Categoriearchief: school

Ben jij anders gaan lezen door school? – #50books vraag 45

img_20161106_083730.jpgOp Twitter zag ik een interessante discussie over het literatuuronderwijs op school. De ontlezing is namelijk op zijn retour. Jongeren durven weer een boek te pakken en te gaan lezen. Hierbij grijpen ze ook terug op het papieren boek. Even geen mobieltje, even geen internet, maar gewoon met een boek op schoot.

Ik ben gek op lezen en verslond toen ik jong was al veel boeken. Ik las De schippers van de Kameleon, de spannende scheepsverhalen van K. Norel en Snuf de hond van Kees Prins. Op de Middelbare school maakte ik kennis met de geschiedenisboeken van Thea Beckman. Enthousiast geworden door een fragment van Kruistocht in spijkerbroek bij Nederlands.

De liefde voor literatuur kwam pas na de Mavo op de MTS. Ik ontdekte de boeken van Maarten ‘t Hart en via hem rolde ik de Nederlandse literatuur in. Pas toen ik stopte met de MTS en versneld Havo en VWO ging doen, volgden andere boeken van ondermeer Harry Mulisch en ook Jan Wolkers.

Daarom loopt mijn liefde voor het lezen hand in hand met de opleidingen die ik deed. Maar geldt dat voor iedereen?

Daarom de boekenvraag voor deze week:
Ben jij anders gaan lezen door school?

Ben je juist meer gaan lezen door je opleiding en je docenten? Of werkte het literatuuronderwijs juist demotiverend voor je?

Ik ben heel benieuwd naar de antwoorden.

Blog mee over #50boeken

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in 2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Godsdienstleraar

image

Bij de godsdienstlessen waarschuwde mijn godsdienstleraar Meneer De Bruin voor hem. Wanneer je de boeken van Maarten ‘t Hart leest, moet je wel heel sterk in je geloof staan. Hij achtte mij daar nog niet toe in staat. De boeken van Jan Wolkers waren helemaal ‘not done’. Die stonden op de zwarte lijst vanwege het taalgebruik, de godslastering en de seksscènes.

Zo begon ik pas na de Mavo aan Maarten ‘t Hart. Ik weet niet meer hoe ik erin ben gekomen. Het begon volgens mij met De aansprekers, een boek over Maarten ‘t Harts vader. Ik las het en werd getroffen door de vele bijbelcitaten die door het boek heen worden gegeven. Ook sprak er een vorm van humor in die ik met mijn strenge opvoeding goed kon volgen. Ik las het met plezier en ook een beetje met rode oortjes omdat meneer De Bruin mij dit soort boeken sterk ontraadde.

Ik zou zeker ontdekken dat ik niet zo sterk in mijn schoenen stond. Ik las na De aansprekers alle andere boeken van Maarten ‘t Hart. Behalve Een vlucht regenwulpen. Misschien omdat iedereen het had gelezen, misschien omdat ik er niet aan wilde. Meneer De Bruin zou het zeker ontraden, maar ik las het niet.

Daarvoor in de plaats las ik veel andere verhalen. Over de harmoniumverkoper in ‘De handelaar’ bijvoorbeeld of de spannende detective De kroongetuige. Of het mooie verhaal over de organist Willem Oranje in Maassluis in Stenen voor een Ransuil. Allemaal verhalen die veel meer mijn aandacht trokken dan dat enge boek dat iedereen zo verfoeide: Een vlucht regenwulpen.

Het moet ergens op de MTS zijn geweest dat ik het boek toch ging lezen. Ik werd getroffen door het verhaal. Ik herkende er zo verschrikkelijk veel in. De eenzaamheid van de hoofdpersoon, het verliefde, verlegene om het meisje waar je verliefd op bent nooit aan te spreken. Het verlangen naar haar, het fantaseren over haar. Even zien is genoeg. Als ze iets tegen je zegt, ben je dagen van slag. Ik herkende mijzelf erin.

Net als in de worsteling met het geloof. De almacht van God die hier direct wordt aangevallen. De moeder met keelkanker die haar hele leven zo vroom had geleefd. Dat terwijl Maarten ‘t Harts moeder gewoon nog leefde, maar voor het verhaal even dood moest gaan. Het vormt een rechtstreekse aanval tegen God. Het gevecht met de ouderlingen. Het veranderde mijn beeld van de kerk en God definitief.

Maarten ‘t Hart: Een vlucht regenwulpen. 1e druk, 1978. 65e druk met toestemming van Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, 2014. ISBN 9879059652613. 166 pagina’s.

ABC en Wim is weg – #50books

20140928_133644Het eerste boekje dat ik zelf las en dat ik zelf had, was het ABC-boekje van Rie Cramer. Al moest ik erg wennen aan de vreemde woorden als chocolaad.

De titel doet vermoeden dat dit het eerste leesboekje van velen is geweest. Het is ingewikkeld genoeg om te denken of dit echt zo is. Zoals de naam Quirinus die echt wel moeite geeft aan het beginnende lezertje.

Veel boekjes die ik toen las, zijn uit mijn herinnering gevlogen. Behalve een boekje dat altijd is blijven hangen: het gouden boekje met de titel Wim is weg. Ik las het boek uit de bibliotheek en vond het een prachtig verhaal over een jongetje dat een fiets krijgt op zijn verjaardag en dan weg wil. Hij wil naar Spanje op de fiets.

Het is een prachtig verhaal dat ik mij erg aansprak. Toen later de gouden boekjes in herdruk kwamen, zocht ik ook naar dit boekje. Het verhaal is geschreven en getekend door Rogier Boon, Annie M.G. Schmidt heeft de tekst bewerkt. Daarmee is het een prachtig verhaal geworden dat helemaal aansluit bij de belevingswereld van het kind dat net leest.

Alle boekjes werden herdrukt, behalve dit boekje. Ik zocht op internet en zag dat er buitensporige bedragen voor de tweedehands-exemplaren werd gevraagd. Een herdruk leek onmogelijk door een conflict met de erven van Rogier Boon.

Ik vergat het boekje, maar ineens kreeg ik vorige week van Inge. Ze had op DWDD gezien dat het boekje herdrukt zou worden. Ze bestelde het boekje stiekem voor mij. Ik verslond het en heb het sindsdien elke dag weer doorgelezen.

Overigens spreekt het verhaal nog steeds kinderen aan. Inge las het op de BSO voor en de kinderen luisterden aandachtig. Ze kregen er geen genoeg van.

Net als ik: ik krijg er ook geen genoeg van.

#50books

Dit is het antwoord op vraag 39 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief vanPeter PellenaarsMartha Pelkman heeft in 2014 het stokje overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Proefkonijn – #WoT

20140924_205929 proefkonijn (o.), 1 konijn waarop proeven genomen worden; 2 (fig.) persoon die (voorwerp dat) men gebruikt om zekere werkwijze te proberen: ik heb niet veel zin om als proefkonijn te dienen;

In zijn kielzog liep de godsdienstleraar. Ze hielden allebei een zwaar doosje in de hand. De schooldirecteur zette zijn doos op de tafel, strekte zijn handen in elkaar gevouwen naar voren en richtte zich toen tot de klas. We keken hem vol verwachting aan.

Hij pakte een donker boek uit het doosje. ‘Jullie zijn allemaal proefkonijnen’, zei hij. ‘We geven jullie allemaal een bijbel. Daar moeten jullie dan heel zuinig op zijn. Aan het eind van het vierde jaar is hij dan van jullie.’

Dreigend hield hij een briefje omhoog: ‘Hierop zet je je naam en we controleren hem elk jaar. Wees er zuinig op.’ Daarna gaf hij iedere leerling persoonlijk een bijbel en een briefje. Aan de andere kant van de klas, begon de godsdienstleraar met het uitdelen van de donkere boeken. Achterin bevatte het boek de 150 psalmen op dun papier met de catechismus.

Het zware boek kreeg voorin mijn tas een plekje. Ik had hem als enige boek gekaft met boeklon. Het Vergat je hem, dan volgden zware sancties. Zeker een proefkonijn werd geacht altijd het boek der boeken bij zich te hebben.

Sindsdien moet ik als ik woord proefkonijn lees, altijd terugdenken aan die ochtend ergens in augustus aan het begin van de Mavo. De eerste klas, de brugklas. We waren proefkonijnen. Voor het eerst experimenteerden ze met het geven van een bijbel, in plaats van het verplicht te stellen voor ouders. Zo zaten we allemaal met de juiste vertaling voor onze neus en hoefde er niks meer mis te gaan.

Waar moet jij aan denken bij het proefkonijn? Ben jij weleens een proefkonijn geweest of voel je je weleens een proefkonijn? Wanneer hoorde jij voor het eerst het woord proefkonijn? En denk je bij het woord gelijk aan dierproeven of ben je meer bezig met het overdrachtelijke woord proefkonijn?

#WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog. De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @webpixelqueen overgenomen. Vanaf september 2014 heb ik het stokje overgenomen.

Avondvierdaagse

imageGillen in tunneltjes, zingen en snoepen. Het is weer avondvierdaagse. Net zo’n traditie als Sinterklaas, het paasontbijt en het kerstdiner. We vormen ook een hecht clubje van ouders en kinderen. Weten al precies wie er altijd te laat komt en wie er onderweg achteraan loopt te sjokken met zere voeten.

Ik baal altijd van het tijdstip en de plicht er elke avond weer om kwart voor zes mij te melden. Als het dan ook nog eens regent, moet ik flink wat moed verzamelen om toch naar het startpunt te fietsen.

Maar als het dan eenmaal zover is en we eindelijk lopen

imageDe groep waarmee ik loop, loopt altijd achteraan. Er zitten een paar ouders tussen die laat komen. Het lijkt dan dat alle avondvierdaagsewandelaars vertrokken zijn en wij nog staan te wachten. Gelukkig laat ik dan mijn leiderschapskwaliteiten gelden en jut de groep een beetje op tempo te maken.

Het eerste jaar staarden ze mij verbaasd aan, maar nu beginnen ze er toch de sokken in te krijgen en komen we rond zessen in beweging. Dan sluiten we aan bij de rest en sjokken met de snelheid van een rouwkoets vooruit.

Vandaag regende het ook nog eens. Net als het gillen in tunneltjes, snoepen en zingen, hoort dat ook bij de avondvierdaagse. Het sijpelde in een voortdurende stroom naar beneden. De meesten liepen in een plastic poncho over hun jas. Ik droeg de regenjas en een paraplu erboven. Zo werden alleen de broekspijpen van onderen nat.

imageHet duurde lang voordat we bij de pauzeplek waren want we moesten lang in de rij wachten. Andere groepen die pauzeerden beletten de weg. De moeders die voor de koffie en fris zorgden hadden alles al klaargezet. Zo konden we snel weer verder.

Het tempo was gelijk een stuk hoger. De tongen werden losser en de regen stopte. Zo kwamen we langzaam weer terug bij het begin. We passeerden rakelings de plaats waar we gisteren pauzeerden en liepen in een rechte lijn naar het startpunt.

Dan is het eigenlijk best gezellig, ontdek je al wandelend. Zo in een lange rij achter elkaar aan. Je spreekt weer eens andere mensen en hoort gelijk wat er allemaal op school leeft. Ik ben dan snel het haasten met eten en het andere opschieten vergeten. En zij heeft de hele rit lopen genieten.

Daar doe je het toch allemaal voor.

image

Gewiekst – #WOT

image

‘Meester Hendrik-Jan kunt u mij tillen?’ Ze vraagt het met een heel lief stemmetje, een beetje zachtjes, vleiend. Ik til haar in de auto en maak haar gelijk vast in het stoeltje, want dat kan ze nog niet. Ze is ook net vier.

Elke ochtend rijd ik als vrijwilliger de kinderen van de buitenschoolse opvang waar Inge werkt, naar school. In oktober genoot ik onderweg van de gouden zonnestralen in de vroege ochtend. Nu zwiepen mijn ruitenwissers in de dichte motregen. Het levert wel weer gedichten op.

Een tijdje terug vertelde ik dat het meisje van vier moeite heeft met instappen in de auto. ‘O, maar bij mij stapt ze gewoon in’, zei Inge. ‘Maar bij jou is de instap lager.’ ‘Nee hoor, ook in de auto waarin jij rijdt, stapt ze zelf in.’ Ik voelde mij een beetje voor de gek gehouden. Zeker ook toen ik hoorde dat het vastmaken van de gordel evenmin een probleem was.

De ochtend erop stond ze weer bij de open autodeur te wachten opgetild te worden. ‘Maar ik hoorde dat je dat zelf kunt’, zei ik in een poging haar te leren het zelf te doen. ‘Maar bij u niet’, gaf ze als antwoord en bleef net zo lang wachten tot ik haar erin had getild.

Een jongedame die het goed voor elkaar heeft. Zij behoort tot die groep mensen waarin je al de toekomstige manager in ziet opstaan. Of het meisje dat met gemak een jongen om haar vinger windt. Hij doet alles voor haar. Zo’n galante jongen, attent en actief om het haar zo goed mogelijk naar de zin te maken.

Het lijkt haar al aardig te lukken, gewiekst als ze is.