Tagarchief: jan cremer

Sirenen, Een liefdesverhaal – lezen

Het verhaal van zijn grote liefde. Dat is de laatste roman van Jan Cremer. Het is het 2e in de serie Odyssee met de titel Sirenen en gaat over zijn liefde voor het latere fotomodel Loesje Hamel.

Als ze elkaar tegenkomen tijdens de donkere winterse dagen van 1959 in het uitgaansleven van Amsterdam, zijn ze allebei nog niet bekend. Dat zal een paar jaar later helemaal veranderen. Jan Cremer zet de wereld op stelten met zijn boek en schilderijen. Loesje Hamel zingt met Ramses Shaffy en Liesbeth List de Shaffy Cantate.

Voelbare spanning

De spanning die er tussen de 2 heerst, is overal voelbaar in het boek van Jan Cremer. Want je leest in de tekst duidelijk dat hij spijt heeft van zijn keuzes. Hij heeft haar laten schieten voor zijn grote andere ideaal: het zwerversbestaan.

Terecht merkt de verteller op dat hij een aantal keer voor haar had kunnen kiezen, maar dat niet doet. Hij heeft aan zijn motor gesleuteld en gaat met zijn maat Barry op reis naar het zuiden. Voor een week of 4, hooguit anderhalve maand. De paar weken worden 2 jaar.

Als hij terugkomt in Amsterdam, ontdekt hij dat Loesje getrouwd is. En zo ontstaat een verhaal van aantrekken en afstoten. De 2 kunnen niet zonder elkaar, maar zodra Jan Cremer moet kiezen voor de liefde, slaat de angst hem om het hart. Hij doet wat hij dan altijd doet: vluchten.

Smachtende Penelope

Daarmee is Sirenen het 2e deel van de Odyssee een verhaal van Penelope die smachtend op haar man Odysseus wacht. Hij komt nooit en Loesje heeft wel wat minder geduld dan Penelope. Ook laat Jan Cremer zien wat voor een ongelooflijke lul hij is. Hij laat haar op een aantal cruciale momenten gewoon barsten.

Het is een bijzonder openhartige houding waarmee de verteller Jan Cremer zijn eigen verleden te lijf gaat. Hij verheft zich zeker tot de held van het verhaal en is zeker de schelm die hij in zijn andere werk ook is. En ook geldt: Loesje is de liefde van zijn leven, maar hij wil zich niet nu aan haar binden. Samen zijn met Loesje is vooral iets voor later. Het nu is reizen en de schelm uithangen.

De sirenen van Jan Cremer

Van vrouw naar vrouw hoppen

De verteller hopt van vrouw naar vrouw, van model naar model en begaat regelmatig ook een stommiteit. Zoals het moment dat hij trouwt met Hester. Hij doet het voor de kinderen die met dit huwelijk niet steeds van gastouder naar gastouder hoeven te gaan. Het zijn niet eens allemaal zijn eigen kinderen. Het is de grootste fout die hij van zijn leven maakt. Hij haalt met dit huwelijk een lange schuld op de hals.

Het huwelijk met H. is vooral het laatste zetje voor Loes om geen contact meer met hem te hebben. Ze negeert hem zelfs op straat als hij haar in nachtelijk Amsterdam tegen het lijf loopt. Het is daarmee een verhaal van de verloren liefde, waarbij Jan Cremer veel kansen laat liggen.

De heftigheid van deze relatie doet mij denken aan een heel intense relatie die ik in mijn studententijd had. Ook hier het falen, waarmee het verhaal des te pijnlijker wordt. Zoveel herkenning dat je je echt afvraagt of zoiets echt goed kan gaan of dat het allemaal te vurig is zodat je je alleen maar aan elkaar verbrandt.

Bindingsangst

Verder is Sirenen een mooi verhaal van een man die terugblikt op zijn bijzondere liefde voor Loesje. Je gelooft zeker in de oprechtheid, maar tegelijkertijd voel je de angst bij de verteller. De angst zich aan haar te binden en daarmee ook een deel van zijn vrijheid in te leveren.
Die keuze voor de vrijheid, maakt ook dat de relatie tussen Jan en Loesje niet slaagt. Voor mijn gevoel is vooral Loesje hier de grote verliezer. Zij wordt een aantal keer echt door de verteller in de steek gelaten. En met deze ode aan haar, lijkt Jan Cremer dat goed te willen maken.

Jan Cremer: De sirenen. Odyssee deel 2. Amsterdam: De Bezige Bij, 2018. ISBN: 9789023443582. Prijs: 20,99. 304 pagina’s. Bestel

Tubantia

Jan Cremer is in zijn roman Fernweh ongenadig naar een aantal Twentse kopstukken. Zo moet de directeur-hoofdredacteur van Tubantia, Houwert, eraan geloven.

Cremer schrijft dat zijn vader niet tegen de halfslachtige houding van Houwert tegenover de bezetter kan. Daarom ontaardt het in een knetterende ruzie tussen de 2 Twentenaren. En dat komt niet goed meer.

Waar ikzelf zo’n dertien jaar later nog mee te maken krijg. Op de advertentie in Tubantia ‘Leerling-journalist gevraagd’ heb ik gereageerd, ik ben vijftien, en na een sollicitatiegesprek en een persoonlijke rondleiding door de drukkerij met de enthousiast geworden heer Houwert word ik aangenomen. (178)

Hij mag maandag beginnen, maar de volgende dag moet hij toch nog even langskomen. Daar krijgt hij de vaag van de directeur-hoofdredacteur: ‘Heet jouw vader toevallig ook Jan?’

Het antwoord laat zich raden en Jan Cremer kan fluiten naar deze functie.

Ik heb de zoon van deze Houwert gekend. Hij bestierde toen de burelen van Wegener. Een heuse krantenman, maar wel met een vergelijkbare norsheid over zich. En of hij zou heulen met de vijand? Dat durf ik niet te zeggen.

Jan Cremer: Odyssee, Fernweh. 1e deel uit de Odyssee-cyclus. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 9982 4. 288 pagina’s. Prijs: € 19,99. Bestel

Verraad

In zijn roman Odyssee, Fernweh geeft Jan Cremer een indringend portret van de Tweede Wereldoorlog. Hij verliest in die periode niet alleen zijn vader, maar veel meer.

Zijn moeder, een Hongaarse dame van adel, lijkt ondanks haar huwelijk met Jan Cremer geen aanspraak te mogen maken op zijn bezittingen na haar mans overlijden. Aan het eind van de oorlog worden ze opgesloten in Kamp Scholten, als vermeende NSB’ers. De buren pikken alles in:

Toen we terug uit het kamp kwamen en waren leeggeroofd, liepen de kinderen van schoenmaker Nijhuis in mijn kleren, zijn vrouw in de jurken en jassen van mijn moeder, stonden delen van onze huisraad – de schemerlamp – in hun huis. (243)

Jan Cremer kan niet begrijpen dat je van naast buren kon pikken en het zonder schaamte open en bloot liet zien. Het verraad is groot en zijn moeder vergeeft het de buren nooit. Later maakt de slager aanspraak op het huis en raken ze van de ene op de andere dag dakloos. Het begin van een zwerftocht door de stad.

Het helpt zijn moeder niet om anders over haar overleden man en de Nederlanders te denken. Als Hongaarse van adel ziet ze de toestand waarin ze is terechtgekomen als een grote vernedering.

Als ze later de kans krijgt terug te keren naar haar geboorteland, ziet ze er op de laatste nipper vanaf. Het is opnieuw haar eer die haar tegenhoudt. Ze vindt dat ze als grande dame ontvangen moet worden.

Jan Cremer: Odyssee, Fernweh. 1e deel uit de Odyssee-cyclus. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 9982 4. 288 pagina’s. Prijs: € 19,99. Bestel

Twente: land tussen Overijsselse Heuvelrug en Teutoburger Wald

Met liefde schrijft Jan Cremer over Twente. Is het in zijn debuutroman Ik, Jan Cremer juist de Twentse benepenheid die het moet ontgelden, in Odyssee, Fernweh is het de basis van waaruit vader Jan Cremer werkt. Hij keert na al zijn reizen altijd weer terug in Enschede om weer zijn diensten als elektricien aan te bieden. Al gooit hij gerust de winkel weer dicht om een paar maanden op reis te gaan naar Spanje of Syrië.

Jan Cremer schrijft dat zijn vader niet de voorkeur voor de zee heeft. Hij heeft liever vaste grond onder de voeten. Mogelijk ook veroorzaakt door zijn achtergrond. De Twentse bodem brengt hem naar het verlangen naar stevige grond en niet naar de onstuimige zee:

Opgegroeid immers in het lage land, tussen de Overijsselse Heuvelruge en het Teutoburger Wald was hij thuis in de dichte wouden voorbij Münster. Hij maakte daar dagenlange wandeltochten en logeerde dan in Hotel Drei Kronen in Tecklenburg. (132/3)

Tegelijkertijd zorgde het bij de oude Cremer wel voor een voorliefde voor de bergen. Hij hield niet van het vlakke land. Dat had zijn vader gemeen met Jan Cremers moeder: zij heeft nooit kunnen aarden in het kale en vlakke land en verlangde hartstochtelijk naar de heuvels en bergen van haar jeugd.

Jan Cremer: Odyssee, Fernweh. 1e deel uit de Odyssee-cyclus. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 9982 4. 288 pagina’s. Prijs: € 19,99. Bestel

Verlangen naar de verte

Fernweh heet de nieuwe autobiografische roman van Jan Cremer. Het is het eerste deel uit een nieuwe cyclus onder de naam Odyssee. Jan Cremer schrijft hierin over zijn geschiedenis. Op zoek naar de verhalen over zijn vader en zijn moeder. De Twentse stad Enschede vervult hierin een belangrijke rol.

Op zoek naar zijn vader, wordt Jan Cremer de zoektocht moeilijk gemaakt door zijn moeder. Ze heeft veel van wat zijn vader achterliet, vernietigd. Zoals de vele foto’s van dames die Jan Cremer sr. bij zijn reizen ontmoette en op de plaat zette.

De beelden zijn er niet meer. Net als enkele manuscripten waarvan Jan Cremer zeker is dat ze hebben bestaan. Ze zijn er niet meer. Verwoest in de haat van zijn moeder. Zijn moeder die zich bedrogen voelt door zijn overleden vader.

De oude Jan Cremer is erg handig en woont weliswaar in Enschede. Hij heeft er later zijn eigen bedrijf als elektricien. Hij beheerst de nieuwe techniek buitengewoon goed rond de eeuwwisseling. In de wijde omtrek is hij bekend vanwege zijn handigheid met elektriciteit.

Jan Cremer is een grote vrouwenverslinder. Zijn zoon komt er op zijn zoektocht naar zijn vader heel wat tegen. Of ze van adel zijn of huishoudster, voor de oude Jan Cremer maakt het niet uit. Hij verleidt elke vrouw en heeft heel veel vrouwen lief. Het brengt Jan Cremers moeder tot wanhoop:

Stelselmatig heeft ze alles wat met Cremer te maken had vernietigd. Herinneringen werden met pek overgoten. Alles wa maar enigszins aan hem herinnerde verdween. (215)

Ondanks deze vernietigingsdrift weet Jan Cremer een mooi portret van zijn vader te geven in zijn boek Odyssee, Fernweh. Postuum krijgt zijn vader de aandacht die hij verdient. Het is een imponerende persoonlijkheid uit Twente. En wat vooral opvalt: zijn zoon lijkt heel erg op hem. De naam is niet het enige dat overeenkomt.

Jan Cremer: Odyssee, Fernweh. 1e deel uit de Odyssee-cyclus. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 9982 4. 288 pagina’s. Prijs: € 19,99. Bestel

Museum De Fundatie – Topstukken

image

De algemene expositie valt een beetje in het niet bij de grote tentoonstellingen van Ans Markus, Rood en de enorme foto-expositie met werk van meer dan 25 Nederlandse fotografen. Wij kijken er niet zo erg naar. Voor ons trekt het werk van Ans Markus meer de aandacht. Ook de expositie rond de communistische tijd in Rusland, Rood, staat niet erg in onze belangstelling. Je moet je aandacht verdelen.

Van topstukken valt onmiddellijk het grote werk van Jan Cremer in het oog. Het is een gigantisch schilderij, waarbij ik Doris iets vertel over de bijzondere schildertechniek van Jan Cremer. Het is het schilderij waar Jan Cremer 1 miljoen gulden voor vroeg in 1961: La Guerre Japonaise. Het schilderij is nooit verkocht, tot De Fundatie het schilderij vorig jaar kocht.

image

Voor het schilderij demonstreer ik hoe Jan Cremer ruim 50 jaar geleden de verf rechtstreeks vanuit de pot op het doek smeet. Ook was hij in de weer met de verfbrander en met andere technieken om het schilderij relief te geven. Geen idee wat het moet voorstellen, al verwijst de rode bol in het meest linkse paneel, naar Japan en de zon.

De schilderijen van Lucebert vindt Doris erg mooi. In tegenstelling tot het werk van Cobra-genoot Karel Appel van wie iets verderop een schilderij hangt van zijn muze Machteld. De hoed op haar hoofd is best grappig, net als de cirkels die de rondingen verbeelden. De boomschors van Karel Appel die in het zaaltje hangt, herkennen we uit het Gemeentelijk museum in Den Haag. Hier lijkt hij op een eend die wegvliegt.

image

De schilderijen van Ans Markus blijven hangen in je gedachten. Je vergeet ze niet snel, zeker ook de combinaties van schilderijen van schilders die haar voorbeeld zijn. Ze weet haar stijl hier heel mooi tussen te plaatsen. Dat maakt het tot indrukwekkende getuigen van haar eigen schilderkunst.

Terwijl we even koffie drinken in de espresso-bar genieten we van het uitzicht over Zwolle. Recht voor ons de hoge muren en daken van de Grote of Michaelskerk, iets opzij de Onze Lieve Vrouwekerk met de toren die aan een peperbus doet denken. Een prachtig gezicht. Ook omdat de nieuwbouw van dit gebouw laat zien hoe mooi oud en nieuw met elkaar kunnen samensmelten.

image

De enorme bol op het 19e eeuwse pand, maken het gebouw extra opvallend, maar het lijkt geen moment het originele gebouw in de weg te staan. Iets wat ik wel heb met de badkuip die tegen het Stedelijk Museum in Amsterdam is aangebouwd. Een project dat ongeveer gelijktijdig met Museum De Fundatie gereed kwam.

We dwalen nog even lekker rond door het gebouw. Het heldere licht en de ruime indeling doet de drukte vergeten. De schilderijen komen prachtig tot hun recht in dit mooie museum. We genieten nog na als we buiten staan en een rondje wandelen door Zwolle, langs de huizen van letterkundigen als Rhijnvis Feith en Potgieter.

image