Categoriearchief: schrijvers

Klein Dochteren – IM A.L. Snijders – #ZKV

In de tijd dat ik een baantje had bij een heus museum, reed ik 3 keer per week het stuk van Almelo naar Angelo. Een eind van 80 kilometer, waarbij ik de eerste 25 op de snelweg reed en de rest over 80-kilometerwegen. Langs Lochem, Zutphen en Doesburg om uiteindelijk achter de IJsseldijk in het kasteel bij Angerlo terecht te komen.

Vlak achter Lochem, ligt Klein Dochteren, een bijna niet noemenswaardig plaatsje. Je rijdt dan over de N236 langs een indrukwekkend landhuis uit de jaren ’30. Het schijnt dat daar tegenwoordig een commune in verblijft. En daar in de buurt woont dus de beroemde schrijver van korte verhalen, zeer korte verhalen zoals hij ze noemt: A.L. Snijders.

Niet geweten op de ochtenden dat ik daar reed. Misschien dat hij op enkele honderden meters afstand van mij rondtufte op zijn tractor. Na het houthakken en de kippen voeren. Een ZKV in het hoofd en later aan het papier toevertrouwend terwijl hij door het kleine keukenraampje van zijn boerderijtje naar buiten keek.

“Er rijdt een rood autootje door de ochtendmist. Waar zou hij heen gaan?”

Moestuinieren en geduld – Tiny House Farm

De schrijver en bioloog Maarten ’t Hart houdt ook van moestuinieren. Hij schreef er wekelijks een column over op de achterpagina van NRC Handelsblad. Deze bijdragen zijn gebundeld in De groene over macht met als ondertitel: Tuinieren op de zware zeeklei. De bundel was in 2005 het nieuwjaarsgeschenk van uitgeverij De Arbeiderspers. Met illustraties van Peter Vos. Later is er een handelseditie van verschenen.

Boek Maartens moestuin
Moestuinieren in de zware zeeklei van Maarten ’t Hart

Maartens moestuin

Het boekje leverde zelfs een televisieserie op van de VPRO: Maartens moestuin. Overigens schijnt de romancier na een val van zijn e-bike niet meer te lukken. Ook tuinieren vergt veel kracht en als je arm niet meer wil, lukt het niet.

Beginnende amandel
Amandel die begint te groeien

Aan de boektitel met de zware zeeklei erin moet ik vaak denken. Het is niet makkelijk werken in de zeeklei. Dat leer ik wel in het kleine jaar dat we hier in de achtertuin ploeteren. Grote en zware klompen klei. In de herfst en winter als de grond vochtig is, bijna niet door te komen. In het voorjaar en de zomer kom je er niet door vanwege de droogte.

Pronkbonen lijden onder koude nachten
De koude nachten zijn funest voor de pronkbonen

Uitzetten eerste planten

We zijn dapper al een maandje terug begonnen met uitzetten van de eerste planten. De tomaten zitten al een enkele weken helemaal in de volle grond. Dat ging prima met de warme dagen. Nu er een paar koude nachten zijn geweest, is het zwaar. Net als de pronkbomen. Ze groeiden zo hard binnen dat we ze naar buiten hebben gedaan. De koude nachten doen ze de das om. Het is treurig om te zien hoe de planten dood gaan.

Jonge Black Prince tomatenplant
Jonge Black Prince tomatenplant.

Te snel en te haastig, vermoed ik. Je wordt ook wel ongeduldig als het zulk mooi weer is. Als het dan een periode wat kouder is, hebben de planten het zwaar. Ik ben heel benieuwd wat het allemaal gaat redden. Dan sta ik er toch weer versteld van dat die ene tomaat met het label Black Prince die is opgekomen, toch heel aardig begint te groeien.

jonge artisjok
Jonge artisjok

Artisjokken

Of wat dacht je van de artisjokken. Zelfs het plantje dat we opgegeven hadden, krijgt toch weer leven. Hoezo trage groente? Er komen hier prachtige dingen uit de aarde. Net als de machtige amandel. De vruchten hoor je bijna groeien. Wat een joekels worden dat. Ik kan niet wachten tot de oogst kan beginnen.

En ook dat zullen we met veel geduld moeten afwachten. Want als ik iets leer met de moestuin is dat je geduld moet hebben.

De stijl van de schrijver – Leestip

Schrijvers en kleren. Ze hebben een bijzondere relatie. Krijgt de taal een geheel eigen stijl bij schrijvers, ze laten in hun kledingkeus vaak ook een heel eigen stijl zien. In het boekje De stijl van de schrijver, Schrijvers & hun kleding legt Arno Kantelberg op een mooie manier de relatie tussen de schrijver en wat hij draagt.

Het levert een trits biografieën op die zeker de moeite van het lezen waard zijn. 30 schrijvers komen voorbij in hun eigenaardige kleding. Sommige op hun paasbest in pak (Wilfried de Jong), met pijp (Harry Mulisch), los flodderpak en zwierige lokken (Arnon Grunberg) of met moeilijk haar (Albert Verwey).

Stijljournalist Arno Kantelberg benadert de schrijvers en hun kledij zonder genade. Zo vindt hij de kledingkeuze van Kluun op de rode loper bij een filmpremière:

‘Trek daarom nooit een zeiljack aan naar een première (trek eigenlijk maar helemaal nooit een zeiljack aan).’ (90).

Een advies dat Kluun compleet tegen de wind in gaat. Hij staat er met een zeiljack waaronder een glanzende smoking schuilt. Het ontbreekt Kluun in zijn kleding aan gelaagdheid. Een grote overeenkomst met zijn literaire werk, constateert Arno Kantelberg.

Erg grappig, al laat hij helemaal aan het einde een klein twinkelslag open. De laatste roman van Kluun, DJ is een zorgvuldig gecomponeerde roman genoemd. Voor de schrijver is dus nog hoop. Hoeveel hoop, dat is niet uit zijn kleding af te lezen.

In al dit kledinggeweld is niet te ontkomen aan de dandy van de Nederlandse literatuur: Louis Couperus. Ook komt Maarten ’t Hart voorbij. Deze schrijver die als zuinigste auteur wel te boek staat, geeft graag veel geld uit aan vrouwenkleding. Kleren waarin hij zich graag hult, maar dan niet in de goedkope kledij van de kringloop. Maartje ’t Hart draagt heuse siliconenprotheses voor 400 gulden per stuk. Of de haute couture van Frans Moolenaar. Niet bepaald goedkoop.

Ogenschijnlijk simpele kledij, zoals het pak van Gerrit Kouwenaar of de regenjas van Simon Carmiggelt, blijkt meer modebewustzijn in zich te hebben dan je verwacht.

Op de foto van hiernaast zien we de ‘opgetuigde driemaster, met z’n regenjas open’, die uitgever Theo Sontrop regelmatig over de grachten van Amsterdam zag flaneren. (122)

De keuze voor de Macintosh past helemaal bij de schrijver en uitvinder van de cursiefjes. Een minimalistische regenjas voor de man die zich klein hield. Daarbij was hij een broeder van de natte gemeente, met daarbij een prachtig citaat:

‘Als ik een glas wijn drink, word ik een ander mens,’ wist hij. ‘En die ander heeft altijd geweldige dorst.’ (121)

Het zijn die anekdotes die een heuse jus vormen in dit geweldige boekje van Arno Kantelberg. Hij plaatst eens op een heel andere manier schrijvers in het daglicht. Hun kledingkeuze is vaker dan je denkt onlosmakelijk verbonden met de persoon maar ook met de schrijfstijl.

Bohemien en liefhebber van Belgische biertjes Ilja Leonard Pfeijffer bijvoorbeeld. Het levert niet alleen een indrukwekkende voorpui op. Al die tientallen La Chouffes.

Waarom zou je het klein houden als het ook groot kan? Daarom verfoeit hij Nescio, met diens ‘kale, afgemeten, precieze zinnetjes’. Bij Pfeijffer is het altijd groots en virtuoos. (65)

Dat zie je ook terug in zijn kledingkeuze: een langharige bard met een bontjas van oceanische omvang. Hij kleedt zich bijna even achteloos als hij schrijft, al zit er toch ook iets van zorgvuldigheid. In zijn gaderobe ontbreekt dit laatste.

En zo neemt Arno Kantelberg je mee naar leuke en sappige verhalen over schrijvers in hun schrijfstijl en hun kledingstijl. Het opent soms een nieuwe kijk op schrijvers. Zo is mijn nieuwsgierigheid naar Slauerhoff aan de hand van de enthousiaste beschrijving van Arno Kantelberg weer gewekt. Of de elan en vitaliteit van Du Perron, met getailleerde jas rond zijn ranke jongenscorso.

Allemaal beschrijvingen van schrijvers die je nieuwsgierig maken naar de schrijver achter die kledingkast.

Arno Kantelberg: De stijl van de schrijver, Schrijvers en hun kleding. Amsterdam: Uitgeverij Podium, 2018. ISBN: 979 90 5759 931 6. 152 pagina’s. Prijs: € 17,50. Bestel.

De ommegang

Arriveert vandaag een prachtig boek van Jan van Aken met de veelbelovende titel De ommegang. Ik volg Jan van Aken al een tijdje, ben zijn eerste recensent en heb vrijwel zijn hele oeuvre gelezen.

In december las ik op zijn advies Victor Hugo’s roman De klokkenluider van de Notre-Dame. Een boek dat veel bewerkt is in film en musical. Zelfs Disney gaf er zijn eigen fantasievolle draai aan. Maar het lezen van dit werk was voor mij een openbaring. Het is een prachtig boek opgebouwd als een kathedraal, grillig, grimmig en fascinerend.

Het verduidelijkte voor mij wel heel veel van de schrijver Jan van Aken. Hij bedient zich bijna van dezelfde fantastische schrijverij als Victor Hugo. Aan mij openbaarde zich bij het lezen van deze klassieke roman een andere kant van Jan van Aken.

In de correspondentie verraadde Jan van Aken al een beetje waarover zijn nieuwe roman gaat. Het is een veelbelovend verhaal dat aan het einde van de middeleeuwen speelt. Al bestaat er bij Jan van Aken geen middeleeuwen en zeker geen donkere middeleeuwen. Het is de tijd waarin de kathedralen zijn en worden opgericht.

Een nieuwe tijd in Europa waarbij in alle West-Europese landen enorme godshuizen verrijzen. Het is de tijd waarin door de kruistochten weer contact is ontstaan met het Midden-Oosten. Een veelbetekenend contact, want door deze reizen is er veel veranderd. Zodoende is deze periode een onuitputtelijke tijd om over te schrijven en te fantaseren. En dat kan Jan van Aken als de beste.

Ik ben dus even aan het lezen… Binnenkort zal ik het boek hier bespreken…

Vanaf dinsdag ligt de roman De ommgang van Jan van Aken in de boekwinkel.

Jan van Aken: De ommegang. Amsterdam: UItgeverij Querido, 2018. ISBN: 978 90 214 0393 9. 628 pagina’s. Prijs: € 22,50. Bestel

Klagende Jay

Het lezen van Moederland roept soms ook associaties op met een film van Woody Allen. Ik kijk al heel lang geen films meer van Woody Allen. Werd ik vroeger nog weleens geraakt door de mooie beelden en de interessante dialogen.

Ik was het ook heel snel beu: het zijn zeurfilms waarbij een onderwerp komt binnendrijven en wordt opgeblazen tot een reuzenprobleem. Terwijl het alleen maar een opblaasbare, paarse krokodil is, vol met lucht.

Dat gevoel krijg ik ook bij Moederland. Het idee dat ik naar een film van Woody Alan zit te kijken. Moeder wordt tot een groot probleem opgeblazen. De kinderen voelen zich kinderen in haar nabijheid. Ze willen zich vrijmaken, maar dat lukt niet. Allemaal kleven ze zich vast om de gunst van moeder. Daar maakt de oude vrouw dankbaar gebruik van.

Zeker, het systeem van verdeel en heers, weet moeder goed te benutten. In het verhaal dobber je van het ene probleem in het andere. Maakt Jay zich nog heel druk over zijn te spraakzame moeder, als moeder spullen gaat weggeven aan haar kinderen, dringt een ander probleem op. Waarom krijgen de andere huizen, stukken land, auto’s en meubels, en ik niks?

Moeder kent Jay goed, zo ontdek je regelmatig tussen de regels door. Zo stuit Jay bij het sorteren van zijn moeders papieren op een dik boek waarop Dagboek staat. Hij leest er naast de gebruikelijke informatie over het weer van die dag, ook een opmerkelijke zinssnede over zichzelf:

Ik keek of er bij vorige week woensdag stond dat ik had schoongemaakt. Jay kwam langs, begon het. Daarna: Het gebruikelijke geklaag. Wat heb ik het zwaar, geen cent te makken. Arme ik, arme ik.
Ik zag het niet als belediging of bespotting, maar eerder als extra bevestiging dat moeder weer de oude was. (532)

Terug te lezen dat Jay zichtbaar over weinig zelfkennis beschikt. Hij vervalt regelmatig in een zelfbeklag zoals zijn moeder in haar dagboek schrijft. Het beeld van moeder is dus heel wat minder eenzijdig dan de ik-verteller Jay in de roman schetst.

Heel soms, zoals in het hier geciteerde gedeelte, komt de aard van Jay zelf naar voren. Dan snap je moeder ook een beetje. Jay vindt zich heel snel zielig en in het gesmeek om aandacht, wil hij zichzelf dikwijls als zielepiet neerzetten.

Niet altijd terecht, zoals je in het dagboek van moeder kunt lezen.

Paul Theroux: Moederland. Roman. Oorspronkelijke titel: Mother Land. Nederlandse vertaling Linda Broeder, Betty Klaasse en Anne Roetman. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2017. ISBN: 978 90 254 5101 1. 622 pagina’s. Prijs: € 27,99. Bestel

Onuitstaanbaar

Het lezen van Moederland van Paul Theroux is heerlijk. Het verhaal gaat over een onuitstaanbare moeder. Ze bezit alle kenmerken van onuitstaanbare moeders bij elkaar is daarmee wel een zeer extreme, onuitstaanbare moeder geworden. Ieder kind herkent trekjes van je eigen moeder in de moeder die de verteller schetst.

De onuitstaanbare trekjes van alle moeder ballen zich samen in de moeder van Jay. Ze kent haar kinderen stuk voor stuk van haver tot gort, manipuleert en weet haar kinderen op het meest zwakke moment te treffen.

De verteller meet telkens de slachtofferrol aan. Hij laat het hem gebeuren. Zo heeft hij een vrouw ontmoet waarmee hij verder wil. Niemand mag het weten, maar zijn moeder is aan het gissen. Het lijkt wel of ze de rest van zijn lichaam afleest om het geheim te ontrafelen. Hij wil zijn nieuwe liefde een beloftering geven. Daarvoor gaat hij bij zijn moeder langs.

Onverstandig.

Ze vraagt of hij nog ergens naartoe moet. Jay ontkent, maar in zijn ontkenning zit juist de bevestiging. Terwijl hij ontkent, moet hij lachen.

Moeder zei: ‘Ik hoop dat ze leuk is.’
Ze had alles door, wist het al voordat ik ook maar iets zei. Op achtduizend kilometer afstand kon ik best een geheim voor haar bewaren, maar als ze tegenover me zeat en me geconcentreerd aankeek met haar strakke, serieuze gezicht, was ik hulpeloos. Bovendien was ik in de greep van de liefde. Ik wenste de wereld niets dan goeds; ik wilde dat de werled mij ook niets dan goeds wenste. (137)

Allemaal vormen van excuses om te verklaren waarom hij zijn geheim juist aan zijn moeder verklapt heeft. De belofte van zijn moeder dat ze het aan niemand verder zal vertellen, ligt er zo dik op dat je als lezer onmiddellijk weet, dat de hele wereld het al weet voor Jay de kamer verlaten heeft.

Het hele verhaal dat het geen verlovingsring is, maar een beloftering, doet er geen afbreuk aan. Ze weet heus wel wat voor een ring het is. Een verlovingsring. Waarom zou je anders aan een vrouw die je leuk vindt, een ring geven.

Zijn geliefde Madison vindt de ring helemaal niet leuk. Ze interpreteert het hetzelfde als Jay’s moeder. Ze vindt dat hij te ver gaat. Al zegt ze het niet meteen. Als iedereen van haar ring weet, wordt ze woest en is de relatie voorbij.

Bovendien haalt Jay er de vijandschap van zijn broer Floyd mee op de hals. Hij voelt zich bedrogen omdat hij via moeder hoort dat zijn broer verloofd is. Dan verschuift het perspectief even. Jay heeft een extra dimensie om over te klagen. Zijn moeder heeft de relatie tussen hem en zijn broer Floyd verknalt. En dat allemaal om een geliefde die een ring kreeg en waarmee hij nu ook in onmin leeft.

Moeders.

Paul Theroux: Moederland. Roman. Oorspronkelijke titel: Mother Land. Nederlandse vertaling Linda Broeder, Betty Klaasse en Anne Roetman. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact, 2017. ISBN: 978 90 254 5101 1. 622 pagina’s. Prijs: € 27,99. Bestel

Lees morgen verder: Klagende Jay »