Tagarchief: litnet

Getallen

image

Het personage Lillian in Arnon Grunbergs novelle Het bestand heeft net zoals de hoofdpersoon Adam uit De Held van kamer 13B een voorliefde voor getallen.

Ook zij straft zichzelf met onmogelijke berekeningen:

Door bijvoorbeeld de som 207607:263 op te lossen, door het getal 263 te ontleden tot twee honderdtallen, zes tientallen en drie eenheden, verdwijnen de beelden langzaam, worden ze minder scherp. Het geweld wordt doorzichtig, de orgie vervaagt. (80)

Is het in de roman van Toten om de krankzinnigheid en dwangmatigheid te bewijzen, bij Arnon Grunberg is het meer om zijn personage een menselijk gezicht te geven. De gekken in de romans van Arnon Grunberg zijn net normale mensen. Daarin schuilt ook de bedriegelijkheid van zijn romanwereld.

Zoals de derde tatoeage van Lillian. Het is een getal:

Haar derde tatoeage is zichtbaar geworden. Het getal 206390. Een prachtig getal. Een van de mooiere getallen. Ze hoefde er niet lang over na te denken, dat getal hoorde op haar rechteronderbeen. (120)

Onmiddellijk klinkt hier de associatie met de cijfers die de nazi’s op hun kampgevangenen bij binnenkomst tatoeërden. Het spel van Arnon Grunberg behelst meer dan de typering van een personage. Het is onderdeel van de hele roman.

Arnon Grunberg gaat hiermee vele malen verder dan Teresa Toten in haar roman doet. Bij haar blijft het bij een tic als onderdeel van een compleet gestoord profiel. Bij Grunberg kun je het ook zo zien, maar de betekenis kan veel breder opgevat worden. Dat is de kracht van Grunberg.

Arnon Grünberg: Het bestand. Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar, 2015. ISBN: 978 90 388 9988 6. 171 pagina’s. Prijs: € 18,50.

Lees mijn bijdrage voor Litnet over het 25-jarig schrijverschap van Arnon Grünberg

Ultramarijn

image

Bij het horen van het project van Toef Jaeger om het leven
van Henk van Woerden te beschrijven, werd ik erg nieuwsgierig. Henk van Woerden is voor mij vooral bekend als de schrijver van Ultramarijn. Het is zijn laatste roman. Een heel sprookjesachtig verhaal waarin de Arabische wereld op een heel treffende manier wordt verwoord.

Ik was bij het lezen van dit boek zo getroffen dat ik het destijds niet aandurfde erover te schrijven. Later las ik het nog eens. Opnieuw was ik zo getroffen door dit totaal ‘on-Nederlandse’ boek.

Het valt helemaal uit de Nederlandse literatuur door zijn bijzondere onderwerp, getroffen beschrijvingen en indrukwekkende verhaalverloop. Een verhaal dat enerzijds heel exotisch is en aan de andere kant juist afstandelijk en abstract. Ik heb ervan genoten, maar kon er geen woorden voor vinden het te bespreken.

Bij het lezen van de biografie die Toef Jaeger schreef over Henk van Woerden, moest ik vaak terugdenken aan de bijzondere leeservaring die ik had met Ultramarijn. Het boek kwam erg on-Nederlands op mij over. Ik twijfelde lang waar het verhaal kon spelen. Ik dacht zelf aan Iran, Syrië of Cappadocië aan de kust van Turkije met de woningen in de rotsen.

Toef Jaeger verklapt een beetje de mystiek van waar het verhaal van Ultramarijn speelt. Ze verwijst naar Kreta. De periode dat Henk van Woerden op Kreta woonde, vormt volgens de biografe ongetwijfeld de inspiratie voor deze roman. Van mij mag ze het beweren. Ik denk liever niet over de plaats, maar voel meer voor de betoverende wereld die Henk van Woerden in Utramarijn beschrijft.

Toef Jaeger: Koning Eenoog, Een migrantenverhaal, Leven en werk van Henk van Woerden. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2015. ISBN: 978 90 450 2801 9. 318 pagina’s. Prijs: € 24,95.

Lees mijn bespreking op Litnet over Toef Jaegers biografie

Even in Zuid-Afrika

image

Iets vertellen over Litnet. Het is vrijwel onmogelijk. Toen ik de vraag stelde aan hoofdredacteur Etienne van Heerden of ze misschien wat materiaal voor de presentatie hadden, kreeg ik de volgende reactie:

LitNet is ‘n komplekse ruimte, maar jy is welkom om ‘n oorsigtelike praatjie oor LitNet te lewer – in die besonder oor hoe jy dit in die vreemde ervaar. ‘n Subjektiewe beskouing, as ‘t ware. Hoe klink dit vir jou?

Het maakte de twijfel alleen maar groter. Wat moest ik vertellen over litnet? Litnet is zo groot dat je het onmogelijk in een presentatie van 20 minuten kunt proppen. Ik zocht verder.

Ik kwam uiteindelijk uit bij mijn eigen verhaal over litnet en de Afrikaanse literatuur en muziek die ik daarmee leerde kennen. Net als de taaldebate en de hygliteratuur.

Ik vertelde mijn verhaal.

In 2000 vroeg Etienne van Heerden aan mij – op een plechtig moment na een Albert Verwey lezing en na een paar glazen Kaapse wijn – of ik misschien wilde meewerken aan Litnet. Ik studeerde Nederlands en had de gastschrijver met bibberende stem een paar weken eerder om een bijdrage voor de Almanak gevraagd.

Hij vroeg of ik misschien de Nederlandse literatuur wilde bijhouden met spannende schrijvers als Abdelkader Benali en Kader Abdolah. Of de schrijver Saïd El Haji van wie ik ooit een verhaal toeliet in het literaire studententijdschrift dat ik had opgericht.

Ik kon niet weigeren. Zo’n groot schrijver die mij vroeg om te schrijven voor litnet. Ik gaf er vrijwel meteen gehoor aan en begon te schrijven voor litnet. Ik kon geen salaris krijgen. Zo schrijf ik gratis voor dit bijzondere internet tijdschrift.

Ook las ik bijdragen van anderen op litnet. En ik liet eens een stapeltje cd’s uit Zuid-Afrika opsturen. Zo maakte ik kennis met een paar prachtig muzikanten. Namen als Koos Kombuis, Johannes Kerkorrel en Gert Vlok Nel. Zonder litnet had ik ze waarschijnlijk niet gekend.

En ik vertelde over ze aan anderen. Zo drong de Afrikaanse rock binnen in mijn leven. Op mijn huwelijk speelde een liedje van Koos Kombuis als openingsdans, Bicycle Sonder ‘n Slot. En op de trouwkaart citeerden we uit een liedje van deze zanger en schrijver.

Door litnet ben ik een rijker mens geworden. Ik merkte het ook bij de lezing. De gesprekken met studenten uit Zuid-Afrika en Nederlanders met grote liefde voor dit land en haar inwoners. Ik voelde me even in Zuid-Afrika.

Hoe zag internet er in 1999 uit?

image

Voor het symposium van komende vrijdag over de Zuid-Afrikaanse cultuursite litnet.co.za ben ik eens in het internet van 1999 gedoken. Het is 15 jaar geleden, maar het internet van die tijd doet nu prehistorisch aan. We surfden over het www met de browser ‘Netscape’ en gebruikten massaal nog Windows 95 of de eerdere versie Windows 3.1.

Veel van de sites die we nu gebruiken, waren er toen nog helemaal niet. Zoals facebook (2004), twitter (2006) en buienradar (2006). Sommige websites zijn zelfs alweer verdwenen, zoals hyves (2004-2013). Google bestond krap twee jaar, we zochten in 1999 nog vooral via Ilse. Het in 1998 gelanceerde startpagina.nl won aan populariteit.

Apple was een nagenoeg failliet concern, maar lanceerde een jaar eerder de succesvolle iMac. In 1999 werden de verschillende kleuren van deze computer gepresenteerd op de website. Microsoft had een jaar eerder in 1998 Windows 98 gelanceerd. Windows XP zou pas twee jaar later het licht zien, terwijl de software-ontwikkelaar binnenkort de service stopzet.

In deze tijd lanceert de Zuid-Afrikaanse schrijver Etienne van Heerden het ‘aanlyn-boekejoernaal’ Litnet.co.za. De site in die vormgeving bleef tot 2006 bestaan en bevat alle elementen van websites uit die tijd: een lange lijst links naar artikelen in het kladblok-lettertype FixedSys.

In 2006 wordt de website aan een nieuwe layout onderworpen en komt in een heus content management systeem (CMS). Het systeem wordt in januari 2012 vervangen door de huidige website. Litnet is nu meer dan ooit veranderd in een groot skakel-festijn. Bezoekers kunnen zelf bloggen, een reactie achterlaten of een discussie starten.

Het ‘aanlyn-boekejournaal’ waarmee Etienne van Heerden in 1999 begon, heeft zijn ultieme gedaante aangenomen.

Litnet – Van boekenhuis naar cultuurhuis

litnetKomende vrijdag lever ik een bijdrage aan het symposium: Digitaal Afrikaans: Internet en de Afrikaanse literatuur. Ik mag iets vertellen over het Zuid-Afrikaanse Litnet waarvoor ik sinds 2001 schrijf.

Ik sta stil bij de vraag wat dit digitale medium kan betekenen voor Nederlandse studenten en geïnteresseerden in de Zuid-Afrikaanse letterkunde.

Litnet is opgericht in 1999 door Etienne van Heerden. Op 11 januari 1999 ging de website online als een ‘aanlyn-boekejoernaal’. Het kreeg de veelzeggende ondertitel ‘die boekehuis met baie wonings’ mee. De voertaal was Afrikaans, aangevuld met artikelen in het Engels, Nederlands en Xhosa.

Al vrij snel verviel het woord boeken. Nu pakt de website het veel breder en omvat het onderwerp ‘cultuur’. Naast het huis met de vele woningen, is het ook de stem van de Zuid-Afrikaanse cultuur in al zijn gevarieerdheid. Het huidige ‘Mission Statement’ staat in het Engels:

LitNet aims to provide a robust virtual home for culture lovers and to remain the leading South African multicultural online journal. As a broad cultural journal with an Afrikaans-speaking heart but an openness to a multicultural environment and living space, it also accommodates other languages such as Xhosa, English and Dutch.

Deuitbreiding naar een Engelstalig platform voor Zuid-Afrikaanse cultuur heeft de laatste jaren veel aandacht gekregen. De wekelijkse nuusbrief in het Afrikaans krijgt mogelijk ook een Engelstalige variant.

Het ligt in de bedoeling dit nog verder uit te bouwen in de nabije toekomst. Of er ooit een Nederlandstalige nieuwsbrief komt, is de vraag. Het Nederlandse publiek is te versnipperd en te klein voor het gewenste resultaat.

Benieuwd naar mijn lezing, kom gerust langs vrijdagmiddag in Leiden.

Lees de boeiende lezing van Etienne van Heerden over de relatie van internet met het postmodernisme (in Afrikaans)

Doedelzak en kwinkslag – #WOT

image

Geschiedenis is dikwijls een ernstig verhaal boordevol met dramatische elementen: oorlogen, heersers, verliezers en verslagenen. Tussen de veldslagen is weinig ruimte voor kwinkslagen. Maar gelukkig is er de historische roman van Jan van Aken. Zijn boeken spelen in het verleden en spelen met de geschiedenis. Eigenlijk zijn het kwinkslagen met het verleden.

Een flinke roman

Een flinke roman is De afvallige van Jan van Aken. Het is zijn zesde roman, de tweede bij de uitgever Querido. Bij zijn vorige roman Koning voor één dag in 2008 stapte hij over van Prometheus naar Querido. Deze nieuwe roman staat in de lijn met zijn debuutroman Het oog van de Basilisk uit 2000. Of zoals hij het zelf in zijn verantwoording schrijft:

Dit boek gaat chronologisch vooraf aan mijn debuut Het oog van de Basilisk, waarin Swintharik een kleine rol speelt als stokoude blazer die het bloedverduisterende Hunnentij begeleidt met zijn doedelzak. (603)

Jan van Aken heeft mij weleens vertelt dat de twee romans bij elkaar horen en samen met – een nog te verschijnen – derde roman een trilogie vormen. De romans spelen in de late jaren van het Romeinse rijk. Het rijk staat op wankelen. De Goten vallen het land binnen, later volgen de Hunnen. Hun speldenprikken vormen een voortdurende bedreiging van het rijk.

Beduidend kleinere rol

En inderdaad Swintharik speelt in het debuut van Jan van Aken een beduidend kleinere rol dan hij in De afvallige doet. Al is het een iets grotere rol dan die Jan van Aken in zijn verantwoording schetst. De doedelzak krijgt een prominente rol. Dezelfde doedelzak waarvan het ontstaan in De afvallige uit de doeken wordt gedaan.

Swintharik is verslaafd aan de drank. Naar eigen zeggen komt dat door de dipsa. De dipsa is een slang. Waarna hij bijt, maakt hij de gebetene dorstig. Zo dorstig dat hij niet te stuiten is. Swintharik is kort nadat hij de keizer Julianus vermoord heeft, gebeten door de slang. Sindsdien kan hij niet van het wijnvat afblijven.

Wijnzak van geitenbok

Omdat hij vaak onderweg is, maakt hij van een geitenbok een wijnzak, een podeoon. Hij sleept de podeoon de hele tijd bij zich. Uiteindelijk verandert de wijnzak in een muziekinstrument: de doedelzak. Dat gebeurt in hoofdstuk 34 met de vanzelfsprekende titel ‘Doedelzak’ als hij de wijnzak wil laten bijvullen door de schenker. Hij houdt ondertussen zijn schalmei ook vast.

Swintharik pakt de podeoon op, maar voor hij de schenker bereikte, struikelde hij, zodat het blaasinstrument met zo veel kracht in de leren zak gestoken werd, dat die een lange klacht uitstootte, alsof de laatste adem van de zo lang geleden gestorven geitenbok nu ontsnapte. (546)

Als keizer Valens eindelijk uitgelachen is, stelt hij voor dat Swintharik de zak volblaast in de hals terwijl hij met zijn vingers de schalmei bespeelt. ‘Het was een ander instrument nu, dat geen ruimte liet voor rusten en stilten tussen de noten.’

Het verhaal klinkt als Astrix en Obelix die bijvoorbeeld ervoor gezorgd hebben dat de neus van de sfinx eraf viel. Of andere grootse gebeurtenissen uit de historie die een mooie verwerking krijgen. Dat gebeurt bij Jan van Akens De afvallige ook. Tussen alle helden lopen de personages. Banaal en dubbelzinnig beïnvloeden ze de geschiedenis.

Doedelzak spelen

De doedelzak speelt in Het oog van de Basilisk een belangrijke rol. Al geeft het hem ook iets idioots. In dit laatste boek is hij een oude man, misschien wel honderd jaar oud, suggereert de verteller en loopt hij te zeulen met die doedelzak.

Jan van Aken is daar erg goed in. Hij verweeft in de bekende geschiedenis vol keizers, dappere helden en grootse overwinningen zijn eigen verhaal. Het is een verhaal vol drank, begeerte en vooral van dwazen. Zijn vertellers zijn nooit te vertrouwen, ze smeden samen en bedriegen de lezer waar hij bij staat. Soms maken ze zichzelf groter dan ze zijn, andere keren juist weer kleiner.

De kwinkslag

Dat is de kwinkslag in het werk van Jan van Aken. Ik ben er gek op. Het plaatst de geschiedenis in een ander daglicht. Het haalt het profane uit de besofte boeken vol helden en overwinningen. Het maakt de geschiedenis weer wat ze is: het leven van mensen. Daarmee trekt hij het verhaal soms door naar het ordinaire en alledaagse. Precies zoals het hoort dus.

Voor het Zuid-Afrikaanse Litnet bespreek ik De afvallige nog uitvoeriger: lees mijn bespreking op Litnet