Tagarchief: herinneringen

Te koop: zeer lieve teckel – Sientje (3)

Een week later op zaterdag. Ik had de avond ervoor tot laat gewerkt. Met de eerste trein was ik de volgende morgen vertrokken naar Almelo. Ze haalde me van het station op. Op weg naar huis haalden we meteen de boodschappen. We namen ook een krantje mee. Een Twentsche Courant Tubantia. Dé krant van Twente. Zo kon ik kijken naar personeelsadvertenties voor een baantje in de buurt.

Alvast solliciteren voor als ik binnenkort afgestudeerd was. Het zou niet lang meer duren. Ik was al beland in het laatste deel van de afstudeerscriptie. Het was dan wel handig als ik aan de slag kon. Ik had net een baan in de dak- en thuislozenzorg in Leiden en beloofd zeker een jaar te blijven. Maar de verliefdheid kriebelde aangenaam. Beloftes vergeet je dan snel… Maar ik wilde wel een baan hebben daar in het verre oosten. En die lagen niet voor het oprapen.

We zaten op de bank. Boodschappen in de koelkast. Ik opende de krant en ging de advertenties af. Ze zochten een heftruckchauffeur, een puntlasser en een administrateur. Geen beroepen die aansloten bij mijn studie Nederlands. Daarom dwaalde mijn blik naar het lemma ‘dieren’.

Zeer lieve teckel

Mijn oog viel stil bij een tekst die wel aansloot bij onze verlangens: ‘Gezocht goed tehuis voor zeer lieve teckel.’ Er stond een telefoonnummer bij en de prijs: 100 euro. Dat was in Goor, zag Inge aan het netnummer. ‘Zullen we bellen voor meer informatie?’ We keken elkaar aan. De vlinders fladderden tussen ons in. Ja dat wilden wij! En 100 euro was niet veel voor een teckel. Een koopje.

Het was de derde zaterdag van januari 2002. Op nieuwjaarsdag waren we naar het pinautomaat bij de Plus supermarkt gegaan. Daar pinden we onze eerste euro’s. ‘Hoeveel zullen we pinnen?’ vroeg ik. ‘Laten we maar 100 euro pinnen’, zei ze. We kregen allemaal nieuwe briefjes in onze handen, want de banken gaven die eerste dagen veel klein geld. Die avond bij het nieuws verscheen minister Zalm met een brede grijns op zijn gezicht. Om middernacht had hij het eerst de eurobriefjes uit de flappentap gehaald.

Niet over 1 nacht ijs

Maar we wilden niet over 1 nacht ijs bij de aankoop van een hondje. Daarom probeerden we een lijstje met vragen te formuleren. Want je moet wel wat meer weten dan hoe oud het dier is. Ook waarom hij weg moet en of er problemen speelden. Je moest niet zomaar een hond in huis nemen. Als het een rasteckel was, vroegen ze niet veel voor deze teckel. We zochten naar vragen en schreven ze op een briefje. Inge belde.

Ze sprak met de fokker van ruwhaar teckels. Hij woonde in het centrum van Goor. Openlijk vertelde de fokker over deze niet-opgevoede hond. Ze is niet zindelijk. Ze is niet in huis opgegroeid. Ik heb haar gebruikt om mee te fokken. Ze is uit de showlijn. Een ruwhaar, standaard teckel, wildkleur. Je krijgt er de stamboom bij. Hij wilde 100 euro hebben voor het hondje. En ja, het was een ontzettend lieve hond. We konden gerust langskomen om haar te zien?

Kijken is kopen

Inge keek me aan. Als we zouden gaan kijken, waren we overstag. Dat wist ik uit ervaring. Zo waren wij thuis ook onze hond Blekkie gekomen. Maar ik knikte. Over 2 uurtjes zouden we komen. Eerst lunchen. Tot die tijd konden we goed nadenken over de hond. Inge legde de hoorn op de haak van de telefoon. We trilden van opwinding. Het was zover besefte ik. Kijken is bij een hond kopen. Ik kende Inge net en we kochten samen een hondje: een ruwhaar teckel.

Lees het volgende deel: Roze bril »

Improvisaties van Bert Matter

De cd ‘Bert Matter improviseert’ die voor Bert Matters 80e verjaardag is verschenen, bevat een flink aantal toppers. Dat geldt bijvoorbeeld voor de improvisatie in Grote of Onze-Lieve-Vrouwekerk in Dordrecht. De opening met de ronde prestanten van Kam. Het motief zet de hele improvisatie prachtig door. Op geen manier te vergelijken met de improvisatie uit 1996 op de eerste cd van het orgel in Zutphen na restauratie waar hij op hetzelfde lied improviseert.

Op de nieuwe improvisatiecd heeft het protestantse Marialied een heel andere lading. De 2-stemmige opening is eenvoudig en tegelijk monumentaal, zoals alleen Bert Matter kan. Als het pedaal inzet, treedt de beweging in het stuk. Het stuk mondt zo uit in een heuse lofzang, de Lofzang van Maria. Het Dordtse orgel wordt hierbij ten volle benut. Vervolgens eindigt het weer in de verstilde sfeer waarmee het begon.

Vrouwenstemmen

De vorm waarbij Bert Matter met 5 vrouwenstemmen improviseert, heeft hij vaker beproefd. Voor televisie speelde hij in de jaren ’80 een improvisatie op ‘O Geest, die onze Trooster zijt’, LvdK 310, vers 3. Hij doet dit op het orgel in Zwolle. Op de nieuwe improvisatiecd geeft hij een improvisatie op exact hetzelfde lied. Ik vreesde een kopie van de prachtige impressie die hij op televisie toont.

Die vrees is onterecht. Hij speelt op het König-orgel in Nijmegen een overtuigende variant, waarbij voor het einde heel mooi verstild is als het orgel stopt en de vrouwen doorzingen. Het geeft iets van de ruimtelijke werking mee van deze manier om te improviseren. Wat een overweldigende improvisatie is dat.

Psalm 121

Dat geldt ook zeker voor de improvisatie op psalm 121. Ik was erbij, het was een concert samen met Albert de Klerk. Volgens mij het laatste openbare concert van de Haarlemse organist. Hij stierf niet veel later. De improvisaties van Bert Matter waren die avond in september minstens zo overtuigend.

Dat gold ook voor psalm 121 die de cd heeft gehaald. Hij weet hierin een koraalbegeleiding zo in zijn improvisatie in te bedden, dat het er helemaal onderdeel van wordt. De improvisatie is een avontuur waarin je wordt meegenomen bij het luisteren. Voor mij met de Lofzang van Maria en de minimal improvisatie in Nijmegen een absoluut hoogtepunt van de cd.

Noord-Duitse koraalfantasie

De afsluitende improvisatie van de cd, een klassiekere variant in de stijl van een Noord-Duitse koraalfantasie, is een waardige afsluiting. Bert Matter is in deze improvisatie niet zo vormvast als bijvoorbeeld Jan Jongepier dat wel was, maar hij geeft de koraalfantasie weer nieuwe dimensies. Daarbij ben ik ook onder de indruk hoe hij het Arnhemse Strumphler-orgel helemaal in een Noord-Duitse sfeer weet te krijgen.

De echomotieven werkt Bert Matter heel origineel en treffend uit. Daarbij speelt hij niet alleen met motieven, maar vooral met de spanning. Hij houdt je vast als luisteraar. Een effect dat alleen grote improvisatoren bij je weten op te roepen. Dat haal ik vooral uit lange improvisaties waarbij iemand als Jan Jongepier je ook bij de kladden grijpt. Bert Matter doet dit in deze slotimprovisatie in Arnhem ook.

Prachtige aanwinst

Daarmee is de improvisatiecd een prachtige aanwinst in de cd’s die de laatste jaren verschijnen. Het luisteren naar deze cd maakt je ook weemoedig. De huidige improvisatiepraktijk haalt het niet bij deze improvisator. Het vernieuwde en buiten de voor de hand liggende keuzes spelen. Tijden zijn veranderd. Het historiseren heeft zijn hoogtepunt bereikt. Maar in de lawine aan stijlimprovisaties verlang je naar improvisatoren als Bert Matter en Jan Jongepier.

Van zijn leerlingen zie ik het verstilde en originele vooral terug in Toon Hagen. Hij weet in zijn kerkmuzikale improvisatiepraktijk in Zwolle je ook te raken. Ook hij zoekt voortdurend naar vernieuwing en verliest zichzelf in het zoeken naar perfectie. Iedere keer net ietsje mooier en beter dan de vorige keer. Maar hoe anders weer dan Bert Matter. Niet voor niets wordt zijn werk internationaal heel vaak uitgevoerd, zoals in Den Haag-Loosduinen door Olivier Latry.

Wat van Bert Matters improvisaties rest zijn de opnames waarvan deze cd een prachtig inkijkje geeft en vooral de herinnering. De eerste heerlijk om naar te luisteren en de tweede onvergetelijk…

Bestel de cd voor € 14,95

Cd met onbekende improvisaties

Na het horen van Bert Matter bij de presentatie van zijn gerestaureerde orgel in 1996, kreeg ik niet snel genoeg van hem. Het wakkerde mijn bewondering voor hem nog meer aan Verschillende improvisatieconcerten woonde ik bij zoals in Alkmaar en Zutphen. Zo woonde ik in 2000 een heel bijzonder concert in Leiden bij waarbij Vocaal Ensemble Ceramon muziek uit de Moderne devotie zong, afgewisseld door improvisaties van Bert Matter.

In een steeds donkerder wordende Leidse Pieterskerk presenteerde de mystiek zich. Prachtige verstilde improvisaties op de buitengewoon inspirerende liederen. Het gaf de avond iets heel bijzonders. Het Hagerbeerorgel transformeerde van een klassiek Hollands kerkorgel in een modern instrument. De middentoonstemming versterkte het effect alleen maar. Er waren niet zoveel toehoorders. Het gaf de avond iets heel bijzonders. Ik zal het nooit meer vergeten.

Nieuwe cd met improvisaties

Op het verjaardagsfeestje van Bert Matter op 29 april, werd het beloofd: een nieuwe cd met zijn improvisaties van de jaren ’70 tot en met ’90. Ik verwachtte een selectie uit het archief van Jean van Cleef. Het was even wachten tot de cd uitkwam en het bleek om radio-opnames te gaan. Allemaal radio-opnames die ik niet kende van KRO en EO.

En wat voor een improvisaties! Overweldigend. De eerste 3 improvisaties op gregoriaanse liederen zijn voor de restauratie opgenomen, aan het begin van de jaren ’80. De periode dat de minimal net was geïntroduceerd in de orgelmuziek door Jan Welmers.

Oude en doffe klank

De improvisaties laten het instrument heel treffend horen, in de opening de oude en doffe klank van de prestant. Je krijgt het idee dat je een viool hoort spelen. Het klinkt heel authentiek en je beleeft het moment dat de muziek wordt gemaakt. Het gevoel dat je bij iets bijzonders aanwezig bent.

De 2e improvisatie op het Offertorium: ‘Reges Tharis’ krijgt een mooie lading door de springende fluiten en het tongwerk als zangstem. De akkoorden die uiteindelijk in de begeleiding komen te liggen zijn uitermate herkenbaar en vallen helemaal in het Matter-idioom. De laatste noot, waarbij fluit en tongwerk letterlijk tegen elkaar aanschuren is buitengewoon mooi. Een effect dat het uitschakelen van de tremulant creëert.

Dat gevoel heb ik persoonlijk wat minder met de Valerius-liederen. Improvisaties helemaal in de stijl van Bert Matter, maar de liederen spreken mij wat minder aan. Niet dat het niet mooi is om naar te luisteren. Bert Matter weet ook hier zijn Zutphense Baederorgel volledig tot zijn recht te laten komen. Het zijn hier echter de Valerius-liederen die mij een beetje afleiden.

Bestel de cd voor € 14,95

Lees morgen het vervolg van deze cd-bespreking: Improvisaties van Bert Matter

Bert Matter, de improvisator

Ik weet nog goed dat ik de eerste compositie van Bert Matter hoorde. Het was bij een radioconcert van Margreet C. de Jong. Ze speelde de Partita over Gezang 148 ‘Wie schön leuchtet der Morgenstern’. Vooral de variatie met de ritmische baslijn en ingetogen uitkomende stem is mij bijgebleven. Ik had nooit zoiets gehoord. Simpel van eenvoud, maar het raakt je.

Ik kende Bert Matter wel. Hij vertolkte de muziek van Bach buitengewoon goed. In de jaren ’80 draaide mijn vader thuis zijn uitvoering van de 18 koralen grijs. 2 casettebandjes opgenomen door Jean van Cleef. Een live opname in de Walburgis lang voor de restauratie. Ik heb ze later overgenomen en op cd gebrand. Na de restauratie voerde Bert Matter ze nog eens uit op het Baderorgel. Baeder was veranderd in Bader en meer dan dat: het instrument had een betoverende en poëtische klank gekregen.

Improvisatiekunstenaar Bert Matter

Later maakte ik kennis met de improvisatiekunst van Bert Matter. Eigenlijk heel laat pas. Ik had in die tijd les van een leerling van Bert Matter, Jan van Laar. Ik reisde heel Nederland door en ging alle kerken langs. Albert de Klerk, Louis Toebosch, Bram Beekman en Leo van Doeselaar. Ik miste de Zutphense organist omdat zijn orgel gerestaureerd werd. Pas bij de ingebruikname in 1996 mocht ik bij de officiële overdracht van het orgel op vrijdagmiddag zijn.

Daar demonstreerde Bert Matter zijn orgel aan de hand van psalm 116. Een mix van klassieke met moderne improvisatie. Zoals hij de Prestant 16 voet van het pedaal demonstreerde in een 2-stemmige improvisatie. Ik vergeet het niet snel meer. De kalmte van zijn spel en vooral de afwisseling in alle variaties. Elke variatie een nieuwe belevenis. En wat voor een orgel natuurlijk! ’s Avonds maakte ik kennis met zijn begeleidingskunst. Ik kwam thuis met cassettebandjes met zijn improvisaties en psalmbegeleiding. Wat raakte ik geïnspireerd.

Middeleeuwse gezangen

In die periode kocht ik elke nieuwe cd die er in die tijd van zijn orgel verscheen. De 18 koralen van Bach verschenen op een prachtige dubbelcd, maar ook cd’s met zijn improvisaties op Gregoriaanse liederen en middeleeuwse gezangen uit de IJsselstreek. De laatste overigens opgenomen op zijn orgel kort voor de restauratie. Het is de laatste cd van het orgel voor de restauratie.

Dat geldt niet voor zijn improvisaties op liederen van Hildegard von Bingen. Wat een inspirerende gezangen zijn dat. De improvisaties van Bert Matter zijn dat minstens ook zo. De improvisaties op de psalmencd zijn overweldigend. Psalm 100 en psalm 2. Zo mooi heb ik ze nooit gehoord. De begeleiding van psalm 23 is eveneens de indrukwekkendste die ik ken. Hoe de prestant donker en mystiek boven de zingende gemeente zweeft.

Lees morgen mijn vervolgbijdrage over de nieuwe cd van Bert Matter die onlangs verschenen is: Cd met onbekende improvisaties

Intermezzo – #fietsvakantie

Het maakt mij weemoedig. Terugdenkend aan het plotselinge afscheid dat ik nam van het koor in Langeveen. Het kerkbestuur wilde met mij afspraken maken, maar ik voelde mij beknot.

De motivatie verdween. Ik moest weg bij de krant en het moment dat ik een andere baan kreeg, ver weg, heb ik aangegrepen afscheid te nemen van het koor. Zonder ze nog een keer te ontmoeten, verdween ik. Het niet is niet altijd makkelijk afscheid te nemen.

Thuisgekomen ga ik op zoek naar het koor van Langeveen. Ik lees van de leden die er niet meer zijn. Een groot interview met de koorleden, waarbij ze allen die er niet meer zijn.

De dirigent Nico is overleden, vrij snel nadat ik het koor verliet. Gestreden tegen een ernstige ziekte, overwonnen, maar dan ineens is het afgelopen.

Of Theo, die mij naar Langeveen haalde. Hij is er ook niet meer. Het maakt mij nog weemoediger dan ik al ben. Hoe zou het gegaan zijn als ik gebleven was. Zou het orgel nog weleens bespeeld worden?

De foto ziet er gelukkig uit en ik herken nog een paar gezichten. Hoe ik weer verder gegaan ben en zij weer. Mensen achterlatend die hun eigen weg hebben gevonden. Het kerkkoor van Langeveen. Het heeft een warm plekje in mijn hart. Al heb ik best wel ruw afscheid van ze genomen.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Boekenvraag – #ruudwas

image

Een boekenvraag daar wilde Ruud wel op antwoorden, maar niet op een vraag met de hashtag #50books. Hij las graag Engels en Duits, maar als je Nederlands sprak, sprak je Nederlands. Is er een goed Nederlands equivalent, waarom zou je dan een Engels woord gebruiken?

De boekenvraag over Duitse boeken is de laatste die hij voor #50books of voor hem #50books heeft beantwoord. Niet alle vragen hadden zijn interesse, al liet hij zich weleens uit de tent lokken. Dan vroeg ik door, volgde een weerbarstig gemopper en stond er ineens een uur later een heel lange blog live.

Als ik dan in mijn wekelijkse samenvatting de bochten te kort nam, ging hij flink te keer, maar verduidelijkte met veel geduld zijn mening als ik niet snapte wat hij precies bedoelde. Dat ook weer. Een blogger zoals er maar weinig zijn: een duidelijke mening die hij ook zonder schaamte aanpaste als je een flinke discussie met hem voerde.

Er zijn maar weinig mensen die dat kunnen en durven. Daarvoor moet je je op je kwetsbaarst laten zien en dat doet niet iedereen. Net als dat hij je zo prachtig kon dollen.

Ik erger mij er altijd een beetje aan als mensen zeggen dat ze komen op een meeting en dan op het laatste moment afzeggen. Veel tweetups hebben daar een handje van. Toen ik de tweetup in Almere organiseerde, kwamen er een handje afzeggingen, waaronder Ruud. Hij tweette dat hij het niet ging redden en wenste ons veel plezier zonder hem.

Ik antwoordde dat ik het jammer vond, maar wenste hem een fijne dag verder. Een halfuurtje later stond hij voor mij. ‘Maar je zou toch niet komen’, zei ik verbaasd. Hij lachte hard en vond het mooi dat hij mij te pakken had gehad. ‘Natuurlijk kom ik’, zei hij. ‘Ik verveelde me alleen in de trein hier naar toe’, grijnsde hij.

Net als de tweetup later in Houten. Ik kwam veel later binnen, maar ik genoot van de verhalen van Ruud. Eigenlijk niks anders dan wat hij blogde. Alleen had ik altijd wat moeite bij zijn blogs het einde te halen. Nu zat ik gekluisterd aan zijn lippen.

Alle ellende kwam even voorbij, maar hij vertelde het net als alle andere dingen die hij vertelde. Ze waren niet zielig, ze waren gewoon Ruud. Hoorden bij hem, net als het eeuwige been, de Belastingdienst en dat hij zijn gezin bewust uit de blogs hield. ‘Dat is een ander leven en dat hoeft niemand te weten’, zei hij.

Net als hoe hij de ideale samenleving zag. Iedereen gelijk, armoede bestrijden door iedereen hetzelfde te geven en zo de wereld een stukje gelukkiger te maken. Een wereld die ik als heel utopisch beschouw, maar die zoals Ruud het vertelde eigenlijk heel logisch was.

Net als de eerste keer dat ik bij Ruud zat. In het theater bij Jacob Jan Voerman, de try out in Utrecht. Hij zat prominent achterin, we schoven aan en bespraken alles alsof we een boek bespraken. Het gesprek kronkelde net zoals we op twitter deden en zo gingen we ook uit elkaar.

Jammer dat hij er niet meer is. De online aanwezigheid. Als je hem een tweet stuurde, reageerde hij binnen een paar minuten.

Zeker als het om boeken gaat, had ik het idee nog zoveel van hem te kunnen leren. Het gemopper stimuleerde juist na te denken. Na te denken over je eigen vraag of antwoord, terwijl hij openstond voor het weerwoord. Weinig mensen die zo omgaan met een mening, terwijl ze zelf een heel duidelijke mening hebben.

Ruud, ik mis je nu al want ik weet zeker dat je op deze blog wel wat op te merken zou hebben.