Categoriearchief: hollen

Dekkleedje – Sientje (52)

De kou kreeg vat op de winter. Het was lang niet zo koud geweest. De sneeuw vlokte uit de hemel. Het was meer dan tien jaar geleden de laatste keer geweest dat er zoveel sneeuw viel. Wij liepen gewoon buiten met de hond. Sientje rilde weleens als ze buiten stond, maar we sloegen er weinig acht op. Daar moest ze wel tegen kunnen. Ze kon er ook tegen. Dan stapte ze binnen en kroop weer in haar mandje, dicht tegen de verwarming. Of ze vond wel een plekje op de bank naast ons. Lekker warm.

Maar met de jaren werd ze strammer. We merkten dat ze bij vorst de hele weg buiten liep te rillen. Daarom ontwierp Inge een speciaal dekentje voor over haar rug. Ze zocht een lapje stof, maakte er een mooie print bovenop met een foto van Sientje in de zon. Met een handig elastiek kon je het onder de buik door trekken en aan de andere zij weer vastknopen. Ze liep er wat onwennig mee, maar het warmde haar enigszins in de bittere kou.

Bibberen

Of het zin had, betwijfelde ik toen ik met haar liep en ze net zo ferm bibberde als dat ze zonder jasje zou lopen. Bovendien vroeg het aantrekken best veel tijd en aandacht. Als Sien aan de ketting ging, moest ze ook meteen uit. Duurde het wachten te lang, dan kwam de plas nog tijdens het aankleden. We hadden die ervaring al opgedaan bij het uittrekken van de jasjes na een operatie. Als ze dan uitgelaten moest worden, ging het jasje juist uit om de kleren droog te houden.

Als het sneeuwde kwam de pup in Sientje los. Ze sprong en danste op het koude pak sneeuw. Dan rende ze een eindje vooruit, draaide rondjes en hapte naar de sneeuw. Het hondje dat nooit speelde veranderde ineens in een speelse pup die van gekkigheid niet meer wist wat ze deed. De kop oogde vrolijk en als ze wat gekalmeerd was, struinde ze met haar neus vlak over de sneeuw. Alle nieuwe geurtjes opsnuivend. Op zoek naar de oude sporen.

Teckelrennen

Het was een van de laatste winters dat we met haar naar Almere Strand gingen. Van het ijs op het Gooimeer moest ze niet zoveel hebben. Ze vond het maar glad. Ze krabbelde eroverheen op zoek naar het houvast van de wal. Op het zand wist ze wel raad. Ze holde heel hard over het ijsstrand. Ik was er verbaasd over dat een oude teckel die in de zomer ervoor een hernia had gehad, zo hard kon rennen. Ze rende de poten uit het lijf. De oren flapperden in de vrieskou. Zelfs met een jasje aan en een hernia in de rug kon zelfs een oude teckel heel hard rennen.

Lees het vervolg: Buitengesloten ยป

Abonneer je op de nieuwsbrief en lees elke week een nieuwe herinnering aan Sientje. De nieuwsbrief is geheel gratis en verplicht je tot niets.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Hollen op een bijna zomeravond

image

Het vooruitzicht van regen dwingt mij vanavond naar buiten voor een hardlooprondje. Heerlijk een rondje hollen op een bijna zomeravond. Het blijft lang licht en de lucht verkleurt fantastisch bij de zon die steeds verder zakt.

Als de zon zich al achter de bomen van de bosrand verstopt, krijgen de bladeren hun donkergroene kleur. De kleur die de bladeren straks aan het eind van de zomer hebben. De zon speelt met de boomkruinen van het bos aan de andere kant. De korenaren op de akker voor de bosrand wuiven zachtjes mee op de zonnestralen.

Dan hol ik langs het koolzaadveld. De zonneschijn van zojuist kleurt in dezelfde spikkeltjes tussen het groen. De bloemetjes zijn nog klein en kleuren het veld nog niet in de herkenbaar gele kleur. Ik hol verder en kijk nog even naar die prachtige lucht. Zo’n kleurenpracht dat de meest kunstige schilder dat niet kan evenaren.

5 + 1 redenen waarom ik hardloop

Waarom loop ik hard?

Als de spieren nog versteend voelen het achterhoofd nog nat van het zweet is, dan is het tijd om 5 + 1 redenen te verzinnen waarom ik hardloop. Vlak voor het eten heb ik 20 kilometer gerend en ik vraag me af waarom ik nu iedere keer weer op pad ga.

  1. meditatie
    Hardlopen voelt als een meditatie. Je gaat weg met een hoofd dat op hol is. Alle energie stijgt de kantoorklerk naar het hoofd. Als de energie wat meer naar beneden gaat in de richting van de beenspieren, krijgt het hoofd ook wat meer rust.
  2. probleemoplossend vermogen
    Ik laat de gedachten van die dag nog even de revue passeren. Ergens halverwege krijg ik dan de ingeving die ik de rest van de tocht weer kan uitwerken. Ook is het heerlijk om met een stelling op pad te gaan.
  3. de natuur
    Hollen is snel genoeg om niet het gevoel te hebben stil te staan en langzaam genoeg om nog dingen te zien. De natuur is natuurlijk ook het zoenend paartje bij de brug.
  4. het uitzicht
    Het oog wil ook wat: vergezichten. Hardlopen in Almere is een feest. Zodra ik buiten de stad hol, krijg ik hele vergezichten. In combinatie met het water en de dijken is het werkelijk adembenemend. Vandaag: de zon boven het IJmeer. Prachtig die golfjes en de zon die daarop schittert. Je ziet Amsterdam liggen en daar zie je ook dat de Zuid-As er van een afstandje best aardig uitziet.
  5. je lichaam
    Hardlopen is een spel met je lichaam. Je voelt je spieren, merkt wat er met de lucht gebeurt die je longen instroomt en ervaart de gewrichten. Alles bij elkaar zorgt voor een soort reiniging. Je verlaat de training met een gevoel dat je de batterij weer hebt opgeladen. Je hebt energie gekregen door energie te geven.
  6. gezond
    Hardlopen schijnt gezond te zijn. Al geloof ik daar niks van, maar ik denk dat het nog altijd beter is dan roken en dat houdt me letterlijk en figuurlijk op de been.

Hollen papa

Ik rende de moeder met kinderwagen voorbij. Ze werden overschaduwd door de bomen langs het pad. Het kind zat rechtop en droeg een roze jasje. Pienter keken haar blauwe ogen de wereld in en de blonde haren waren een beetje vochtig van de regen.

Ze keek in mijn richting. Een vinger wees haar ogen achterna. ‘Kijk hollen.’ ‘Ja’, bevestigde de moeder de gewaarwording. Ze liep dapper verder achter de rollende wagen. ‘Ja, hollen.’ ‘Papa’, riep ze. ‘Papa hollen.’ De moeder hoorde de zin niet uit schaamte dat ik voor de vader werd uitgemaakt. ‘Papa hollen’, herhaalde het mondje onder de blonde haren. ‘Ja, hollen’, herhaalde de moeder.

Ze wist blijkbaar niet dat de vader van haar dochter ook holde en dat het meisje dat wilde zeggen. Ze bleef echter even onverzettelijk als haar moeder. ‘Papa hollen… Papa hollen…’ Ik liep de hoek om en zag ze even later achter het gebouw vandaan komen. Ik kon de conversatie tussen moeder en dochter niet volgen. Ergens had ik nog altijd het idee dat de twee tegen elkaar streden.

Voor de troepen uit

Een kleine fietser en nog een kleine fietser reden mij tegemoet bij het hardlopen. Een tiental meter achter de twee jonge fietsers holde een vader. Hij hijgde net als ik van de warmte, maar holde dapper achter zijn kroost aan.

Ik was weer thuis, strekte mijn benen op de poef en beloofde Doris dat als ze groot was ze ook achter of voor mij mocht fietsen bij het hollen. Want voordat ik ging rennen hadden we weer geoefend. Ze remt nog een beetje vaak, maar het gaat steeds beter. Zelfs zo goed dat Inge er een filmpje van heeft gemaakt. Nu hol ik vooral achter haar aan, in plaats van zij achter mij.

Binnen vier uur

Ja hoor, ik heb hem gehold de Rotterdamse marathon in een tijd onder de legendarische vier uur, namelijk 3:59:17. De nettotijd is zelfs ruim vijf minuten sneller, 3:54:47. De liefhebber kan op de website van de marathon verdere details bekijken, mijn startnummer is 1002.

Later komt daar ook mijn finishfoto. Ik schaam mij er wel een beetje voor. Ik geloof namelijk niet dat sport emotie is, maar hier moest ik toch echt even een traantje wegpinken. Binnen vier uur een rondje hollen. Ja, daar moet ik zelfs om huilen.