Tagarchief: gedicht

Poezie-album

Ik lees korte stukjes over poëzie van Remco Campert. Zonder roken bij mij geen poëzie heet het. Het lag in de bibliotheek. Ik had net de documentaire over deze bijzondere dichter gezien. Deze bundel sluit hier prachtig op aan.

Ik lees over de mijmerij van poëzie, over Herman Gorter en lees een prachtig gedicht. Dit is het gedicht dat ik jaren zocht voor in het poëzie-album van Doris. Ik zeg het hardop. We zitten gezellig bij elkaar in de woonkamer. Meteen pakt Doris het poëzie-album. Ik mag het erin zetten. Op de bladzijde waar bovenaan dik met pen staat ‘papa’.

Mijn opa heeft in het album van mijn moeder ook een lege plek laten staan. Ze had er vaak om gevraagd. Ook toen ze zelf volwassen was, maar hij heeft er nooit een versje neergeschreven. Waarom, weet ik niet. Dat ik het bij mijn eigen dochter niet deed, was simpel: ik kon geen goed vers vinden. Eigenlijk kun je hier nooit uitdrukken wat je voor je dochter voelt. Maar nu heb ik een prachtig gedicht gevonden en het zal erin moeten komen.

Welk gedicht het is, is iets tussen mij en Doris. Al is het natuurlijk te vinden als je de bundel van Remco Campert leest. Het is mijmerij. En natuurlijk ook de liefde van een vader voor zijn dochter. Een mooi gedicht en een goed gedicht ineen.

Wat heeft Gorter toch een mooie gedichten geschreven.

Remco Campert: Zonder roken bij mij geen poëzie. Columns. Amsterdam, Antwerpen: De Bezige Bij, 2016. ISBN: 978 90 234 9850 6. 144 pagina’s. Prijs: € 16,99. Bestel

Geologie van godslasteraars: Divina Commedia: Hel: Canto 14

image

De landschappen die Dante en Vergilius in het hiernamaals aantreffen zijn zeker de moeite waard om dieper op in te gaan. In het eerder aangehaalde boek Waarom de hel naar zwavel stinkt gaat geoloog Salomon Kroonenberg vooral in op de ondergrondse landschappen die hij in Dantes Hel vindt.

De stad Dis typeert hij hierin als een ondergrondse stad van grotwoningen. In de 3e en laatste ring van de 7e hellekring lopen Dante en Vergilius door een gloeiend hete zandvlakte. De verteller schrijft dat het bos van smarten in een krans om de vlakte heen ligt.

Een eeuwige vlammenregen valt hier naar beneden, schrijft Dante. Hier ontstaan de steensoorten, schrijft de geoloog Salomon Kroonenberg. Dante en zijn tijdgenoten vergelijken het met de smid van Jupiter die hier zijn slag slaat. De overeenkomst met het vulkanisme, is snel gemaakt.

Of dit klopt, is de vraag. Het is wel bijzonder hoe de verteller verschijnselen als vulkanisme in zijn verhaal betrekt. Hier wordt Vulcanus aangehaald. Dante roept zijn begeleider om antwoord wie de reus is die op grond ligt en doet alsof de vuurregen hem niets doet. Nog voor Vergilius kan antwoorden, geeft de reus, de Griekse vorst Capaneus het antwoord. Hij refereert naar zijn eigen geschiedenis:

Hijzelf, die had gehoord hoe ik bij mijn leidsman
naar hem geinformeerd had, schreeuwde luid:
´Zoals ik levend was, ben ´k ook als dode.

Of Jupiter zijn smid nu afbeult, die
hij woest de scherpe schicht uit de handen griste
waarmee hij op mijn laatste dag mij trof,

of anderen in de zwarte Etna-smidse
om beurten afbeult, almaar roepend: ¨Help,
Vulcanus, help!¨ zoals hij in de veldslag

bij Phlegra deed, en of, uit alle macht,
hij mij ook met zijn pijlen zal doorzeven:
plezier zal hij niet hebben van die wraak!´ (vs 49-60, Rob Brouwer)

Vergilius snelt in zijn antwoord en legt Dante uit dat Capaneus 1 van de 7 Griekse vorsten is die Thebe aanviel. De vorst tartte God en dat hij nog steeds, concludeert de klassieke dichter.

Ze zijn hier in het deel waar de woekeraars verblijven. Hier komen ook de delfstoffen uit de aarde. Dante ziet een bloedrood stroompje. Het riviertje dooft alle vlammen boven zich uit. Een bijzondere gewaarwording om hier tussen delfstoffen en godslasteraars te lopen. Langs het kanaal is het veilig lopen omdat de vlammen hier worden uitgedoofd.

Lees de andere bijdragen van het Dante project

Gedichten rond Canto 14

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Literatuur
De hier gebruikte vertaling is van Rob Brouwer uit 2005. Er zijn vele vertalingen van Dantes meesterwerk in het Nederlands verschenen.

Divina Commedia: waar begint het?

image

Een vraag die je als dichter of schrijver kunt stellen is: waar begint het besef van Dante dat hij de Divina Commedia schrijft? Ik geloof nooit dat Dante is gaan zitten en het werk is gaan schrijven, beginnend bij Canto I.

Het basisidee alleen al is zo volmaakt uitgewerkt en gaat bijzonder ver. Hiervoor moet Dante diepgaande studie gedaan hebben. De indeling van hel, vagevuur en hemel is zo gedetailleerd, dat Dante zeker goed nagedacht heeft over het concept.

De gedetailleerde afwerking maakt het tot een van de grootste literaire werken die ooit geschreven is. Het staat daarmee gelijk aan een boek als de bijbel of Goethes Faust. Het is als geen ander literair werk tot inspiratie geweest voor schrijvers, dichters, componisten, schilders, beeldhouwers en architecten.

Volgens Albert Verwey wist Dante in de 27e Canto van het middendeel het Vagevuur dat hij een groot literair werk aan het scheppen was. De opening van dit lied bevat volgens Verwey:

het besef van die conceptie tot een al het andere uitsluitende doorbraak kwam, waar het dichten de inhoud, het onderwerp van zijn verbeelding werd.

Ik vind dat besef al vanaf het eerste lied aanwezig, maar er is zeker veel voor te zeggen dat het verderop in het werk gestalte krijgt. De beelden van Dante grijpen mij aan. Zeker ook in die 27e Canto van de Louteringsberg. Hierin neemt Vergilius afscheid van Dante. Het beeld dat Dante hier schetst is een allesomvattend wereldbeeld. Van Spanje tot aan de Ganges.

Misschien dat hierin het idee loskomt van de grootsheid van dit werk. Dante heeft het goed in de rest van de Divina Commedia weten te verwerken. Het is zo groots en meeslepend dat het bijna niet door een mens geschreven kan zijn.

Over project Dantes Divina Commedia

Volg elke woensdag mijn blog over Dantes Divina Commedia. Heb je vragen, ideeën of opmerkingen rond dit project? Neem gerust contact met mij op. Ook ben ik erg nieuwsgierig naar andere initiatieven.

Gedichten rond Canto 1

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Het project Divina Commedia

image

Al jaren speel ik met het idee om iets te gaan doen met Dantes Divina Commedia vertaald als Goddelijke komedie . Graag zou ik het grote dichtwerk als inspiratie willen gebruiken voor een langere dichtreeks,

Actueel meesterwerk

Het meesterwerk uit de Europese literatuur is een bijzonder actueel dichtwerk. Dante typeert de universele gevoelens en gedachten van de mens. Hij doet dit weliswaar binnen de wereld zoals hij die kent. Toch staat dit Middeleeuwse wereldbeeld heel dicht bij onze eigen kijk op de wereld.

Veel mensen hebben de hel naar het fabelrijk verwezen. Net als de hemel en het vagevuur. Ik zie veel in de verbeelding van het hiernamaals. Het zegt namelijk heel veel over ons in het hier en nu. Er ligt voor mij een uitdaging zelf gedichten te schrijven die refereren naar Dante maar tegelijk iets nieuws zijn. Hoe dit vorm krijgt, zal tijdens het wordingsproces gebeuren.

Verbeelding

In de verbeelding ga ik met Dante mee, zoeken naar het goed en het kwaad. Misschien zou de indeling van Dante meer een indeling van typen mensen zijn. Een typering van gedragingen. Moet je iemand die hebzuchtig is naar de hel verwijzen of probeer je ze zo te typeren dat hun gedrag zelf genoeg oordeel geeft?

Ik denk het laatste. Hierbij zal ik de indeling van Dante volgen. Of het een werkbare situatie oplevert, weet ik niet. Het project is daarvoor te groot. Dante heeft Divina Commedia ook niet in 1 dag geschreven. De ervaring bij het schrijven, zal mij leren of de ingeslagen weg de juiste is. Dante is leidraad. En misschien mislukt het project wel jammerlijk.

Elke week een Canto

Mijn idee is om wekelijks een Canto te behandelen op de blog hendrik-jandewit.nl. Beginnend bij de hel en daarna elke week een Canto uit dit deel. Ik geef in een blog een synopsis van het lied. Daarnaast zal ik – als dat lukt – 1 of meerdere schetsen geïnspireerd op dat Canto schrijven. Dat kan een persoon, een beeld, een idee of gedachte zijn. Het zijn schetsen in dichtvorm. De bedoeling is om een link te leggen naar mijzelf, deze tijd en deze wereld. De gedichten komen terecht op wolkenhemel.blogspot.nl.

Een groots en meeslepend plan waarvoor ik de tijd neem. Het kan betekenen dat de ene blog saai is en de andere fragmentarisch. Of het altijd de lading dekt, weet ik niet. Ik zal de ruimte moeten nemen als een Canto meer tijd vergt en juist moeten inkorten als een Canto te weinig inspiratie oplevert.

Het lijkt me leuk als je meegaat met deze zoektocht. Schroom niet om je ideeen, kritiek of opmerkingen te posten. Het helpt mij om dit project vorm te geven en tot een goed einde te brengen. Ook zou het mooi zijn als meer mensen hun kunstzinnige uiting rond Dantes meesterwerk met mij willen delen.

Andere initiatieven

Ik ben niet de enige die ‘begeistert’ is door Dantes meesterwerk. Drie jaar geleden begon Danny Habets zijn grote Dante-project: in 100 dagen door Dante heen. Helaas bleef het bij 42 Canti. Ik hoop dat hij binnenkort het project weer oppakt.

Over project Dantes Divina Commedia

Volg vanaf vandaag elke week op woensdag mijn blog over Dantes Divina Commedia. Heb je vragen, ideeën of opmerkingen rond dit project? Neem gerust contact met mij op. Ook ben ik erg nieuwsgierig naar andere initiatieven.

Mijn gedichten bij Canto 1

Lees meer op wolkenhemel.blogspot.nl

Letterlijk of vrij vertalen

image

Ik kom het vaak bij lezers tegen: ze mopperen over de ‘slechte’ vertaling van een boek. Wat er dan zo slecht is, weten ze vaak niet te benoemen. Of ze bedienen zich van goedkope voorbeelden waaruit ik niet altijd kan halen of het een toevallige fout is of dat dit iets structureels is in deze vertaling.

Ik maak dit voornamelijk op bij vertalingen van Engelse boeken. Hoogst zelden hoor ik dit soort opmerkingen bij Franse of Duitse boeken. Ook Russische vertalingen krijgen er niet altijd van langs, terwijl ik soms echt het idee heb dat grote werken minder toegankelijk zijn door de vertaling.

Vaak mis ik genoeg band met het origineel. Ik vertrouw de vertaler en beschouw hem als mijn vriend. Hij die zo aardig is om mij mee te nemen in een verhaal in een vreemde taal en vertelt het in mijn taal. De enorme hoeveelheid vertalingen van bijvoorbeeld Dantes Goddelijke Komedie. Ze helpen mij om dit ontoegankelijke werk een klein stukje binnen te dringen.

In de briefwisseling van August Willemsen en Marian Plug Bewaar deze brieven als je eigen tekeningen zit een prachtige lezing. August Willemsen vertelt over het vertalen, in het bijzonder het vertalen van poëzie. Hij gaat hier in op het verschil tussen de vrije en de letterlijke vertaling.

Bij het vertalen van het gedicht ‘Over het zitten-/zijn-in-de-wereld’ van João Cabral kiest hij ervoor om het idee over te brengen in plaats van letterlijk de tekst te vertalen.

Hij neemt hiervoor andere letters in de laatste regel: ‘v’s, oe’s en ellen’. Letterlijk staat er ‘met alle effen en erren’, maar August Willemsen spelt naar het Nederlandse woord ‘voelen’ dat het ‘lyrisch ik’ in het Portugees hier opvoert.

Ik heb mij dan ten opzichte van die uitdrukking een grote vrijheid veroorloofd, maar ten opzichte van de letters van die uitdrukking en de strekking van het gedicht heel letterlijk vertaald. (201)

Hetzelfde gebeurt in het voorbeeld van het gedicht ‘Het weven van de ochtend’ waarin August Willemsen vaak ervoor kiest het gedicht over te brengen en niet de woorden. Of veel mensen die een vertaling lezen moeite hebben met de letterlijke vertaling of juist de vrije vertaling, kan ik niet altijd achterhalen.

Vaak heb ik de indruk dat het een soort potsierlijkheid is door te suggereren dat je de taal waarin het boek geschreven is te goed beheerst om het in vertaling te lezen. Of dat jij het verhaal beter begrijpt dan de vertaler.

Maar in plaats daarvan geven mensen af op de vertaling. Terwijl vertalen echt heel lastig is. Ik zou al die mensen die commentaar hebben op vertalingen willen oproepen zelf een verhaal te vertalen. Dan merken ze hoe moeilijk het is. En wegkomen met de opmerking dat het niet te vertalen is, mag niet. Elk verhaal of gedicht moet te vertalen zijn.

Lees ook mijn bespreking van de bundel op Litnet

August Willemsen: Bewaar deze brieven als je eigen tekeningen. Briefwisseling met Marian Plug. Met een voorwoord van Maarten Asscher. Bezorgd door Joost Meuwissen. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2014. Privé-domein, nr. 280. ISBN: 978 90 295 8979 6. 301 pagina’s. Prijs: € 24,95.

Bloem

image

De hoofdpersoon van Remington van Bert Natter denkt terug aan een gesprek met zijn vader over de dichter Bloem. Zijn vader vroeg namelijk wat hij met de les Nederlands besproken had.

De leraar vertelde tijdens de les dat de bundel Media vita zou duiden op het midden van het leven. De dichter was in halverwege zijn leven bij het verschijnen van deze dichtbundel.

Vader veegt de vloer aan met de bewering van de docent Nederlands. Hoe kon de dichter Bloem weten dat hij op de helft van zijn leven was? De hoofdpersoon verweert zich en zegt dat zijn docent vertelde dat Bloem dat gokte. Onzin vindt zijn vader:

‘Jullie meester is die gokt, want hij heeft er geen verstand van. “Media vita” is een deel van de eerste regel van een welbekend kerkelijk lied, ten onrechte toegeschreven aan mijn middeleeuwse collega Notker de Stotteraar. Lach niet. Media vita in morte sumus, dat wil zeggen dat wij midden in het leven in de dood staan. Ook wanneer de meester onzin uitkraamt en zijn leerlingen iets op de mouw speldt, de dood wacht waar je ook bent, wat je ook doet. Pas als de meester onderweg naar de lerarenkamer dood neervalt zal hij het hebben begrepen.’ (22)

Bert Natter zou Bert Natter niet zijn als hij daar verderop in het verhaal niet op terugkomt. Indirect verwijst de vader van de verteller naar de opmerking over Bloem. Het is misschien meer levensvisie dan wijsheid.

Als hij in het hotel waar ze onderweg overnachten aan zijn vader vraagt wanneer je eervol sterft. Zijn vader geeft een ontwijkend antwoord en de verteller vraagt het nog een keer:

Ik herhaalde mijn vraag: ‘Waar moet je sterven om eervol te sterven?’
‘In het midden van het leven,’ beweerde mijn vader. (112)

Een prachtige verwijzing naar het kerkelijk lied en indirect naar J.C. Bloem. En nog beter: de vader van de verteller is voor de hoofdpersoon een betere leermeester dan de leraar Nederlands.

Bert Natter: Remington. Amsterdam: Uitgeverij Thomas Rap, 2015. ISBN: 978 94 004 0270 6. 224 pagina’s. Prijs: € 18,90