Categoriearchief: muziek

Licht en donker IV

Het koorwerk Licht en Donker IV schreef Jan Welmers bij zijn 25-jarig jubileum als cantor-organist in Nijmegen. Het is onderdeel van een serie werken die hij schreef, waarvan ik het orgelwerk Licht en Donker II bijzonder intrigerend vind. Misschien behoort het tot zijn beste orgelwerken.

Voor het koorwerk koos Jan Welmers teksten van de Zweedse diplomaat Dag Hammarskjöld. Onder de titel Merkstenen verscheen na zijn dood zijn dagboekaantekeningen. Een boek vol met spirituele teksten en haiku’s over de innerlijke reis die Dag Hammarskjöld maakt. De ideeënwereld van Dag Hammarskjöld hangt tussen Bijbelse teksten van de Psalmen tot aan beschouwingen van middeleeuwse mystici, Nietzsche en Herman Hesse.

Jan Welmers weet deze teksten heel mooi te voegen in zijn cyclus. Het benadrukt de zoektocht naar licht en donker en vooral de scheidslijn van de schemering. Niet voor niets ben ik zo gek op deze cyclus van Jan Welmers, Franz Junghuhns filosofische beschouwing kreeg ook de naam Licht- en Schaduwbeelden mee.

Licht en donker IV is lastig stuk om te zingen, valt mij in de Domkerk op. Ik ken het van de opname van een live-uitvoering in het Orgelpark een paar jaar terug. Nu zingt de Utrechtse cantorij onder leiding van Remco de Graas het soms een beetje aarzelend.

Van mij mag het best wat zekerder en overtuigender. Dat verdient dit muziekstuk echt. Al bevat dit koorwerk van Jan Welmers zeker ook heel pittige delen. Bijvoorbeeld het 4e deel waarbij het koor versplintert in 6 stemmen. Of als de orgelpartij helemaal zijn eigen gang gaat, zoals bij het 6e deel.

Juist de verscheidenheid van alle koorstemmen krijgt in dit koorwerk veel aandacht. Daarbij zijn de passages waarbij het orgel aanzwelt of juist wegsterft, het zwaarste beladen. Het is de scheidslijn tussen licht en donker. Dat effect dat de sopranen heel krachtig, bijna schreeuwerig klinken, geeft dit muziekstuk zijn zilverglans.

Lees het vervolg van deze bespreking: Adembenemend

Invocazione in Domkerk

Zo luisterend naar de uitvoering van Ko Zwanenburg in de Domkerk valt onmiddellijk op hoe sterk de ruimte bijdraagt aan de beleving. Het werk komt live veel intenser binnen. De klank van de repeterende a, in dit hoge tempo, geeft de muziek meteen veel energie.

Het later volgende onderliggende motief in de tenor, krijgt daarmee extra dimensie. De bewegingen en ritmes cirkelen om die repeterende a heen. De grote ruimte in de Domkerk maakt die beleving nog veel sterker dan wanneer je een opname van dit muziekstuk beluisterd.

Net als de momenten waarop alleen de toon klinkt. Er treedt een vreemde verdringing op binnen de rest van het muziekstuk. De Invocazione krijgt een steeds zwaardere lading hierdoor. De spanning wordt stapje voor stapje verder opgebouwd. Iets waar Jan Welmers in zijn muziek een ware meester is. Dat proef je helemaal in een live uitvoering, waarbij elk moment weer een nieuwe beleving oproept.

De motieven gedragen zich als klaterende bergbeekjes. Alleen vallen de tonen niet alleen naar beneden, ze schieten in de motiefjes ook omhoog. Jan Welmers weet je in dit muziekstuk vast te houden. Zeker ook als het hoogtepunt komt waarbij zelfs de a wegvalt. De repeterende toon heeft zich dan zo vastgeklonken in je hoofd dat je hem gewoon in gedachten hoort verder gaan.

Daarna de akkoorden die allemaal spelen met dit gegeven en het orgel uit zijn voegen laten barsten, waarna de a weer terugkeert. Bij Ko Zwanenburg niet meer repeterend, maar in een lange aanhoudende toon, onderbroken door een repeterende tegenhanger. Zo versterft het motief langzaam, maar het blijft nog lang in je hoofd nagalmen.

Die afbouw aan het einde is minstens zo belangrijk in de opbouw van deze compositie. De climax is zeker het meest intense gedeelte waarbij je letterlijk en figuurlijk niet meer om de muziek heen kunt. Je moet het toelaten. Het einde geeft weer de rust en ruimte waarmee het muziekstuk begon, zo neem je langzaam weer afstand van die grootse en meeslepende beleving. Ik kan daar dus onwijs van genieten.

Dat gebeurt bij de uitvoering van Ko Zwanenburg in de Domkerk ook. De rinkelende bel en het gejoel buiten. Ze zijn er, maar je wordt zo in de Invocazione getrokken dat je al dat rumoer vergeet. Hier ben je even één met de muziek.

Invocazione

Mogelijk is de Invocazione van Jan Welmers het eerste muziekstuk dat ik van Jan Welmers heb gehoord. Ik weet het niet zeker meer, het was op de radio in een opname van Ko Zwanenburg in de Utrechtse Nicolaikerk.

Invocazione is een imponerend werk dat vanmiddag hier in de Domkerk klinkt bij het Welmers Festival. De minimalistische orgelwerken ken ik vaak in vertrouwde uitvoeringen van bijvoorbeeld Berry van Berkum of Ko Zwanenburg. Ik hoorde de uitvoering van Invocazione ooit op de radio ergens begin jaren ’90.

Nu ik het zo hoor, kom ik onbetwist tot de conclusie: dit orgelwerk komt het beste tot zijn recht live in de kerk. Wat een prachtig orgelwerk is dit toch. De ruimte bepaalt voor een groot gedeelte de beleving. De aanhoudende herhaling van die ene toon. Wat een meesterwerk en wat is dit genieten.

Invocazione uit 1988 staat voor aanroep. Je zou het snel verwarren met het vorige week door Jan Hage gespeelde Litanie. Litanie is een jaar eerder gepubliceerd en is een minimal werk dat draait rond de kracht van de herhaling dan Invocazione.

Veel luisteraars verwarren beide werken en eigenlijk is dat een compliment voor beide werken. Het zijn namelijk allebei heel eigen werken, die als je ze apart beluisterd een vrijwel identieke beleving oproepen. Mogelijk levert dit die verwarring op.

Het experiment van Jan Welmers bij Invocazione is om zoveel mogelijk zeggen in zo min mogelijk noten. En daar slaagt Jan Welmers wonderwel in.

Lees het vervolg: Invocazione in de Domkerk

Dromen en Jan Welmers

Maar liefst 3 dromen van Jan Hage gaan in vervulling bij het openingsconcert van het Jan Welmersfestival in Utrecht.

De organist vertelt voor het concert over zijn dromen. De 1e droom is het hele festival van ruim 2 weken dat gehouden wordt rond de Utrechtse organist en componist Jan Welmers. De 2e droom is een cd-uitgave met de complete orgelwerken van deze componist en de 3e en laatste droom is een boek over Jan Welmers.

3 dromen in vervulling

Laten nu alle 3 de dromen op hetzelfde moment in vervulling gaan. Naast de opening van het festival, is er de boekpresentatie en de presentatie van de cd-box met 3 cd’s waarop het complete orgelwerk van Jan Welmers is vastgelegd door Jan Hage. Alles gespeeld op het monumentale Domorgel.

Dan is er het prachtige boek De hemel draait nog dat Jan Hage samen met Jan Willem Cevaal, Hugo Bakker en Hans Fidom schreef over de Utrechtse componist Jan Welmers. Naast een uitvoerige beschrijving van het werk van Jan Welmers, is er ook informatie te vinden over het leven en de spiritualiteit in het werk van de componist. Ook is er een dubbelanalyse over het orgelwerk Sequens, net als de vele uitvoeringen van dit werk, verschillen de 2 artikelen wezenlijk van elkaar. Een boek waar ik zeker nog meer over ga schrijven.

Openingsconcert

Het openingsconcert van het festival bevat niet alleen orgelwerken van Jan Welmers, ook werk van zijn leerling en de uitvoerder Jan Hage en 3 stukken van de late Franz Liszt. De late Liszt vormt een inspiratiebron voor Jan Welmers. De selectie bij dit concert is muziek uit het late oeuvre van de 19e eeuwse componist. Hier heeft een waar muzikale kaalslag heeft plaatsgevonden, aldus Domorganist Jan Hage. Muziek teruggebracht tot de essentie, zonder opsmuk. Echt genieten en het geeft een extra duiding aan het werk van Welmers.

Nachtmuziek

Het concert opent met Von Gott will ich nicht lassen, Nachtmuziek. Een muzikale droom van Jan Welmers, waarin hij delen opvoert van de beroemde koraalbewerking van Bach. Enkele keren wordt het stuk zelfs letterlijk geciteert. Het indrukwekkendst is het moment dat de droom tot een heroisch hoogtepunt komt, waarbij de uitroep klinkt om niet in de steek gelaten te worden. Erg overtuigend en emoties oproepend.

Movements

De Movements, zijn 5 korte muzikale huzarenstukjes, teruggebracht tot de essentie van muziek. Met minimale middelen het maximale effect oproepend. Jan Hage voert ze zorgvuldig uit, waarbij ik vooral de registratie met trompetten en tongwerken van het orgel buitengewoon fraai vind klinken. Verder doorwrochte muziek waar ik niet altijd goed binnen kan dringen.

Psalm 146

Het contrast klinkt in Psalm 146 van de uitvoerder zelf. Wat een muzikale explosie! Dit is gigantisch genieten omdat de ruimte ook zijn werk doet. Het deel dat Jan Hage zelf zingt, samen met een rammelende tamboerijn, laat de uitbundigheid en de jubelstemming van deze vreugdevolle psalm horen.

Kreuzandachten

Dat geldt zeker niet voor de muziek van Franz Liszt, 3 delen uit de Kreuzandachten. Hierin is het genieten van de kleine klanken, vaak eenstemmig, in combinaties waarin het Domorgel van Batz zich van de subtiele klank laat horen. Ik kan hier erg van genieten. Ook omdat het mystiek oproept, verbonden met de ruimte. De donkere Domkerk versterkt deze mystiek, mooi hoe muziek zoveel meer bij je weet los te maken.

Litanies

Het afsluitende stuk is het minimal orgelwerk Litanies. Jan Welmers geniet vooral bekendheid vanwege zijn orgelwerken beinvloed door de minimal music. Vooral Laudate Dominum geniet internationale bekendheid. Litanies is eveneens een prachtig werk, gesitueerd om met minimale middelen het maximale te bereiken.

De beweging en de ritmes maken het tot een intense beleving. Dat weet Jan Hage op deze zaterdagmiddag heel overtuigend over te brengen in de Domkerk. Daarmee raakt hij net zo als dat hij met het eerste orgelwerk van dit concert deed.

Het ideale Welmersorgel?

Het Domorgel leent zich heel goed voor het werk van Jan Welmers, het bezit helderheid maar is tegelijker monumentaal in zijn klank. Dat bewijst Jan Hage ook. Verrast als ik ben over de snelle presentatie van Litanie, ik ken het ook in uitvoeringen van 20 minuten. Jan Hage speelt het in nog geen 13 minuten waarbij hij zeker niet gejaagd overkomt.

Sterker nog hij legt accenten op dit werk die ik niet herken uit andere uitvoeringen. Daarmee laat Jan Hage weer een nieuwe kant van dit werk horen. En dat verklaart mijn fascinatie voor Jan Welmers. Het is enerzijds de herkenning en tegelijkertijd steeds de eigen inbreng van de uitvoerder die het werk heel unieke ervaring geeft. Dat hoor ik ook hier in de Domkerk.

Ruimtelijke ervaring – Evensong (4, slot)

Nu gaat een wereld verder voor mij open. Natuurlijk luister ik weleens naar de vele uitzendingen van Evensongs door het hele land van de BBC. De ervaring van de ruimte, veel mensen die erbij zitten en genieten, helpt mee om de beleving compleet te maken.

Al weet ik zeker dat het anders is als je in een Engelse kathedraal zit. Hier in de Hooglandse kerk is het even Engeland. Al is deze kerk beduidend lichter dan veel Engelse kathedralen.

De muziek van Philip Radcliffe en Sir Edward Elgar doen de rest. Een mooie samenstelling van muziek waarin alle vormen van emoties de ruimte krijgen. Van diep verdrietig tot uiterst vreugdevol en alles wat ertussen zit. Al heerst wel de melancholie op zo’n avond. De beleving van de kerk zorgt voor deze inkeer en moment van bezinning. Daar heb ik geen preek voor nodig.

Bij de afsluitende Organ Voluntary, de gastorganist Martyn Noble bespeelt het Willis organ, dat dit jaar voltooid is. Het is een imposant instrument, met een vol karakter, maakt de Engelse beleving wel compleet. Het is een krachtig instrument, dat een grote klankrijkdom kent.

Het 19e eeuwse karakter is goed behouden gebleven na de vergroting vorig jaar. Al is de afwerking best een beetje potsierlijk, de Oosters aandoende torentjes aan weerszijden van de zijkant, doen een beetje overdreven aan. Het front boven de speeltafel is weer fraai. Net als de gigantische open houten pijpen van de 32 voet.

Bij het teruglopen naar de auto, door het Leiden op een zomeravond, de Haarlemmerstraat, besef ik hoe ik veranderd ben in de loop van de jaren. Op het moment dat ik hier studeerde, moest ik er niks van hebben. Geen kerkdiensten. Zeker ik heb het geprobeerd, maar vond het niet. Teveel gebeurd.

Ik keer toch weer – onbedoeld – terug naar de beleving van vroeger. Al is het anders, rustiger, meer gebalanceerd. Vriendelijker ook. Niet meer dat heftige, maar een moment van bezinning en daarna weer verder. Wilde ik voorheen te vaak in de bezinning blijven steken waardoor het geen bezinning meer was. Nu schudt ik het van mij af en behoud het goede.

Al voel ik mij nog heel sterk verbonden met de student die ik hier in 2002 achterliet. De creativiteit, het schrijven en het vurige verlangen dat hier overal om mij heen was. Nu schijnt alleen de zon en maakt alles van goud. Zo loop ik weer terug naar het heden. Genoeg bezinning. De snelheid van de A4, A10, A1 en A6 brengen mij weer terug naar huis en het nu.

Dit is het slot van een 4-delige blog over de Choral Evensong in de Leidse Hooglandse kerk. Regelmatig zijn deze diensten in de grote stadskerk van Leiden.

Silence – Evensong (3)

De Evensong in de Hooglandse kerk is aan volle gang. De 2e lezing. Er volgt zo nog 1. Als ik voorzichtig langs de vlonder wil stappen, loopt Hans Brons, cantor van de Leidse Cantorij, streng naar mij toe. ‘Silence’ slist hij mij toe. Ik ben doodstil, gebaar ik. Juist het voorkomen om te stappen op die vlonder, heeft de rust behouden.

Daarom ga ik wat verder van de mensen in het hoogkoor zitten, in de kooromgang zitten op een bijna lege bank. Aan de andere kant zit iemand met een fototoestel naast zich. Af en toe loopt hij weg om een foto te maken.

De Schriftlezing is voorbij, het orgel begint te spelen en het koor zet in. De Engelse Conductor Huw Williams enthousiasmeert het koor. Ze zingen mooi het Magnificat van Kenneth Leighton. Het orgel klinkt goed. Al zit ik aan de zijlijn en niet gunstig ten opzichte van het ‘Father’ Willis organ uit 1891.

Het zweet van het rennen gutst nog langs mijn lichaam en maakt een grote vlek op mijn borst. Rustig blijven zitten en genieten. De volgende lezing uit Handelingen, gevolgd door het Nunc Dimittis. Brede akkoorden. Hard en zacht vullen de ruimte.

De stemmen klimmen omhoog door de gewelven hoog boven ons. En wat schijnt de zon toch schitterend door de Zuidbeuk. De hoge ramen tegenover mij in het koor van de kerk, doen de rest. De hooggotiek, de tijd van het licht. De immens hoge ramen zorgen ervoor. En gewoon genieten.

Waarom is er dan toch weer altijd die preek. Terwijl de kracht van de klassieke Evensongs schuilt in de muziek, de lezingen en het gebed. Daarom verschuif ik mijn gedachten daar in het schrijven van een paar haiku’s over de muziek en de werking en de gewaarwording over vroeger en over nu:

Preken

Voorheen hoogtepunt
de woorden en de duiding
nu het dieptepunt

of

Licht

Kleurt licht de ruimte
geleiden gewelven wit
in Hooglandse kerk

Sinds het horen van de cd met koormuziek van Herbert Howells ben ik heel enthousiast geworden over Engelse koormuziek. Daarvoor moest ik er niet zoveel van hebben. Misschien teveel associatie met Songs of Praise.

Het spel van hard en zacht, afwisseling van brede akkoorden naar eenstemmige zang. De stemmen meegesleurd door de ruimte. Het moet op 1 of andere manier toch in een kathedraal.

De Hooglandse kerk heeft het allemaal. En als de preek geweest is, volgen Preces en Responses van Philip Radcliffe. Schitterend en indringend zo aan het begin van deze zomeravond eind augustus. Ik geniet in stilte en kijk gelijk naar de indringende rug van Hans Brons.

Lees het vervolg: Ruimtelijke ervaring