Categoriearchief: krant lezen

1917 in kranten, brieven en dagboeken

In het boek Maart 1917, Op de rand van oorlog en revolutie schetst de voormalig buitenlandcorrespondent van The Washington Post, Will Englund de situatie in deze maand van de oorlog. Het begint iets eerder als Duitsland in januari 1917 de totale oorlog ontketend door te zeggen dat ze alle boten op de Atlantische Oceaan het doelwit zullen zijn voor hun onderzeeboten. Eigenlijk is dit een rechtstreekse aanval aan de Verenigde Staten.

Aan de andere kant van het front, gebeurt iets heel anders. Daar ontketenen de Russsen zich van hun leider, Tsaar Nicolaas II. Een heuse volksdespoot die zijn volk in de problemen heeft gebracht met deze verschrikkelijke oorlog. Er is geen voedsel en de bevolking komt in opstand.

Iets soortgelijks laat zich zien in New York, waar een graanopstand is vanwege de belachelijk hoge graanprijzen. Ook hier zou de sfeer makkelijk kunnen omslaan zoals het geval is in het Russische Petrograd (Sint Petersburg). Hier gaan huisvrouwen de straat op en komen in opstand. Ze weten de Tsaar van zijn troon te stoten.

De opstand in Rusland luidt de opmars in van de vrede met Duitsland. Die vrede biedt Duitsland weer de kans om zich te concentreren op het westen, Engeland en Frankrijk. Het zou hen goed ten gunste kunnen keren. Ze zijn overtuigd van kracht en hun overwinning.

In Amerika ligt president Wilson met een griep op bed en als hij weer fit genoeg is, overweegt hij zijn vervolgstappen. Wat moet de man die beloofd heeft geen oorlog te zullen voeren, doen? Is de duikbotenoorlog niet rechtstreeks een oorlogsverklaring van Duitsland?

Hij overlegt met zijn ministers, maar neemt nog geen besluit. Dat presenteert hij pas in april, als hij het congres bijeen heeft geroepen. Zijn ministers horen het verhaal ook daar pas voor het eerst.

De rest is geschiedenis.

Will Englund: Maart 1917, Op de rand van oorlog en revolutie. Oorspronkelijke titel: March 1917: On the Brink of War en Revolution. Vertaling uit het Engels: Jan van den Berg, Piet Dal, Willem van Paassen en Jan Verschoor. Amsterdam: Hollands Diep, 2017. ISBN: 978 90 488 2954 5. 448 pagina’s. Prijs: € 29,99. Bestel

Op de rand van oorlog en revolutie

Een bezoek aan Huis Doorn confronteert je met de Eerste Wereldoorlog. Niet op heel veel plekken in Nederland dringt zich dat beeld zo aan je op. De pracht en praal van de Duitse keizer Wilhelm en tegelijkertijd die verschrikkelijke oorlog waarin de keizer zijn volk had geworpen.

Ik begreep van de rondleider dat koningin Wilhelmina niet zo’n hoge pet op had van de keizer. Ze vond het ergens laf dat hij gevlucht was en niet de consequenties wilde aanvaarden van zijn vroegere keuzes. De keizer was een oorlogsmisdadiger en zou bij overlevering aan het buitenland zeker zijn berecht. Nu speelde hij in Doorn zijn keizerrijk nog eens in het klein – heel klein – na.

In het Paviljoen krijg je een mooi beeld van de Eerste Wereldoorlog en wat het voor Nederland betekende. De helden van weleer komen voorbij en Mata Hari. De nachtclubdanseres speelde wel een heel gevaarlijke rol in de oorlog.

Mata Hari maakte zich erg verdacht bij de Fransen en is uiteindelijk berecht. Voor haar de doodstraf. Al heeft ze altijd de beschuldigingen ontkend. Wat dat betreft ben ik verschrikkelijk benieuwd naar de tentoonstelling die vanaf 14 okotober te zien is in Leeuwarden.

Mata Hari is berecht in 1917. Dit jaar betekent het keerpunt in deze verschrikkelijke oorlog. En dan concentreert zich die kentering in de maand maart. In maart 1917 worden de grote zetten gedaan op het schaakbord van de Eerste Wereldoorlog.

Will Englund: Maart 1917, Op de rand van oorlog en revolutie. Oorspronkelijke titel: March 1917: On the Brink of War en Revolution. Vertaling uit het Engels: Jan van den Berg, Piet Dal, Willem van Paassen en Jan Verschoor. Amsterdam: Hollands Diep, 2017. ISBN: 978 90 488 2954 5. 448 pagina’s. Prijs: € 29,99. Bestel

Krantenknipsels – Tiny House Farm

Bij het opruimen kom je veel dingen tegen waarvan je wel het bestaan weet, maar dat je ze eigenlijk vergeten bent. Een voorbeeld: de vele artikeltjes die ik schreef in de tijd dat ik bij de Twentsche Courant Tubantia werkte.

Ik heb – trots als ik er op was – veel bewaard. Elke dag als ik uit mijn werk kwam, probeerde ik de krant van een dag eerder te bemachtigen. Lukte niet altijd, maar bij elkaar genoeg om in 2 tijdschriftcassettes te bewaren, dubbelgevouwen zitten ze erin.

Bijzondere verhalen waarbij dan weer de herinneringen omhoog komen. Wat een belevenissen! Ik geniet ervan als ik de artikelen weer lees. Ik zie soms de geïnterviewden voor mij. Dan weet ik weer hoe ik soms onder de indruk kon zijn. Zoals van een asielzoekersgezin. Het was in de tijd van de discussie over het Generaal Pardon.

Of dat andere: de eerste rechtbankbezoek en het bijbehorende verslag. Ik kwam terug op de redactie en zei tegen mijn chef Jan Bengevoord: ‘Maar daar kunnen we niet over schrijven. Dat is gewoon een zielig verhaal.’ Waarna hij reageerde: ‘Dat is juist de reden om erover te schrijven.’

Knokige knieën

image
De Telegraaf ligt op haar knokige knieën. Haar lippen zijn opgestift met een dieprode laag. Dikke vlokken make-up bepoederen haar gezicht. Haar voorhoofd, neus en wangen glanzen ervan. Ze draagt gouden oorbellen, heeft haar haren in een snit. De ogen geaccentueerd met een volle potloodstreep. En de wimpers wat donkerder en voller gemaakt.

Ze draagt een kort rokje. Een kort rokje kan mooi staan. Bij haar staat het verschrikkelijk. Ze heeft knokige knieën. Het accent valt zo op haar knieën en niet op haar benen. Misschien komt het omdat ze zit. Het staat niet.

Met opgetrokken en knokige knieën bladert ze in De Telegraaf. Haar neus grist de letters voor haar ogen weg. Haar neusgaten bewegen met de letters mee. De berichten trekken voorbij terwijl ze bladzijdes omslaat. Ze leest ook niet, ze bladert. Kijkt plaatjes en snelt een kop. Ik tuur naar de omgekeerde letters. Geen woord dringt tot mij door. Dat ligt niet aan haar. Dat ligt aan mij en een beetje aan De Telegraaf.

Bij Duivendrecht slaat ze De Telegraaf dicht, vouwt hem dubbel en propt hem in haarhandtasje. Dan gaat ze staan. Wankelend loopt ze weg op de hoge hakken. Ze zoekt vaste grond op de zwevende treinvloer. Een wissel haalt haar even uit balans. Ze leunt tegen een stoel. Hervindt het evenwicht en beent trefzeker weg.

Het rokje heeft een paar lelijke vouwen. Net als het blauwe jasje dat ze draagt. De knokige knieën worden iets minder knokig, maar het rokje staat nog steeds niet. Dan verdwijnt ze door de deur. Alsof zij, haar knokige knieën en De Telegraaf er nooit geweest zijn.

Almere Vandaag verspreid in park

De krantenbezorger bezorgt de Almere Vandaag niet in de brievenbus, maar in het park.

De Almere Vandaag wordt al tijden niet meer bezorgd. In plaats van dat ik hem op mijn deurmat aantref, vind ik iedere dag een nieuw stapeltje in het Beatrixpark en in de bossages van het naastgelegen Den Uylpark. Elk plekje krijgt zo langzamerhand een nieuwe editie.

Lagen eertijds de verschillende versies keurig verstopt in de bosjes. Nu krijgen ze brutaal een plekje midden op het voetpad. Langs de kikkerpoel wordt de weg versperd door een verse Almere Vandaag. Geen krant bereikt de deur meer. Daarvoor in de plaats krijgen kikkers de kans tot het lezen van een nieuwe hoeveelheid dril. Of mogen de honden hun pootje lichten voor een schimmig bericht.

Adverteerders weten het nog niet, maar de Almere Vandaag boort een nieuwe doelgroep aan. De verregende exemplaren laten zien hoe snel een editie verdwijnt. Een oude krant vergeelt eerst, daarna treedt het verval snel in. Maar papier is geduldig, zeker als het onder een dikke laag plastic ligt. Dan gaat het niet zo snel als je zou willen.

Zo begint het park langzaam vol te raken van de luie bezorger. Het pak mag dan elke dag keurig in het park worden afgeleverd, de paden worden vol. De bezorger luier. Nog even en ik loop niet meer in het park, maar in een oude krantenbak. Nog even en ik hoef nooit meer te bellen dat mijn krant niet is bezorgd. Sterker nog: hij is bezorgd. Je moet gewoon even in het park kijken!

Voor elke adverteerder: je mag geheel vrijblijvend een offerte aanvragen om een mooie advertentie op deze website te plaatsen. Ik gooi de eenen en nullen niet nutteloos in het park. Bij mij zwerven ze heerlijk rond door de digitale wereld.

Symposium rond de koloniale kranten

Acteur Tom Hoffman spreekt over zijn liefde voor de Max Havelaar

Kranten, krantjes, het papier dat ritselend door de vingers gaat. Ik ben er gek op. Daarom was ik zo enthousiast toen Gerard Termorshuizen 10 jaar geleden met het eerste deel krantengeschiedenis van Nederlands-Indië kwam. Ik heb destijds zelfs de informatie van het kakelverse boek in mijn scriptie over Junghuhns Terugreis verwerkt.

Als ik Gerard sprak vroeg ik altijd even naar het tweede deel, dat de periode 1905-1942 moest gaan beslaan. Altijd noemde hij als jaar 2011. En hij heeft woord gehouden. Een kleine 2 maanden geleden viel bij mij de uitnodiging in de bus voor de boekpresentatie. Bovendien was er een heel symposium aan dit onderwerp gekoppeld.

Albert Einstein
Gisteren was het moment er. In de historische collegezaal van het Kamerlingh Omnes gebouw waar ondermeer Albert Einstein college gaf, waren zo’n 150 geïnteresseerden gekomen. Ze kwamen om zich te laten bijpraten over het onderwerp amusement in de koloniale pers.

Een mooi onderwerp, zo bleek, waar niet alleen Indië-gasten Gerard Termorshuizen en Peter van Zonneveld spraken. Ze werden aangevuld met bijdrages van Michiel van Kempen en Wim Rutgers. Naast hen de kenners van allerlei koloniale pers, René Vos, Harry Poeze, Huub de  Jonge, Olf Praamstra en Angelie Sens.

Het symposium rond de koloniale pers was in de historische collegezaal (links) van het Kamerlingh Omnes gebouw in Leiden

Een zeer gevarieerd programma dat ook werd opgeluisterd met een ontroerende bijdrage van acteur Tom Hoffman. Hij vertelde over zijn Indische roots en het lezen van de Max Havelaar. Hierbij kreeg Termorshuizen een heldenrol toegedicht. En zo ken ik Termorshuizen ook. Het is een vreemde snuiter, maar wel een leuke vreemde snuiter.

Termorshuizen is gedreven en wordt gestuurd door veel passie en ambitie. Hij zoekt hierbij naar het verhaal achter het verhaal. Of het nu  Multatuli of een krantenschrijver is, er schuilt een werkelijkheid achter. En die werkelijkheid is de voedingsbodem voor het verhaal van Termorshuizen.

Niet verliezen in details
Wat ik heel knap vind, is dat hij de lijn vasthoudt en zich niet verliest in details. Dat kwam ook terug bij het symposium. Gerard genoot van de bijdrages en slurpte de verhalen en lezingen helemaal op. Het enthousiasme waarmee hij zijn onderwerp onder het voetlicht bracht, zorgde ervoor dat veel deelnemers het boek na afloop kochten. Het lintje dat hij als kers op de appelmoes kreeg, is dan ook zeer verdiend.

De cover van Realisten en reactionairen. Een geschiedenis van de indisch-nederlandse pers 1905-1942

Realisten en reactionairen
Dit boek misstaat niet in de boekenkast van de krantenliefhebber en de liefhebber van Nederlands-indië. Laat ik dat nou allebei zijn. Het symposium heeft veel enthousiasme bij me losgemaakt rond het nieuwe deel van Gerard Termorshuizen met medewerking van Anneke Scholte: Realisten en reactionairen, Een geschiedenis van de Indisch-Nederlandse pers, 1905-1942.