Tagarchief: computers

Hoe zag internet er in 1999 uit?

image

Voor het symposium van komende vrijdag over de Zuid-Afrikaanse cultuursite litnet.co.za ben ik eens in het internet van 1999 gedoken. Het is 15 jaar geleden, maar het internet van die tijd doet nu prehistorisch aan. We surfden over het www met de browser ‘Netscape’ en gebruikten massaal nog Windows 95 of de eerdere versie Windows 3.1.

Veel van de sites die we nu gebruiken, waren er toen nog helemaal niet. Zoals facebook (2004), twitter (2006) en buienradar (2006). Sommige websites zijn zelfs alweer verdwenen, zoals hyves (2004-2013). Google bestond krap twee jaar, we zochten in 1999 nog vooral via Ilse. Het in 1998 gelanceerde startpagina.nl won aan populariteit.

Apple was een nagenoeg failliet concern, maar lanceerde een jaar eerder de succesvolle iMac. In 1999 werden de verschillende kleuren van deze computer gepresenteerd op de website. Microsoft had een jaar eerder in 1998 Windows 98 gelanceerd. Windows XP zou pas twee jaar later het licht zien, terwijl de software-ontwikkelaar binnenkort de service stopzet.

In deze tijd lanceert de Zuid-Afrikaanse schrijver Etienne van Heerden het ‘aanlyn-boekejoernaal’ Litnet.co.za. De site in die vormgeving bleef tot 2006 bestaan en bevat alle elementen van websites uit die tijd: een lange lijst links naar artikelen in het kladblok-lettertype FixedSys.

In 2006 wordt de website aan een nieuwe layout onderworpen en komt in een heus content management systeem (CMS). Het systeem wordt in januari 2012 vervangen door de huidige website. Litnet is nu meer dan ooit veranderd in een groot skakel-festijn. Bezoekers kunnen zelf bloggen, een reactie achterlaten of een discussie starten.

Het ‘aanlyn-boekejournaal’ waarmee Etienne van Heerden in 1999 begon, heeft zijn ultieme gedaante aangenomen.

Computer als schrijver – #50books

image
Niet alleen updates, maar mijn computer tuft misschien ook wel romans uit.

Ik schrijf veel op de computer. Bijna alles komt direct vanuit mijn brein in de tekstverwerker van mijn computer terecht. Soms schrijf ik het eerst uit. Bij gedichten wil het wel helpen om eerst het gedicht op te schrijven en dan pas in de computer of op mijn smartphone te zetten. Het vormt een bescherming tussen schrijven en publiceren.

Een computer die alles schrijft, geloof ik niet. Een goed verhaal is meer dan een stelletje enen en nullen met elkaar combineren. Een goed verhaal vraagt om het brein van de schrijver. De creativiteit is niet te vatten in een programma. Daarvoor is de menselijke geest te grillig.

Misschien zouden computers verhalen voor computers kunnen schrijven. Als zij behoefte hebben aan verhalen. Voorzover mij bekend is vertellen dieren elkaar ook geen verhalen. Dus waarom computers dat onderling zouden moeten doen.

Wel geloof ik dat de computer de literatuur beïnvloedt. Harry Mulisch schreef De ontdekking van de hemel voor een groot gedeelte op de computer. Het verkorte zijn schrijftijd aanzienlijk. Volgens hem had het niet veel effect op zijn schrijverij. Behalve dat hij meer tijd overhield om andere verhalen te schrijven.

Ik denk dat Harry Mulisch dat effect schromelijk onderschat. Al schrijft hij in zijn inleiding bij Logboek dat de computer er niet voor gezorgd heeft dat zijn boek zo dik werd. Volgens hem is de denkrichting juist andersom. Het boek is niet zo dik geworden door de computer, maar hij is de tekstverwerker gaan gebruiken omdat het boek zo dik zou worden. Hij zou hierdoor eindeloos veel keren dezelfde passages moeten overtypen.

Ondanks de bewering van Harry Mulisch lijken boeken alleen maar dikker te worden. Veel romans monden uit in een dikke pil. Veroorzaakt door de tekstverwerker. Het schrijven op de computer is zo eenvoudig, dat het schrappen een bijna onmogelijke taak wordt. Schrijvers zijn zich onvoldoende bewust van de lengte van de tekst. Net als dat de computer een goed overzicht van het geschrevene ook lastiger maakt. Tekst verandert op een beeldscherm. De werking van tekst op de lezer verandert bij een beeldscherm eveneens.

Misschien bedoelde de jury van de Libris-literatuurprijs dat met Ikea-romans: romans opgezet als bouwpakket vol losse ideeën, waar de lezer dan maar een roman uit moet zien samen te stellen. Ik weet het niet. Daarvoor is dit onderwerp te ingewikkeld en moet je langer nadenken. Misschien is dat een leuke klus voor een computer nadat hij de roman heeft geschreven.

#50books
Deze blog is mijn reactie op vraag 23 van Petepels #50books: Kunnen computers fictie schrijven? Elke zondag lanceert Peter Pellenaars een vraag over boeken op zijn blog.

Netwerken, een wirwar aan draden #wot

image

Snel netwerken aanleggen, staat groot op de cover van het computertijdschrift. Ik blader erin en ziet schema’s voorbijkomen. Screendumps van Netgear en Cisco. Overzichten van wifi-systemen en lege tabellen die je zelf kunt invullen.

Verder 14 stappen. Het zijn grote stappen. Bij elke stap kom je een stapje dichterbij het netwerk dat je aanlegt. Onder elke stap vermelden 5 blokjes hoe zwaar de stap is. De blokjes kleuren groen of blijven leeg. Zijn alle 5 vakjes groen, dan is het kost voor de heavy user. Is er slechts 1 vakje groen, dan kan de grootste oen het zelfs.

Ik kijk naar de eerste stap. ‘Analyseer de gebruikers van je netwerk.’ Boven de stap een kluw computerdraden als illustratie. ‘Je moet inzichtelijk hebben wie je netwerk gebruiken en hoe. Iemand die de mail leest en op zijn mobieltje een spelletje speelt, heeft een andere behoefte dan iemand die World of Warcraft speelt en elke avond 10 films downloadt.’

Ik ben geen van beide gebruikers. Ik gebruik gewoon het netwerk om online te zijn op twitter, mijn blog of een stukje te schrijven in Google Drive. Gebruik je dan veel data of weinig. Films of spelletjes downloaden doe ik niet. Ik surf en leef op internet. Verder doe ik niet zoveel aan datavreterij.

Ondanks dat ligt onze wifi er om de haverklap uit. Een belletje naar de UPC heeft niet geholpen. De mevrouw van de servicedesk heeft de router al op een andere frequentie gezet. Volgens haar had de wifi-repeater van de Aldi die ik boven geinstalleerd heb, geen effect. ‘Ik zie dat u een versterker gebruikt’, had ze gezegd. ‘Die werkt niet’, vervolgde ze.

Het veelzeggende advies dat ze gaf was om een andere router op de router aan te sluiten voor het draadloos netwerk. Dan kun je boven op een ander netwerk dat op het netwerk is aangesloten. Niet bepaald een tip die ik in de stappen terugvindt.

Ze laten een uitvoerig schema zien van gebruikers. Precies vermelden ze wie er ‘s avonds gebruik maken van het netwerk en wat ze er doen. Ik vraag me af of zo’n schema zin heeft voor een huishouden met 3 personen.

Daarna kruip ik verder naar de volgende stap. De hoeveelheid groene vakjes stijgt. ‘Noteer alle instellingen en wachtwoorden. Zet de router daarna terug in de fabrieksinstellingen.’ Zo fietst het programma verder door een woud aan instellingen, wachtwoorden en formules.

Nog meer groene vakjes en de eenvoud die ik dacht te hebben van mijn netwerk is helemaal weg. Alles moet zorgvuldig zijn afgestemd. Ik heb geen idee hoe ik in mijn router kom. Het lijkt erop dat de dame van de klantenservice van UPC daar alleen toegang toe heeft. Andere apparatuur werkt er niet op. De printer weigert zijn printopdrachten. Hij krijgt ze niet binnen via het draadloos netwerk, zegt hij. Net als dat de mobiel om de haverklap klaagt dat hij geen verbinding heeft met het netwerk.

Zo verdwijnt elk ander begrip voor het woord netwerk. Een wirwar van draden en onmogelijkheden. Alleen schema’s en netwerkbeheerders lijken dit begrijpen. Ik sla de gids dicht en pak een oud nummer van Vrij Nederland. Het gaat over Wolkers’ zoon Eric. Hij vertelt over een andere kant van zijn vader.

Maar dan het is mijn beurt. Ik mag naar binnen. Een wachtkamer helpt je bij het hervormen van het computernetwerk thuis, maar ik dwaal liever weg in een interview in een even oud tijdschrift.