Categoriearchief: ziek

Lily en de octopus – Leestip

Het verhaal van een man en zijn teckel. Iemand op Instagram tipte mij om de roman Lily en de octopus van Steven Rowley te gaan lezen. Ze moest bij het lezen van mijn herinneringen aan Sientje aan deze roman denken.

Het is het verhaal van Ted en zijn teckel Lily. Ted Flask heeft niet zoveel geluk in de liefde. Zijn geliefde heeft hem in de steek gelaten en zo blijft hij alleen achter, samen met zijn teckel.

Gezwel op het hoofd

Op een dag ontdekt Ted dat Lily een gezwel op haar hoofd heeft zitten. Hij ziet het opeens en noemt hem een octopus. Het wezen op het hoofd van zijn liefste teckel bedreigt het enige dat Ted nog heeft in zijn bestaan, naemlijk allerliefste Lily.

In het verhaal vertelt de verteller hoe de liefde tussen Ted en Lily is ontstaan. Dat Ted het onderdeurtje uit het nest mee naar huis nam. Hoe bewust hij juist voor Lily koos boven de andere teckels uit het nest. Hoe gelukkig ze samen zijn geweest en wat ze allemaal samen hebben meegemaakt.

Hoop op wondertje

De verteller beschrijft het verhaal in de paar dagen die hen nog samen rest. Je weet als lezer hoe het zal aflopen, maar je hoopt steeds dat het anders zal gaan. Dat er onverhoopt een wondertje gebeurt.

Tussen het verhaal van Lily en de octopus, lopen de herinneringen aan zijn hond. Dat ze al een keer een hernia onder de leden had, waarbij zijn zus trouwde. Hij moest kiezen tussen Lily en zijn zus, een moeilijke keuze. Daarmee voelt Ted zich nog steeds nog steeds schuldig naar zijn hond. Dat terwijl Lily herstellende was van de operatie. De verteller is hier overigens best dubbel in. In een hoofdstuk met het lijstje met 8 punten dat hij laf is geweest, staat erna een ander lijstje. De keer dat hij moedig is geweest:

Toen ik uit Los Angelos vertrok voor mijn zusjes huwelijk en Lily in het ziekenhuis achterliet om te herstellen, en erop vertrouwde dat ze zou genezen. (78)

De ik-verteller haalt niet alleen de geschiedenis tussen hem en zijn hond Lily aan. Er komt ook een ander verhaal voor. Het verhaal van zijn liefde Jeffrey. Ze gaan uit elkaar als Ted ontdekt dat zijn vriend vreemdgaat.

Het mooie zijn de vergelijkingen die de verteller maakt. Zoals:

De octopus heeft mijn hoofd haast net zo stevig in zijn greep als dat van Lily. (21)

Vrijdagavond is mijn lievelingsavond. Je zou niet denken dat een teckel van twaalf goed was in monopoly, maar dat heb je dan mis. (32)

Of het moment dat Ted 4 opblaashaaien koopt. Octopussen zijn bang voor haaien en weet smeert de octopus op Lily’s hoofd hem dan. Je weet maar nooit.

Beetje doorslaan

Het slaat soms een beetje door. Zoals het deel waarin Ted een scheepje huurt om te gaan jagen op octopussen. Het is een gevecht dat vooral in het hoofd van de verteller afspeelt, waarbij je als lezer niet altijd mee wilt komen. Het gaat ook gepaard met veel whiskey om de pijn van de lijdende Lily te verdoven.

De verwijzingen naar de nautische wereldliteratuur; Hemingways Van de oude man en de zee en Moby Dick van Herman Melville, liggen hier in mijn ogen een beetje te dik op. Misschien een lekker hapje voor de liefhebber, het ging mij een beetje tegenstaan. De verwijzingen naar Shakespeare en Auden komen in mijn ogen weer veel natuurlijker over en passen beter in het verhaal.

Huilend dichtslaan

Toch weet de ik-verteller in het laatste deel je helemaal mee te nemen. Het kan ook niet anders dan dat je dit boek huilend dichtslaat. Hier kun je geen weerstand tegen hebben, het is buitengewoon invoelend geschreven. Dat de verteller hierbij ook nog eens een prachtig geschenk van zijn lieve teckel krijgt, geeft je alleen maar extra tranen van ontroering.

Niet echt een verhaal om eindeloos te herlezen, maar zeker wel een mooie belevenis. Een must voor de teckelliefhebber. Ook omdat het zo innemend het verhaal van de teckel en zijn baasje te vertellen. Ik ben erdoor getroffen en blij met deze prachtige leestip.

Steven Rowley: Lily en de octopus. Oorspronkelijke titel: Lily and the Octopus, Vertaald door Aleid van Eekelen-Benders. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij Cargo, 2016. ISBN: 978 90 234 2723 0. Prijs: € 9,99 (als e-book). Bestel E-book

Werkziek

wpid-20150120_212333.jpg

Ooit gaf een collega mij het volgende advies toen ik klaagde over vermoeidheid: waarom meld je je niet een dagje ziek? Dan vertel je thuis niks en maak je er gelijk voor jezelf een dagje uit van.

Voor hem was het dubbele winst. En je was niet op je werk en thuis wisten ze van niks waardoor je daar ook geen verplichtingen had. Ik zag er niet zoveel in en vermoedde dat hij het zelf wel af en toe toepaste. Ik ben er te schijterig voor. Ik moet mij serieus ziek voelen, wil ik mij ziekmelden.

In Anne-Marieke Samsons roman De val van Jakob Duikelman redeneert de hoofdpersoon juist andersom: hij vertelt thuis en het werk niet dat hij eigenlijk heel ziek is. Allebei denken ze dat hij niets mankeert.

Voor de controlefoto’s was hij vorige week onder werktijd naar het ziekenhuis gegaan. Op zijn werk dachten ze dat hij thuis was, thuis dachten ze dat hij op zijn werk zat. Simpel zat. Jacob was trots op zijn eigen vindingrijkheid. Geef mij een situatie, dacht hij, en ik leef ermee. (30)

Bij het idee van mijn oude collega is het andersom: daar denkt thuis dat je op je werk bent en het werk dat je thuis bent. Het is een vreemde vorm van liegen: iets verzwijgen.

Je zegt niet dat je ziek bent en iedereen denkt dat je heel vreemd doet. Als Jakob zou zeggen dat hij ziek was, zou iedereen begrip voor hem hebben en hoeft hij zich niet in allerlei bochten en leugens te wringen.

Anne-Marieke Samson De val van Jakob Duikelman. Amsterdam, Antwerpen: Uitgeverij De Arbeiderspers, 2014. ISBN 987 90 295 8950 5. Prijs: € 19,95. 272 pagina’s.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is laatste mijn bijdrage over De val van Jakob Duikelman van Anne-Marieke Samson. We lezen dit boek op vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nlLees de bijdragen van anderen in de reacties.

Onbevangen – #WOT

image

De griep vloert me weer even. Ik kruip een uur voor etenstijd in bed. De deken over mij heen. De sokken aan. Het houdt mijn voeten een beetje warmer in het koude bed. De schemering gaat langzaam in. Verder is het stil.

Op de trap klinken zachte voetstappen. Het is Doris. Ze gaat naar haar kamer en springt er even heerlijk op los. Ik roep of het wat stiller kan. ‘O, lig je in bed?’ zegt ze. Ze kijkt even de slaapkamer in en gaat weer weg.

Ze rommelt lekker verder. Het is weer rustig. Mijn wattenhoofd droomt langzaam weg. Dan merk ik hoe zachtjes de voetstappen in mijn richting komen. Ze kijkt even hoe haar vader weggedoken ligt onder de dekens. Dan gaat haar mondje naar mijn neus. Zachtjes geeft ze een kusje.

Ik geniet en doe alsof ik slaap. Te mooi om dit moment te verstoren. Voor mij helemaal onverwacht en onbevangen. Een beter medicijn is er niet.

Dode merel

Bij het openschuiven van de gordijnen zag ik hem liggen: een dode merel. Als dat maar niet een dode merel is, dacht ik niet. Ik zag alleen donkere veren. Het leek zo uit de verte ook wel een dot sokken, maar het was een dode vogel. Daarvoor fladderden de veren teveel op het zachte briesje dat over de parkeerplaats trok.

Ik heb een hekel aan dode merels. Ze horen te vliegen en vooral ze horen te fluiten. Ik hoor ze al een maand niet meer fluiten. Er zal toch niks ergs aan de hand zijn, dacht ik. Vorige week waren we in Waterwijk boodschappen doen. Daar hoorde ik de merels wel fluiten. In onze buurt blijft het stil.

Ik kan het weten, want ik fluit met merels. We hebben een vast wijsje. Het voorjaar werd beheerst door een wijsje dat ik ze aanleerde. Op een bepaald moment wist niemand meer of ik het was of dat de merels het waren. Maar nu ben ik het, want de merels fluiten niet meer.

Ik heb hem na het hardlopen met de schep opgeschept. Ik vond het deerniswekkend om te zien dat mijn fluitmaatje daar zo moest liggen. De nek geknakt, de snavel wees op een rare manier van zijn lijf af. Ik tilde het lijk naar de bosjes wat verderop. Daar heb ik het een laatste rustplaats gegeven tussen de struiken. De plek waar merels zo vaak zoeken naar wormpjes en ander eetwaar.

Zou het een erge ziekte zijn waaraan hij is overleden? Nog niet zo lang geleden leden merels aan een dodelijke ziekte, de gele ziekte, of Trichomonas gallinae. Al zou de ziekte vooral bij warm weer goed gedijen, het is iets om in de gaten te houden. De eksters zien er ook al zo beroerd uit met de kale koppen. Merels zie ik eveneens in niet-opperbeste conditie voorbij scheren. Veren alle kanten op, de staart gehavend. Daarbij houden ze vooral hun bek.

Geen gefluit, zelfs geen verdrietige dodenmis.

Overgeven

image

Het gebeurde in het holst van de nacht. Ik werd wakker en voelde een opgeblazen maag. Het deed pijn, maar ik voelde het niet goed genoeg. Ik sliep nog half en probeerde mijn lichaam weer in het gareel te krijgen. Het lukte niet.

Ik was misselijk, dat merkte ik wel toen ik naar het toilet liep. Daarna probeerde ik weer te gaan slapen. Het lukte niet. Ik bleef wakker en voelde hoe de omgeving rond mijn borstkas protesteerde. Als ik maar niet hoef te kotsen, dacht ik. Ik heb een hekel aan kotsen.

De poging om beneden te gaan zitten hielp weinig. Het slok water dat ik had opgedronken, klotste in mijn maag en maakte mij nog misselijker. Dan verheugde ik me stiekem op het moment dat het eruit zou komen. Dan was ik er vanaf. Ik proefde wel de zure smaak in mijn mond. Dat zou gaan gebeuren.

Het moment kwam er. Ik kon nauwelijks blijven staan, moest even van de inspanning op de rand van het bad gaan zitten. Het was vies. Ik hoopte dat het snel zou stoppen. Maar er komt altijd meer uit dan je denkt.

Opgelucht dutte ik wat later weer in. Wel proefde mijn mond heel zuur. Het leek of er nog wat achter de huig was blijven steken. Toch belette het mij niet om lichtjes in slaap te vallen. Tot ik wakker werd van rochelende geluiden in de kamer naast mij. Ik vloog uit bed, greep een emmer en wist op tijd de boel op te vangen.

Een opluchting na de opluchting.

Onthutsend hoe mensen reageren op bericht levenseindekliniek

Onthutsend om onder het nieuwsbericht over de prijs voor een behandeling in de levenseindekliniek te reageren met een blog dat de 1200 euro die dit kost, een koopje zou zijn. Onder de betreffende blog reageert weer een ander dat het bestempeld als ‘moordcentra voor zieken en zwakkeren’.

Om je over op te winden. Ik ben maandag flink van slag geweest na het lezen van het verschrikkelijke verhaal van @Linnes84 over de dood van haar moeder. Ze deed dit in een open brief aan @mariskadehaas. Mariska Orbán de Haas is hoofdredacteur van het Katholiek Nieuwsblad. De reactie van Marika de Haas was onbegrijpelijk, ze blijft bij haar standpunt en duikt dan in de pijnbestrijding waar alle aandacht naar uit moet gaan.

Geen moord

Euthanasie is geen moord. Het is evenmin te bestempelen als een middel om de zwakkere mensen uit de samenleving maar weg te werken. Het is een weloverwogen beslissing van een individu, iemand, om te beslissen dat het genoeg is. Hij heeft genoeg geleden, er is geen uitzicht meer op een beter leven.

Ik betreur het dat veel gelovigen hierbij hun eigen geloof aan andere mensen opdringen. Ik vind het dat je dan je hoofd in het zand steekt, want het lijkt er meer en meer op dat mensen niet meer gewoon dood mogen gaan. Het leven wordt eindeloos gerekt, maar iemand moet ook gewoon mogen sterven als het genoeg is.

Mensen respecteren

Zeker, ik respecteer het dat er mensen zijn die daar anders over denken. Ik vind dat deze mensen de keuze moeten hebben om zelf te kiezen voor een verdere behandeling. Het is dan jammer dat deze mensen die keuze niet vrij laten bij mensen die daar anders over denken. Het leven is mij dierbaar, maar ik heb vaak meegemaakt dat mensen veel pijn in uitzichtloosheid hebben moeten lijden. De dood kon dan niet snel genoeg komen.

De medische wetenschap is zo ver ontwikkeld dat je meer en meer kunt beslissen over leven of dood. Het leven van een mens kan eindeloos gerekt worden en de dood uitgesteld. Dan is het minstens zo noodzakelijk om vragen te stellen bij het nut om een leven eindeloos te rekken. Het is de wetenschappelijke realiteit die hiervoor zorgt.

Beter maken

Artsen horen beter te maken, maar ze kunnen sommige mensen ook ontzettend helpen door de dood wat draaglijker te maken. Dat betekent niet dat het verdriet en de pijn om iemand te missen minder erg is. Het betekent wel dat het einde wat minder erg is, want soms is dat einde jammerlijk pijnlijk. Zo pijnlijk dat je daar nog heel lang verdriet van kunt hebben. Ook omdat aan iemands laatste wens geen gehoor is gegeven.