Categoriearchief: supermarkt

De klant als audit

image

Vanmorgen was ik wat vroeger dan gewoonlijk in de supermarkt. Door de winkel liep een dame in een netjes gestreken mantelpakje. Een grote multomap in de hand. Daarop in grote letters ‘Controleboek Spiegelen’. Ze keek aandachtig in het vak met chocoladepasta, haalde een pot uit het vak en tuurde naar de zijkant van het deksel.

De medewerkers liepen vol aandacht en concentratie door de winkel. De kassadames wisselden van kassa. De dame met het controleboek spiegelen stond hinderlijk voor mij bij de lopende band. ‘Wil jij zo even bij mij komen’, zei ze tegen het meisje dat net haar kassa had afgesloten. Ze knikte.

Ik zette mijn spullen op de band en een klein jongetje passeerde mij. ‘Mag ik even in je tas kijken’, zei het kassameisje. Hij dook weg. Ik kon zien dat dit kereltje niets te verbergen had en zeker niet in zijn tas. Hooguit in zijn zakken zou iets verborgen zitten.

De tas ging open. Hij liet haar snel de inhoud zien. ‘Nee, ik wil er helemaal in kijken’, zei ze streng. De jongen zuchtte. Daar ging de broodtrommel omhoog. Er zat een postbode-elastiek om, zodat hij dichtbleef. Een stel wanten en een schoolboek kwamen verder nog uit de tas. Ze schudde de rugzak om te kijken of er echt niks in zat.

Nee, niks. De spullen lagen op de plek waar ik mijn spullen zo wilde pakken. De jongen deed alles weer in de tas en liep weg. Het meisje van de andere kassa dat allang naar de spiegeldame was gelopen, rende naar de kassa. ‘Heb je de tas van die jongen gecontroleerd.’ Er klonk paniek in haar stem.

Ik verbaasde mij over het personeel en vooral dat ze eigenlijk helemaal geen oog hadden voor een klant. Een klant zou geen last mogen hebben van een interne audit. Nu lopen managers in de weg en is het personeel meer met de manager bezig dan met de klant. Paniek in de ogen van de medewerkers, bang op de kop te krijgen en een negatieve beoordeling te krijgen. Waar is de klant?

Waarom zou de klant die audit niet doen? Hij ziet snel genoeg of iets gespiegeld wordt (het product is over de houdbaarheidsdatum) en kan ook iets zeggen over de mate van service die verleend wordt. Die manager is overbodig en leidt onnodig af.

Geef de medewerker de verantwoordelijkheid en het vertrouwen over (een gedeelte van) de winkel, afgestemd op zijn capaciteiten en mogelijkheden. De klant wordt serieus genomen en de producten zijn beschikbaar. Deze audit is vooral hinderlijk voor de klant. De uitkomst van mijn audit vanmorgen: gezakt, want er is geen oog voor de klant. Daar heb ik geen grote multomap voor nodig.

Wifi repeater

Het bereik van de Wifi in huis is niet overal ideaal. Zeker sinds de router beneden staat, lukt het op zolder nauwelijks om op internet te komen. Laat op zolder nou net mijn bureau staan. Zodoende verlangde ik al een tijdje naar een versterker van de draadloze golven.

Bij de Aldi had ik er een keer eentje gevonden. Alleen vond ik hem alleen in het krantje. De Wifi repeaters waren al uitverkocht. Gelukkig werden ze weer aangeboden. Zodoende stond ik vlak na openingstijd bij de ingang. Er kwam al een jongen uit de winkel met een enorme computer. Hij werd gevolgd een oudere man met een groot computerscherm.

Zodoende rende ik naar de kassa en sloot aan in de rij. Als ze er zijn, dan zijn ze bij de kassa, heb ik ondertussen geleerd. De laatste aankoop was wat minder geslaagd. Het ging om een harde schijf van 1,5 Terrabyte die ik pas een jaar na aankoop aan de praat kreeg. Ook toen stond ik met openingstijd in de winkel.

De man voor mij haalde er 2. Ik vreesde dat ik naast het net zou vissen. Maar de cassiere pakte behendig 2 nieuwe exemplaren. ‘Die wil ik ook’, zei ik nadat de man had afgerekend. Naast de 2 Wifi repeaters ging hij er vandoor met een pakje schnitzels en een spitskooltje. ‘En de man achter mij, wil er volgens mij ook eentje.’

Ik hoorde de oudere man eerder bij de filiaalmanager vragen om een exemplaar. ‘Die liggen altijd bij de kassa, anders ben ik ze zo kwijt.’ Je bent ze sowieso snel kwijt, dacht ik toen. Nu knikte de man achter mij in de rij. ‘Ja, van hetzelfde’, zei hij.

De cassiere liet mijn exemplaar over de scanner gaan en legde het volgende op de loopband. De man greep het gretig vast. ‘Nee, meneer. Eerst afrekenen’, zei ze streng. ‘Dan mag u hem meenemen.’ ‘Ik wil hem heel graag’, antwoordde de man als excuus.

Ik ging naar huis met het ding. Helemaal blij. Het was me gelukt om een felbegeert artikel van de Aldi te pakken te krijgen. Ik wist niet dat het nu pas begon. Ik moest het ding nog zien in te stellen. Dat was een stuk lastiger dan ik verwachtte.

Allereerst beweerde de handleiding dat je via een kabeltje contact moest hebben met je router. Ik was een halfuur in de weer om op zolder een stopcontact te maken in de nabijheid van het computerdraad dat door ons huis van beneden naar boven loopt.

Daarna moest ik het ding zien in te stellen. Ik volgde netjes de handleiding omdat ik hem het signaal wilde laten versterken. Zodra ik het had ingesteld, beweerden computer en mobieltje dat er conflicterende IP-adressen actief waren. Dan de ‘bridge’-functie proberen. Ook dat hielp niet. Dan maar iets aanvinken, bedacht ik me.

Ik ontdekte dat de Wifi repeater ook zonder internetaansluiting via een draadje werkte. De conflicterende IP-adressen waren verholpen met het vinkje. Daarna zocht ik een ander plekje voor de repeater. Nu staat hij op de eerste verdieping in de buurt van een raam. Het draadloos netwerk beslaat nu het hele huis met dezelfde code.

Ik ben ontzettend blij. Nu hoef ik niet meer de router op de rugleuning van de bank te leggen als ik op zolder wil internetten.

Voordringen

image

De rijen in de supermarkt zijn deze zaterdagmorgen dubbel zo lang. De hoeveelheid boodschappen die de klanten op de loopband leggen, dubbel zoveel. De paden mogen dan geschikt zijn om met 2 wagentjes elkaar te passeren, het is onmogelijk de kassa van een zijpad te bereiken.

Zeker nu het pad ingenomen wordt door een vrouw in een invalidenwagen. Ze neemt alle ruimte in zodat ik niet meer in de rij kan aansluiten. Vergeefs wacht ik in de hoop dat de vrouw haar draai weet te maken en ik haar ook kan passeren.

Dan loopt een man mij voorbij. Achter hem trekt hij een blauw karretje met de boodschappen erin. Hij passeert de vrouw in de invalidenwagen en legt zijn boodschappen op de transportband. Met verbazing zie ik dit aan. Je kunt toch niet zomaar een invalide passeren en je spullen op de band leggen?

De vrouw taait af en rijdt met haar wagen de winkel weer in. Bij de chocoladerepen staat ze heel lang stil. Ze hangt half uit de kar om een reep uit de doos te trekken. Ik kan inmiddels mijn draai maken en sluit aan in de andere rij. De voordringer heeft al zijn spullen al op de band kunnen leggen.

Niemand zegt een woord, maar ik vind het schandalig. Al snap ik niet waarom de invalide vrouw niet iets van deze voordringerij heeft gezegd. Ik wacht rustig tot de band in mijn bereik kom en ik er mijn boodschappen op kan leggen. Als ik druk aan het uitpakken ben, passeert het invalidenwagentje mij weer. Dit keer van de andere kant. De vrouw rijdt tot de voordringer en geeft hem de chocoladereep.

Zo kun je dus ook voordringen, denk ik als ik mijn laatste pak melk op de band leg en het plankje voor de volgende klaarleg. En ik vraag mij af welke manier van voordringen het eerlijkste is. Een invalide laten wachten en het plekje innemen of een invalide passeren en het plekje innemen…

Charmes in spijkerbroek bij de Lidl

Zaterdagochtend in de Lidl. De vestiging in Almere Stad is gesloten vanwege een langdurige verbouwing: 6 weken is hij dicht. Daarom naar de dichtstbijzijnde vestiging in Kruidenwijk. Gisterochtend probeerde ik vergeefs melk te halen.

Het meisje dat druk in de weer was de goederen van het magazijn in de winkel te rijden, antwoordde chagrijnig dat de melk pas die middag geleverd werd. Daarna reed ze de pallet vanuit het magazijn de winkel in. Ik staarde teleurgesteld naar de lege schap.

Deze zaterdagochtend, iets meer dan 24 uur later, sta ik weer in de Duitse prijzenknaller. Ik vlieg met het karretje naar de hoek waar de melk staat. Er staan nog 2 doosjes met de melk in de donkerblauwe pakken. Razendsnel werk ik 6 pakken in mijn wagentje.

De deur naar het magazijn staat weer open. Een medewerker is druk in de weer met het sjouwen van de goederen uit de vrachtwagen. Ik zie geen melk op de pallet staan, die hij het smalle magazijn inrijdt. Het lijken eerder allemaal lege flessen frisdrank. Een magere oogst is de nieuwe voorraad voor vandaag.

Het meisje van gisteren staat wat verderop nieuwe toiletrollen te laden bij de andere. Ik pak snel de dingen die ik nodig heb en sluit aan in de rij bij de kassa. Bij het wachten kijk ik de winkel in. Ik zie een vrouw samen met haar man praten. Ze staan met het winkelwagentje midden in het gangpad. De vrouw steekt haar vinger in de lucht en loopt in de richting van de magazijndeuren.

Ze maakt haar heupen breed, wiegt ze charmant heen en weer. De strakke spijkerbroek doet de rest. Je ziet van achteren hoe ze van voren haar charmes aan de magazijnmedewerker toont. Ze drukt haar bovenarmen strak langs haar lichaam en maakt er echt iets moois van.

Ik zie de jongen met zijn hoofd schudden. De vrouw wiegt nog eens met haar heupen, maar het lukt niet. Ze draait zich om en drukt haar hippe bril weer terug op haar neus. Hoofdschuddend loopt ze in de richting van naar haar man. Teleurgesteld zet hij het wagentje al in beweging. Zij hobbelt achter hem aan. Zelfs de charmes hebben het niet voor elkaar gekregen.

Ik zie hoe mijn melkpakken langs de scanner gaan. Het bliepje uit de kassa vertelt dat ze nu echt van mij zijn.

Onrechtvaardige rechtvaardigheid in de supermarkt

De supermarkt op zaterdag. Het is nooit mijn hobby geweest en zal het ook niet worden. Er waren 2 rijen voor de kassa’s. Ik sloot aan bij de rij waar ik de snelste afhandeling in zag. Ik sluit altijd aan bij de verkeerde rij. Dus eigenlijk wist ik wel hoe laat het was.

De 2 dames voor mij liepen weg van het bundeltje boodschappen dat ze op de loopband hadden gelegd. Ze keken naar de bossen narcissen die aan de kopse kant van de schappen lagen.

Ze waren aan het dubben. Of de prijs wel goed was. Of ze vers genoeg waren. Ik weet het niet. Ze liepen zenuwachtig heen en weer. Eerst legden ze narcissen op de band. Daarna liep de andere dame er weer mee terug. Ik wachtte tot er genoeg ruimte op de loopband was om mijn boodschappen op te leggen. Lees verder Onrechtvaardige rechtvaardigheid in de supermarkt

Beter kan Plus je niet helpen

Ik ben geen liefhebber van de Plus-supermarkt, sterker nog: ik ben helemaal geen supermarktliefhebber. Nooit kan ik wat vinden en als ik een pak suiker heb, besef ik pas vele rijen verderop dat ik eigenlijk ook de koffie moest hebben die bij de suiker staat. Nee, dan de Hema waar ik altijd aansluit bij de verkeerde rij. Of de Aldi waar vlak voor mijn neus de kassa dichtgaat.

Kortom, service wordt steeds belangrijker voor supermarkten. Het is na drie supermarktoorlogen ook het enige waarmee je een supermarkt zich nog kan onderscheiden van de rest. De prijzen zijn al dusdanig opgedreven door de grote jongens dat je daar niet meer mee kunt stunten. Een supermarkt is meer en meer een eenheidsworst. Als je huisstijl zou weghalen uit de supermarkt, is de hele identiteit van de supermarkt verdwenen.

Vanmiddag haalde ik brood bij de bakker bij het station. Omdat de hagelslag op is en ik een hagelslagjunk ben, stapte ik de Plus binnen die aan de andere kant van het Stationsplein zit. Bij het binnenlopen van de supermarkt zag ik een vriendelijke medewerkster meelopen met een oude vrouw naar het pinautomaat dat naast de ingang staat. Het mollige meisje hielp de bejaarde vrouw met pinnen zag ik en wendde haar hoofd keurig af op het moment dat de vrouw de code op het apparaat intoetste. Onderwijl hield zij de armen over elkaar als signaal dat ze wachtte op de vrouw.

Ik zag de reclame van de Plus in mijn hoofd voorbij komen. Daarin lachen alle medewerkers en geven ze iedereen de volle aandacht. Soms krijgt een klant wel drie medewerkers om zich heen, waaronder een mollig meisje. Misschien dat het meisje dat de oudere dame bij het pinnen hielp mij wel op het idee bracht van de reclame. Ineens zag ik de vriendelijke medewerkers van de reclame overal om mij heen en voelde ik mij heel even een knappe held.

In de reclame komt er een of andere BN’er die ik niet ken, boodschappen doen en slaat het hoofd op hol van de meisjes die in de zaak werken. Met name een mollig meisje wordt wel erg enthousiast en wil de klant wel helpen met het inladen van zijn boodschappen in de auto. Kortom, vers en service. Het lijkt niet op te kunnen. De supermarkt is veranderd in een droomwereld.

De vriendelijke medewerkers van vanmiddag waren echter gewoon de acteurs van de reclame die op alle deuren en ramen geplakt zaten in postervorm. Ik kon natuurlijk de hagelslag niet vinden, liep drie keer langs de koffie die ik niet moest hebben. De vakkenvuller zat zo ver in de trolley gedoken dat ik hem niet durfde aan te spreken. En bij de kassa moest ik gewoon 10 minuten wachten, net als bij elke supermarkt. Kortom, met die extra service viel het allemaal mee. Juist toen ik de zaak uit liep met de hagelslag zag ik het meisje bij het fruit een ander oud vrouwtje helpen.

Hoe misleidend kan reclame zijn.