Tagarchief: bloem

Alles in bloei – Tiny House Farm

Het is zo mooi om alles in bloei te zien in deze tijd van het jaar. Het begint met de amandel die dit jaar al in februari in bloei stond. Daarna volgde heel snel de abrikoos. Dan is het even wachten, maar hier kwamen de pruimen al heel snel. Vooral de nieuwe Reine Victoria doet het goed.

Perenboom in bloei

Gevolgd door de Reine Claude en de Mirabel. De laatste staat nog steeds in bloei. Dan komen kersen en de peer. Eigenlijk hoort eerst de Gieser Wildeman en daarna de gemengde boom met Conference en Doyenne. Het ging dit jaar andersom. De kersen doen het ook erg goed. Vooral het boompje dat ik vorig jaar bij de Gamma haalde. Het zijn allemaal wel zure kersen. En vergeet de kleine kriek niet. Die bloeide alsof het een lieve lust was.

Uitgebloeide kersen

De kersen raken uitgebloeid. Ondertussen verschijnt er soms nog een bloemetje aan de abrikoos. Een nazending of zoiets. En nu beginnen de appels. De Rode van Boskoop bloeit mooi. In de Groninger kroon wijzen de rode puntjes mooi omhoog. Net als dat de nieuwe Zoete Ermgard mooie knoppen heeft. De andere appelbomen, Elstar en Jonagold staan ook in de startblokken.

Best indrukwekkend allemaal. De grote misser was de Japanse sierkers. Hij zat vol knoppen, maar ineens is hij ermee uitgescheën. Waarom? Geen idee. De knoppen zijn uitgedroogd en er verschijnt geen blaadje aan de boom. Net als de 2 bellemannekes (fuchsia) die ook blaadjes leken te krijgen maar nu als droge takken uit de grond wijzen.

Bloei in de achtertuin

Erg droog

De natuur is wel heel erg droog. De paar druppels regen die we dinsdag zagen vallen, zetten weinig zoden aan de dijk. Omdat de kweepeer er wel heel ellendig uitziet, geven we de fruitbomen nu wat extra water. Net als de rabarber die elke dag een plons water verlangt. Er is mij veel aan gelegen dat ze dit jaar wat grootser zijn dan vorig jaar.

Wat de oogst zal zijn is altijd het ongewisse. Ik kan eigenlijk niet wachten, maar het beleven van de tuin en met geduld kijken wat er allemaal rijpt en gebeurt, is mij ook heel veel waard. Daarom probeer ik vooral te genieten hoe al dat kleine grut langzaam verandert. En maar hopen dat het grut snel wat groter wordt en beter op eigen benen kan staan. Dan helpen de planten elkaar beter en kost het mij minder tijd.

Zinnia, tulp en narcis in bloei

Dat ongeduldige zal niet snel verdwijnen bij mij, denk ik. Tegelijkertijd komen er ook allerlei andere bloemen op. Wat dacht je van margriet, de zinnia, tulpen en narcissen. Van de laatste komen wel heel bijzondere bloemen uit. Heerlijk genieten van wat er allemaal in je tuin gebeurt. Het geeft heel veel plezier in deze dagen van thuiszitten.

Bloem

image

De hoofdpersoon van Remington van Bert Natter denkt terug aan een gesprek met zijn vader over de dichter Bloem. Zijn vader vroeg namelijk wat hij met de les Nederlands besproken had.

De leraar vertelde tijdens de les dat de bundel Media vita zou duiden op het midden van het leven. De dichter was in halverwege zijn leven bij het verschijnen van deze dichtbundel.

Vader veegt de vloer aan met de bewering van de docent Nederlands. Hoe kon de dichter Bloem weten dat hij op de helft van zijn leven was? De hoofdpersoon verweert zich en zegt dat zijn docent vertelde dat Bloem dat gokte. Onzin vindt zijn vader:

‘Jullie meester is die gokt, want hij heeft er geen verstand van. “Media vita” is een deel van de eerste regel van een welbekend kerkelijk lied, ten onrechte toegeschreven aan mijn middeleeuwse collega Notker de Stotteraar. Lach niet. Media vita in morte sumus, dat wil zeggen dat wij midden in het leven in de dood staan. Ook wanneer de meester onzin uitkraamt en zijn leerlingen iets op de mouw speldt, de dood wacht waar je ook bent, wat je ook doet. Pas als de meester onderweg naar de lerarenkamer dood neervalt zal hij het hebben begrepen.’ (22)

Bert Natter zou Bert Natter niet zijn als hij daar verderop in het verhaal niet op terugkomt. Indirect verwijst de vader van de verteller naar de opmerking over Bloem. Het is misschien meer levensvisie dan wijsheid.

Als hij in het hotel waar ze onderweg overnachten aan zijn vader vraagt wanneer je eervol sterft. Zijn vader geeft een ontwijkend antwoord en de verteller vraagt het nog een keer:

Ik herhaalde mijn vraag: ‘Waar moet je sterven om eervol te sterven?’
‘In het midden van het leven,’ beweerde mijn vader. (112)

Een prachtige verwijzing naar het kerkelijk lied en indirect naar J.C. Bloem. En nog beter: de vader van de verteller is voor de hoofdpersoon een betere leermeester dan de leraar Nederlands.

Bert Natter: Remington. Amsterdam: Uitgeverij Thomas Rap, 2015. ISBN: 978 94 004 0270 6. 224 pagina’s. Prijs: € 18,90

Boekendozen – #50books

image

Bij de verhuizing acht jaar geleden pakte ik rustig aan mijn complete boekenverzameling in bananendozen. Ik had er al ervaring mee, een paar jaar eerder trok ik bij Inge in en nam een grote stapel met dozen mee. Bij de boekendozen zat ook een grote doos met boeken die ik weg wilde doen. Ik nam de doos mee en een paar jaar later verkocht ik de inhoud op de Almeloose boekenmarkt op Hemelvaartsdag. We haalden driehonderd euro op.

De boeken na de laatste verhuizing bleven heel lang in de dozen staan. Ze zwierven eerst door het huis en stonden uiteindelijk op zolder. Meer dan twee jaar zat ik zo zonder bibliotheek. Ik was te druk met het opknappen van de andere kamers in huis. Uiteindelijk kwam de zolder aan de beurt. Ik maakte een grote bibliotheek die tot in de nok van het dak reikte. Een wens ging in vervulling.

De vreugde om mijn bibliotheek weer op te kunnen bouwen en bij de boeken te kunnen die ik al zo lang niet meer had gezien. Ik was helemaal blij en voelde mij als de dichter Bloem die uiteindelijk ook zijn bibliotheek weer kan inrichten. Het ging heel traag en eigenlijk lukte het hem ook niet. Zodra hij de dozen uitpakte, begon hij te lezen en verdwaalde hij met zijn gedachten in de boeken.

Ik heb het wat zakelijker aangepakt en zoveel mogelijk – alfabetisch – proberen te ordenen. Er bleef eigenlijk geen doos met boeken over. Tot ik een paar jaar terug via marktplaats bij iemand drie grote dozen met boeken kocht. Daarbij zat ook een ongebonden uitgave van Junghuhns meesterwerk Java, de eerste druk. Het is bijna volledig en was voor mij de eerste uitgave van Java die ik in bezit kreeg. Er zouden nog twee volgen.

Bij die dozen boeken zaten ook veel boeken die ik niet wilde. Ik zou ze wel gaan verkopen. Het is nog altijd niet gebeurd. Sinds die tijd zijn er wel boeken in de dozen bijgekomen. Boeken die ik per ongeluk dubbel kocht – echt heel schandelijk een boek dubbel kopen – of boeken waarvan ik een goedkoper exemplaar vond zodat ik het duurdere zou verkopen.

Omdat die boekenverkoop niet van de grond is gekomen, zit ik nog altijd met stuk of zes bananendozen. Ze staan ergens in een hoek onder het schuine dak. Waar niemand bij kan. Naast de campingspullen, de twee dozen met kerstversieringen en de televisie van mijn overleden schoonmoeder. Ik zou er best weer eens in kunnen neuzen. Ik ben er zeker van dat ik er weer een paar boeken uithaal die ik bij nader inzien toch zou willen houden.

Daarom geloof ik niet dat het slecht is om je boeken af en toe in een doos te doen. Zo ontdek je weer wat je eigenlijk hebt en merk je dat de waarde van spullen kan veranderen. Iets dat je tien jaar geleden met afgrijzen wegstopte, kan je nu koesteren. En andersom. Er is dus niks mis mee om wat boeken weg te stoppen in een doos. Voor nooit of juist voor later.

Dit is het antwoord op vraag 48 van het blogproject #50books van Petepel. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Krachtloos en teer

image

De tulp waar ik met zoveel liefde over schreef een paar dagen terug, is gesneuveld. ’s Morgens passeerde nog een meisje met haar ouders. Het kind schoot de voortuin in en trok aan de bloem. Erg begeerlijk zo’n bloeiende tulp om even je vingers over te laten strelen. Ik dacht dat de bloem gelijk naar voren boog.

In psalm 103 vertelt het lyrisch ik over het kortstondig leven. Gelijk het gras is ons kortstondig leven, klinkt het in vers 8 van de berijmde versie. Het leven is ontzettend weerloos. Het kan elk moment afgelopen zijn. Net als een bloem waarbij de steel knakt en de dood intreedt. Uitgebloeid. Het is verdwenen, zelfs ‘haar standplaats’ is niet meer terug te vinden, stelt het lyrisch ik.

Gelijk het gras is ons kortstondig leven,
Gelijk een bloem, die op het veld verheven,
Wel sierlijk pronkt, maar krachtloos is en teer;
Wanneer de wind zich over ’t land laat horen,
Dan knakt haar steel, haar schoonheid gaat verloren;
Men kent en vindt haar standplaats zelfs niet meer.

Gerard Reve was zo getroffen door de tekst uit deze psalm dat hij zijn huis in het Friese Greonterp de naam Huize Het Gras gaf. De wijdse omgeving deed hem er waarschijnlijk aan denken. Op het huis prijkt een gevelsteen waar Huize Het Gras op staat. Het is een bedevaartsoord voor Reveliefhebbers geworden.

image

De geknakte bloem, daar gaat de psalm in de berijmde versie vooral over. En daar moest ik dan ook aan denken nadat de bloem los van de steel op de grond lag.

Ik was zo druk in de weer in de voortuin, verhoogde het paadje en sleepte daarom met de grote tegels. Waarschijnlijk ben ik toen langs de tulp gelopen en heb de bloem van de steel ontdaan. Per ongeluk en ik was best verdrietig toen ik het zag.

Niks aan te doen. We hebben hem als troost in een flesje water gezet en nu staat de tulp eenzaam binnen te pronken. De standplaats in de tuin is nog te vinden, maar hoe lang nog? In een open veld was hij natuurlijk snel overgroeid door gras.