Categoriearchief: zon

Zonwering – Tiny House Farm

De vorige zomers zorgen ervoor dat we dit jaar een nieuw project hebben. Hoe houden we ons huis koel als het zo warm is? We hebben een paar acties uitgezet.

Als eerste zijn we begonnen met de hoge ramen aan de achterkant en de kleinere ramen aan de zonkant. Waarschijnlijk zorgen deze voor een flinke temperatuurstijging op warme dagen.

Dure zonwering of?

Wat te doen? Dure zonwering kopen of eerst iets zelf proberen. Inge is handig met naald en draad. Daarom proberen we eerst zelf iets te maken. Het is wel een karwei om goed over na te denken.

Ons huis staat tamelijk onbeschut door alle nieuwbouw om ons heen. De bomen zijn nog niet zo hoog en breed dat ze zonlicht en warmte absorberen. Daarom verwachten we ook dat het over een jaar of 10 heel anders is in de zomer.

We hebben zelf zonwering gemaakt die we op warme dagen gaan ophangen.

Bomen weren zon

Mogelijk planten we later nog een rij bomen aan de zonnige kant om veel warmte in de zomer op te vangen. De muur wordt namelijk loeiheet als de warme zon erop schijnt.

Naast de warme zon in de zomer hebben we nu ook veel last van de harde wind die over de kale vlakte raast. Als er veel begroeiing en bebouwing is, dan zullen deze weersinvloeden minder sterk zijn.

Volgend project op ons dak

Vandaar dat we deze oplossing gekozen hebben in afwachting hoe dat bevalt. Daarnaast is een volgend project ons dak. We hebben een lichthellend dak met donkere bitumen erop. Onze bouwer zegt dat het dak zo goed geïsoleerd is, dat de warmte niet huis zou moeten dringen.

Ik durf daar niet zomaar vanuit te gaan. Zeker als het langere tijd warm is, dan zal de isolatie uiteindelijk ook warm zijn waardoor het niet meer de koude buiten houdt. Dan slaat de warmte in het huis. Ik heb het afgelopen warme zomers best ervaren.

Avondzon in het slaapkamerraam

Test tijdelijke zonwering

Daarom testen we eerst de tijdelijke zonwering. Heeft het effect? Merken we het in huis. De zon houden we zo meer buiten en de warmte komt niet door de ramen het huis in. Mogelijk scheelt het een paar graden. En bij hoge temperaturen zijn een paar graden minder warm heel erg lekker.

Warm, warmer, warmst – Tiny House Farm

Iedereen zucht onder de golf van warmte die nu over ons land spoelt. Tegen temperaturen van 40 graden is weinig opgewassen. Vorig jaar rond deze tijd was hetzelfde het geval. Toen woonden we nog aan de Alkmaargracht. De hoge bomen voor het huis zorgden voor veel beschutting. Maar ook daar bereikten we beneden in de beschutte woonkamer temperaturen boven de 30 graden.

Nu wonen we in een houten huis. De eerste ervaringen vorig jaar met de warmte waren ook warm. De goede isolatie van het huis heeft als grote nadeel dat de warmte in de zomer ook moeilijk weg kan.

Weinig beschutting

De hoge ramen aan de achterkant geven weinig beschutting tegen de felle ochtendzon. Vanaf opkomst tot na het middaguur, schijnt hij hier het huis in. We hebben in het voorjaar achter de gordijnen extra zonwerende stof gehangen. Bij de deuren en een raam moet het nog. Dat zou nog wel kunnen schelen.

Dan is er het halfschuine, zwarte dak van bitumen. Hier schijnt de zon na de middag op. Je merkt dat dan in huis de temperatuur snel oploopt. En tot een uur of 21 is het onverstandig aan de voorkant een raam open te doen. Zodoende kunnen we pas na zonsondergang ramen en deuren openen. Gelukkig biedt de ventilator overdag een windje zodat het redelijk goed uit te houden is.

Verkoeling buiten

Buiten zitten is achter heerlijk vanaf een uur of 15. Dan kun je prima op het terras zitten. Als er een windje is – en die is hier echt altijd – dan verkoelt het heerlijk en hou je het goed uit. Met een goed boek is het dan een feest om buiten te zitten.

Het huis staat natuurlijk ook wel heel kaal in het landschap. Er is nog weinig begroeiing. Ik zie vooral voor de tuin een rol weggelegd om de verkoeling in de toekomst te gaan geven. Als er veel bomen staan, dan onttrekken die veel warmte. Bovendien zorgen ze voor schaduwrijke plekken in de achtertuin zodat je al eerder buiten kunt zitten. Groen geeft verkoeling.

Regenwater

Nu geef ik de planten ’s avonds flinke plonsen regenwater. Vooral de nieuwe aanplant voor de 2e ronde in de moestuin en de planten die het echt nodig hebben, zoals tomaat en aardbei. Verder ben ik best een beetje streng. Niet teveel verwennerij en heel goed kijken wanneer de fruitbomen een plons nodig hebben.

En verder hopen op veel regen dit weekend zodat de planten weer snel kunnen groeien en de regenton weer vol zit.

Fier – #WOT

image

In van die grote velden staan de zonnebloemen allemaal fier overeind. In mijn moestuin hangen ze half voorover. De bloem heeft ze helemaal uit balans gebracht zodat ze nu hangen in de schutting. De bloemen mooi vol en geel. Maar de steel helt vervaarlijk naar voren.

image

Ik had er een aanleunstokje naast kunnen zetten. Geen zin in, vergeten. Ik weet het niet meer. Maar de groei zette mooi door. Ze hellen dan wel iets naar voren, maar de bloem is niet minder mooi. Op eigen kracht hebben ze een weg gevonden.

image

En dat is wat fier is. Op eigen kracht je kracht vinden, zonder hulp en vol overtuiging. De bloemen staan mooi. Helaas iets teveel uit zicht voor ons, maar ze zijn de overtuigende bekroning van de oogst uit onze eerste moestuin.

image

Gooi naar ontsnapping – #WOT

image
Ontsnappen met een fietsrit door het bos

Het is drukkend warm. Tijd voor de ontsnapping. Ik maak een tochtje op de fiets. Dit keer heb ik het Gooi voor ogen. Ook hier kwam Nescio op zijn zwerftochten door de regio. Hij hield erg van Huizen, Laren en de streek rond Bussum en Naarden. Ik weet dat er vandaag een temperatuur van 30 graden is voorspeld, maar ga het proberen.

Plechtig beloof ik aan het thuisfront naar huis te gaan als het niet meer gaat. Op mijn krent blijven zitten, is warmer, is mijn redenatie. Ik smeer mij snel in om mij te beschermen tegen de warme zon. Natuurlijk neem ik ook een beetje zonnebrandcrème mee.

Op de Hollandse Brug voel ik de warmte over mij heen gaan. Het is inderdaad heet. Ik fiets verder in de richting van Naarden, langs de kringloopwinkel. De deur is gesloten. Hij gaat pas om 13 uur open. Daarom fiets ik maar verder in de richting van het Hilversumse bos. Ik weet Bussum mooi te ontwijken door onderlangs te fietsen, langs het Naardermeer.

Het is rustig. Niemand waagt zich buiten. Een fietser heeft zich onder een boom geïnstalleerd. Naast hem ligt een plastic tasje waarin de ronde vormen van de blikjes bier zich aftekenen. Aan zijn lippen brengt hij een geopend blikje. Hij zwaait uitbundig als ik voorbij fiets.

Ik rij het Spanderswoud binnen. De bomen geven verkoeling. De warmte lijkt moeilijk het bos binnen te dringen. Over het smalle fietspad fietsen tegenliggers mij tegemoet. Ik ga even op het bankje zitten om even te pauzeren.

Een man en een vrouw komen voorbij. Hij loopt voorop met een hondje. Zij achter hem aan. De jurk floddert langs haar lichaam. Witte benen steken onder het jurkje uit. Ze zwijgen. Het grint van het fietspad kraakt onder hun schoenen. Als ze bijna uit zicht zijn hoor ik de man tegen de vrouw schreeuwen. De hond blaft.

image
Hervormde kerk van Gravenland

Weer verder, ik kan moeilijk mijn route bepalen. Weer terug, want ik wil naar ’s Gravenland. Ik wil eens Trompenburgh zien. De creatie in de vorm van een schip is van Daniël Stalpaert en behoort tot de hoogtepunten van de Gouden eeuw. Ik wilde het eens zien, maar als ik in ’s Graveland aankom, zie ik het bouwsel niet. Een gebouw dat doet denken aan de Hervormde kerk van Renswoude met imposante muren in een vierkant gebouwd. In de toren prijkt het jaar 1658.

Ik mis de Trompenburgh en besluit de ingekorte route naar Hilversum te gaan maken. Het is best warm en om nu helemaal door te rijden naar Vreeland, vind ik net te ver. Ik weet niet beter, anders was ik doorgereden, dan zou ik de Trompenburgh wel zien. Nu staat een meisje in een zomerjurkje achter mij stil bij het stoplicht.

Alle fietsers gelijk groen, staat er bij het stoplicht. We rijden de ’s Gravelandseweg op in de richting van Hilversum. Passeren allerlei landhuizen. De koeien staan in de sloot vanwege de hitte. Ik hoor de koe die midden in het water staat tevreden snuiven.

Ik vind het fietsnetwerk weer en zak af naar Hilversum. De warme stad kom ik binnen. Een stad die ik alleen ken als wandelaar en automobilist. De laatste verdwaalt nogal eens, maar als fietser red ik mij goed.

Ik fiets de stad in, struin bij de boekwinkel door de afgeprijsde boeken en moet nog even wachten tot De Slegte open is. Solare staat op de winkelruit, ‘voorheen de Slegte’. De winkel is niet ingrijpend veranderd. Achterin nog altijd de tweedehands boeken. Voorin loop ik langs de nieuwe boeken.

Dan nog even langs de kringloopwinkel, waar ik een aardige buit vandaan haal. Als ik weer buiten sta, voelt het warm. Het is iets na twee uur en de temperatuur stijgt tot tropische waarden. Ik stap weer op de fiets en vervolg mijn route. Daar komt de hei: de Zuiderheide. De zon brandt moordend.

Ik rij helemaal alleen en waan mij even als enige aanwezig hier op deze heide. Bij de eerste boom zit een stelletje op het bankje. In het enige schaduwplekje. Ze groeten als ik langsrijd. Ik ben hier niet de enige. Als ik de heuvel op klim, raast het verkeer van de A1. In Nederland ben je nooit alleen. Zelfs niet in een hutje op de hei.

image
ANWB-paddestoel nummer 1

De volgende heide op. Daar tref ik de eerste ANWB-paddestoel aan. Het is de eerste paddestoel die geplaatst is. Iets verderop op de Bussumerhei staan de vervolgpaddestoelen. Een bord herinnert aan deze eerste paal. Het is inmiddels wel een modern model. De vorige paddestoel liep een stuk minder steil af langs de zijkanten.

image
Schaapskudde Tafelbergheide zoekt verkoeling

Op de Tafelbergheide lopen de beroemde Gooise schapen van de schaapskooi. Vaak vastgelegd door de schilders die in de 19e en 20e eeuw naar Laren en Blaricum kwamen om het authentieke landleven vast te leggen. De schapen zijn naar het fietspad gekomen voor de verkoeling. Onder de bomen staan ze, dicht tegen elkaar. Ze hijgen en drukken hun kop tegen de bast van de boom.

image

Als ik door Blaricum fiets, wil ik mij nog even insmeren met zonnecrème. Ik zoek in mijn tas maar kan de fles niet vinden. Ik zou hem toch niet vergeten zijn? Ik vrees het ergste. De zon brandt op mijn huid. Kan ik zo nog doorrijden. Het is een vol uur nog fietsen naar huis. Ik rij door. Er zit niet veel anders op. Door de bossen rijdt het heel prettig. Onder de bomen over de smalle paden, langs al de villa’s van bekende Nederlanders zitten verborgen achter de hoge hekwerken.

Ik kom weer terug waar ik begonnen ben, bij de kringloopwinkel van Naarden. Daar ga ik nog even naar het toilet en fris mij op aan een flinke hoeveelheid water. De verkoeling is niet zo moeilijk te vinden. Bij de boeken neus ik vanzelfsprekend nog even, maar ik vind zo snel niks van mijn gading. De fietsrit zit in mijn benen en in mijn hoofd. Ik ga snel naar buiten om de rest van het rondje Gooi af te maken.

image
Fiets zo de Grote kerk van Naarden binnen.

De Hollandse brug voelt warmer dan de heenreis. De tegenwind zorgt voor een prettig verkoelend briesje. Al is briesje wel erg warm, het voelt nog niet als een föhn waarover ik mensen uit warme landen vaak hoor. Nog een klein eindje. Ik kies de route door het Kromslootpark voor de beschutting.

De schapen in het Kromslootpark grazen gewoon in het open veld. Blijkbaar hebben deze het minder warm dan hun soortgenoten op de Tafelbergheide. Een paar keer de trappers naar beneden drukken en ik ben helemaal thuis. De ontsnapping heeft lang genoeg geduurd.

image
Weer thuis na de ontsnapping

Vaartochtje in voorjaarsochtend

image

De ochtendzon maakte lange schaduwen van de huizen aan de gracht. Ze had het zeil losgemaakt dat over het bootje lag. De twee raampjes aan de voorzijde wezen al de goede kant op. Ze zat klaar voor vertrek. Startte de motor en liet de schroef in het water zakken. De schroef maakte contact met het water. Gelukkig had ze de hendel bij het stuur nog niet naar voren gedaan. Anders was ze nu weggesjeesd, wist ze.

Voorzichtig liet ze de hendel zakken. De motor bromde niet meer zo agressief maar liet een zacht en tevreden gepruttel horen. Ze haalde het laatste stukje van het zeil weg en legde het in het kastje naast de bestuurdersstoel. Het bootje schommelde, maar was nog niet klaar voor vertrek. Eerst nog de touwen los. Ze probeerde de ingewikkelde knoop te ontwarren. Ze kreeg het stuk touw los, maar daarvoor in de plaats veroorzaakte ze een nieuwe knoop.

Het bootje schommelde hevig en draaide in de gracht. De boot dreef door de reep zon die tussen de schaduw van de huizen op het water van de gracht viel. Snel zocht ze de plek op de stoel. Het bootje draaide verder in de tegengestelde richting die ze varen wilde. De motor bleef zachtjes pruttelen. Ze trok voorzichtig aan de hendel. Hij ging in zijn achteruit, draaide wild aan het stuur om de vaarrichting weer goed te krijgen.

Het ging allemaal best goed. Ze merkte hoe het bootje de goede kant op wees. Het schommelde nog wel een beetje, maar ze trok de hendel en stand verder. De motor pruttelde tevreden. Het bootje dobberde langzaam vooruit door de gracht. Hier niet te hard varen, had haar vader de vorige keer gezegd. Toen ging hij nog mee. Nu was ze alleen. Ze was de eerste geweest vanmorgen. Niemand had iets gemerkt.

Daar pruttelde het bootje door de gracht voor haar huis. De buurman met zijn honden liep voorbij. De honden kwispelden in haar richting. Ze keek even naar de buurman en glimlachte naar hem. Snel moest ze zich weer omdraaien. Goed letten op de gracht. Voorbij de speedboot een paar huizen verder. De boot voer traag door de gracht. Uitkijken voor de waterplanten. Gelukkig dreef de boot hoog. Alleen aan haar kant zakte het bootje een beetje naar beneden.

Hij liep op het bruggetje en keek haar weer aan. Ze keek omhoog, maar gelijk weer naar voren. Onder het bruggetje door ging het bootje. Voorbij het open veld dobberde haar bootje. Ze ging een stand hoger. Hij voer wat sneller door het water. Ze haalde de buurman en zijn honden in. Daar kwam de kruising in zicht met de bredere gracht. De hoofdvaarroute naar de grote plas of de andere kant op in de richting van het park.

Ze ging even rechtop staan om te zien of er verkeer kwam. Waarschijnlijk niet, maar je wist maar nooit. De boot deinde heen en weer. Ze keek snel naar links en naar rechts. Ze bleef staan, maar zette de motor alvast een stand hoger. De boot schoot vooruit en ging sneller en sneller.

Ze wist waar ze heen wilde en liet haar buurman achter zich. Net als dat het water van de brede gracht zo mooi spleet en een spoor van stilstaand water achterliet. Het water stond stil omdat voor en langs haar de golven wegrolden naar de waterkant. Klaar voor een mooie tocht op deze voorjaarsochtend.

Lees het vervolg: Buitenboordmotor

Zonnestralen

image

Dan schijnt de zon heerlijk en trek je in de achtertuin. Ik haal de kussens uit de schuur en leg ze op het houten bankje helemaal achterin de tuin. Lekker in de zon ga ik zitten. Een kop koffie erbij. De merels fluiten het riedeltje van de buurt. Een paar tuinen verder zitten buren met elkaar te kletsen. Dat hij zoveel leest als ze op vakantie zijn. ‘Wat moet ik anders’, verzucht hij luid.

image

Voor de tweede keer heeft Saartje de drijvende kikker uit de kikkerpoel gehaald. Hij ligt demonstratief op de tegels. Ik pak hem op en laat hem in de poel drijven. Ik zie hoe het onkruid opnieuw opgekomen is na de regenachtige dagen van laatst. Goedmoedig trek ik het er weer uit. De wortels gaan dit keer erg makkelijk mee. Misschien gaan we het toch winnen.

image

De pioenroos heeft inderdaad knoppen. Zou het dit jaar eindelijk lukken? De geurende sering staat prachtig in bloei. En de achterliggende rododendron heeft volle knoppen die elk moment kunnen uitkomen. Het roosje dat ik vorig jaar plantte, komt nog niet echt los. De enorme bessenstruik tegen de poort aan, zit barstensvol bessen. De merels hebben een deel opgevreten, maar er lijkt genoeg over om te rijpen.

image

Het laatste straaltje middagzon beschijnt het achterste hoekje van de tuin. Precies op het bankje. En ik voel me even heel gelukkig. Hier heb ik op gewacht. En ik zie en voel het ook. Wat een rijkdom op die paar vierkante meter grond. Opgegroeid met de vreze Gods, weet ik dat alles van waarde weerloos is. Daarom probeer ik er nog ietsje genieten bij te doen. Alsof dit nog niet genoeg is.