Tagarchief: gerrit komrij

Gebochelde jongen

image

In Gerrit Komrij’s roman Over de bergen viel mij bij de beschrijving van het dorp Sampaio meteen een scène op. Het gaat over de gebochelde jongen die door het dorp loopt. Zijn moeder zit hem achterna met een olijftak.

De verteller beschrijft het volgende tafereel als de hoofdpersoon Pedro op de eerste ochtend uit het raam kijkt:

Telkens als de jongen, die een vilten gleufhoed en een vest droeg, een paar meter was opgeschoten, hield hij halt, als een onwillige ezel, en keek hij om. De vrouw diende hem opnieuw een klap met de olijftak toe. Kraaiend vervolgde hij zijn weg. Het dorp begon nu echt te ontwaken. (21)

Een tafereel dat kenmerkend lijkt te zijn voor een klein Portugees of Spaans dorpje. In de boeken die ik voor #eenperfectdagvoorliteratuur las, staan deze verhalen eveneens. Bijna letterlijk geven de vertellers een inkijkje in het dorp waar de dorpsgek wordt achtervolgd door zijn moeder.

De dorpsgek Luis wordt in de roman En nooit was iets gelogen van Ellen Heijmerikx ook achterna gezeten door zijn moeder. In Jouw gezicht zal het laatste zijn van João Ricardo Pedro wordt eenzelfde sfeer opgeroepen. Een klein afgelegen dorpje waar elk personage zijn eigenaardigheden heeft. Met respect beschreven, misschien als een cliché, maar zo herkenbaar.

Gerrit Komrij: Over de bergen. 9e druk (als Singel Pocket). Amsterdam/Antwerpen: De Arbeiderspers, 1997 [1990]. 249 pagina’s. ISBN: 90 413 3037 2.

In de bergen

image

De roman Over de bergen van Gerrit Komrij las ik eerder op mijn reis naar Italië in 2001. Ik denk er nog weleens aan terug als ik het boek nu lees en zie de geweldige vergezichten vanuit de trein door de Alpen. Deze keer vergelijk ik het bij het lezen met het vorig jaar verschenen Brieven uit Alvites.

Vooral de schetsen in het dagboek komen soms letterlijk terug in deze roman. De dramatiek komt in de roman veel beklemmender over. Dat lijkt ook te komen omdat Komrij in de artikelen die in de bundel Brieven uit Alvites zijn terechtgekomen, lange tijd de schijn nog ophoudt.

Wel blijf ik bij de overtuiging dat Over de bergen onbetwist de mooiste roman van Gerrit Komrij is. Ik vind hem geen romanschrijver. De personages lijken nooit tot leven te komen en blijven aan het papier geplakt. Alleen in deze roman komt alles tot leven. Zelfs het huis leeft en is het meest intrigerende personage:

Het huis kraakt. Op een nacht is het of het gevaarte zich vol lucht zuigt en of de uitgeblazen ademstoot zich met een snik door de vloeren en de gebinten van de overkapping voortplant. Zelfs de plank onder mijn matras deint mee. […]. Ik heb de zucht van het huis gehoord. Zijn roep doet me pijn. Het is voor dit huis dat ik alles doorstond. Het is dit huis dat me nu, letterlijk, heeft omhelsd. (242)

De roman is zo indringend omdat het zo dicht bij Gerrit Komrij ligt. Hij is het die uiteindelijk zich gewonnen geeft. De verteller schakelt in hoofdstuk 8 niet voor niks opeens over naar de ik-vorm. Daarmee laat de verteller de lezer heel dicht bij hem komen. En met succes, want Over de bergen is een prachtige roman boordevol illusie, desillusie en schetsen uit een arm Portugees dorp.

Gerrit Komrij: Over de bergen. 9e druk (als Singel Pocket). Amsterdam/Antwerpen: De Arbeiderspers, 1997 [1990]. 249 pagina’s. ISBN: 90 413 3037 2.

Over de bergen

image

De brieven van Gerrit Komrij uit Alvites zijn eigenlijk een grote verwijzing naar de roman die ik eerder las: Over de bergen. Het is een prachtig boek waarin een bijzonder groot huis de hoofdrol speelt.

Zonder veel fantasie lees je daar het huis in Alvites in. Als je daarbij rekening houdt dat op het kaft van de eerste druk een schilderij van het pallazo in Alvites staat, dan schuurt de werkelijkheid wel heel dicht tegen de fictie aan.

Het verhaal is iets anders. Het verhaal gaat over Pedro Sousa e Silva. Hij vertrekt naar het landgoed van de familie en betrekt het huis waar zijn voorouders hebben gewoond. Het gehuchtje Sampaio waar hij in het grote, lege huis gaat wonen, ligt in de meest afgelegen provincie van Portugal:

Trás-os-Montes? Hadden zijn vrienden in Lissabon gezegd, als het gesprek kwam op de streek war hun grootvaders en overgrootvaders vandaan kwamen. ‘Lopen de mensen daar niet rond in beestenvellen? Brengt de postbezorger daar niet op een ezel de brieven rond? Als er al een brief aankomt?’ En ze barstten in luid lachen uit. (7)

Hij wordt er hartelijk ontvangen. De mensen zijn arm, de dienst wordt nog uitgemaakt door de pastoor en de landeigenaars. De provincie Trás os Montes is de armste provincie van Portugal, het armste land van Europa. Het huis dat Pedro betrekt, behoorde toe aan
dona Augusta, een oudtante van hem.

Vanwege een familietwist had ze haar jongste broer en zijn kinderen onterfd. Pas de kleinkinderen zouden weer aanspraak mogen maken op haar bezit dat bestond uit het huis, het rolar in Samponia.

Ze is bijna 10 jaar overleden als Pedro in het gehucht aankomt. Ze heeft haar huis voor 20 jaar nagelaten aan een stichting die als taak heeft de opbrengsten voor de jonge gelovigen te bekostigen en de arme kinderen in het dorp elke dag een maaltijd in de pauze te geven. Degene die het bezit beheert, is de pastoor, padre Rodrigo.

Pedro vraagt de pastoor of hij tegen betaling een tijdje in het huis van zijn oudtante mag komen wonen. Hij wil experimenteren of hij er na verloop van tijd niet kan blijven. De drukke stad Lissabon ontvlucht, zoekt hij de rust in het paradijs dat hier voor hem lijkt te bestaan.

Hij leeft aanvankelijk in de waas van geluk. Al merkt hij snel dat de revolutie die weliswaar 3 jaar na de dood van dona Augusta was, hier nog niet echt is doorgedrongen. Pastoor en landeigenaars maken hier de dienst uit. Ze zullen het hem lastig maken. Zeker als hij het uitgestippelde plan van de pastoor niet opvolgt. Dan barst de hel los en is het paradijs dat hij aanvankelijk in Sampaio zag, helemaal verdwenen.

Gerrit Komrij: Over de bergen. 9e druk (als Singel Pocket). Amsterdam/Antwerpen: De Arbeiderspers, 1997 [1990]. 249 pagina’s. ISBN: 90 413 3037 2.

Het Alvites-syndroom

image

De Brieven uit Alvites bevatten naast de columns ook dagboeknotities. Samensteller Mark Schaevers wisselt de columns af met korte notities uit het dagboek van Gerrit Komrij. Hier begint het zeker ook met idyllische schetsen, maar wordt de sfeer steeds grimmiger.

In de dagboeknotities komt geleidelijk aan een veel schuchtere Gerrit Komrij naar voren dan in de columns. Iemand die in paniek om zich heen kijkt om te zien of niemand hem achtervolgt. Hier constateert hij:

Padre Fernando heeft zich tegen ons gekeerd. (97)

Het leven wordt ondraaglijk. De 2 Nederlanders mogen niet meer komen in bepaalde delen van het huis. Een deel van hun bezittingen worden buiten het huis in brand gestoken. Het is de limiet, schrijft Komrij. Ze gaan verhuizen. Hier is geen leven:

Argwaan en angst overheersen. De verhoudingen zijn nog wel zo dat een aantal mensen in ons gelooft, maar de algehele houding kan gerust ineens omslaan. Er zijn er heel wat die zitten te stoken, iedereen wacht op zijn kans. Het is een voelen en een snuffelen van wie op zijn knieën ligt en wie alweer een centimeter omhoog is gekropen. Vertrouwen is onmogelijk. Het gevoel dat je de pest hebt, melaats bent verklaart. (99/100)

Nee, de droom is een nachtmerrie geworden. En met veel pijn in zijn pen, schrijft de dichter dat de droom vervlogen is. De naweeën van dit avontuur in de bergen, zullen hem nog lang achtervolgen voorspelt hij:

Ik denk dat ik nog heel lang zal lijden aan het Alvites-syndroom. (100)

Inderdaad. Pas als hij echt vertrokken is, schrijft hij openhartiger over het avontuur in Alvites. Met als hoogtepunt zijn roman Over de bergen. Het verhaal in deze roman is sterk geïnspireerd op het avontuur in Alvites.

De titel komt in Portugese vertaling wel heel dicht bij de werkelijkheid: Atrás dos montes. De titel van de roman is een letterlijke vertaling van de naam van de Portugese provincie Trás-os-Montes waarin Alvites ligt.

Gerrit Komrij: Brieven uit Alvites. Bezorgd en van een nawoord voorzien door Mark Schaevers. Amsterdam/Antwerpen: De bezige bij, 2015. ISBN: 978 90 234 9389 I. 126 pagina’s. Prijs: € 19,90. Bestel

Komrij’s Brieven uit Alvites

image

In de documentaire De gelukkige schizo bezoekt Gerrit Komrij met zijn geliefde Charles het afgelegen plaatsje Alvites in de Portugese provincie Trás-os-Montes. De plek is zichtbaar een kwelling voor de 65-jarige schrijver. Hij loopt er rond met de herinnering van een mooie droom die geleidelijk veranderde in een nachtmerrie.

Het vorig jaar verschenen boekje Brieven uit Alvites bevat buitengewoon interessante verhalen uit deze periode. Uit de columns die Gerrit Komrij in de periode tussen 1984 en 1988 schreef voor de rubriek ‘Een en ander’ voor NRC Handelsblad, is een mooie selectie gemaakt voor dit boek dat een mooie inkijk geeft van het ‘ooievaarsnest in de bergen’.

Tussendoor krijgt de lezer enkele fragmenten uit het dagboek van Gerrit Komrij te lezen. Hierin geeft hij een fascinerend inkijkje in het schrijversbestaan, waarbij het paradijs geleidelijk verandert in een kwelling. De nachtmerrie van het afgelegen dorpje waar de bewoners in eerste instantie de 2 Hollanders enthousiast verwelkomen, maar waar de liefde omslaat in haat.

Waar de oorzaak ligt, is niet helemaal duidelijk. De aanvankelijke vriendelijkheid slaat om in wantrouwen in de periode dat Gerrit en Charles de onderhandelingen over de aankoop van het Palácio dos Botelhos hebben afgerond. Ze belanden in een nachtmerrie.

In de columns voor de krant overheerst vooral de idylle van het onaangetaste landschap, de leefwijze van eeuwen geleden. Al weet Komrij het ook te verbloemen. Hij schrijft bijvoorbeeld in een column over de dag dat Sante Isidro aanbeden wordt in het dorp. Hij blijft thuis vanwege migraine maar heeft beloofd om bij het langskomen van de stoet, op het balkon van zijn huis te staan.

Als hij in een boek verzonken is, vergeet hij de migraine:

Ik schrik op van getinkel en gezang buiten. IJlings schiet ik naar het balkon. Daar, op het pad dat naar beneden loopt, zie ik de processie. Maar ik zie alleen ruggen. Langzaam deint Santo Isidro van me weg. Ze zijn al langs geweest. De stoteheeft stilgestaan voor een leeg balkon. (87)

Komrij hoopt dat de heilige hem deze daad zal vergeven. En verzucht:

Als dat maar goed komt, straks, met mijn erwtjes en mijn penen. (87)

Als dat maar goed komt, straks, met mijn erwtjes en mijn penen. (87)

Een opmerking waarin misschien meer vermoeden schuilt dan de lezer in eerste instantie zou denken. Gerrit Komrij is een goede observator en klaagt niet vaak over lichamelijk ongenoegen in zijn artikelen. De migraine waarover hij hier spreekt, zegt genoeg. Niet alleen de warmte bezorgt hem hoofdpijn.

Gerrit Komrij: Brieven uit Alvites. Bezorgd en van een nawoord voorzien door Mark Schaevers. Amsterdam/Antwerpen: De bezige bij, 2015. ISBN: 978 90 234 9389 I. 126 pagina’s. Prijs: € 19,90. Bestel

Vakantieboeken – Wat moet je meenemen?

image

Buiten het feit dat ik nog helemaal niet (mijn) vakantie bezig ben en ik mij afvraag of ik in de vakantie meer lees dan daarbuiten. De vraag wat ik ga lezen in mijn vakantie is daarmee veel meer een vraag waar ik op dat moment zin in heb.

De dikke boeken waar veel mensen mee op de proppen komen, passen vaak helemaal niet in een vakantie. Je moet tot rust komen. Een dik boek suggereert dat je de rust al hebt, maar je gaat juist op vakantie om de rust te vinden. Teruggaan met een halfgelezen dik boek werkt daarom alleen maar op de zenuwen.

Ik zou adviseren ook wat dunnere exemplaren mee te nemen. Al zal het digitale leesboek de mogelijkheid geven op pad te gaan met een halve bibliotheek. Zo verdwijnt de selectie vooraf, maar bestaat ook het gevaar dat je tijdens je vakantie geen keuze kunt maken. Het e-book geeft een heel andere leeshouding. Eentje waaraan ik mij nog niet durf over te geven.

Daarom kan het geen kwaad een boek uit te kiezen dat je in een dagje of 2 à 3 uit kunt hebben. Ook kan het helpen een boek mee te nemen dat je al een keer gelezen hebt en dat je nog op je verlanglijstje hebt staan.

Neem ook wat mee dat aansluit bij de vakantiebestemming en vergeet niet een dichtbundeltje mee te nemen. Een dichtbundeltje is als een doosje bonbons. Je neemt er af en toe eentje en geniet daarvan.

Op mijn verlanglijstje voor deze zomer staat nog een boek van Paul Theroux. Ik lees van hem een paar boeken per jaar. Zo verover ik langzaam zijn hele oeuvre. Ik zou het misschien allemaal in één keer willen lezen, maar ik wil er juist van genieten.

Ook heb ik het voornemen eens een boek van Jacob van Lennep te gaan lezen. De historische roman Ferdinand Huyck vertelt over het Gooi. Een gevaarlijk stukje om te reizen in de 18e eeuw, de tijd waarin deze historische roman speelt. In die tijd zaten in het Gooi gevaarlijke bendes die reizigers beroofden.

Als ik dan nog wat tijd over heb, ga ik heerlijk een reisboek (her)lezen, een boek van Jack Kerouac voor de energie, een paar mooie essays van Gerrit Komrij en een dikke pil van André Brink. Ik ben erg nieuwsgierig naar zijn memoires Tweesprong. Er ligt dus genoeg in het bakje voornemens.

Benieuwd naar wat ik daadwerkelijk lees. Het zal wel weer wat anders zijn. Want nogmaals, het zijn plannen om boeken te lezen en die wisselen voortdurend.

#50books

Dit is het antwoord op vraag  24 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.