Tagarchief: bessen

Kleinfruit – Tiny House Farm

Mijn grote liefde voor kleinfruit of zachtfruit als bessen, bramen en frambozen staan aan de basis voor de invulling van de stadslandbouw die wij voor ogen hebben. Van het kleinfruit willen wij de basis maken van de producten die wij gaan verbouwen op ons stukje grond van de Tiny House Farm.

Nu kweek ik ook diverse soorten kleinfruit in de achtertuin. Zo is er een enorme hoeveelheid rode bessen van de struik tegen de poort geoogst dit jaar. De frambozen lopen ook flink binnen. Het lijkt niet op te houden zoveel vruchten komen er dit jaar van de bes en de framboos.

De doornloze braam bevat ook heel veel bloemen die langzaam transformeren in groene vruchten. Ze zullen nog enige tijd moeten rijpen. Het is niet zo’n lekkere braam vinden wij. We verwerken de vrucht voornamelijk in de jam, maar zelfs daarin mist hij karakter.

Daarom willen we voor de Tiny House Farm goed gaan uitzoeken wat geschikte soorten bramen zijn. Ik wil eigenlijk dit jaar beginnen met het aankweken van de bramen. Zo doen we al onderzoek nog voordat we de struiken echt kunnen planten. Ook willen we veel aan het moment overlaten en ter plekke ontdekken wat goede vruchten zijn en hoe ze het doen op de bodem van Oosterwold.

Vooral de verwerking van al deze vruchten in jam, gelei en sap spreken mij heel erg aan. Ik hoop dat er een kleine markt voor is zodat we er ook wat inkomsten uit kunnen halen. Want het leven op de Tiny House Farm is niet goedkoop. Dat bewijzen de berekeningen van de afgelopen weken wel.

Eenvoudig leven is meer en meer een luxe leven aan het worden. Hoe gek het ook klinkt.

Stelen?

image

Als Jantje in het kindergedicht van Van Alphen pruimen ziet hangen, als eieren zo groot. Is hij zich niet bewust van bezit. De pruimen zien er lekker uit en hij wil ze opeten. Niemand zal het zien, denkt hij. Die ene pruim minder ziet toch niemand in de grote hoeveelheid pruimen die daar hangt.

Jantje wordt betrapt en krijgt een flinke reprimande van zijn vader. Wat hij doet is stelen. Vraag gewoon aan de eigenaar of je er eentje mag hebben. Dan heb je helemaal wettig in je bezit.

Hoe zit dat met de merels die mijn rode bessen stelen, vroeg ik mij laatst af. Zijn zij ook aan het stelen? Terwijl ze zich helemaal niet bewust zijn van bezit. Net als alle andere dieren. Ze vinden toevallig zo’n bessenstruik en nemen het ervan. Die struik staat daar en biedt de lekkerste vruchten. Waarom doorvliegen?

Als je je er niet bewust van bent dat je aan het stelen bent, steel je toch eigenlijk niet. Zeker ook omdat mensen een heel andere beleving van bezit hebben dan dieren. Dieren zien hun kroost als hun bezit, dat verdedigen ze met hand en tand. Alle maatregelen om hun nest te beschermen, doen ze tot behoud van hun gezin.

De natuur brengt allerlei vruchten en andere eetbare dingen voort. In feite mag je die als wandelaar gewoon meenemen. Al behoort het bos in eigenlijke zin niet tot mijn eigendom. Zo zullen de merels de bessenstruik in mijn achtertuin ook zien: als iets dat de natuur ze geeft. Zij plukken daar de vruchten van. Dat het mijn vruchten zijn, ziet de merel niet.

In de bijbel illustreert Jezus in zijn Bergrede de zorgeloosheid van de vogels. Hij ziet deze dieren als voorbeeld om onbezorgd door het leven te gaan en met de dag te leven. Ze scharrelen op een heel andere manier hun kostje bij elkaar. Ze pakken wat ze tegenkomen en bekommeren zich niet over de eigenaar van het kostje dat ze vinden.

Kijk eens naar de vogels in de lucht. Ze werken niet op het land en bewaren geen graan in een schuur. Jullie Vader in de hemel geeft ze te eten. En jullie zijn veel belangrijker dan de vogels. (Math. 6: 26)

Dat ze eigenlijk stelen, vergeet de zoon van God te melden in zijn voorbeeld. De vogels gaan namelijk vaak regelrecht in tegen het andere gebod: niet stelen. In het gedicht van Van Alphen is de moraal niet te stelen belangrijker dan de zorgeloze houding waarmee Jantje eigenlijk wil meenemen wat hij tegenkomt.

Daarom bewonder ik stiekem de merels. Ze nemen de bessen mee en dat sta ik oogluikend toe. Hoe heerlijk ik die bessen zelf ook vind in de jam. De familie Getelink heeft het zwaar genoeg in deze wereld vol eksters, kauwtjes, katten en andere bedreigingen.

Rode bessen

image

Vlak voor ons huis nestelt de familie Getelink. De merelouders maken zich veel zorgen om hun kroost. Of ze uitgevlogen zijn, kan ik niet zo goed beoordelen. Soms zie ik nog een merel in de struiken duiken. Voor het overige vliegen ze vooral krijsend achter kauwtjes en eksters aan.

De merels verdedigen met hand en tand de jonge aanwas van hun gezin. Dat vader Getelink ‘s avonds nog tijd heeft om op de dakrand een mooi lied te zingen, beschouw ik als een wonder. Of zijn gezin op die tijd van de honger dreigt om te komen weet ik niet.

Ik volg met interesse hoe ze de wormpjes en andere eetbare waren naar het nest komen brengen. Een paar dagen terug vlogen ze af en aan met de lekkerste dingen in hun snavel. Ik bespeurde zelfs een sappige rode bes en bewonderde de speurkwaliteiten van vader merel.

Tot ik ontdekte dat de rode bessen in onze achtertuin wel snel verdwenen. Ze leken maar niet te rijpen. Onder de struik lagen wel onrijpe bessen die op een raadselachtige wijze naar beneden waren gevallen.

Even later betrapte ik vader merel op een inval. Hij vloog heel onopvallend naar de pergola van de buurman. Floot zachtjes om zich heen om niet op te vallen en dook in een snelle vlucht weg in de struik met rode bessen. Ik kon hem niet meer zien, maar zag de bladeren van de struik woest heen en weer schudden. Daar werd een heerlijke vrucht verorberd.

Ik was niet de enige die de Getelinks betrapte. Ze vielen al snel ook bij Teun op. Luid blaffend stormde onze waakhond op de bessenstruik in de hoek van de tuin. Ze sprong daarbij wild tegen de schutting aan. Zo verdween een verschrikte merel uit de struik. Ze keek de teckel met een verwilderde blik na.