Tagarchief: boer

Klein Dochteren – IM A.L. Snijders – #ZKV

In de tijd dat ik een baantje had bij een heus museum, reed ik 3 keer per week het stuk van Almelo naar Angelo. Een eind van 80 kilometer, waarbij ik de eerste 25 op de snelweg reed en de rest over 80-kilometerwegen. Langs Lochem, Zutphen en Doesburg om uiteindelijk achter de IJsseldijk in het kasteel bij Angerlo terecht te komen.

Vlak achter Lochem, ligt Klein Dochteren, een bijna niet noemenswaardig plaatsje. Je rijdt dan over de N236 langs een indrukwekkend landhuis uit de jaren ’30. Het schijnt dat daar tegenwoordig een commune in verblijft. En daar in de buurt woont dus de beroemde schrijver van korte verhalen, zeer korte verhalen zoals hij ze noemt: A.L. Snijders.

Niet geweten op de ochtenden dat ik daar reed. Misschien dat hij op enkele honderden meters afstand van mij rondtufte op zijn tractor. Na het houthakken en de kippen voeren. Een ZKV in het hoofd en later aan het papier toevertrouwend terwijl hij door het kleine keukenraampje van zijn boerderijtje naar buiten keek.

“Er rijdt een rood autootje door de ochtendmist. Waar zou hij heen gaan?”

Hooien – #fietsvakantie

Het inpakken gaat steeds sneller. Al is de hele camping uitgestorven. Alle senioren zijn die ochtend met veel bijbehorend kabaal vertrokken. Op hun elektrische fietsen gingen ze weg. Ik heb slechts 1 oudere gezien op een gewone fiets. Het is fiets-4-daagse in Denekamp. Hartstikke leuk, volgens de campingeigenaar, die nog even een praatje komt maken. Wij stappen op de trappers en rijden op eigen kracht.

De tocht gaat een stuk langs de grens en we zullen ook nog even naar Nordhorn gaan. De boeren zijn ook vroeg opgestaan. Het is een drukte van belang. De maaiers en tractors vol met hooi rijden af en aan. We pakken eindelijk een rustig weg in de richting van Nordhorn.


In Nordhorn verdwalen we genadeloos. We hebben wel heerlijke broodjes gehaald, maar de bewegwijzering voor fietsers houdt precies bij de grens op. Zo duurt het even voor we weer terug zijn in Nederland.

Het lijkt wel of iedereen opgetrommeld is om mee te helpen met het hooien. Overal is bedrijvigheid op deze mooie zomerdag. Veel boerinnen en boerendochters rijden op de grote tractors voorbij. Het meest extreem is het bij Geesteren waar ik een jongen en meisje, nauwelijks ouder dan Doris zie. De jongen kan amper bij de pedalen van het voertuig. Levensgevaarlijk. We rijden snel voorbij en hopen dat er geen ongelukken gebeuren.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Boeren – #fietsvakantie

De boerencamping vlakbij Denekamp staat vol met caravans. Bij elke caravan hangt de was – altijd een theedoek – en staan 2 grote tuinstoelen met een bijbehorende tafel. Als we aankomen is het net etenstijd.

Ik loop over de camping op zoek naar een plekje en informeer meteen naar de eigenaar. Die is even weg. We kunnen onze tent wel ergens opzetten, vindt een gast. Hij ruikt naar bier en is zichtbaar aangeschoten. We lopen over het terrein. Alleen maar caravans. Geen enkele tent. En alleen maar senioren.

Ze kijken naar ons met bewondering én afgunst. Helemaal op de fiets? En hoezo een tentje. Een man komt net terug van de afwas en stapt met de schone vaat in de afwasbak zijn caravan in. Wij zetten onze tent op. Ik rommel wat met het pitje en zie dat alle ogen op ons gericht zijn.


Na het avondeten komt de eigenaar langs en zegt dat het prima is dat we hier een nachtje. We rekenen meteen af en ik praat met hem over koetjes en kalfjes. Letterlijk. Hij is melkboer geweest. Met pijn in het hart heeft hij afscheid genomen van zijn veestapel.

De man is net zo oud als ik, houdt echt van boeren, maar merkt dat de opbrengst niet opweegt tegen de baten. Het is meer hobby dan dat je ervan kunt leven, stelt hij.

Dat valt mij op. Ik hoor het vaker tijdens deze vakantie. Veel boeren op boerencampings zijn gestopt met boeren. Het kost meer dan het oplevert. Jammer om te zien hoe het platteland geleidelijk leegloopt en het leven eruit loopt.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.

Kamperen bij de boer – #fietsvakantie

img_20160813_200051.jpgWe vinden een plekje bij de boer in Hengevelde. Ik ken het plekje als redacteur bij de Twentsche Courant Tubantia. Nu zetten wij ons tentje op een vrij leeg veld. Plek genoeg. Het weer heeft veel kampeerders ontmoedigd. Een paar dagen eerder daalde de temperatuur ’s nachts aan de grond zelfs tot het vriespunt.

Het is ergens in 2004 geweest. Ik schreef over bedrijvigheid en gastvrijheid in de Hof van Twente waarin ik als redacteur werkte. Zo voerde ik langs verschillende campings met het logo ‘Kamperen bij de boer’. Ik ging mee met een familie die een trektocht maakte met een huifkar en een ezeltje. Daar wil ik ooit kamperen, dacht ik toen.

Nu sta ik hier op de camping. Samen met mijn dochter hier naartoe gefietst, flink gedwaald. Midden tussen de weilanden. We zijn aardig afgemat van de 140 kilometer in 2 dagen die wij gereden hebben. Ik merk het in de benen en we besluiten om hier een extra rustdag te nemen. De boer zien wij niet. Als ik ga kijken bij de stal, zie ik de boer. Hij is druk met de koeien. Zet je tent maar op, mijn vrouw komt straks.

Ik zie mevrouw niet meer. Pas de volgende morgen als we hebben ontbeten, zie ik de boerin bij de wasruimtes. Ik betaal meteen voor 2 dagen. Zo kunnen we deze zondag nog een stukje fietsen in de richting van Almelo waar we zeker nog even langs willen rijden.

Fietsvakantie

In augustus maakten Doris en ik een mooie fietstocht door Nederland met als bestemming: Twente. Elke week op vrijdag schrijf ik een stukje over deze bijzondere fietsrit.