Tagarchief: documentaire

Kringloopwinkel en ontspullen – Tiny House

De afgelopen 10 jaar is mijn boekenbezit zeker verdubbeld en daar zijn 2 oorzaken van: de kringloopwinkel en boekenveilingen. Over allebei heb ik hier geschreven.

Een prachtige documentaire was er in de week tussen Kerst en Oud en Nieuw op NPO2: Het succes van de Kringloopwinkel. De 5-delige serie van de VPRO volgt 3 kringloopwinkels in Naarden, Steenwijk en Zeist. Prachtig om de mensen te zien in en om deze winkels. Ook de spullen die in de winkels liggen. Ik heb genoten van deze serie.

Ik ben al een flink aantal jaren een grote fan van kringloopwinkels. Op dit blog heb ik er vaak over geschreven. Veel stukken gaan over de boeken die ik aangeschaft heb. Veel veroveringen. Sommige tot mijn eigen verbazing. Voor een koopje ben ik vaak met stapels boeken thuisgekomen.

Ik merkte een jaar of wat geleden dat het hoogfrequente bezoek aan de Kringloopwinkel wel voor andere problemen zorgde. De bibliotheek groeide uit zijn voegen. Er verschenen dubbele lagen boeken. En er belandden veel stapels op de tafel en op de grond in mijn bibliotheek.

Ontspullen en naar de kringloopwinkel gaan, zijn daarom niet de beste combinatie. Zo is mijn bezoek een jaar of 2 ernstig afgenomen. Ik kom er hooguit nog eens in de maand en dan loop ik weleens de winkel uit zonder iets te hebben gekocht. Mijn bezit is daarmee ernstig verschraald.

Als ik nou alles verkoop, heb ik niks meer. Gelukkig hou ik me in…

Finsterwolde – Finnerwold

finsterwoldeMaandagavond werd ik gegrepen door een documentaire van de NCRV over het Groningse dorpje Finsterwolde. Behalve dat het een prachtig Freytag-orgel heeft, ken ik het plaatsje niet. Het ligt vlakbij Beerta en het ligt in Oost-Groningen. Drs P. bezingt deze streek in een lied met als refrein ‘Ja, dat gaat met strokarton’.

De documentaire met als naam ‘Een brief van de burgemeester’ vertelde over de Middenweg in Finsterwolde. In de brief van burgemeester aan de bewoners van die straat staat dat de burgervader Pieter Smit zich zorgen maakt. Er zouden mensen zijn die niet meer zo gelukkig zijn in de straat.

Daarna volgt het verhaal van een bemiddelaar (onafhankelijk coördinator) die een EigenKracht-conferentie voorbereidt met de bewoners van de straat. Het blijkt dat de problemen zich concentreren op nummer 11 en nummer 8. In het eerste huis wonen mensen die zich helemaal aan de buurt proberen te onttrekken. Ze hebben hun huis omhangen met camera’s. De bewoonster van nummer 8 vereenzaamt. Daar maken de buren zich het meeste zorgen om. In de etagewoningen aan het eind van de straat wonen mensen met problemen. Het zorgt ervoor dat de buur niet als veilig en prettig wordt ervaren.

Het is een merkwaardig moment als de coördinator aan het eind van een bewogen avond zegt ‘mijn opdracht zit erop’ en dan vertrekt. Hij laat de bewoners een beetje aan hun lot over. Maar ze pakken het goed op, ruimen de straat op en proberen er iets van te maken.

De woningbouwvereniging die zich aanvankelijk niet met het project bemoeit, krijgt ook een belangrijke rol. Ze weten uiteindelijk toch hun problemen op te lossen. Al kun je je afvragen of de brief van de burgemeester niet eerder een probleem maakte dan een probleem oploste.

De muziek bij de documentaire trok mijn aandacht. Het is een lied van componist en liedjesschrijver Arnold Veeman. Veeman is een Groningse Surinaamse streekstaalzanger en componist met een prachtige, diepe stem. Hij zingt in mooi Gronings over het dorp Finsterwolde, Finnerwold. De begeleiding op piano en fluitend tussen de regels, maken het tot een echte belevenis.

Ik vroeg direct na de uitzending via twitter aan Arnold Veeman of hij het liedje ook ergens online beschikbaar had. Zo plaatste hij het een halfuurtje later op Soundcloud. Het is zeker de moeite van het beluisteren waard. Al kun je niet om het uitgestrekte landschap van Oost-Groningen heen.

Beluister het liedje via Soundcloud
Bekijk de documentaire De brief van de burgemeester

Houthakker en schrijver

image
A. L. Snijders in de documentaire Een handige dromer

Of je nu hout staat te hakken of aan het schrijven bent, het is allebei nuttig voor de schrijver A.L. Snijders. Is er een groot schrijver verloren gegaan, vraagt documentairemaker Joost Conijn aan hem in Een handige dromer.

Ik zag de documentaire gisteren en vandaag nog een keer. De documentaire geeft de burger weer moed. Snijders stelt het houthakken gelijk aan het schrijven. Het vormt allebei een element in zijn leven. Hij heeft het allebei nodig om te kunnen leven.

De trouwe lezer van A.L. Snijders herkent de elementen uit de ZKV’s gelijk. Hij ziet de oude tractor die bij koude moeilijk aan de praat komt. Of de moestuin. De kip die hij voert. Het bos waaruit de schrijver zijn brandhout hakt en sprokkelt. De schuur en het schrijfkamertje.

Het schrijven van een roman wordt als ultiemste vorm van schrijven gezien. Voor A.L. Snijders is het onhaalbaar. Hij heeft er het geduld niet voor. Hij moet ook houthakken en de kippen voeren. Het ontbreekt hem aan ambitie. Ook kan hij niet goed genoeg typen. ‘De meeste mensen typen sneller dan ze denken. Bij is het andersom, maar ik maak van de nood een deugd. Daarom schrijf ik van die korte verhaaltjes.’

Prachtig om hem zo te zien en te horen. Hij is precies zo als dat hij schrijft. En dat heb ik vaak bij grote schrijvers niet. Die zijn maar al te vaak in het echt onhebbelijk en verschrikkelijk. A.L. Snijders is authentiek. Dat straalt hij uit op het witte doek en in zijn verhalen.