Tagarchief: computeraansluitingen

Leven zonder internet – Tiny House Farm

Hoe gaat het inmiddels met ons internet? Morgen wonen we 70 dagen op de Vuursteenhof en hebben nog altijd geen vaste aansluiting. Reggefiber heeft heel veel moeite om het glasvezelkabeltje aan te leggen. Al mijn buren hebben al internet via glasvezel, behalve wij. Het verschil: zij zijn hier allemaal later komen wonen en bij hun konden de gravers wel de kabel vinden.

Onthoud daarbij dat Reggefiber al eens sinds 23 juni weet dat de uitvoerende partij Van den Heuvel de kabel niet kon vinden. De kabel lag er wel en zij stuurden op die dag een mailtje om het snel op te pakken. Niemand heeft daarop gereageerd en toen wij contact opnamen wist Reggefiber van niks en heeft ons vervolgens 2 maanden aan het lijntje gehouden.

Maar geduld moeten we blijven hebben. Zeker met een organisatie als Reggefiber. We kregen een belletje daags na de vorige blog over het leggen van de glasvezelkabel. Ze waren geschrokken. Er zou een projectleider op komen.

Die maandag liepen we al meteen weer op een muur van bureaucratie: er stond ineens een monteur aan de deur. Maar er was precies op dat moment niemand thuis. Toen we het telefoonnummer belden dat hij achterliet, wist niemand ergens van.

Na heel veel bellen, chatten, mailen en dreigende tweets is afgelopen maandag de kabel doorgetrokken in ons huis. Eindelijk glasvezel.

Maar niet heus.

De volgende hobbel is ook lastig: het aansluiten door de firma Volker Wessels. Ze zouden gisteren tussen 12 en 15 uur komen. Speciaal ervoor thuisgebleven, geregel met werk en zo, veel afspraken afzeggen. Maar nee hoor. Geen monteur. Ook geen enkele melding van annulering of waarom ze niet gekomen zijn.

Ik verwacht dat dit nog wel even gaat duren.

Een organisatie als Reggefiber heeft geen haast om de snelle glasvezel op ons aan te sluiten. Ze sluiten eerst de buren aan die er nog niet wonen en naar ons kijken ze niet om.

Wanneer we internet hebben? Ik denk dat het bijna niet meer nodig is. Het schijnt dat er heel veel aanbieders van 4G zijn die net zo’n snel internet aanbieden en daar geen kabel voor hoeven aan te leggen.

Het begint erop te lijken dat we naar de alternatieven moeten grijpen. Want in deze tijd is een goede internetaansluiting net zo belangrijk als bed, bad en brood.

Schiet eens op Reggefiber en Volker Wessels met die snelle glasvezelkabel van jullie.

Netwerken, een wirwar aan draden #wot

image

Snel netwerken aanleggen, staat groot op de cover van het computertijdschrift. Ik blader erin en ziet schema’s voorbijkomen. Screendumps van Netgear en Cisco. Overzichten van wifi-systemen en lege tabellen die je zelf kunt invullen.

Verder 14 stappen. Het zijn grote stappen. Bij elke stap kom je een stapje dichterbij het netwerk dat je aanlegt. Onder elke stap vermelden 5 blokjes hoe zwaar de stap is. De blokjes kleuren groen of blijven leeg. Zijn alle 5 vakjes groen, dan is het kost voor de heavy user. Is er slechts 1 vakje groen, dan kan de grootste oen het zelfs.

Ik kijk naar de eerste stap. ‘Analyseer de gebruikers van je netwerk.’ Boven de stap een kluw computerdraden als illustratie. ‘Je moet inzichtelijk hebben wie je netwerk gebruiken en hoe. Iemand die de mail leest en op zijn mobieltje een spelletje speelt, heeft een andere behoefte dan iemand die World of Warcraft speelt en elke avond 10 films downloadt.’

Ik ben geen van beide gebruikers. Ik gebruik gewoon het netwerk om online te zijn op twitter, mijn blog of een stukje te schrijven in Google Drive. Gebruik je dan veel data of weinig. Films of spelletjes downloaden doe ik niet. Ik surf en leef op internet. Verder doe ik niet zoveel aan datavreterij.

Ondanks dat ligt onze wifi er om de haverklap uit. Een belletje naar de UPC heeft niet geholpen. De mevrouw van de servicedesk heeft de router al op een andere frequentie gezet. Volgens haar had de wifi-repeater van de Aldi die ik boven geinstalleerd heb, geen effect. ‘Ik zie dat u een versterker gebruikt’, had ze gezegd. ‘Die werkt niet’, vervolgde ze.

Het veelzeggende advies dat ze gaf was om een andere router op de router aan te sluiten voor het draadloos netwerk. Dan kun je boven op een ander netwerk dat op het netwerk is aangesloten. Niet bepaald een tip die ik in de stappen terugvindt.

Ze laten een uitvoerig schema zien van gebruikers. Precies vermelden ze wie er ’s avonds gebruik maken van het netwerk en wat ze er doen. Ik vraag me af of zo’n schema zin heeft voor een huishouden met 3 personen.

Daarna kruip ik verder naar de volgende stap. De hoeveelheid groene vakjes stijgt. ‘Noteer alle instellingen en wachtwoorden. Zet de router daarna terug in de fabrieksinstellingen.’ Zo fietst het programma verder door een woud aan instellingen, wachtwoorden en formules.

Nog meer groene vakjes en de eenvoud die ik dacht te hebben van mijn netwerk is helemaal weg. Alles moet zorgvuldig zijn afgestemd. Ik heb geen idee hoe ik in mijn router kom. Het lijkt erop dat de dame van de klantenservice van UPC daar alleen toegang toe heeft. Andere apparatuur werkt er niet op. De printer weigert zijn printopdrachten. Hij krijgt ze niet binnen via het draadloos netwerk, zegt hij. Net als dat de mobiel om de haverklap klaagt dat hij geen verbinding heeft met het netwerk.

Zo verdwijnt elk ander begrip voor het woord netwerk. Een wirwar van draden en onmogelijkheden. Alleen schema’s en netwerkbeheerders lijken dit begrijpen. Ik sla de gids dicht en pak een oud nummer van Vrij Nederland. Het gaat over Wolkers’ zoon Eric. Hij vertelt over een andere kant van zijn vader.

Maar dan het is mijn beurt. Ik mag naar binnen. Een wachtkamer helpt je bij het hervormen van het computernetwerk thuis, maar ik dwaal liever weg in een interview in een even oud tijdschrift.