afstruin op zoek naar het eerste deel van deze serie. Het ligt er niet. Daarom zoek ik uit welke boeken in dit eerste deel zitten. Zo ontdek ik dat ik de verhalenbundel De weg naar het licht helemaal niet heb.

Als ik hem dan in een kringloopwinkel tegenkom, gaat hij mee. Ik kan mij niet bedwingen en begin te lezen. De wereld in de verhalen van Biesheuvel bestaat uit een uniek universum. Het universum waarin je verdrinkt in de woorden, het verhaal en de personages. Je weet niet altijd waar je bent, maar je laat je meeslepen in de beelden.

Het verhaal ‘De Leeuw van Leiden’ bijvoorbeeld. De verteller is bij een bijeenkomst waar de aanwezigen allerlei boeken en artikelen lezen. Daarna begint een man een lange monoloog over wat 1 iemand wel niet allemaal geschreven heeft.

Ze zijn allemaal van 1 man: Maarten ’t Hart. De verteller wijst de man die de monoloog hield op de schrijver: hij zit te breien in een hoekje van de kamer op een sofa. Het is de Leeuw van Leiden die daar zit.

Dan probeert de verteller te achterhalen waar het geheim vandaan komt. Hoe komt het dat Maarten ’t Hart werkelijk alles leest en daarna bijna dagelijks publiceert over allerlei onderwerpen. Of zoals de verteller aan de Leeuw van Leiden vraagt:

‘Vertel me nou toch eens wannéér je schrijft over al die onderwerpen, andere mensen zouden er met hun dertienen jaren over doen om zoveel te schrijven over aardrijkskunde, antropologie, biologie, economie, geneeskunde, geologie, geschiedenis, godsdienst, huishouding, krijgskunde, kunstgeschiedenis, letterkunde, maatschappijleer, mode, muziek, opvoedkunde, politiek, psychologie, recht, scheikunde, staatskunde, sterrenkunde, techniek, weerkunde, wiskunde, wijsbegeerte enzovoort, ja werkelijk járen zouden dertien mensen bezig zijn met het schrijven van zoveel artikelen over zoveel onderwerpen, zoveel verhalen, zoveel romans…, terwijl jij dat allemaal in je eentje in ééń jaar af kan? Dat grenst aan het krankzinnige. Jouw verschijnsel begint, wat wonderlijkhied betreft, vormen van metafysische onbegrijpelijkhied aan te nemen.’ (179)

Het gesprek begint hierna even wonderlijke, metafysische onbegrijpelijke vormen aan te nemen. Het gesprek fladdert van raaskallen naar de zang van de nachtegaal, naar de colleges van Karel van het Reve. Volgens Maarten ’t Hart zou de verteller de colleges ernstig verstoord hebben:

‘[W]aarom hielp jij altijd de colleges van Karel van het Reve naar de maan door er allerlei kletskoek uit te gooien? Dacht je soms dat wij geïnteresseerd waren in de verhalen van jou over je moeder, je vader, over Rooms en Protestant Kethel, dat wij belangstelling hadden in je zeeverhalen en al die zotte fantasiën?’ (181)

De verteller weerspreekt de opmerking dat de Leidse professor daar niet op zat te wachten. Hij vond het juist heerlijk als ik een deel van die 50 minuten vulde, geeft hij als tegenargument.

Toch wil de verteller graag achter het geheim van de enorme productiviteit van Maarten ’t Hart komen. Daar verliest het verhaal alle grip op de werkelijkheid. De verklaring voor die enorme productiviteit: zijn enorme verliefdheid. Daardoor gedreven vliegt zijn pen over het papier, waarna zijn vrouw alles uittikt en dagelijks de artikelen per post worden verstuurd naar alle media van Nederland.

Het is dat verlies op de werkelijkheid die de verhalen van Biesheuvel iets dromerigs geven. Je raakt de draad regelmatig kwijt of komt er juist verstrikt in te zitten. Het verhaal dat van de hak op de tak gaat en waarbij je alle kanten opschiet. Het beste is dan om stug door te lezen. Als een schip in de storm door te varen, want je komt vanzelf behouden in de haven aan.

J.M.A. Biesheuvel: De weg naar het licht en andere verhalen. 7e druk, 1985. Amsterdam: Meulenhoff, [1977]. ISBN: 90 290 0664 1. 240 pagina’s. [niet meer verkrijgbaar]

Ik vlogde al eens eerder over hem:

Grijze luchten

image

De wolkenluchten komen veel aan bod in Maarten ’t Harts Een vlucht van regenwulpen. De verteller refereert er vooral naar als er iets belangrijks gebeurt. Zijn geboorte zou zijn geweest onder een grijze lucht en zijn moeder sterft onder een treurig grijze hemel.

Zo zou je kunnen denken: ik ben, zoals mijn moeder o vaak ongevraagd verteld heeft, op een grijze zaterdag geboren; zij is op een grijze zaterdag gestorven, nu is het weer zaterdag en opnieuw is de hemel bedekt met datzelfde transparante, bestendige, nergens lichter of donkerder grijs. (68)

Als de uitslag van de eindexamens wordt gegeven, gaat de ik-verteller Maarten met Johan naar school onder een ‘grijze, treurende hemel’. Alleen als de woede van God zich openbaart, verandert de grijze hemel in een lucht vol donderkoppen.

Het weer maakt van een Een vlucht regenwulpen een typisch Nederlandse roman. Wat dat betreft sluit Maarten ’t Hart heel goed aan bij een schrijver als Oek de Jong. Deze schrijver betrekt ook vaak het weer en het Nederlands landschap in zijn romans. Het krijgt daarmee bijna een rol alsof het een personage is.

De hoogleraar Ton Anbeek ergert al dat spruitjesproza. Hij schreef in 1980 een beroemd essay waarin hij pleit dat er meer straatrumoer in de Nederlandse letteren mag komen. Een vlucht regenwulpen mist dit rumoer. Daar blijft het beperkt tot de vele overpeinzingen van de verteller. Het rumoer is in het hoofd van Maarten en niet op straat.

Maarten ’t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

Biologie

image

Bij het herlezen van Maarten ’t Harts boek Een vlucht regenwulpen zie ik veel dingen die mij niet zijn bijgebleven bij het lezen van het boek toen ik een jaar of 17 was. Ik las toen vooral de geloofspassages goed en de hunkering naar Martha vormde heel duidelijk een sterke herkenning. Maar het boek laat nog iets anders zien, namelijk de biologie. Overal in het boek vliegen vogels rond. De verteller kijkt gebiologeerd naar alle vogels die voorbij fladderen.

Hij haalt er troost uit. Ook spreekt er alle hoop in. Zo hoopt hij ooit het ijsvogeltje in de rietlanden te vinden. Kijkt hij vol plezier naar kraaitjes of mussen. En verdedigt menig met uitsterven bedreigde vogelsoort. Het geeft het boek iets moois.

Het duidelijkst komt dat in de passage na het ouderlingbezoek naar voren. Er vliegt dan een vlucht regenwulpen over. De verteller Maarten is getroffen door de bijzondere vlucht vogels die overvliegt. Het is op het moment als zijn moeder stervende is:

Regenwulpen zijn zo zeldzaam, zo bijzonder dat ik naar het raam toe wil rennen om ze beter te kunnen zien maar ik doe het niet, ik denk alleen maar: ze is gestorven op het moment dat de regenwulpen over kwamen en die gedachte troost me, vreemd genoeg. (68)

De natuur geeft troost. Waar hij het geloof heeft verloren, geven de rietlanden, de rondfladderende vogels en bijzondere plantjes hem troost. Ze bieden hem houvast en laten hem iets zien dat de God van zijn geloof niet (meer) heeft.

Maarten ’t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

Herinnering – #WoT

image

her·in·ne·ring (de; v; meervoud: herinneringen) 1 het herinneren 2 dat wat je je herinnert 3 geheugen 4 (eufemisme) aanmaning

Bij de actie Nederland leest staat deze maand het boek Een vlucht regenwulpen centraal. Wat mij erg opviel in dit boek zijn de scherpe jeugdherinneringen van de ik-verteller en hoofdpersoon Maarten.

Deze herinneringen uit de kinderjaren zijn erg mooi beschreven. Zoals de herinnering aan het amandelen knippen. De jonge Maarten gaat naar het dorp om zijn amandelen te laten ‘pellen’. Hij is tot die tijd altijd in en om het huis geweest. Het is de eerste keer dat hij in het dorp komt.

Ze varen er op de veilingschuit naartoe. Maarten geniet van de ervaringen die hij onderweg opdoet. Als ze in het dorp komen, maakt hij kennis met het plein en de kerk. De schaduw van de kerk trekt over het plein. Maarten is bang voor het licht.

Het zonlicht is zo hard en fel, het wil me verslinden, zo heb ik het nog nooit gezien. Ik ril als mijn moeder over het plein wil lopen, ik ruk aan de handen van mijn moeder en zeg: ‘Langs de huizen, moeder, langs de huizen.’ (29)

Hij wil niet over het plein omdat hij dan over de streep van vuur moet. Als hij er uiteindelijk toch overheen moet stappen, merkt hij dat er niks gebeurt als zijn schaduw opgaat in de schaduw van de huizen.Het knippen van de amandelen is een traumatische ervaring. Een gloeiend hete tang gaat in zijn mond en brandt in zijn keel. Een gruwelijke pijn.

Het zijn passages waarbij weemoed naar het verleden en de teleurstelling in mensen heel mooi samenvallen. De herinnering is heel sterk en weet ook bij de lezer een mooi beeld op te roepen van het Nederland uit de jaren ’50.

Maarten ’t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

#WoT

Wat is jouw jeugdherinnering die je nog scherp voor de geest kunt halen. En heb jij een boek dat je treft vanwege de scherpe herinneringen?

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord of een foto. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog.

De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @pixelprinces overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over het woord: herinnering.

Lees ook mijn bespreking van Maarten ’t Harts Een vlucht regenwulpen op Litnet.co.za