Categoriearchief: social media

Ikea-catalogus – Tiny House Farm

Een jaarlijks jippie-momentje. Een paar weken geleden zag ik een postbode lopen met een stapel Ikea catalogi. Die stopt er straks 1 in onze bus, dacht ik. Ik werd al blij bij de gedachte aan de ideeën en inspiratie die zou voortvloeien uit de dikke gids.

Tot mijn grote verbazing liep hij ons huisje voorbij. Misschien in een andere zending. Maar hij bleef weg. Een paar jaar terug, sloot Inge zich aan bij de beweging rond Ikea, een familiekaart krijg je dan. En elk jaar de catalogus als eerste in de bus. Dat is alleen in 2014 gelukt. Vorig jaar was het een algemene aan de bewoners van dit adres en dit jaar dus niet.

Tweet

Vorige week informeerde ik eens het grote meubelwarenhuis via Twitter naar de status van de gids. Vreemd, ik moest in een persoonlijk bericht even mijn gegevens melden. Dat deed ik netjes in de hoop dat het mogelijk was alsnog een exemplaar te krijgen.

Mijn gegevens klopten. Dat wist ik zelf ook wel. Maar het nazenden werd heel lastig. Wat de reden was, is mij niet duidelijk. Het kon niet en ik werd boos. Dat moet je natuurlijk niet doen op Social media. Je gaat een gevecht aan met windmolens. En die win je niet.

Of toch wel? Ik schreef nog een Tweet dat het niet kon. Opnieuw vroeg een medewerker van Ikea naar het nummer op mijn klantenpas. Ik antwoordde dat ik al geholpen was. Jammer, maar helaas. Geen gids voor mij dit jaar. Terwijl we serieus bezig zijn met het idee om de keuken straks bij Ikea te bestellen.

Opeens kreeg ik het bericht dat er een paar catalogi waren gearriveerd op de afdeling en ze mij er 1 zouden toesturen. Zo lag zaterdag een gids op mijn mat. Ik heb er heerlijk in gebladerd. Al voelt het een beetje als het jongetje dat de hele tijd heeft zitten dreinen om een ijsje. Als hij dan eindelijk het ijsje krijgt, dan is het opeens niet meer zo lekker.

Oud-papier

Mijn collega’s hadden ook iets opgevangen van de catalogus-discussie. Zodoende kreeg ik er ook nog 1 van hem. Bovendien leverde de post nog een keer de nazending van de Ikea. Nu liggen er hier 3 exemplaren. Van niks naar heel veel. Zo voelt het nu.

Ik vertelde het laatst nog een paar collega’s. ‘Had dat gezegd. Ik heb dat ding allang bij het oud-papier gegooid’, kreeg ik als reactie. Ook zou hij dit jaar niet meer zo inspirerend zijn als voorheen. Om over dat laatste een oordeel te hebben, moet ik hem nog wat beter lezen.

Wel jammer met breedverstuurde post. Als je er behoefte aan hebt, word je in 1e instantie niet geholpen, terwijl een massa de gids bij het oud-papier gooit. Blijf ik bij het idee om hem alleen nog aan mensen te sturen die erom vragen. Maak ze nieuwsgierig, roep de begeerte op en laat ze het hele jaar de papieren gids bestellen via de website.

Eigenzinnige manier

Jarenlang is Ikea geprezen om de bijzondere en eigenzinnige manier van marketing voeren. Sinds ze zich op een andere manier presenteren in de televisiereclames, is dat veranderd. Het begint meer en meer een gewoon bedrijf te lijken. Zo krijgt een mooi bedrijf steeds meer het beeld van een Leenbakker of Kwantum.

Vooralsnog merk ik nog geen verandering bij de producten. Die ervaar ik als uitstekend. En ideeën genoeg. Zoals het idee dat we geen vensterbank nemen, maar gewoon een (boeken)kast onder het raam zetten. Dat idee hadden we al, maar als je het zo ziet, helpt het wel om het ook echt te gaan doen.

Misschien wel niet leuk

20140914_211001Soms geeft een scène in een boek precies weer waarom je zo walgt van een personage. In Jannah Loontjens’ roman is dat als Mascha haar zoon Oscar van school haalt. Zijn vriendje Wolf mag niet mee, omdat Mascha Wolf en zijn moeder niet mag. Haar zoon Oscar wordt boos.

‘Als Wolf bij me was komen spelen, had hij nu met me gelopen in plaats van mijn stomme moeder.’

Hij is terecht boos. Mascha probeert hem op te vrolijken door over zijn verjaardagsfeestje te beginnen:

Hij zegt niets. Misschien lijkt hij op mij. Maar misschien ook niet.
Ik ben teveel met mezelf bezig, zelfs mijn zoon bekijk ik alsof hij me een sleutel zal geven tot mijn eigen leven. Alsof ik mezelf beter zal begrijpen als ik kan zien hoe het voor hem is om acht te worden, hoe het voor hem zou zijn als zijn moeder op die leeftijd zomaar zou verdwijnen. (221)

Het typeert het verhaal van Jannah Loontjens Misschien wel niet. Het gaat over een groep dertigers met allemaal hun eigen problemen en ongemakken. Ze proberen de werkelijkheid te ontworstelen in drank en drugs. Dat er ook nog kinderen door het verhaal heenlopen, is alleen maar ongemakkelijk.

Met zichzelf bezig
Zij die kinderen moeten opvoeden zijn alleen maar met zichzelf bezig. Mascha heeft een goede baan, twee leuke kinderen en een heel lieve, intelligente vriend, Tom. Toch laat ze haar leven afleiden door WhatsApp en Facebook. Via Facebook chat ze met een Marokkaanse jongen, Rafiq. Ze kent hem niet, maar beleeft met hem veel opwindende momenten via de chat.

En tussendoor speelt het verhaal. Het opent op een drankovergoten avond met vrienden. Ze spelen elkaars begrafenis en houden een toespraak voor de ‘dode’. Als Mascha dit zo ondergaat, staat opeens haar vader voor de deur. Hij heeft vervelend nieuws: haar oma is gestorven.

De dood van haar oma maakt veel in Mascha los. Ze denkt veel na over haar moeder die haar in de steek liet toen ze acht jaar oud was. Ze was van het ene op het andere moment verdwenen en is nooit meer gevonden. Een tragisch verhaal dat door de roman heenloopt, maar waar Mascha niet goed richting aan weet te geven. Is ze wel een goede moeder en loopt zij ook niet voor haar verantwoordelijkheid weg?

Vragenoproeper
Het antwoord is in het boek niet te vinden. De roman is vooral een vragenoproeper en minder een integer portret van een moeder die met haar identiteit worstelt. Mascha is alleen maar bezig om zichzelf zo mooi mogelijk aan de wereld te presenteren, een leuke collega te zijn, een goede moeder, een lieve echtgenote en een aantrekkelijke minnares.

Maar ondertussen is haar leven een zooitje, waarbij haar mobieltje belangrijker is dan het leven. Zo volgt ze al fietsend een Zeppelin om hem op de foto te zetten op facebook. Geen wonder dat ze wordt aangereden omdat ze meer met haar mobieltje in de weer is dan met het verkeer. Als haar baas een paar dagen later de zeppelin laat zien op zijn mobieltje, is ze niet meer geïnteresseerd.

Vat vol ideeën
Dat is de hele roman: een vat vol ideeën, waar het nergens echt tot bruisen komt. Alleen de lezing van Tom over social media vond ik een aardig essay. Het geeft de essentie van de roman weer. Je leest het vluchtig om na afloop snel te drukken op ‘vind ik leuk’ en door te gaan naar het volgende boek.

Om bij het drukken te bedenken dat het misschien wel niet leuk was. Maar dan is het te laat.

Een perfecte dag voor literatuur

Dit is mijn bijdrage over Jannah Loontjens roman Misschien wel niet. We lezen dit boek vandaag bij Een perfecte dag voor literatuur van notjustanybook.nl. Lees de bijdragen van anderen in de reacties.

Jannah Loontjens Misschien wel niet. Amsterdam: Ambo/Anthos, 2014. 236 pagina’s. ISBN: 978 90 263 2652 3 Prijs: € 17,99

2013 in blogs (1) – Jaar van de ontmoeting

image

Het jaar van de ontmoeting is 2013 voor mij geweest. Eerst leerde ik mijzelf beter kennen. Daarna ontmoette ik enkele tweeps. De ontmoetingen met Steven en Jacob Jan waren erg bijzonder.

Theater en tweetup

Bij de theatervoorstelling van Jacob Jan en de tweetup rond blogpraat ontmoette ik later heel veel andere mensen. Inspirerende gesprekken die we online ook voortzetten, onder andere met Charlotte, Carel, Guido, Elja, Raymond, Caro, Ruud en Marcel.

Mijzelf leren kennen

Een jaar waarin ik mijzelf vooral leerde kennen. Ik ontdekte mijn grenzen, mijn mooie kanten en mijn bijzonderheden. Het was de ontdekking waarin veel leerde over mijzelf. Ik ontdekte mijn kracht en mijn zwakte.

Werk

Er is nog veel werk aan de winkel, maar ik ben op de goede weg. Het is ook het jaar waarin ik mijn baan verloor. Na drie jaarcontracten vond mijn werkgever het genoeg. Ik zoek nu nieuwe wegen. Een baan waarin ik goed tot mijn recht kom.

Lees verder

Dit is de eerste blog van tien blogs over 2013

Dank je wel Hyves

image
Mijn eerste blogs op hyves (uit het hyves-archief)

Zojuist is de knop omgegaan op Hyves. Het sociale netwerk houdt na negen jaar op te bestaan. Niet dat ik er nog vaak kwam. Ik denk dat ik het afgelopen jaar niet meer dan een keer of vijf ben ingelogd. Maar het roept wel herinneringen op aan vervlogen tijden.

Ik heb een download gemaakt van mijn historie. Sinds mijn lidmaatschap in november 2006, heb ik toch nog aardig wat dingen erop gezet. Eindigend bij de foto’s van de stacaravan die ik als kersverse bezitter erop zette. Daarna bleef het stil. Ik stapte over op facebook. Niet dat ik het daar zo geweldig vond, maar ik merkte dat meer en meer mensen naar het grote internationale vriendennetwerk overstapten. Het gesprek verplaatste zich. Zo nam ik langzaam afscheid van Hyves.

Dankbaar

Dat terwijl ik Hyves heel dankbaar ben. Het sociale netwerk staat aan de basis van mijn online activiteiten. Zeker, ik schreef in die tijd beroepsmatig al veel voor internet, maar privé ging het niet veel verder dan de boekbesprekingen op Litnet. Op de vriendensite bestond de mogelijkheid om te bloggen. En zo startte ik mijn eerste blog op Hyves op 15 november 2006. Het was op de eerste dag dat ik op Hyves was.

Ik schreef een blog later (2 minuten na de eerste) het volgende onder het kopje: ‘Wat kun je hier verwachten?’:

Ik ga proberen hier regelmatig een kort berichtje te plaatsen. Ik behandel vooral boeken, films en de gebruikelijke rompslomp op de televisie. Ik ventileer hier een ongezouten mening. Verder kan ik onthullen met wat voor een schrijfwerk ik bezig ben, een gedicht, een essay, een recensie of misschien wel een verhaal of een roman. Het kan zomaar gebeuren…

Twee weken na mijn eerste hyvesblog begon ik ook op blogger voor mijn blog over literatuur. Al scheidde ik het eerste jaar mijn blogs nog. De privéblogs kregen een plaatsje op Hyves en de wat algemenere blogs kwamen op blogger terecht. Al was deze vorm van bloggen niet lang te handhaven. Zeker niet nadat ik op 6 oktober 2007 overstapte op het dagelijks bloggen. Vanaf dat moment liepen de blogs via een rss-feed op Hyves binnen die tot het laatst toe meedraaide.

Dank je wel Hyves

Daarom neem ik met een beetje weemoed afscheid van Hyves. Het vriendennetwerk bestaat niet meer. Vanmorgen was er nog even wat te zien, maar nu is de stekker er helemaal uit. Jammer, want ik koester dierbare herinneringen aan Hyves. Vooral dankzij Hyves ben ik gaan bloggen. En daar ben ik Hyves heel dankbaar voor. Dank je wel Hyves.

Scherp – #WOT

image

Na een tweetje kreeg ik hem dan: de loep bij Erik of het klein insectenboek van Godfried Bomans.

De dame bij de klantenservice begreep niet helemaal wat ik bedoelde, maar even later haalde ze het felbegeerde loepje uit een exemplaar en gaf het mij. Nu kan ik de kleine woorden bij de insecten scherp stellen en proberen te lezen.

Helemaal blij ging ik naar huis met het loepje. Het kijken door een vergrootglas vraagt natuurlijk best wat vaardigheid. Zeker ook omdat de woorden bij de insecten in het gratis boekje van de bibliotheek lastig zijn te lezen. Het scherpstellen van een loep vraagt twee dingen: de afstand van het boek tot de loep en de afstand van de loep tot het oog. Met die afstanden kun je spelen. Vervolgens moet je dan de beste afstand in beide gevallen kiezen om het woord zo groot mogelijk te krijgen.

Een vergrootglas heeft altijd iets geheimzinnigs in zich. In de tijd dat ik postzegels verzamelde maakte een vergrootglas onderdeel uit van de gereedschappen bij het verzamelen. Ik tuurde door het vergrootglas langs de randjes en zocht naar echtheidskenmerken. Niet dat ik er veel verstand van had, maar het hielp wel om het kleine waardepapier scherp te zien.

Met vriendjes speelden we dan met een vergrootglas. Op een voorjaarsochtend zochten we het brandpunt van de zon. Een jongen liet het door de loep versterkte zonlicht op een blaadje vallen. Het ontvlamde langzaam. Een mooi proces van scherpstellen en zoeken naar het brandpunt van het vergrootglas.

Moet je altijd alles scherp zien? Heeft het zin alles onder een vergrootglas te leggen? Soms kun je beter iets schimmig en vaag laten. Dan kun je het scherpstellen aan anderen overlaten. Het is een keuze die je best mag maken. Zolang jij scherp ziet wat jij scherp wilt zien. Zoals de letters bij de insecten in het boek van Godfried Bomans.

Bedankt bibliotheek voor deze mooie loep.

De plaag van de Smartphone

image

Gisteren trakteerde een facebook-vriend mij op een filmpje over de alomvertegenwoordige smartphone. ‘Daarom heb ik geen smartphone’, schreef hij erbij. Het filmpje laat een beetje deprimerend zien dat iedereen de wereld om zich heen door het schermpje van zijn smartphone bekijkt. Niemand heeft meer oog voor de wereld om hem heen.

Natuurlijk laat het filmpje een extreme vorm zien van smartphone-gebruik. Al is de smartphone als opname-instrument niet meer weg te denken in het dagelijks leven. Overal waar ik kom, zie ik wel iemand op zijn smartphone kijken.

Een moment in de wachtkamer van het ziekenhuis, bij de tandarts of in de rij bij de kassa van de supermarkt. Overal trekken mensen hun mobieltje tevoorschijn om het moment van wachten te bestrijden.

Het neemt zeker extreme vormen aan. Zo zag ik laatst op Schiphol een verliefd stelletje in een omhelzing. Terwijl het meisje hem lieve woordjes toefluisterde, keek hij op het schermpje van zijn smartphone. Ik vroeg mij af wat er nu zo interessant voor hem was. Voor mij zou het reden zijn om de omhelzing los te laten en weg te lopen.

Elk bekijk ook veel van de wereld door het lensje van mijn smartphone. Wel probeer ik altijd bewust momenten te maken op een dag waarbij ik de telefoon naast mij neer leg. Niet altijd online. Niet altijd een foto of een filmpje. Want het is ook gewoon leuk om naar de lucht te kijken en gewoon te genieten.

Dat geeft een heel voldaan gevoel. Tegelijkertijd biedt de smartphone ook heel mooie momenten. Vorige week bijvoorbeeld bij de tweetup van blogpraat. Daar voelde de ontmoeting met medebloggers even warm als online op maandagavond. En ik zag de anderen amper met hun mobiel in de weer, maar druk in gesprek met elkaar.

Je kunt dus prima omgaan met een smartphone, maar moet wel de balans zoeken…