Categoriearchief: gesprek

Elke dag een nieuwe ontmoeting – #50books vraag 8

image

Op internet vond ik een blog van Lolly Daskal, een fanatieke lezer. Ze zegt elke dag een boek te lezen. Elke dag spreekt ze met de groten der aarde, stelt ze in haar blog.

Wie wil niet aan tafel zitten met moeder Teresa of Nelson Mandela? Als je elke dag een boek leest, zit je dagelijks met een andere held aan tafel.

Leesdoelen

Dat is nog eens een prestatie ten opzichte van leesdoelen als elke week een boek. Ik haal hem in elk geval niet. Daarvoor kijk ik teveel televisie, lees teveel blogs en schrijf zelf ook (misschien wel teveel) blogs.

Zij leest om kennis te maken met mensen waar je anders niet zo snel mee in contact kan komen. Dat geldt natuurlijk ook voor overleden schrijvers. Zij zijn altijd beschikbaar in het boek dat geschreven hebben.

In haar blog geeft ze tips hoe je in alle hectiek tijd kunt maken voor het lezen van een boek. Ze leest niet snel, zegt ze zelf. Ze maakt gewoon tijd voor het lezen.

Tips om tijd te maken voor lezen

Een paar van haar tips:

  • Sta op tijd op: als je 2 uur eerder opstaat, kun je die tijd vullen met lezen. En in 2 uur kun je heel veel lezen.
  • Lees met een doel: waarom lees je? Als je dat weet, motiveert dat om meer te lezen. Zij leest om in aanraking te komen met andere mensen en ideeën.
  • Praat met anderen over de boeken die je leest.
  • Lees wat je zelf wilt lezen: laat je niet (mis)leiden door wat iedereen aan het lezen is, maar kies je eigen boeken.

Dat brengt mij naar de boekenvraag van deze week.

Hoe maak jij tijd om te kunnen lezen?

Het lijkt me leuk om aan het eind van de week een paar mooie tips te hebben die iedereen kan helpen om misschien wel dagelijks een nieuw boek te kunnen lezen.

Blog mee over #50books

Schrijf een blog over de vraag van vandaag en laat hieronder in de reactie een linkje naar je site staan. Heb je zelf een idee voor een vraag? Ze zijn van harte welkom. Mail gerust een vraag of stel hem in via het contactformulier.

#50books

De leesvraag #50books is een initiatief van Peter in 2013. Martha nam het in 2014 over en in2015 ging Peter zelf weer verder. Vanaf de eerste vraag doe ik regelmatig mee. Naar overzicht van alle vragen.

Tegenpolen

image
Bloeiende wilde braam. Mooie bloemen, maar de doorns zijn venijnig.

Hij is groot. Ik ben klein naast hem. Als hij op de roltrap een trede lager staat, valt mij op hoeveel groter hij is. We zijn elkaars tegenpolen. Ik verslind boeken; hij kent alle films. Ik ben gek op klassieke muziek; hij is dol op popmuziek.

‘Jullie lijken helemaal niet op elkaar’, zei Inge toen ik vertelde over de afspraak. Maar ik word juist erg getriggerd door een tegenpool. Gelijkgestemden komen niet verder. Juist het verschil zorgt voor de alliantie, het samenwerken.

Zo pratend over werk, belastingdienst, universiteit, overheid, bedrijfsleven, liefde, geloof, kinderen, ouder zijn en de anonimiteit van de stad. In de verwerking van al het gesprokene kwam ik op een lijst met tegenstellingen.

Ze allemaal op één of andere manier aan de orde geweest in ons gesprek. Het is een weergave in de vorm van een lijstje met trefwoorden. Voer om een volgend gesprek mee voort te zetten. Soms laat de tegenstelling juist de overeenkomst zien.

Lijst met tegenstellingen

open – gesloten
routine – vrijheid
loslaten – vastbijten
wantrouwen – vertrouwen
zeker – onzeker
structuur – chaos
woord – beeld
verstoppen – laten zien
lezen – kijken
ontwerpen – organiseren
prikkelbaar – knuffelbaar
gevoel – verstand
groot – klein
behaard – kaal
koppig – meegaand
stoer – teer
geheimzinnig – open boek
sterk – slim
anoniem – openlijk
bekend – onbekend
boos – blij
gelukkig – ongelukkig
meewerken – tegenwerken
conflict – samenwerken
leiding geven – onderdanigheid
gehoorzaam – ongehoorzaamheid
eigenwijs – meegaand
liefde – haat
negeren – aandacht geven
attent – vergeten
ontkennen – bevestigen
ouder – kind
werk – privé
drukte – rust
energie – uitgeput
denken – doen

Een mooie lijst met allemaal woorden die het overwegen waard zijn. Sommige woorden vatte ons allebei samen. Andere woorden duidden juist op de tegenstelling. Daar ligt de kracht. Daar kun je elkaar aanvullen, leren van elkaar en helpen. Of zoals Hegel het noemde: these – antithese – synthese.

Mijlpaal – #WOT

image

Soms duurt het even voor een #WOT geland is. Zeker als je een dag later Steven Gort ontmoet. Met deze bijzondere medeblogger had ik een bijzonder gesprek op twitter een paar weken terug. Het ging over het mislukken van grote IT-projecten bij de overheid. We moeten elkaar eens zien, concludeerde hij. Ik was het wel met hem eens en we spraken voor vandaag af. Op mijn eerste vakantiedag. Euforie.

We spraken af in de nieuwe bibliotheek van Almere. Gewoon omdat dit een mooie plek is. Een plaats om op verhaal te komen. Tussen de boeken mag je elkaar ontmoeten. Een plek die er niet zonder slag of stoot gekomen is, maar die er toch maar mooi staat. Een plek om nieuwe sporen te bouwen. Een spoor om verder te gaan, een spoor om af te slaan. Een spoor de toekomst in.

Dit gesprek is voor mij een mijlpaal. Een nieuwe, eentje tussen enkele andere. Ik schudde de kaarten en haalde de troef eruit: ik vertelde over mijzelf. Iets wat ik niet zo vaak doe. Ik vertel graag. Zeker, maar liever niet over mijzelf. Nu vertelde ik hem dat ik deze week weer 8 uur per dag had gewerkt. ‘Dan heb je een mijlpaal bereikt’, merkte hij op.

Zo had ik het nog niet gezien. Ik vertelde hem verder over de weg die ik het afgelopen jaar ben gegaan. Een moeilijke weg, met vallen en opstaan. Waarin ik vooral mijzelf leerde kennen. Het was niet altijd leuk, maar ik heb mijzelf leren kennen. Een jaar dat ik niet had willen missen. Ik zit ongeveer aan het einde, maar ben er zeker nog niet. Zeker ook omdat ik aan het eind van dit jaar afscheid moet nemen van de VU. Mijn derde contractperiode verloopt en wordt niet meer verlengd.

Hij borduurde voort op mijn situatie. We zochten samen naar verwantschap, overeenkomst. Want dat wij tegenpolen zijn, is duidelijk. We verschillen van elkaar en ik begrijp hem niet altijd. Aan de andere kant lijken we juist op elkaar. Misschien kunnen we een tijdje met elkaar optrekken en kunnen we van elkaar leren. Al beantwoordde ik niet altijd zijn vragen. Hij gaf vaak wel antwoord op de vragen die ik niet stelde.

Ik denk er nu over na. En ik zal zeggen, het was een gesprek zoals ik niet vaak heb. Het ging over mij en er zat iemand tegenover mij die tijd had voor mij. Wat bijzonder. En terwijl ik nu zo zit te typen, raak ik ontroerd. Steven stelde dat ik mij misschien meer moet openstellen. Als je je verhaal vertelt, kun je misschien andere mensen helpen. Wat heb je te verliezen?

Zeker ik moet mij niet een stijl proberen eigen te maken die niet bij mij hoort. Maar er ligt natuurlijk best veel ruimte die ik mij kan toe-eigenen. Ik ga er eens over nadenken. Wat kan ik delen, wat wil ik delen en wat hou ik voor mijzelf. Ik ga opnieuw zoeken naar de grenzen. Wat kun je zeggen en wat kun je beter niet zeggen. Soms kun je mensen helpen door je eigen verhaal te vertellen.

Vandaag heb ik mijzelf zo geholpen mijn eigen verhaal te vertellen. Op verhaal komen in de bibliotheek. Hij die niets met boeken heeft, maar buitengewoon veel liefde voor verhalen heeft. En wat mooi dat Steven daar naar wilde luisteren. Bedankt.

Praatstoel

image

Hij ging zitten, spreidde zijn benen breed en liet zijn handen op zijn knieën rusten. De mensen die hem kenden, wisten het. Hij neemt plaats op zijn praatstoel. Hij begon te praten. Zijn oostelijk accent vulde de ruimte. Het gaf hem iets aandoenlijks, maar wat hij vertelde bleef saai.

Een boek dat hij gelezen had, een film die hij zag op zijn tiende en een computerspelletje waaraan hij verslaafd was geweest. Maar hij sportte liever. De synopsis van het boek werd uitvoerig besproken. Van het boek dat hij las. Misschien las hij niet zo vaak waardoor hij zo sterk in details trad. Misschien had hij gewoon een goed geheugen.

De toehoorders vielen bij bosjes af. Eentje hield het wat langer vol en reageerde soms. Het bevestigde zijn praatstoel. Hij hapte gretig toe op de vlokjes praatvoer die de volhouder hem gaf.  Het verhaal was niet te stoppen.

De ene toehoorder na de andere stapte op en ging weg. De afloop van het verhaal wachtten ze niet af. Ook de volhouder gaf op. Hij vertrok. De man op de praatstoel praatte verder alsof iedereen er nog zat. Het verhaal ging verder. De kamer was leeg.

Mooi met de bus

We lopen naar het audiologisch centrum voor de hoorafspraak met Doris. Het regent zachtjes. De druppels vormen kringen in het water van de gracht waar we net het bruggetje oversteken. We passeren het bejaardentehuis. Het terras is leeg. Alleen onder een afdakje zie ik een paar mensen staan.

Een meisje met een rood shirtje boent de tafels af. Ik zie voor me hoe nat ze zijn geworden van de aanhoudende regenval. Haar halflange blonde haren vallen voor haar gezicht. Zo ingespannen veegt ze de tafels schoon. Een jongen met een grote bril op zijn neus wringt net een natte doek uit boven een grote blauwe emmer. Hij steekt bij het uitwringen zijn tong uit zijn mond.

‘En ze hadden ook onweer voorspelt’, hoor ik het meisje zeggen. Ze loopt een tafel verder en veegt de plassen water die op het tafelblad liggen op. Ik vraag me af of het veel zin heeft. De regen is weer een beetje aangezwollen. De jongen wringt het doekje nog altijd uit.

De luifel houdt weinig van de regen tegen. Maar de bosjes houden een goed zicht voor mij tegen. Ze geeft het natte doekje aan de jongen met de bril. Hij zwaait er onhandig mee naar de emmer. En geeft haar in dezelfde onhandige beweging het doekje dat hij net uitgewrongen heeft. Ook zij steekt de tong uit. Haar onderarmen steken wit uit onder het rode shirt. Ze hebben nog niet veel zonlicht gehad.

Iets achter de 2 hulpjes van het bejaardentehuis staat een oudere vrouw. Haar haar zit netjes in een permanentje. Iets opgestoken. Ze trekt aan een sigaretje en leunt tussen de muur en een stok. Het meisje houdt even op met het drogen van de tafel. Ze kijkt de oudere vrouw heel stellig aan: ‘daarom ben ik mooi met de bus gegaan’.

Ik ben eigenlijk al te ver doorgelopen om het antwoord nog te horen. Maar ik hoor duidelijk een diepe doorrookte stem antwoorden: ‘Je hebt groot gelijk meissie’.

Wie dan ook

Ze stapten op in Duivendrecht. De een schoof naar het raampje en de ander ging aan de overkant bij het gangpad zitten. De andere plaatsen waren bezet. Ze droegen allebei een bril, waren rond de vijftig en stevig gebouwd. De vrouw bij het raam voerde het hoogste woord. De andere, die bij het gangpad zat, had haar tas voor haar buik gelegd. Een geliefde houding bij veel vrouwelijke reizigers.

‘Ik weet ook niet hoe hij die 6000 euro heeft gekregen, maar hij kan er in elk geval meubeltjes van kopen als hij gaat verhuizen’, zei de meest spraakzame. ‘Nu wil Barbara ook geld krijgen voor haar verhuizing en wil ze weten hoe hij aan het geld komt. Ik zeg dus tegen haar dat hij dat van de belasting heeft teruggekregen. Dat begrijpt ze niet. Hij krijgt toch niet meer geld als ik.’

De dikkere vrouw knikte. ‘Ze kan het weten’, zei ze. ‘Zij was in één klap van dat geld af. Waar het gebleven is weet niemand.’ De vrouw bij het raam knikte op haar beurt. ‘Hij is gewoon zuiniger.’ Ze staarden allebei uit het raam. De wolkenhemel is mooi vandaag. Grote wolkenformatie hangen dreigend boven de polder van Weesp. Ze zochten naar een nieuw onderwerp. De cliënten was een onderwerp waar ze het de hele dag al over hadden.

‘Hoe is het met Tineke?’  vroeg de vrouw bij het raam. ‘Ik heb geen contact meer met haar. Laatst een beetje via hyves. Over hoe het is en zo. Maar verder eigenlijk niet’, antwoordde haar collega bij het gangpad. ‘Hyves is leuk.’ ‘Je komt dan allemaal mensen tegen die je heel lang niet hebt gezien.’ ‘Ja, dat is leuk’, knikte de vrouw bij het raam. ‘Je moet Tineke eens de groeten doen.’ Ze keken weer uit het raam.

‘Weet je wat ik laatst heb gedaan?’ vroeg de dame bij het raam om weer een nieuw gesprek op gang te laten komen. Haar dikkere collega schudde haar hoofd. ‘Ik heb laatst mijn naam ingetikt bij wiedanook.nl. Dat is hartstikke leuk. Je ziet dan precies allemaal informatie over jezelf. Ik zie allemaal mensen van schoolbank.’ ‘Schoolbank daar kom ik niet meer sinds je moet betalen’, antwoordde de vrouw bij het gangpad.

‘Ik zag een oude schoolvriendin staan. Tenminste als het haar was, ik herkende haar niet. Ze is zo veranderd. Ik weet niet wat ze allemaal heeft meegemaakt. Ik heb eens gekeken op haar hyvespagina, maar daar werd ik niet veel wijzer van’, vervolgde de vrouw bij het raam. ‘Misschien moet je haar eens uitnodigen. Dan vraag je ben je Die-en-die? Dan hoor je het vanzelf wel’, suggereerde haar dikkere collega. Het bleef even stil. De wolkenformaties dreven nog altijd voorbij. ‘Ik zou dat kunnen doen, ja. Als het haar is, dan is ze echt veranderd. Dat weet ik wel zeker.’