Categoriearchief: voortuin

Stelen?

image

Als Jantje in het kindergedicht van Van Alphen pruimen ziet hangen, als eieren zo groot. Is hij zich niet bewust van bezit. De pruimen zien er lekker uit en hij wil ze opeten. Niemand zal het zien, denkt hij. Die ene pruim minder ziet toch niemand in de grote hoeveelheid pruimen die daar hangt.

Jantje wordt betrapt en krijgt een flinke reprimande van zijn vader. Wat hij doet is stelen. Vraag gewoon aan de eigenaar of je er eentje mag hebben. Dan heb je helemaal wettig in je bezit.

Hoe zit dat met de merels die mijn rode bessen stelen, vroeg ik mij laatst af. Zijn zij ook aan het stelen? Terwijl ze zich helemaal niet bewust zijn van bezit. Net als alle andere dieren. Ze vinden toevallig zo’n bessenstruik en nemen het ervan. Die struik staat daar en biedt de lekkerste vruchten. Waarom doorvliegen?

Als je je er niet bewust van bent dat je aan het stelen bent, steel je toch eigenlijk niet. Zeker ook omdat mensen een heel andere beleving van bezit hebben dan dieren. Dieren zien hun kroost als hun bezit, dat verdedigen ze met hand en tand. Alle maatregelen om hun nest te beschermen, doen ze tot behoud van hun gezin.

De natuur brengt allerlei vruchten en andere eetbare dingen voort. In feite mag je die als wandelaar gewoon meenemen. Al behoort het bos in eigenlijke zin niet tot mijn eigendom. Zo zullen de merels de bessenstruik in mijn achtertuin ook zien: als iets dat de natuur ze geeft. Zij plukken daar de vruchten van. Dat het mijn vruchten zijn, ziet de merel niet.

In de bijbel illustreert Jezus in zijn Bergrede de zorgeloosheid van de vogels. Hij ziet deze dieren als voorbeeld om onbezorgd door het leven te gaan en met de dag te leven. Ze scharrelen op een heel andere manier hun kostje bij elkaar. Ze pakken wat ze tegenkomen en bekommeren zich niet over de eigenaar van het kostje dat ze vinden.

Kijk eens naar de vogels in de lucht. Ze werken niet op het land en bewaren geen graan in een schuur. Jullie Vader in de hemel geeft ze te eten. En jullie zijn veel belangrijker dan de vogels. (Math. 6: 26)

Dat ze eigenlijk stelen, vergeet de zoon van God te melden in zijn voorbeeld. De vogels gaan namelijk vaak regelrecht in tegen het andere gebod: niet stelen. In het gedicht van Van Alphen is de moraal niet te stelen belangrijker dan de zorgeloze houding waarmee Jantje eigenlijk wil meenemen wat hij tegenkomt.

Daarom bewonder ik stiekem de merels. Ze nemen de bessen mee en dat sta ik oogluikend toe. Hoe heerlijk ik die bessen zelf ook vind in de jam. De familie Getelink heeft het zwaar genoeg in deze wereld vol eksters, kauwtjes, katten en andere bedreigingen.

Spinnenweb

image

De spinnenwebben zie ik overal gebouwd worden. Ons huis wordt ingeklemd tussen de spinnenwebben. In de achtertuin is een enorm web gesponnen bij de vuilnisbakken. Telkens als ik iets wil weggooien, baan ik mij een weg door al het spinnenrag heen.

Ik probeer de draden te ontwijken. Al gaat dat in het donker moeilijk en de duisternis treedt steeds eerder in. Bij de voordeur heeft een andere spin een machtig bouwsel gesponnen over de hele breedte van het voortuintje. Ik heb aandachtig gekeken hoe het web hangt. Heel mooi is het opgezet. Het begint bij de dakgoot en loopt vrijwel recht door naar de schutting.

Ergens in het midden van deze zeker drie meter brede overspanning hangt het enorme web. De grote spin die dit web bewoont, trekt meerdere malen per dag langs de draden van de ene naar de andere kant. Een prachtig gezicht.

Gisteren maakte ik per ongeluk een deel van het web van de kruisspin in de achtertuin kapot. Bij het weggooien van een grote zak afval, probeerde ik er onderdoor te kruipen, miste een belangrijke draad en zag hoe het web in één klap verwoest werd.

Vanmorgen zag ik dat het web weer in volle glorie herbouwd was. Niet dat het mij verbaasde, want mijn oog werd door iets heel anders getrokken. De spin had een vlieg te pakken gekregen en pakte het diertje helemaal in. Aan de onderkant van de vlieg zag ik een dikke gele druppel lichaamssap. De spin moest dat nog uitzuigen, vermoedde ik.

image

Ik stond het gebeuren aandachtig vast te leggen op de camera. Tot de spin ineens in beweging kwam. Hij krabbelde zijn poten rond de prooi, pakte het boeltje op en verdween onder de dakgoot. Daar hing zijn eten aan een zijden draadje, dat keurig omhoog werd getrokken.

De spin begon aan een heerlijk maaltje. Zonder pottenkijkers, want ik zag alleen zijn pootjes bewegen in het smalle spleetje tussen dakgoot en muur.

Tulp

image

Naast het trappetje naar de voordeur bloeit een rode tulp. Wij hebben de bol nooit gepland. In hun poging het huis te verkopen, schijnen de vorige bewoners wat bloembollen in de grond te hebben gepland. Naast de tulp schiet er iets verderop jaarlijks een narcis uit de grond. Bij de regenpijp groeit altijd een spriet op waar nooit een bloem bij te zien is.

image

De tulp is er elk jaar weer. Alleen. Hij wuift zachtjes op de wind die langs het aanbouwtje voor blaast. De bladeren lonken zo fluweelzacht. Ik heb de neiging er met mijn vingers over te strelen als ik zo vanuit mijn plekje bij het raam naar kijk.

image

Het mooiste is dat hij ‘s morgens dicht zit en na de eerste warmte van de zonnestralen langzaam opent. Dan zie je de stamper zitten en zelfs de meeldraden. Bij het vallen van de avond, zijn de bloembladeren van boven weer keurig toe. Zodat de boze vijand er niet meer in kan kijken.

image

En zo zie ik iedere dag een klein natuurfilmpje vanuit mijn plekje bij het raam. Het lijkt dan net of het helemaal geen winter is geweest.

image

Hulp bij het graven

image

Het werken in de tuin gaat onverminderd voort. Vandaag een border getrokken langs het voetpad en onze zijtuin. Hier kan dan binnenkort de rest van de schutting komen. Daarnaast de grond al wat geëgaliseerd en veel wortels van de voormalige wildernis uit de aarde getrokken.

Achter lag nog een zandhoop in afwachting op een plaatsje in de zijtuin. Dat kon ik nu ook afgraven. Omdat ik merkte dat onze teckels dol zijn op graven, heb ik het stukje zand langs de schutting eveneens betegeld. Zo passen onze 3 afvalcontainers er.

image

Bij het scheppen kreeg ik de enthousiaste hulp van onze graver Saartje. Ze veegde met haar pootje over de schep heen en wist het zelfs tot een volwaardige graafbeweging te brengen. Zo had de veroorzaker van de gaten tussen schutting en tegels zich snel verraden.

image

Ondertussen buigen wij ons over het zijtuintje. De plannen worden steeds concreter. Vanavond zelfs een paar tuinboeken van zolder gehaald voor inspiratie. En wat ik zo snel zie: er is ontzettend veel mogelijk op een paar vierkante meter.

Redden wat er te redden valt

image

Ik weet het nog precies. Het dak van het huis bewoog alle kanten op. Een gang stortte met donderend geraas in. Het werd ineens heel erg licht. De hemel liet zich zien. We knipperden met de ogen. Het grote licht maakte het ons moeilijk om te oriënteren.

Na de zware regenval van vorige week leek alles weer getemperd. Maar nu gebeurde er een ramp. We hadden heel wat meegemaakt. Zo merkten we laatst dat de grond flink bewoog, maar een ramp had ik niet voorzien.

We moesten snel handelen. ‘De eieren, de eieren’, gilde ik en klom omhoog tegen losse zand. De grote kamer met de eitjes was er nog. Zo snel mogelijk tilde ik een ei en versjouwde het naar beneden. Daar werkten de anderen druk aan het opnieuw inrichten van de voorraadkamer. ‘Het moet hier maar’, zuchtte Harry. Ik legde het ei dat ik gedragen had, neer op de zachte grond en holde weer omhoog voor het volgende ei.

Een stroom van eieren gleed in de kamer. De eieren waren veiliggesteld. Precies op tijd, want het begon te regenen.

De beelden