Categoriearchief: park

Loslaten in Beeklustpark – Sientje (21)

Het eerste loslaat-avontuur op het strand viel dus enigszins tegen. Daarom zouden we het op een andere manier gaan proberen. Misschien moesten we haar lokken met koekjes. Die hadden we op het strand van Katwijk immers niet bij ons gehad. En het iets voorzichtiger aanpakken. Geen andere mensen erbij. En een stukje uit elkaar gaan staan, als bij de teckelrennen.

In het blad De dashond van de teckelvereniging waar we sinds kort lid van waren, stonden de teckelrennen. De eigenaar van de hond ging aan het eind van de renbaan staan, de hond bleef bij iemand anders die de hond nog vasthield. Bij het startschot liet hij of zij de hond los en dan holde de teckel in hoog tempo naar de baas.

Ontsnappingsgevaar

Dat moesten wij ook maar eens proberen. Als afwisseling voor de vele saaie wandelingen door de wijk, zocht ik een park. We gingen eerst naar het Schelfhorstpark in de buurt waar Inge vroeger was opgegroeid. Een heel aardig park, maar in de nabijheid van een drukke weg. Veel te veel ontsnappingsgevaar en de mogelijkheid om onder een auto te komen. Ik zocht naar een echt park. ‘Het Beeklustpark is wel wat’, vond Inge. We gingen erheen en ik maakte kennis met 1 van de mooiste parken van Nederland.

Het is een smalle strook grond, maar vrij diep, met heel indrukwekkende bomen. De enorme bomen geven veel schaduw en maken het tot een idyllisch park. Als je wat verder in het park komt zorgen de vijver en de achterliggende grasheuvel, in combinatie met een bomenlaantje voor een heel romantisch aandoend landschap.

Beeklustpark

Achter de hoge bomen bij het ingangsportaal lag een schitterend park verborgen. Zeker op rustige momenten in de middagen of tijdens kerktijd, gingen we even naar het Beeklustpark. De bijbehorende kinderboerderij lieten we met rust. Het varken maakte Sientje onrustig. Bovendien mochten honden er helemaal niet komen, zodat je de hele tijd bij de ingang moest drentelen.

We gingen het park in en liepen helemaal door tot ver naar achteren, voorbij de muziektent en de plas met het bomenlaantje. We gingen het forse grasveld op, de poel erachter en de sloten om het veld zorgden voor voldoende blokkade. Daar was het moment. We lieten Sientje goed ruiken aan de zakken waarin de koekjes zaten. Daarna gaven we er haar een paar. Zo werd de hongerige geest in de teckel gewekt. Ze kreeg interesse in het eten.

Renkampioen

Ik liep een eind van Inge weg en riep Sientje. Inge liet haar los. Wat een snelheid zat er in die hond. Ze holde met een flinke draf in mijn richting en nam het koekje in ontvangst. Daarna riep Inge haar, waarna ze in haar richting holde. Wat een snelheid. In deze teckel zat een heuse renkampioen verborgen.

Ze holde de kleine pootjes uit haar lijf. We waren nog wat zenuwachtig met het strandavontuur in het achterhoofd. Ze luisterde niet altijd even goed, maar met de brokjes en het roepen op het open veld, had ze genoeg aandacht voor ons. Ze rende heen en weer en kwam bekaf terug. Zo reden we tevreden met haar op de achterbank weer naar huis.

Goed vermoeid

Ze was goed vermoeid, niet gewend aan dit soort beweging. Daarna ontstond er vrij snel het vertrouwen haar vaker los te laten. In de buurt deden we dat niet, daar was het te druk voor, maar in het park en het open veld ging het prima. Ze kwam altijd netjes terug en liet zich nooit afleiden door andere honden.

Een bijzonder moment waarmee onze relatie met Sientje een nieuwe dimensie kreeg.

Lees het vervolg: Op cursus »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Mistmorgen

Eigenlijk is zondagmorgen de mooiste ochtend van de week. De stilte en het vroege licht zijn een prachtige combinatie. We lopen door het gemaaide gras, de honden zijn gek op het gras dat is blijven liggen.

Je kunt door de zon kijken. Vorige week was het ook zo’n mooie ochtend, toen zag ik een groep ganzen door de zon vliegen. Nu ben ik er te laat voor, maar ik geniet nu vooral van het bijzondere licht.

Het mooiste is de open plek in het park waar je de mist in alle flarden ziet. De bomen worden schimmen, de herfstkleuren dringen zoetjes door het beeld. Genieten. Midden op het veld zit een man te fotograferen. Zijn fiets midden in beeld. Net als hijzelf.

Op zijn fiets dreint een transistorradiotje. Hij fluit mee met de muziek terwijl hij met zijn kont in het natte gras zit. Hij zit achter het statief waarop een grote kijker staat.

De wereld is van hem. Hij staat op, buigt half naar achteren. Het lijkt net of hij plast met die grote toeter voor zijn kruis.

Ik probeer om hem heen te fotograferen en pak mijn eigen beeld. Ook genieten. Een roodborstje overstemt de radio met gemak, dus ik hoef me niet druk te maken.

Het is gewoon heerlijk. Zo’n mistige zondagochtend. De wereld slaapt nog half en de wakkere helft wrijft de ogen langzaam uit. Intens zo’n ochtend.

Legale olifantenpaden

image

Een fenomeen dat ik wel kende, maar niet wist hoe het heette: olifantenpaden. Ik maakte er kennis mee met de serie: Nederland van boven. Daar vielen de afsnijdsels van de reguliere wegen onmiddellijk op vanuit de lucht. Een strakke bocht in een fietspad of voetpad wordt ingekort tot een snel pad door het gras. Gedurende de tijd ontstaat er een looppad en dat heet een olifantenpaadje.

In het park lopen ook een paar olifantenpaadjes. Het zijn die heerlijke ingekorte paden die soms zelfs een stukje tussen de bossages pakken. Zo dwaal je heerlijk weg en waan je je zelfs even helemaal alleen op de wereld. Het zijn die paadjes die er eigenlijk niet zijn. Ze zijn niet bedacht maar spontaan ontstaan. Daardoor hebben ze iets aantrekkelijks.

Tot mijn verbazing had de gemeente laatst de olifantenpaden in het park voorzien van een dikke zandlaag. Blijkbaar met de bedoeling om de paden een officiële status te geven. Zo hoeft niemand zich een onnodige weg te banen tussen de struiken, maar is het een vereffend pad zonder verdere obstakels.

Het haalt gelijk iets van de dynamiek weg. Zo sterk zelfs dat ik laatst maar het bestrate pad nam in een poging de geheimzinnigheid weer op te roepen. Als een olifantenpaadje officieel wordt, verdwijnt de hele bestaansrecht van het illegale paadje.

Onmogelijke opdracht – #50books

image

Op een onbewoond eiland met een schrijver. Een bijna onmogelijke opdracht omdat ik het met weinig mensen langer dan een dag kan uithouden. Voor mij zou het een nachtmerrie zijn. Ik ben liever een paar dagen met een boek dan met de schrijver van dat boek.

Gisteren fietste ik een rondje Gooimeer. Het lekkere weer lokte me naar buiten. Ik fietste via Naarden naar Huizen, dan over de Stichtsebrug over de dijk en dan door de bossen van Almere naar huis.

Het laatste stukje brengt je van de grootste euforie naar de diepste somberheid. Het Cirkelbos behoort misschien wel tot de mooiste bossen van Almere. Het IJsvogelpad voert vanaf de dijk midden in een prachtig bos.

image

Het pad kronkelt langs de loofbomen. Zandpaadjes doorkruisen het fietspad en voeren naar de dikste populier van Almere en een bunker waarin vleermuizen overwinteren.

Al fietsend dacht ik aan mijn geliefde reisschrijver Redmond O’Hanlon. Hij is gastschrijver in Almere en volgt daarmee Renate Dorrestein op. Als ik hem zou mogen meenemen naar mijn geliefde plekje in Almere, dan zou ik hem misschien wel meenemen naar het Cirkelbos.

Ik zou hem meenemen naar de dikste populier en lekker op de fiets de natuur verkennen. Heerlijk de zon op onze hoofden laten schijnen, een zacht briesje door het haar. De wind die op de dijk zo’n tegenstand biedt, is hier je beste vriend. Onderwijl hoor je alleen de vogels fluiten en ziet groen in alle tinten die je maar kunt bedenken.

image

Ik werd snel uit mijn dagdroom gehaald, want ik kruiste een fietsknooppunt. Zoals altijd op dit punt, koos ik de verkeerde route. Ik fietste rechtdoor en cirkelde om de hete brei heen, want na een grote kronkel kwam ik uit op de weg die naar de Almeerse villawijk Overgooi.

Het is de lelijkste weg van Almere. Altijd briest de wind hier als een wilde tegen je in. Aan de andere kant van het water zie je iets dat een park moet voorstellen. Een kaal landschap, waar een schelpenpad doorheen kronkelt. Af en toe staat er een klein, kaal boompje. De wind giert en lacht je uit. Hier is de stedenbouwkundige planning uit de bocht gevlogen.

image

Ik keerde meteen om, fietste dezelfde weg terug en nam de andere afslag. Daar was weer een domper op de feestvreugde. Het fietspad dat naar Stadslandgoed De Kemphaan moet leiden, was afgesloten. Ik fietste er jaren geleden samen met Doris op de terugweg van een korte fietsvakantie.

Het pad is een jaar later afgesloten vanwege de bouwvalligheid van de elegante houten bruggetjes. Het pad is nog steeds dicht. Ik mocht helemaal omrijden. Van de andere kant van de vaart, zag ik dat twee van de vier bruggetjes stonden.

Ik kan niet wachten tot de andere twee bruggetjes er zijn. Pas dan zou ik Redmond O’Hanlon meenemen en van tevoren goed de route in mijn hoofd hebben. Je wilt toch niet dat de beste natuurliefhebber op de onvolkomenheden in Overgooi stuit.

image

#50books

Dit is het antwoord op vraag  23 van het blogproject #50books. #50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Na Martha Pelkman in 2014 heeft Peter het in 2015 weer overgenomen. Bekijk mijn andere bijdrages voor dit bijzondere boekenblogproject.

Naamloos

image

De roman De wolkenridder van M.M. Schoenmakers is de zoektocht van een zoon naar zijn vader. Gerlof Verdegaal vlucht uit zijn huis, weg van zijn vrouw en 3 kinderen. Hij zoekt zijn toevlucht in het park. Tussendoor probeert hij in het verzorgingstehuis waar zijn dementerende moeder zit, een dagelijks portie eten bij elkaar te scharrelen.

Dat hij in het park is, lijkt volstrekte willekeur. Hij kiest een plekje achter een transformatorhuisje. In het park verbaast hij zich over de grote hoeveelheid plekjes waarbij een burgemeester, architect of voorzitter van het comité van financiers wordt geërd.

Al die mensen hadden aan de wieg gestaan van het stadspark, maar waarom miste de naam van zijn vader en al die andere naamlozen die maanden gezwoegd hadden om het park in deze staat te krijgen?

Maandenlang had hij de ruige grond omgegooid, kanalen en sloten en vijvers aangelegd, in kruiwagens de uitgegraven aarde over ellenlange loopplanken naar de stortplaats gebracht, het struikgewas gerooid, en aan de stronken van de bomen gesjord tot zijn spieren bijna knapten – om daarvoor te betalen met drie vingers van zijn linkerhand toen hij alleen maar een wortel wilde blootleggen en met de blote hand luchtjes de aarde wegveegde en een medearbeider zijn steekspade liet afdwalen, misschien verblind door de zon de grond raakte, zeker de grond raakte, maar met een kluit aarde ook een hele wijsvinger, een hele ringvinger en driekwart middelvinger naar boven haalde. (95)

Voor het werk kreeg hij een getuigschrift, net als de anderen. Zonder zijn naam erboven. Wel stonden de burgemeester, parkarchitect en de voorzitter van het comité van financiers met hun volle naam op het papier.

Verdegaal gaat op zoek naar foto’s en ander materiaal over de aanleg van het park. De archivaris in het stadsarchief kan hem niet veel meer geven dan een jubileumboek dat uitkwam toen het park 50 jaar bestond. Weer de verhalen van de burgemeester, parkarchitect en de voorzitter van het comité van financiers. Maar geen woord over zijn vader of de andere arbeiders die dit park hadden gemaakt tot wat het nu is.

Als de archivaris een doos vindt met foto’s en krantenknipsels uit 1938, het jaar waarin het park werd opgericht, zoekt Gerlof Verdegaal vergeefs naar zijn vader. Weer komen al die belangrijke mensen voorbij, maar zijn vader is verdwenen.

In het park voelt hij zich omringd door zijn vader. De bomen, de vijvers en de paden. Misschien hadden zijn vaders handen met de afgehakte vingers, de dingen aangeraakt waartussen hij nu verbleef. Hij gaat sparen om een gedenkbord voor zijn vader op te richten.

Niet dat het lukt. Overleven vraagt meer dan genoeg van hem. Hij lijkt in hetzelfde naamloze gat te vallen als zijn vader. Zijn moeder kan hem dat niet meer vertellen. Haar dementie vreet aan haar geheugen.

M.M. Schoenmakers: De wolkenridder. Roman. Amsterdam/Antwerpen: De Bezige Bij, 2015. ISBN: 978 94 234 9296 2. 254 pagina’s. Prijs: € 18,90

De wolkenridder

image

De titel was genoeg om mij tot lezen uit te nodigen: De wolkenridder. De nieuwe roman van M.M. Schoenmakers draagt deze tot mijn verbeelding sprekende titel. Het verhaal doet de rest.

In De wolkenridder belandt de hoofdpersoon Gerlof Verdegaal in en crisis. Hij is 49 jaar en krijgt last van zijn darmen. Hij ondergaat onderzoek na onderzoek, maar niemand kan de oorzaak vinden. De arts vermoedt gevoelige darmen, maar kan er verder niks aan doen.

Gerlof Verdegaal neemt telkens verlof van zijn werk als hij zich niet zo lekker voelt. De planoloog wil zich niet ziekmelden en hij heeft genoeg dagen staan. Hij verzaakt het werk wel, want de ontwikkelingen op het werk ontgaan hem volledig. Zo belandt hij op een zijspoor.

Ook zijn vrouw vindt hem een zeurpiet en hij vervreemdt steeds meer van zijn gezin. Als hij tot overmaat van ramp na een zwerftocht met een hond thuiskomt, is de maat vol. Ze wil niet meer en wil rust. Hij verlaat daarna zijn ‘met hypotheek bezwaarde huis en thuis’.

Het verhaal krijgt nu een interessante wending. Hij trekt zich terug in het stadspark, achter een transformatorhuisje. Hij maakt er zijn plekje van en bezoekt dagelijks zijn dementerende moeder in het verzorgingstehuis. Zijn kinderen zoeken Verdegaal nog wel op, maar hij is onwrikbaar: hij zit hier goed. Dit is zijn bestemming.

Zijn ingewanden kalmeren:

Daar hurkte hij dan, de zelfbenoemde reiziger, de globetrotter zonder wereld, een wolkenridder in gevecht met hij wist niet wat, hij wist niet wie. Hoeveel zag om zich heen? De pluimen van de wilde hop, hoog opgeklommen tegen stammen en struiken, vogelkers en hulst, wit bestoven geweizwammetjes, de stuiptrekkingen van de schaduwminnende prachtframboos en de wilde hyacint, de moes van uitgebloeide bloemen en parken. (85)

Daar moet hij zien te overleven. Voortdurend doemt het beeld op van zijn vrouw die hem zegt dat ze maar even afstand moeten nemen. Hij moet eens nadenken wie hij is en wat hij wil. Daar in het park zou hij daaraan toe moeten komen, maar in het park is hij met iets anders bezig: overleven.

M.M. Schoenmakers: De wolkenridder. Roman. Amsterdam/Antwerpen: De Bezige Bij, 2015. ISBN: 978 94 234 9296 2. 254 pagina’s. Prijs: € 18,90