Tagarchief: Almelo

Schone was – Sientje (48)

In ons huisje in Almelo stond de wasmachine beneden. Ik droeg de was naar boven om het in de droger te doen. Eenmaal droog nam ik het weer naar beneden om het rustig op te kunnen vouwen. Boven was daarvoor namelijk te weinig ruimte. Bovendien wilden we het toen nog graag strijken. We dachten dat het netter stond vandaar.

De schone was belandde in een stoel midden in de woonkamer. Dan konden we op een later moment de was vouwen. Of mijn schoonmoeder kwam eventjes langs voor de strijk. Ze vond het onfatsoenlijk om niet te strijken. Met moeite wisten we haar te overreden niet het dekbedovertrek, de sokken en het ondergoed te strijken. Ze zou het namelijk zo doen, terwijl een gestreken sok of dekbedovertrek werkelijk heel nutteloos is.

Hond in de was

Als de was daar in de stoel lag, ging Sientje er vaak op liggen. Ze was namelijk dol op schone was. Ze sprong op de stoel en maakte met haar pootjes een nestje in het schone textiel. Heerlijk vond ze het om daarop te liggen. Ze viel dan in een diepe slaap midden op de berg met droge was. Het was best wel vies dat ze daar zo op die schone was lag, maar we kregen haar daar niet van af. Ze dreinde net zo lang door tot ze er wel op lag.

Soms waren we haar kwijt, dan had ze zich half achter of onder de berg met schone was ingegraven. Als we haar riepen hoorden we het staartje tikken tegen de rand van de stoel. Ze bleef heerlijk over de volle breedte van de stoel liggen en sloeg haar staart dan tegen of op de zijleuning. Een heimelijk genoegen waar ze niet van af te brengen was. En stiekem gunde ik het haar ook om lekker op de schone was te liggen. Zeker als ze niet vies en bemodderd thuis terugkwam van een wandeling.

Rondjes rennen

Al kwam zij zelden vies en nat terug van een rondje lopen. Bij regen deed ze namelijk zodra ze buiten kwam, meteen de plas en liep direct terug naar de deur. Vaak had ik de deur nog niet eens achter mij dichtgetrokken of ze rende ze bij binnenkomst in de huiskamer een flink aantal rondjes van de woonkamer naar de keuken en terug. Ze probeerde zich zo droog te rennen. Daarbij rende ze al grommend rond om na een paar rondjes hijgend in de mand te vallen.

Lees het vervolg: Bloemendief »

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Kopjes geven – Sientje (43)

Sientje had niet veel belangstelling voor andere dieren. Wat hier de oorzaak van was, wisten we niet. Heel soms gebeurde het. Zoals bij een vriendin in Leiden. Ze werd helemaal wild van haar konijntje. Ze kreeg geen genoeg van de bak waarin het diertje zat. Het konijn lag te rillen in haar hok.

Sientje vond het konijntje erg interessant. Wat zou ze doen als we het konijn los lieten? Daar hadden we geen idee van. We hebben het maar niet getest. Voor hetzelfde geld kreeg ze ineens last van haar jachtinstinct.

Griep

Nog zo’n gebeurtenis waar we versteld van stonden. Misschien was het een koortsdroom. We hadden haar nog niet zo heel lang. Ik was naar Almelo gegaan met een flinke griep. Thuis in Leiden hield ik het niet uit, daarom was ik maar naar Inge gegaan. Vrijwel op hetzelfde moment kwam Inge thuis met dezelfde griep. Zo lagen we naast elkaar in bed met een flinke koorts. De koorts liep hoog op bij ons allebei. We hielden een wedstrijdje. Degene met de hoogste koorts mocht blijven liggen, de ander moest met Sientje lopen.

Zo liep Inge met Sientje, want de thermometer wees bij haar een halve graad lager aan dan bij mij. Ze liep het bermuda-rondje, want ze voelde zich heel beroerd. Zo kwam ze langs het grasveldje voor de oude Ambachtsschool en ging meteen weer terug. Op het grind voor de school zat poeslief een poes. Inge passeerde met Sientje. Sientje kwispelde en liep op de kat af. Inge vreesde het ergste. Maar de poes was blijkbaar honden gewend en gaf Sientje zelfs kopjes.

Kopjes geven

Het was een schattig gezicht en Sientje genoot van de aandacht. We waren dit helemaal niet van haar gewend. Zeker ook omdat ze zo gelaten de poes kopjes liet geven en zelf heel rustig bleef. Geen opwinding of onrust, maar een ontmoeting zoals katten onder elkaar doen. Het bevestigde onze stelling dat Sientje een halve kat was. Gek op de zon en kalm als ze een kat zag.

Inge vertelde het verhaal toen ze rillend van de koorts weer naast me in bed kroop. Ik was stiekem jaloers dat ik niet met Sientje was gaan lopen. De dagen erna zochten we tevergeefs bij het lopen naar de kat. Hij zat er niet meer en hij heeft er nooit meer gezeten. Het bleef bij deze eenmalige belevenis.

Helaas. Ik had het graag gezien hoe innig een hond en een kat kunnen zijn. Zeker ook omdat Sientje zo weinig om andere dieren gaf. Het zou niet alleen haar zelfvertrouwen een duwtje in de rug geven, maar ook ons vertrouwen in haar.

Lees het vervolg: Teckel en peuter, een maatschap »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Mensenpup – Sientje (39)

Thuis bevallen leek ons wel heel bijzonder. Om zo in je vertrouwde omgeving, met Sientje erbij, het nieuwe leven te begroeten. Want hoe laat je je hond kennismaken met het nieuwe lid van de roedel, de mensenpup. Aangezien we thuis zouden zijn, zou Sientje het ook allemaal meemaken. Een betere introductie kon je je niet wensen.

Vanwege het ontbreken van stromend water boven, moest er beneden een bed komen te staan. We haalden het ziekenhuisbed weer op bij Inges moeder. Het kwam uit onze logeerkamer, maar onze logees moesten het sinds de inrichting van het babykamertje volstaan met een opklapbed in de studeerkamer. Het ziekenhuisbed was naar Inges moeder gegaan. Inge deed in de laatste weken al haar middagdutje op dit bed dat we op de hoge stand hadden gezet. Verder vond Sientje het erg lekker om daar te liggen. Alles was klaar om de baby ter wereld te laten komen.

Na een paar dagen weeën stak de verloskundige de vliezen door. Zo ontdekten we dat de baby in het vruchtwater had gepoept, waardoor we halsoverkop naar het ziekenhuis moesten. Ik vroeg snel aan de buurvrouw of zij Sientje ‘s avonds wilde uitlaten. ‘We moeten naar het ziekenhuis voor de bevalling’, zei ik snel. Ze begreep het. Het huis dat we achterlieten was een puinhoop. Drie dagen rondlopen met weeën en het vruchtwater op het kraambed midden in de kamer.

Het zag er allemaal niet schoon uit. Maar we moesten onmiddellijk weg. We konden niet eerst de boel opruimen, daarvoor was de situatie te urgent. We waren allang blij dat ze niet met een ambulance hoefde te worden afgevoerd en we met onze eigen auto konden gaan. Achter de verloskundige aan reden we die Bevrijdingsdag naar het ziekenhuis.

We waren wel een beetje teleurgesteld. Want we hadden ons erg verheugd op de geboorte van ons kind thuis. In onze eigen vertrouwde omgeving met Sientje erbij. Dan kon Sientje meemaken hoe het gezin een nieuw lid erbij kreeg. Het mocht niet zo zijn. Wij moesten halsoverkop naar het ziekenhuis. En de gezondheid van de baby ging voor alles.

De bevalling duurde nog lang, maar ver na middernacht werd het kind geboren. Een meisje, Doris. We waren helemaal gelukkig en na nog enkele flinke complicaties mocht Inge uren later eindelijk naar bed. Ik kreeg als kersverse vader te horen dat ik nu naar huis mocht gaan. Midden in de nacht en ik kon gaan. De auto stond nog op de noodplek. Ik haalde het plastic weg aan de kant van de bijrijder. Daar had Inge gezeten en reed naar huis.

De zon kwam al op toen ik ons straatje binnenreed. Ik kwam binnen zag de troep en een enthousiaste Sien. Ik liep even snel een rondje met haar. De bermuda-driehoek zoals wij dat noemden, naar het eind van de straat. Daar kon je om een stukje gras lopen en keerde je zo weer terug naar huis. Het rondje behelsde niet veel meer dan een meter of tweehonderd. Voor Sientje was dat ruimschoots voldoende voor een plas en een poep. Dan keerde ze vol enthousiame om. Zeker met regen, want met regen wilde ze snel terugzijn. De late thuiskomst zorgde ervoor dat Sientje ook nu snel werd uitgelaten. Daarna probeerde ik snel nog wat te slapen.

Dat ging slecht en een paar uur later belde ik de familieleden om te vertellen dat we een dochter gekregen hadden en dat ze Doris heette. Het duurde lang voordat de klok half negen liet zien, het tijdstip dat ik weer naar het ziekenhuis mocht. Ik liet Sientje snel uit en verdween weer in de richting van het ziekenhuis. Alleen het kraambed had ik snel ontdaan van de natte opvangdoeken. Ik wilde zo snel mogelijk weer terug zijn bij mijn lief en het nieuwe leven dat die nacht was geboren.

Het was nog even heel spannend of ze naar huis mochten, maar uiteindelijk mochten ze toch met mij mee. Helemaal blij en gelukkig stapten we in de auto. Onwennig reed ik met het kindje voorin en mijn lief achterin. Dat hadden we toch mooi voor elkaar gekregen. We waren weer bijna thuis. Zo stak ik de sleutel in het slot, de Maxicosi in mijn hand. Sientje begroette ons en keek nieuwsgierig naar mijn bagage.

Ik zette de mensenpup in de Maxicosi op de grond neer, vlak voor haar. Ze ging ervoor zitten. Ik bleef rustig, maar wel binnen bereik om in te grijpen als het mis zou gaan. Een spannend moment. Sientje keek aandachtig naar het kleine wezentje. Ze zag de vingertjes bewegen. Ze gromde zachtjes, geen raad met deze situatie wetend. Maar ik pakte een voetje van Doris en liet Sientje ruiken. Voorzichtig schoof het neusje in de richting en rook. Ze rook de geur van het nest en begon zachtjes te kwispelen. Het was goed.

Daarna lieten we haar overal bij. Ze mocht ruiken, soms even likken en ook mocht ze bij ons op de bank kruipen. We merkten zelf wel dat onze aandacht voor Sientje verminderde. De aandacht van zo’n klein baby’tje vraagt genoeg energie van je. Sientje moest er wel aan wennen, maar we betrokken haar bij alles, om zo de aandacht te geven en te voorkomen dat ze jaloers werd. Alles was anders geworden. Ook voor Sientje.

De komst van het nieuw roedellid, zorgde er voor haar voor dat ze veel waakser werd dan voorheen. Vreemden mochten niet te snel te dicht in de buurt van onze pup komen. Dan vloog ze blaffend en grommend op hen af. Het zorgde soms voor een beet in de knie. Dan stond ze blaffend voor iemand en hapte ze tijdens het blaffen in de knie. Of het nu door het blaffen kwam of bewust was, durf ik niet te zeggen. Maar de roedel werd beter bewaakt dan ooit. Dat stond als een paal boven water.

Lees het vervolg: Moedermelkjunk »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Sienepien op de foto – Sientje (36)

In het buurtje waar wij in Almelo woonden, waren maar liefst 2 dierenwinkels binnen loopafstand van ons huis. Als we er bij de wandeling langsliepen, dook Sientje meteen op de bak met koekjes die bij de ingang stond. Ze graaide snel een flinke hoeveelheid koekjes uit de voerbak en schrokte ze de volgende meters lopen op. Ze wilde altijd meer hebben, maar daar gingen we niet op in. Er zaten grenzen aan het snoepen.

We hadden een goede relatie met die dierenwinkel. De andere stond er vrijwel naast, alleen een bloemenwinkel zat tussen de 2 dierenwinkels in. Bij die andere kwamen we alleen voor een aanbieding of als onze dierenwinkel niet had wat we zochten. De andere dierenwinkel had een grote parkeerplaats voor de zaak. Ook ontbrak er een voerbak met koekjes bij de ingang. Onze eigen winkel had gewoon meer sfeer en deed meer aan klantenbinding.

Foto insturen

Zo kon je een foto van je hond insturen. Die foto kreeg een mooi plekje achter de kassa. Wij stuurden een foto van Sientje waar ze op de bank zat en heel eigenwijs in de richting van de camera keek. De blik was de helft van de foto, de andere helft van de aantrekkingskracht was dat ze niet zolang ervoor geplukt was. Ze zag er gewoon heel mooi uit. We gaven de geboortedatum van de hond door, waarna we elk jaar op haar verjaardag een kaart in de bus kregen.

We hadden Sientje nog niet zo lang of er kwam een speciale hondenfotograaf langs. Precies op mijn vrije dag was hij er. Zodoende mocht ik met de hond naar de dierenwinkel. Ze at zich eerst uitgebreid aan de bak met koekjes bij de ingang. Binnen in de zaak zwierven ook genoeg brokken en koekjes die uit de voorraadbakken waren gevallen. Genoeg om te eten dus. In een hoekje van de kleine winkel zat de fotograaf. Een Amsterdammer, en dat valt onmiddellijk op in Almelo.

De hond mocht zitten op een wit laken. De fotograaf probeerde ze in een zo leuk mogelijke stand op de foto te krijgen. Niet bij elke hond ging dit even makkelijk. We hadden ons voor een bepaald tijdstip opgegeven, maar ik moest nog even op mijn beurt wachten. Er waren aardig wat kandidaten. De fotograaf liep een beetje uit. Een grote herdershond moest op de foto met een jongetje. Het dier wilde niet gaan zitten. De jongen kreeg het niet voor elkaar, wat hij ook deed. De fotograaf maakte rare geluiden en deelde koekjes uit. Het hielp weinig.

Sienepien

Eindelijk was het mijn beurt. Ook Sientje liet zich niet zo verleiden. Ze wilde niet gaan zitten en liep telkens naar de fotograaf toe als hij een raar geluidje maakte. Hij probeerde haar te verleiden met ‘Sienepien’, op zijn Amsterdams uitgesproken. ‘Sienepien’, riep hij terwijl hij door zijn camera in haar richting tuurde. Hij kreeg haar niet in beeld zoals hij gewenst had, maar we wisten haar toch zo voor de camera te krijgen.

Hij klikte precies op het moment dat ze overeind kwam om het koekje in ontvangst te nemen. Een onmogelijke foto, maar de fotograaf leek tevreden. Het was nog in het tijdperk voordat foto’s digitaal werden gemaakt. Het zou mij benieuwen wat hij ervan gebakken had. Ik vreesde het ergste. Dieren fotograferen is ontzettend moeilijk. Deze fotograaf scheen volgens de eigenaar van de dierenwinkel één van de weinige in Nederland te zijn, die het ook nog aardig kon.

Ik was niet thuis op het moment dat de foto’s afgedrukt waren, maar een paar weken later haalde Inge ze op. Ze ging even naar de dierenwinkel voor een boodschap, had Sientje bij zich en de verkoper zei: ‘Hé, jou heb ik al gezien vandaag. Op een prachtige foto.’ Hij liet de foto’s zien en Inge was verkocht. Ze zat er prachtig en heel uitdagend op. Met de nieuwsgierige blik van een teckel. Ze kwam iets naar voren – tegen de bedoeling in – maar het maakte foto heel sprekend.

Helemaal verkocht

Inge was helemaal verliefd op de foto en schafte meteen het hele pakket foto’s aan. Dat het bijna twintig euro kostte, vergat ze even. Dat was ook de verleiding, je kreeg 1 foto gratis van de dierenwinkel en de rest kon je erbij kopen. Het jaar erop kwam de fotograaf weer en kochten we weer het hele pakket. Nog een jaar later, was er voor ons de lol vanaf. Het werd teveel van hetzelfde. Daarom namen we toen alleen de gratis foto op.

Die allereerste fotoserie is nooit meer overtroffen. Zo prachtig als ze daar op staat, zo mooi hebben we haar nooit meer op de foto gekregen. Misschien zit het geheim erin dat ze precies overeind kwam op het moment dat de fotograaf klikte. Een actiefoto.

Lees het vervolg: Vrienden »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Ben je boos, pluk een paardenbloem – Sientje (28)

Sientje had het niet op wandelen. Ze was er niet mee opgevoed. Ik vraag me af hoe vaak ze in de 4 jaar dat ze in die schuur verbleef, het grote buiten heeft gezien. Ze kon niet goed aan de lijn lopen. Al pakte ze dit wonderbaarlijk snel op. In gedrag leek ze daarin meer op een puppie dan een volwassen hond die al meerdere nestjes in haar leven geworpen had.

Buiten lopen was niet echt haar ding. Ze liep liever thuis rond te struinen om dan in de tuin lekker in het zonnetje te liggen bakken. Ze leek daarin op van die veel te bruine badgasten die weken achtereen in de zon hun huid laten verschroeien. In de zomermaanden was haar onderbuik helemaal donker verbrand door de warme zomerzon. En als de achterdeur niet openstond, pakte ze met evenveel tevredenheid het zonnetje dat in de keuken naar binnen viel. Voor Sientje was de zon het grote genieten. Ze deed er alles voor om in het enige reepje zon dat in huis viel, te kunnen liggen.

Aan regen had ze een gruwelijke hekel en dan duid ik mij heel netjes uit. Ze had er de schurft aan. Hoorde ze de regen al op het platte dak in de keuken kletteren, dan wist ze hoe laat het was. Met tegenzin stapte ze naar buiten, voelde hoe haar onderbuik nat werd. Deed een plas en liep terug naar de voordeur, want die regen was maar niks.

We wilden wat meer gaan wandelen. Daarom schaften we een imposante verzamelband met ANWB-wandelingen aan. Zo kwamen we op het idee om een wandeling in de buurt te gaan maken, langs de Bornsebeek. Sientje had er niet veel zin in. Ik moest haar meetrekken, ze dreinde achter ons aan in een trage pas. Het begon een beetje te miezeren toen we uit de auto stapten. De dreigende wolkenlucht voorspelde genoeg, maar we wilden het hoe dan ook proberen.

Sientje had er overduidelijk geen zin in. Ik verheugde mij op de vistrap die iets verderop zou liggen. De regen viel al wat harder naar beneden, maar we liepen nog veilig beschut onder de bomen. Wat verderop viel de regen nog iets harder op ons. Sientje ging steeds noester lopen met de kop naar beneden. Ze had er echt, echt geen zin meer in. Ze was gewoon boos.

Ben je boos, pluk een roos. Inderdaad, gold dat voor Sien. Zo boos was ze. Alleen er waren geen rozen. We naderden de beek, omringd door lieflijke grasweiden. Tussen het gras staken gele paardenbloemen. Helemaal open in de volle gele kleur. Sientje kwam eraan gelopen en greep boos een paardenbloem. Ze hapte het ding naar binnen terwijl ze liep en slikte de bloem meteen door.

De regen viel nog harder en veranderde in een heuse stortbui. Dit leverde ons ook weinig plezier. We keerden om. Sientje veranderde haar standpunt van helemaal achteraan sjokken naar helemaal vooraan trekken. Ze liep vooruit en trok aan de riem. Wat wilde die graag terug naar de auto. We hadden haar op de achterbank gezet, drijfnat. Ze keek ons aan met een blik die vertelde dat zij ons allang had kunnen vertellen dat deze ellende op ons af zou komen. Zeker nu het ook bliksemde en de regen met bakken uit de hemel viel.

We reden iets verderop op de grote weg, ergens langs het punt van de Bornsebeek waar de vistrap lag. Het was opgehouden met regenen. Een mager zonnetje kwam door het wolkendek. De hemel werd langzaam maar zeker ontdaan van de dikke wolken en liet al wat stukjes blauw zien. Bij thuiskomst was de lucht meer blauw dan dat er wolken doorheen dreven. Genoegzaam vleide Sientje zich in het doorgebroken zonnetje in de achtertuin. Laat mij maar lekker thuis, zuchtte ze terwijl ze de ogen sloot.

Lees het vervolg: Zwevende teckel »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Loopse mijt – Sientje (27)

Ze is loops, vertelde de dierenarts bij de eerste controle. We hadden haar net die zaterdag gekocht en die maandag ging ik gelijk voor controle. Het was onze deal met de vorige eigenaar. Wanneer het een ongezonde hond zou blijken te zijn, kregen we ons geld terug. Aan de andere kant beseften we gelijk dat we Sientje niet meer kwijt wilden. Dus wat we gedaan hadden met een ongezonde hond zal altijd de vraag blijven.

Ik was ontzettend boos op de verkoper. Hij had me besodemieterd en een loopse teef aan ons verkocht. ‘Dat kan goed zijn’, antwoordde hij koeltjes. ‘Die andere waarmee ze in het hok zat, is vandaag ook loops geworden.’ Ik geloofde weinig van het verhaal. ‘Mankeert er nog meer aan?’ vroeg ik hem. ‘Nee, echt niet. Ze worden altijd ongeveer gelijkertijd loops als ze bij elkaar zitten’, antwoordde hij.

Dat hij de honden na de laatste inenting helemaal niet meer had ingeënt en de hoektanden afgesleten waren, liet ik maar voor wat het was. De inenting had ik ook nog niet laten doen. De dierenarts wilde haar niet teveel stress geven. Dat ze nu bij ons woonde, was voor haar al een grote verandering. Dan moest je niet teveel dingen erbij doen. Ook ontraadde hij ons haar snel te wassen of te trimmen. Laat haar eerst maar even rustig wennen.

Bij de controle en inenting een paar weken later, constateerde de dierenarts dat de loopsheid weliswaar voorbij was. Maar nu was ze schijnzwanger. Iets om in de gaten te houden, gaf hij er als opmerking bij. Dat ze even later schijnzwanger werd – met opgezette tepels en melk die eruit vloeide – probeerden we te bestrijden met kamferspiritus.

Het hielp weinig, maar ze rook wel heel erg lekker. Het hoorde bij de kwaaltjes die we onder handen namen. De ruimschoots aanwezige oormijt – volgens de dierenarts een duidelijk teken van verwaarlozing – bestreden we met oordruppels die hij zelf importeerde uit Frankrijk.

Op de terugreis van de kampeervakantie reed hij altijd langs de producent van dit goedje, dat volgens hem in Nederland niet verkrijgbaar was. ‘We moeten weer nodig naar Frankrijk’, zei hij een keer in mijn bijzijn toen hij de laatste doos met flesjes aanbrak.

We hebben het spul het hele leven van Sientje in haar oor gedruppeld. Na de druk op het pipetje wreven we het goedje flink in door het kleine oorzakje dat tegen de kop zit, zachtjes te masseren. Als ze genoot van het kneden, dan moesten we de behandeling nog even aanhouden. Alleen als ze koppig weigerde, dan zou de mijt vertrokken zijn. Tijdelijk want zodra ze weer fanatiek bij haar oor aan het krabben was, was de mijt teruggekeerd.

De schijnzwangerschap was eveneens een probleem. De dierenarts constateerde het. ‘Het lijkt niet dat het weggaat’, beweerde hij. Hij stelde voor om haar te steriliseren en alles eruit te halen. Alleen zo heeft ze er geen last meer van. Hoe het kwam, wist hij niet. Maar hij achtte het verstandig met sterilisatie een einde te maken aan het probleem van de voortdurende schijnzwangerschap.

Zo maakten we een afspraak voor het steriliseren. De dierenarts zou haar gelijk verlossen van een dikke knobbel op de rug. We brachten haar ‘s ochtends vroeg. Ze moest nuchter zijn. Moeilijk voor Sien, want de hongerige wolf kreeg ‘s morgens altijd te eten. Ik liep naar de dierenarts vanaf huis, dan kon ze gelijk haar gebruikelijke behoefte doen. Natuurlijk voelde ze dat haar iets te gebeuren stond en deed ze helemaal niks. Eigenwijs als ze was. Ik nam met weemoed afscheid van haar, dikke knuffel, beetje verdrietig. Wie zegt dat het allemaal goed af zou lopen.

Die middag kwam het verlossende telefoontje maar niet. Ik zat in spanning te wachten en uiteindelijk belden ze om vier uur. ‘Het heeft even geduurd, maar u kunt haar over een uurtje komen halen.’ We snelden naar de dierenarts en waren er binnen een kwartier. Veel te vroeg natuurlijk zodat we moesten wachten en de spanning alleen maar toenam.

Daar hoorden we dat het allemaal wel zwaar was geweest. De assistente stond ons te woord. Door een spoedgeval was de dierenarts weggeroepen tijdens de operatie, maar het was allemaal gelukt. ‘Ze heeft veel bloed verloren, dus ze kan nog wel een beetje instabiel op de pootjes staan. Het duizelt allemaal bij haar. Maar ze mag mee naar huis hoor. Zorg er goed voor dat ze niet bij de wond kan.’

Nog weer lang wachten en daar kwam ze binnen. Het eerste zag ik de dikke bult op haar rug, die er nog mooi bovenop zat. ‘Ik denk dat we dat zijn vergeten’, zei de assistente. De dierenarts was er nog steeds niet. Sientje liep een beetje dizzy op de pootjes, maar wilde zo snel mogelijk uit de wachtruimte. Naar buiten, weg hier van deze pijnlijke figuren.

We stonden nog niet buiten en daar wiebelde ze op haar pootjes. De rug gebogen, de voorpoten naar de pijnlijke achterkant. Daar kwam de drol die ze vanmorgen zo dapper had opgehouden. Nog duizelig van de operatie, viel ze bijna om maar ze perste die drol eruit. Vlakbij de ingang. Een man liep ons voorbij en kon zijn lachen niet inhouden. Met de poepschep raapte ik de worp op, maar Sientje trok mij al meteen naar de auto. Weg hier.

Lees het vervolg: Ben je boos, pluk een paardenbloem »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief