Categoriearchief: schoonmakers

Glazenwassers

Glazenwassers aan het werk in Amsterdam Zuid

De hefboom draait een slag en laat het bakje bengelen over de rand van het gebouw. De koppen van de glazenwassers steken net boven de rand uit. De hefboom stopt met draaien. Het bakje schuift traag mee tot het evenwijdig hangt aan het enorme gebouw. Nu glijdt het bakje omlaag langs het hoge gebouw.

De borden onder het kantoorgebouw waarschuwen voor vallend water. Een paar flinke plassen liggen op de straattegels als overtuigende waarschuwing. Je kunt een aardig nat pak oplopen van de bengelende bakjes. Het water snelt eerder naar beneden dan dat het vastkleeft aan de ramen.

Druppels kletsen op het trottoir en spatten uit elkaar op het steen. Het lint dat om het stukje stoep gespannen staat is niet overbodig. Het houdt de voorbijganger droog en bespaart een nat pak. Gelukkig blijven de glazenwassers beter in hun bakje zitten dan het water in hun emmer.

Vuilnisbeer

image

Een grote blauwe vuilniszak staat naast de wagen. De bezem is geparkeerd tegen het busje met open achterkant. In de laadbak staat een man voorovergebogen bij het rek dat bestuurderscabine en laadbak van elkaar scheidt. Hij heeft een baseballpetje in de hand. Hij staat tegen een enorme knuffelbeer. De beer hangt aan het rek en de man frunnikt de pet op de kop van de beer.

Zelf heeft de berenversierder een kale kop. Uit het open raam van het busje klinkt dreunmuziek. Zijn collega komt met een andere bezem en een andere blauwe vuilniszak uit het bosje. Hij kwakt de vuilniszak tegen de voorband van het busje. Ook hij frunnikt maar dan in zijn zak en haalt een sigaret tevoorschijn.

Als hij de sigaret aansteekt, zit het petje op de kop van de beer. Trots kijkt de kale pettenman naar zijn collega. ‘Die zit’, mompelt hij. ‘Inderdaad, die zit’, krijgt hij als antwoord. De rook blaast omhoog in de richting van de beer. De beer, een afdankertje, net als de pet, kijkt niet op of om. Even onbewogen als het moment dat een kale man over hem hing om een petje op zijn hoofd te klemmen.

Mooi met de bus

We lopen naar het audiologisch centrum voor de hoorafspraak met Doris. Het regent zachtjes. De druppels vormen kringen in het water van de gracht waar we net het bruggetje oversteken. We passeren het bejaardentehuis. Het terras is leeg. Alleen onder een afdakje zie ik een paar mensen staan.

Een meisje met een rood shirtje boent de tafels af. Ik zie voor me hoe nat ze zijn geworden van de aanhoudende regenval. Haar halflange blonde haren vallen voor haar gezicht. Zo ingespannen veegt ze de tafels schoon. Een jongen met een grote bril op zijn neus wringt net een natte doek uit boven een grote blauwe emmer. Hij steekt bij het uitwringen zijn tong uit zijn mond.

‘En ze hadden ook onweer voorspelt’, hoor ik het meisje zeggen. Ze loopt een tafel verder en veegt de plassen water die op het tafelblad liggen op. Ik vraag me af of het veel zin heeft. De regen is weer een beetje aangezwollen. De jongen wringt het doekje nog altijd uit.

De luifel houdt weinig van de regen tegen. Maar de bosjes houden een goed zicht voor mij tegen. Ze geeft het natte doekje aan de jongen met de bril. Hij zwaait er onhandig mee naar de emmer. En geeft haar in dezelfde onhandige beweging het doekje dat hij net uitgewrongen heeft. Ook zij steekt de tong uit. Haar onderarmen steken wit uit onder het rode shirt. Ze hebben nog niet veel zonlicht gehad.

Iets achter de 2 hulpjes van het bejaardentehuis staat een oudere vrouw. Haar haar zit netjes in een permanentje. Iets opgestoken. Ze trekt aan een sigaretje en leunt tussen de muur en een stok. Het meisje houdt even op met het drogen van de tafel. Ze kijkt de oudere vrouw heel stellig aan: ‘daarom ben ik mooi met de bus gegaan’.

Ik ben eigenlijk al te ver doorgelopen om het antwoord nog te horen. Maar ik hoor duidelijk een diepe doorrookte stem antwoorden: ‘Je hebt groot gelijk meissie’.

De beurs en het juiste moment

‘En Harry nog een beetje druk op de beurs?’ De man keek uitdagend naar Harry. Uit op een lekker pesterijtje. De beurs daar moest je nu niet zijn. Dat betekende ellende en veel geld verliezen. ‘Nee’, antwoordde Harry. ‘Daar kom ik voorlopig niet.’

Harry drukte de handdoek tussen zijn natte tenen. Na het andere set tenen liet hij de handdoek op de grond vallen en trok een sok uit een schoen. ‘Nee, dat is mij een beetje te druk nu. Iedereen is alleen maar aan het verkopen.’ ‘Maar jij deed toch in aandelen Harry?’ probeerde de andere man nog los te krijgen. Hij trok net zijn handdoek over zijn rug en hield hem aan 2 kanten vast. Zo kreeg hij zijn rug toch kurkdroog.

‘Ja, ik heb zeker aandelen gehad’, vertelde Harry. ‘Ik kocht op een bepaald moment aandelen van een Russische leverancier in koppelingsplaten. Niemand zag er wat in. Al mijn vrienden vonden dat ik het moest verkopen. Maar het leverde niks op. Meestal was het 10, 20 cent meer dan de prijs waarvoor ik ze gekocht had. Totdat ineens het gerucht kwam dat China het bedrijf ging overnemen. Toen schoot de prijs omhoog. Nou, je begrijpt wel dat dat het moment was om ze te verkopen. Wat heb ik gelachen bij mijn vrienden.’

‘Moet je dan geen aandelen Spyker hebben?’ ‘Nee, dat zegt iedereen.’ Harry zette zijn voeten in de instappers. ‘Maar toen ik daar schoonmaakte hoorde ik wel andere geluiden. Er stond nauwelijks voorraad en de betalingstermijnen werden opgeschroefd van 30 naar 60 dagen. Ik wist genoeg.’

Harry stond op. Het was genoeg voor vandaag. ‘Nee, die beurs dat komt nog wel. Nu even niet. Niet het juiste moment.’  Hij liep naar de deur, trok hem open en draaide zich nog even om terwijl hij in de deuropening stond. ‘Hé Jim tot volgende week.’ ‘Tot volgende week’, zei Jim. Hij deed net het laatste knoopje van zijn overhemd dicht op dat de deur met een harde klap dichtsloeg.

Bezuinigen op immigranten en op schoonmakers

Wilders beweert dat hij flink kan bezuinigen op immigranten. Hij noemt het getal van 6 tot 10 miljard euro. Een enorm bedrag dat volgens de PVV blijkt uit onderzoek van wetenschappelijk bureau Nyfer. Onderzoek dat nooit genuanceerd kan zijn, want waar blijven de baten? Weinig van de schoonmakers die ik de laatste weken langs zie komen, is autochtoon van afkomst.

Nu vindt het onderzoekbureau dat Wilders voorbarig is, want het onderzoek is nog niet afgerond. Ik zou eigenlijk ook eens graag een kritisch onderzoek willen zien naar de baten van de immigranten. Vaak knappen zij namelijk voor ons de vuilste werkjes op. Voor een appel en een ei maken ze onze kantoren en straten schoon.

Veel beroepen waar moeilijk mensen voor te vinden zijn, worden vervuld door immigranten. Zij houden een groot deel van onze economie draaiende. Ik denk dat als de plannen van Wilders doorgang vinden, onze economie snel om zeep wordt geholpen.

Bedrijven bezuinigen nog altijd op schoonmakers, ze verdienen schandalig weinig en heel weinig autochtonen zien brood in schoonmaakwerk. Bedrijven bezuinigen op de leveranciers van schoonmaakwerk, waardoor de lonen steeds lager worden. Dat ze nu in het verweer komen vind ik helemaal terecht. En of allochtonen onze baantjes inpikken? Ze vervullen eerder de baantjes waar wij onze neus voor ophalen.

Met lagere lonen stimuleert Wilders alleen maar de immigratie, is mijn overtuiging.

CAO-conflict schoonmakers: hoe schoon zijn de handen van de NS directie?

Al 6 weken staken de schoonmakers van de NS. Alleen de prullenbakken worden geleegd in de trein. Vloeren liggen bezaaid met etenswaar en er liggen grote vlekken van half opgedroogde koffie of bier. De treinen zijn smerig en de stations worden met de Franse slag schoongemaakt.

De schoonmakers willen hogere lonen. Een zorg van de leverancier, vindt de NS. Maar is dat zo?

Lees mijn blog verder op delaatstemeter.nl »

De blog staat ook op managementsite.nl  »