Tagarchief: engeland

Bijzondere boeken gelezen in 2017

Ik heb veel gelezen in 2017. Misschien wel meer dan in de jaren hiervoor. Er zaten enkele klassiekers bij, zoals Zen en de kunst van het motoronderhoud van Robert M. Pirsig. Ook las ik verder in Jan Cremers werk, waaronder Ik Jan Cremer 2. Of wat te denken van de klassiekers De klokkenluider van de Notre-Dame van Victor Hugo of Umberto Eco’s Slinger van Foucault.

Heerlijk om van die klassiekers te lezen. Ik ben het zeker ook voor 2018 van plan. Al merk ik zelf meer en meer dat het moeilijker lijkt te worden over de boeken te schrijven. Ik loop vast in de besprekingen en de statistieken vertellen dat ik er moeilijk nieuwe lezers mee kan bereiken. Voor het eerst sinds jaren zie ik geen groei meer het bezoek aan mijn blog.

Zoekend naar nieuwe wegen, ben ik deze dagen druk aan het nadenken. Wat zou ik kunnen overwegen. Het project rond Dante maak ik met veel passie en liefde, maar ik merk dat ze weinig gelezen worden. Net als de vele boekverslagen, zijn het niet de artikelen waar ik het van moet hebben. Ik probeer hier de uitdaging te vinden. Moet ik ergens anders over schrijven of moet ik gewoon doorgaan waar ik mee bezig ben?

De grote ontdekking voor mij in 2017 is Bill Bryson. Deze Amerikaanse Engelsman had ik nog niet gelezen. Al ben ik een fan van die andere Amerikaan die veel over Engeland schreef en die er ook een tijdje woonde: Paul Theroux.

Bill Bryson is totaal anders. Hij is niet te vergelijken. Hij bezit een buitengewone humor. In zijn boeken over Engeland Een klein eiland en De weg naar Little Dribbling, Een reis door Groot-Brittannië overtreft hij die andere Amerikaanse Engelandreiziger. Hij speelt in zijn boeken over Engeland ook gekscherend met Paul Theroux.

Niet te vergelijken die 2. Al had ik een jaar of 5 geleden een valse start gemaakt met Bill Bryson. Ik probeerde zijn Een kleine geschiedenis van bijna alles te lezen, maar kwam er niet door. Saai, doodsaai. Ik heb het boek nog niet opnieuw ter hand durven nemen. Al weet ik dat de cabaretier Sylvester Zwaneveld een mooie voorstelling over dit boek heeft gemaakt afgelopen jaar.

Daarmee is 2017 weer een jaar geworden met bijzondere ontdekkingen en leeservaringen. Lezen blijft een heerlijke bezigheid. Het haalt je even uit de dagelijkse beslommeringen en helpt je om de drukte uit je hoofd te zetten. Dat gevoel om even helemaal uit het hier en nu te stappen en weg te dromen in het verhaal. Daarmee lijkt lezen inderdaad nog het meeste op dagdromen. Je bent even helemaal weg.

Al merk ik dat het schrijven over boeken me hier ook bij kan helpen. Het is heerlijk om je gedachten te ordenen door over het boek te schrijven. Al merk ik dat ik meer en meer verder in een ander boek wil duiken. Of het een gevolg is van de drukte, weet ik niet. Het valt me op.

Bloembollen

In Dagboek van een provincievrouw zitten een paar terugkerende elementen die erg grappig zijn. Het literaire clubje waar de hoofdpersoon onderdeel van probeert te worden, bijvoorbeeld. Of de bloembollen waarmee het Dagboek al opent.

Ze staan in de potten voor het raam, maar de hyacinten willen niet uitkomen. Lady Boxe heeft er meteen al opmerkingen over, dat het veel te laat is voor bloemen op pot. Daarna gaat de verhandeling over niet veel meer dan jicht en de domineesvrouw.

De vertelster besluit om de bollen te verplaatsen van de woonkamer naar de kelder. Of nee, toch maar naar zolder. Het blijft donker in de potten, ze komen niet uit.

Ondanks deze ervaring probeert ze het later toch weer. Met nieuwjaar staan ze gigantisch in de weg op het kinderfeestje dat ze geeft.

Aan het eind van het Dagboek bestelt ze de bloembollen eerder. Het wordt een terugkerend fenomeen. Tot grote hilariteit van mij als lezer. Ik kan echt genieten van dergelijke toestanden, waarbij de vertelster steeds in de weer is om mooie potten bloembollen te krijgen in de vensterbank. Bij iedere andere vrouw lukt het, maar bij haar blijft de aarde donker.

Ga naar zolder en inspecteer bloempotten, maar niks te zien. Kan niet uitmaken of ze water nodig hebben, maar denk dat het beter is voor de zekerheid wat te geven. Noteer dit in groene boekje, want ben vastbesloten de hele procedure bij te houden. (159)

In een wereld die beheerst wordt door gesprekken over jicht, de domineesvrouw en het aanstaande huwelijk van het buurmeisje, is het lastig stand houden als je geen bloembollen weet groot te krijgen. Gelukkig is er voor de schrijfster van het dagboek meer om handen als ze de kans krijgt om voor te dragen bij allerlei literaire clubjes in de buurt.

De zinloosheid van het dagboek, die haar man meent te hebben, bewijst de leegte van het bestaan van deze vrouw. Gelukkig schrijft ze door en weet ze daarmee te overleven. Dat de bloembollen niet opkomen, is meer dan logisch.

E.M. Delafield: Dagboek van een provincievrouw. Vertaald uit het Engels door Anne Roetman. Oorspronkelijke titel: Diary of a provincial lady [1930]. Elburg: Uitgeverij Karmijn, 2016. ISBN: 978 9492 168 139. 174 pagina’s. Prijs: € 18,95..Bestel

Schrijfambities

De schrijfster van Dagboek van een provincievrouw heeft vergaande schrijfambities. Regelmatig stuurt ze iets in voor het literaire tijdschrift. Ze slaagt er niet altijd in om iets te winnen. Tot haar grote ergenis. Zeker ook omdat er andere kapers op de kust zijn.

Het is maar moeilijk om het op te boxen tegen al die andere dames die het bovendien financieel veel minder zwaar lijken te hebben dan de schrijfster van het dagboek.

Vriendin Angela heeft eerder de wedstrijd gewonnen en als de dagboekschrijfster later een gedeelde plek krijgt, stuurt Angela de volgende reactie terug:

Angela schrijft terug dat ze níét aan de wedstrijd heeft meegedaan, want ze vond het een infantiel onderwerp, maar dat ze de kruiswoordpuzzel binnen vijftien minuten had opgelost.
(NB Deze laatste bewering is vrijwel zeker onnauwkeurig.) (49/50)

Heerlijk, de onderkoelde toon waarmee de vertelster zichzelf en haar omgeving beschrijft. Het wekt op de lachspieren, want het is waanzinnig hoe de schijnheiligheid hier aan de kaak wordt gesteld. Het is alleen te vergelijken met een prachtige Britse commedieserie.

Daarmee is mij vrijwel meteen vanaf het begin duidelijk waar de inspiratie voor het dagboek van Bridget Jones vandaan komt: overduidelijk van dit boek uit de jaren 1930. De frisse Nederlandse vertaling van Anne Roetman doet de rest. Het is een meesterwerk.

E.M. Delafield: Dagboek van een provincievrouw. Vertaald uit het Engels door Anne Roetman. Oorspronkelijke titel: Diary of a provincial lady [1930]. Elburg: Uitgeverij Karmijn, 2016. ISBN: 978 9492 168 139. 174 pagina’s. Prijs: € 18,95..Bestel

Plantenbak of kathedraal

Bij zijn eerste reis door Engeland in Een klein eiland vindt Bill Bryson dat de kerkbesturen van de kathedralen wel erg bedelen. Al verbaast hij er zich over hoe weinig geld bezoekers over hebben voor een bezoek aan een godshuis. De collectebussen bij de ingangen hebben echter geen effect.

In het vervolgboek, 25 jaar later, De weg naar Little Dribbling laat Bill Bryson zich niet uit over bedelende kerkbesturen. Nu is het echter een ander verhaal dat zijn verbazing wekt.

Bij het Londense metrostation Gloucester Road heeft altijd een plantenbak gestaan. Niet noemenswaardig, een paar winterharde struiken stonden erin en je kon op de rand gaan zitten. De bak is echter geruimd omdat de gemeente de bak niet meer zou kunnen onderhouden. Daarom is er maar een lege plaza voor in de plaats gekomen. Een kale vlakte met niks.

Van daaraf duikt Bill Bryson de kathedraal van Durham in. Hij beschrijft uitgebreid hoe goed er over het ontwerp is nagedacht. De kerk is opzettelijk schuin gebouwd omdat de specie in de muren 40 jaar de tijd nodig had om te drogen. Daarmee stond het gebouw na 40 jaar helemaal waterpas.

Een vooruitziende blik hadden die bouwmeesters. Een blik die Bill Bryson tot verbazing wekt over de Londense ambtenaren die beweren dat de plantenbak niet onderhouden kan worden:

Nu ben ik geen deskundige op dit gebied, maar ik weet wel vrij zeker dat we tegenwoordig een stuk rijker zijn dan in de elfde eeuw, dat met toentertijd niettemin de middelen wist te vinden om iets te bouwen zo schitterend en duurzaam is als de kathedraal van Durham, en dat wij het ons vandaag de dag niet kunnen veroorloven om zes struiken in een plantenbak te onderhouden. (322)

Een prachtige manier om de majesteitelijke pracht van de kathedraal van Durham te benoemen. Daarom ben ik zo gek op Bill Bryson. Hij weet je namelijk op het verkeerde been te zetten om over een plantenbak bij een Londens metrostation te beginnen en uiteindelijk daarom bij de schitterende kathedraal van Durham uitkomt.

En je moet hem gelijk geven: hoe bestaat het dat wij zulke gebouwen niet meer neer kunnen zetten. In elk geval niet met zo’n vooruitziende blik als de bouwers van deze kathedraal. Wij breken na 40 jaar de meeste gebouwen af en zeker een plantenbak is dan allang verdwenen.

Bill Bryson: De weg naar Little Dribbling, Een reis door Groot-Brittanië. Vertaald door Peter Diderich. Oorsponkelijke titel: The Road to Little Dribbling. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2016. ISBN: 978 90 450 3075 3. 352 pagina’s.Bestel

Natural Historic Museum

Als Bill Bryson in De weg naar Little Dribbling het Natural Historic Museum in Londen bezoekt, is hij verwonderd hoe het museum is toegetakeld. Zijn herinnering komt niet meer overeen met het beeld dat hij nu krijgt van dit museum.

De rust van vroeger is vervangen door een permanente dynamiek en luidruchtigheid. De groepen mensen bestaan uit veel buitenlandse toeristen. Ze lijken overal herrie bij te moeten maken. Verder oogt de museumwinkel meer als een overbelaste speelgoedwinkel. Met een museum heeft dit niet veel meer van doen, concludeert Bryson als hij in het wereldberoemde museum is.

Hij is er voor een expositie over de eerste mensen die zich in Groot-Brittannië vestigden. Het zijn mensen van wie resten vuursteen zijn teruggevonden. Bewerkte vuursteen om precies te zijn, ze zouden afkomstig zijn van een groep mensen die niet zo goed te definiëren is. Daarom heten ze maar ‘eerste mensen’.

Dat is de betaalde tentoonstelling, waardoor het hier nog vrij rustig is. Natuurlijk komt hij weer uit op een winkel waar je spullen kunt kopen die niet altijd verband houden met de expositie. Hij snapt het ook wel. Het is het lot van een gratis museum die zichzelf moet zien te bedruipen. Daarom die verandering in een zelfbedieningsrestaurant:

Als ik mijn kleinkinderen nu meeneem, kan ik ze onder het genot van een glas frisdrank vertellen hoe het vroeger was. ‘Daar waar die ijsautomaat staat, stond vroeger een vitrine met een ijsbeer erin. Drink je glas leeg, dan gaan we naar beneden en zal ik jullie laten zien waar de blauwe vinvis vroeger stond. We zullen er nog wat krulfrietjes nemen.’ (184)

Dit lot dreigt ook veel Nederlandse musea. Al moet ik zeggen dat het Rijksmuseum nog altijd heel interessant is om te bekijken. Naturalis dat momenteel verbouwd wordt, blijft hopelijk ook interessant voor het publiek. Ik hoop namelijk dat ik ooit mijn kleinkinderen dezelfde beleving mag meegeven als ik aantal jaren terug zelf met mijn kind meemaakte.

Bill Bryson: De weg naar Little Dribbling, Een reis door Groot-Brittanië. Vertaald door Peter Diderich. Oorsponkelijke titel: The Road to Little Dribbling. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2016. ISBN: 978 90 450 3075 3. 352 pagina’s.Bestel

Reviews

In zijn boek De weg naar Little Dribbling spreekt Bill Bryson zich kritisch uit over de beoordelingen die bezoekers op internet achterlaten. Hij verwondert er zich over dat deze reviews op internet blijkbaar belangrijker zijn dan de beoordeling die gerenommeerde instellingen of tijdschriften geven over bepaalde accommodaties.

Dat gebeurt als Bill Bryson een account aanmaakt op Tripadvisor en daarin refereert naar een krantenartikel:

Het was eigenlijk geen beoordeling, maar een bericht waarin ik klanten waarschuwde dat het hotel een boete had gekregen voor de aanwezigheid van ratten in de keukens en waarin lezers naar een link met het krantenartikel werden gedirigeerd. Mijn idee was dat als ikzelf op het punt zou staan een kamer te reserveren in een hotel dat onlangs was beboet voor ratten in zijn keuken, ik het zeer op prijs zou stellen als iemand daar mijn aandacht op vestigde. (101)

Het bericht wordt geweigerd door TripAdvisor. Hij mag geen informatie geven over een locatie als hij het niet van een concrete, persoonlijke ervaring heeft. Blijkbaar gelden overheidsboetes en rechtbankveroordelingen niet als bewijs dat iets ondeugdelijk is.

De andere kant van het verhaal is dus dat er eindeloos veel mensen wel reviews achterlaten, waar je als bezoeker wel blind op zou moeten vertrouwen. Berichten boordevol spelfouten moeten hem een indruk geven. Nota bene de plek waar hij zo gek op is, wordt kritisch beoordeeld voorzien van alle vormen van spelfouten:

Een recente bezoeker deelde mee dat hij ‘teloor gesteld’ was over deze ervaring. Goed, dan volgt hier een nieuwe regel: als je te dom bent om ‘teleurgesteld’ ook maar bij benadering juist te spellen, mag je niet deelnemen aan openbare discussies, op welk niveau dan ook. (41)

Het is mooi om te zien hoe Bill Bryson op de zere plek van onze huidige levensstijl wijst. Blijkbaar mag een bezoeker die het nauwelijks goed kan verwoorden wel een review schrijven, terwijl een verwijzing naar documentatie van overheden en hoogwaardige instellingen, niet gelden. We trekken ons meer iets aan van een beoordeling door een willekeurig iemand die niet kan spellen, dan dat mensen dit doen die er wel verstand van hebben.

Bill Bryson: De weg naar Little Dribbling, Een reis door Groot-Brittanië. Vertaald door Peter Diderich. Oorsponkelijke titel: The Road to Little Dribbling. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2016. ISBN: 978 90 450 3075 3. 352 pagina’s.Bestel