Categoriearchief: familie

Vergelijkingen

image

Bij het lezen van Ach, deze leegte, deze verschrikkelijke leegte vallen mij meteen weer de bijzondere vergelijkingen op die de verteller maakt. In de vorige roman gebeurt dat ook op zo’n bewonderenswaardige wijze. De verteller weet hiermee op een treffende manier situaties en gebeurtenissen te verbeelden.

Bijvoorbeeld het plastic op de stoelen bij zijn grootouders. Als hij als kind op bezoek is bij zijn grootouders, dan worden de meubels meteen overdekt door dik plastic folie. Ze waren ongelooflijk massief en dik en leken op de dikke gordijnen van plastic strips waarmee koelruimten in slachtruimten van elkaar worden gescheiden:

Zelfs als ze niet over de stoelen en banken waren geschoven, zakten ze niet in elkaar. Ze zagen eruit als reusachtige, door angstaanjagende prehistorische insecten afgeworpen huiden. Deze hoezen konden zelfstandig staan. (48)

Of de directeur van de toneelschool die de nieuwe leerlingen toespreekt:

Hij praatte aan één stuk door. Daarbij zwiepte hij even snel als een ruitenwisser in een plensbui met zijn bovenlichaam heen en weer. (59)

Of de indrukken die de verteller heeft in de eerste week op de toneelschool:

[E]en week zo vol met indrukken dat ik me een overvolle trein in India voelde, waar je door de vele passagiers de afzonderlijke wagons niet meer kunt zien, waar de reizigers het dak in bezit nemen, kinderen twintig uur in het bagagenet liggen te doezelen en geiten met wapperende sikken uit het raam worden gehouden, (117)

Het zijn vergelijkingen die het verhaal inkleuren en de roman zijn extra jus geven. Het geeft de roman Ach, deze leegte, deze verschrikkelijke leegte die extra dimensie waarmee het een uiterst vermakelijk en tegelijk ontroerend boek is.

Joachim Meyerhoff: Ach, deze leegte, deze verschrikkelijke leegte. Roman. Uit het Duits vertaald door Jan Bert Kanon. Oorspronkelijke titel: Ach, diese Lücke, diese entzetzliche Lücke. Alle Toten fliegen hoch. Teil 3.. Amsterdam: Uitgeverij Signatuur, 2016. ISBN: 978 90 5672 551 8. 314 pagina’s. Prijs: € 19,99. Bestel

Lange halen, gauw thuis – rondje Stelling van Amsterdam (2)

image

De tent is ingepakt. We hebben de tassen aan onze fietsen opgehangen. Klaar voor vertrek. Nog snel vers water en dan kunnen we echt gaan. Op de fiets naar huis. Ik voel de lange rit van gisteren nog wel in mijn benen. Het was een flink eind wat we gereden hebben.

Een onrustige, koude nacht. De eenden vlogen rakelings over onze tent en het merelvrouwtje gilde hard omdat er blijkbaar iets te dicht bij haar kroost kwam. Verder rustig gedaan, blogje geschreven en het boeltje ingepakt.

image

Als we wegrijden, fietsen we eerst maar in de richting van het knooppunt waar we gisteren naar op weg waren. Als we daar aankomen en ik een foto van de Binnen Liede wil maken, lukt het niet. De pleister op mijn vinger zorgt ervoor dat ik het niet voor elkaar krijg het knopje al fietsend in te drukken.

Ik wilde gisteravond nog even alle mesjes en andere dingen van het zakmes lostrekken. Er zat een scherp mesje tussen, dat ik aanzag voor een bot eind. Het heeft een flinke jaap in mijn wijsvinger gemaakt.

image

Niet meer te herstellen. We naderen het volgende knooppunt en fietsen langs de oudste spoorlijn van Nederland. De lijn van Amsterdam naar Haarlem. Het treinverkeer wordt in de lucht doorkruist door de landende vliegtuigen. De wielen staan uit en klaar om iets achter de spoorlijn te landen op de baan van Schiphol.

Wij rijden door een prachtig veld met voorjaarsbloemen. In het bos, iets verderop fluiten de vogels dat het hun een lieve lust is. De zon schijnt volop. We hebben genoeg aan onze truien. Geen spatje regen, de wind blaast losjes door het haar. Wat is dit een heerlijk fietsweer.

image

We rijden door Spaarnwoude en door een gebied dat ingeklemd ligt tussen een snelweg en een spoorweg. Iets van ons af ligt het Westelijk havengebied, we krijgen soms een doorkijkje naar grote, ronde silo’s voor de opslag van olie en andere gevaarlijke stoffen. Er blijft veel voor ons verborgen. We rijden langs volkstuintjes en zien hoe de bewoners hun tuinen en bijbehorende huisjes tot heuse juweeltjes hebben omgebouwd.

De stad overmeestert ons en we rijden voor we er goed erg in hebben langs de drukke weg naar Amsterdam. Ergens verkeerd afgeslagen. Nu fietsen we door de drukte van de stad van stoplicht naar stoplicht. De lange weg wordt onderbroken door auto’s die de weg versperren. Ze staan midden op de weg en alle fietsers dringen voor om als eerste bij het volgende stoplicht aan te komen.

image

We zijn dan ook heel erg trots als we ons door de stadsjungle heen worstelen. Daar staan we bij het Centraal Station. Maar ook hier is het oppassen voor de massa mensen die van de pont over het IJ in de richting van het station loopt en zonder kijken oversteekt.

Door naar IJburg om bij mijn zusje te lunchen. Als we daar met rode wangetjes aankomen is het al iets na het middaguur. We smullen en kijken alweer uit naar het laatste stukje van de rit. Een bekende tocht, langs de dijk naar Muiden. Van Muiden naar huis passeren we nog 2 vestingwerken van de Stelling van Amsterdam. Ik ken ze al, maar het kan geen kwaad om er nog eventjes naar te kijken.

image

We verlangen ernaar om thuis te komen. De nieuwe spoorbrug bij Muiderberg beheerst het landschap tussen Muiden en Muiderberg. De nieuwe snelweg in aanbouw. Bijna thuis, daar zullen we de laatste krentenbol nemen met een chocomel. Het is niet ver meer. Nog een paar trappen en dan zijn we thuis.

image

Broer

image

Het boekenweekgeschenk van Esther Gerritsen is zoals andere boekenweekgeschenken, aardig om te lezen maar dan heb je ook alles gezegd. Ik las 2 jaar geleden het boekenweekgeschenk van Tommy Wieringa en vond het resultaat tegenvallen. Hetzelfde gevoel heb ik bij het lezen van Broer van Esther Gerritsen.

De opening van Broer is best mooi: de financieel directeur Olivia wordt vlak voor een belangrijke vergadering met de aandeelhouders gebeld. Het is haar broer Marcus. Hij vertelt in tranen dat hij op de operatietafel ligt en zijn been dreigt te worden geamputeerd.

Aandeelhouders

Het bericht haalt Olivia helemaal uit het verhaal dat ze de aandeelhouders zou vertellen over de financiële situatie van het familiebedrijf. Een winkel in serviesgoed en alles wat er in de keuken nodig is. Ze heeft al jaren geen contact meer gehad met haar broer, maar na het telefoontje onderneemt ze meteen actie. Ze verlaat de aandeelhoudersvergadering nog voor hij goed en wel begonnen is en gaat op zoek naar haar broer.

Het voorval zet alles meteen op scherp. Je wilt als lezer alles weten. Wat is dat voor een broer en waarom voelt Olivia zich opeens verplicht om achter hem aan te gaan. Zij lijkt iemand die alles voor elkaar heeft, terwijl haar broer van de ene mislukking in de andere is gevallen. Het voorval met het been brengt haar uit balans.

Belangrijke broer

Langzaam valt de held Olivia van haar voetstuk. De broer om wie ze nooit gaf, blijkt belangrijker voor haar te zijn dan ze eerder dacht. Hij haalt haar helemaal uit balans en je ziet haar langzaam maar zeker in de afgrond vallen. Marcus bemoeit zich met alles en weet zelfs een relatie op te bouwen met de aandeelhouders van de winkel waarvan Olivia de financieel directeur is.

Of zoals haar broer tegen haar man en zoons verteld:

‘Het is natuurlijk een hele hysterische vrouw.’ (85)

En Marcus vergelijkt zijn zus met oma Riet, die knettergek was. Ze ging inrichting in en inrichting uit. Ze smeet met pannenkoeken wat Marcus afschuwelijk vond en Olivia niet begrijpt:

Hoezo was dat ‘afschuwelijk’ geweest? Zo was oma Riet, ze was dol op oma Riet. Gunst ja, ze zmeet met zaken en ze verdween zo af en toe een paar maanden, maar met niemand kon je zo’n plezier hebben als met oma. (86)

Er komt hier het verhaal naar boven van een broer en een zus die allebei anders in het leven staan. Ze hebben allebei dezelfde jeugd gehad, maar anders beleefd. Dat verhaal komt naar boven, alleen mist het verdere uitwerking waardoor het einde een paar pagina’s verder, wel erg abrupt overkomt.

Mooi basisidee

Daarmee is Broer een verhaal dat een mooi basisidee bevat, maar dat niet mooi uitgesponnen is. Het mist de diepgang die het nodig heeft en is daarmee een verhaal dat teveel hooi op de vork heeft. Best jammer, dat daarmee ook dit boekenweekgeschenk in een teleurstelling eindigt.

Esther Gerritsen: Broer. Boekenweekgeschenk. Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek, 2016. ISBN: 987 90 5965 360 3. 96 pagina’s. Gratis in Boekenweek bij aanschaf van € 12,50 aan boeken. Meer informatie.

Binnenvaartschip

image

Het is een zwaarbeladen onderwerp dat Nanda Roep in haar roman Van je familie moet je het hebben, maar kan je het krijgen ook! Het is dan ook heel herkenbaar, de familiebanden die voor veel mensen heel waardevol zijn, kunnen ook beknellen. Het is niet in elke familie feest, soms wordt er ook een verwoede strijd gevoerd tussen familieleden. Nanda Roep weet dit aspect heel mooi te verwoorden.

De kracht in haar roman is de rijke beeldspraak waarmee ze soms heel treffend de kern van het onderwerp weet te raken. Het begint voor mij met de vergelijking van het gezin als een binnenvaartschip:

Inmiddels weet ik dat een binnenvaartschip niet snel van richting te veranderen is, hooguit minimaal bij te sturen. Wat ik allemaal wilde veranderen, daar was een flexibel tweepersoons zeilbootje voor nodig. Maar dat is een gezin niet, een gezin is binnenvaart. Nauwelijks van zijn koers te brengen, ook niet als het op ramkoers ligt. (29)

Deze vergelijking maakt een lang verhaal over de stappen en misstappen van de puber Bianca overbodig. Dat ze op haar vijftiende probeert haar invloed uit te oefenen op het gezin en dat het vergeefs is. Er volgen genoeg voorbeelden, maar voor mij is dat allemaal overbodig. De vergelijking spreekt.

Net als wat Bianca verderop aan haar dochter schrijft. Ze krijgt vragen toegeworpen van Anouk over haar relatie met Michael, de vader van Anouk. Haar dochter fleurt weer op na een periode waarin ze zoveel moeite had met de scheiding van haar ouders en de worstelingen van haar alleenstaande moeder.

Je begon vragen te stellen. Waarom Michael en ik niet bij elkaar waren gebleven, bijvoorbeeld, wat er was misgegaan. Het was alsof je in dat jaar uitdeukte zoals een auto die na een botsing bij de garage wordt gebracht. Eindelijk werd jouw karakter weer zichtbaar, en ook je prachtige lach. (122)

Deze beeldspraak geeft de roman zoveel extra’s. Het maakt het lezen tot een feest. In een vergelijking kun je zoveel meer zeggen dan in duizend woorden. Het maakt een roman als Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! zoveel dragelijker om te lezen. Het is een zwaarbeladen boek over familie, relaties en hoe je zelf in de wereld staat. Alleen een mooie vergelijking kan je redden uit de worsteling met dit onderwerp.

Dat is de kracht van Nanda Roeps roman. Ze weet de juiste beelden op te roepen op de juiste momenten. Ze verwoordt daarmee precies de gevoelens van haar hoofdpersoon. Ze weet hiermee ook precies de goede snaar bij de lezer te raken. Het roept de juiste dingen op zodat je extra goed over dit moeilijke onderwerp na kunt denken en een mening kunt vormen.

Nanda Roep: Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! Uitgeverij Nanda, 2014. ISBN 987 94 90983 00 0. Prijs: € 19,90. 224 pagina’s.

Nanda Roep: Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook!

image

De nieuwe roman van Nanda Roep behandelt een boeiend onderwerp. De titel refereert naar het beroemde spreekwoord dat vooral cynisch wordt gebezigd. Dat geeft de roman al een bepaalde richting. Het boek opent niet voor niks met de betekenis van familie in het woordenboek.

In Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! schrijft de veertiger Bianca, of zoals ze in een trits bijnamen heet: Bie-Ank-Ahh (vader), Bihhhanca (moeder), Bjank, Blanc, Bijtje, Liefie, Schat, Lekkertje (vriendinnen), Bikki (dochter Anouk), Kontje of Grootje ((ex-)man Michael). Bianca schrijft aan haar dochter Anouk. Ze probeert te vertellen waarom ze is zoals ze is en verwijst daarbij met name naar haar familiebanden.

Gecompliceerde verhouding

Bianca de Groot heeft een gecompliceerde verhouding met haar familie en met name met haar ouders. Eigenlijk vanaf haar pubertijd leeft ze in een conflictueuze relatie met haar vader en moeder en later ook haar oudere zus Marieke.

In het boek probeert ze te zoeken naar de oorzaak van dit conflict. Ze voelt zich tekortgedaan en heeft een diepe wrok naar haar ouders. Ze voelt zich niet in haar waarde gelaten en merkt dat dit voortdurend een strijd oplevert bij haar en bij haar ouders.

Komkommer

Dat begint al vroeg in de tijd van haar jeugd bijvoorbeeld. Zoals de komkommer die op brood gaat als ze een lange reis maken.

‘Wat is er nou weer mis?’ verzuchtte mijn moeder.
Komkommer gaat onderweg stinken alsof hij verrot is, je kunt die niet alvast op je broodje leggen. Hij moet apart, desnoods als in schijfjes gesneden, zodat je later kunt besluiten of het ‘m nog wordt. (39)

Ze mag er onderweg niet over zeuren, anders verpest ze hun dag. Terwijl Bianca uit alle moeite haar dag probeerde te redden. Tevergeefs.

Gepest door ouders

Het voelt voor haar alsof ze altijd gepest is door haar ouders. Ze moet altijd rekening met hen houden, terwijl zij nooit rekening met haar houden. Het brengt haar altijd in een ongemakkelijke positie. Het levert veel spanningen op en uiteindelijk zelfs een breuk met haar familie.

Het boek schrijft toe naar dit moment dat ergens ook onvermijdelijk is. Het zou een bevrijding moeten zijn, maar dat is het zeker niet. De verteller Bianca heeft er heel veel moeite mee. Pas als ze voor zichzelf kiest, verandert ze van een slachtoffer in een strijdvaardige vrouw. Ze neemt de touwtjes van haar leven zelf in handen.

Breken met een familietraditie

Met haar breuk breekt ze juist met een familietraditie waarbij het conflict zorgt voor het overleven. Ze probeert niet haar dochter of te lezer te overtuigen van haar daden, maar veel meer zoekt ze naar de oorzaak. Ze is hierbij ook heel kritisch naar zichzelf. Die open houding maakt dat het boek heel sterk overkomt.

Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! is niet zomaar een roman over Bianca’s familie. Het is veel meer een zoektocht naar haarzelf, waarbij ze zichzelf niet spaart. Het is daarmee een boek dat vertelt over de moeilijke relatie die je kunt hebben met familieleden. Dat dit je voor je leven tekent, maar dat je jezelf er ook aan kunt ontworstelen. Dat is zeker de les die Nanda Roep je leert met haar roman.

Nanda Roep: Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! Uitgeverij Nanda, 2014. ISBN 987 94 90983 00 0. Prijs: € 19,90. 224 pagina’s.

Familie – #WoT

image

familie (v.;s), familje [< Lat. familia (dienstpersoneel, familie)], 1 gezin als bestaande uit bij elkaar wonende leden, huisgezin van een bep. persoon: er wonen twee families in dat huis; een bezoek bij de familie S.; de Heilige Familie, het kind Jezus met Maria en Jozef; 2 (verzameln.) huisgenoten: hoe maakt de familie het?; de heer en mevrouw B. en familie; 3 het geheel der bloedverwanten van dezelfde naam, syn. geslacht: een adellijke, een oude, een gezeten familie; (zegw.) dat komt in de beste families voor, dat kan overal gebeuren, aangetroffen worden; 4 (verzameln.) personen die tot de familie (3) behoren: er kwam bezoek van familie, familie en kennissen; hij is nog familie van me, het is nog in de familie, we zijn aan elkaar verwant; (gez.) familie van Adamswege, van de kant van Adam (en Eva), van het honderste knoopsgat, bloedverwantschap die men niet of bijna niet kan uittellen; (uitdr.) van je familie moet je ’t maar hebben, vol bitterheid gezegd als familieleden elkaar benadelen en belasteren; (zegw.) het zit in de familie, is een zwak of een kwaal waarmee vele leden van het geslacht behept zijn; (gez.) hij is van de familie van Kleef, is zeer inhalig; (gew., gall.) familie verwachten, zwanger zijn; (uitdr. inform.) hij heeft familie, hij heeft ongedierte; 5 (biol.) onderdeel van een orde, bestaande uit een of meer geslachten;

In de aanloop op mijn boekbespreking van Nanda Roeps roman Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! duik ik vandaag eens in een bijzonder woord: familie. De titel van Nanda Roeps roman verwijst al naar een bekend spreekwoord.

De roman laat overtuigend zien dat je met je familie zit opgescheept. Er zijn heel veel mooie verhalen over families en gezellige familiebanden. Dat het ook ongezellig kan zijn en een lange lijdensweg vol frustratie demonstreert Nando Roep treffend in haar onlangs verschenen boek. Het is een verhaal waarin ik dingen herken en meevoel. Familie is niet alleen een feest.

Ik mocht dat ook meemaken bij het overlijden van mijn schoonvader eind november. We hadden geen contact meer met hem, maar dat maakt het verdriet niet minder erg. Zijn dood confronteert ook met het verleden en de gedeelde geschiedenis. De familie staat aan je oorsprong en die kun je niet zomaar vergeten.

Het boek van Nanda Roep ligt in deze lijn. Ze legt haar dochter Anouk uit waarom ze is wie ze is en hoe haar relatie met haar ouders is. Waarom alles is geworden zoals het is. Onbewust geeft ze daarmee zichzelf prijs en probeert ze het gedrag van haar ouders te verklaren. Het levert een interessant boek vol zelfinzicht op, waarbij frustratie, verdriet, zelfkritiek en gelukkig ook humor hand in hand samengaan.

Familie is niet alleen die ander, maar ben jij net zozeer.

Wat betekent voor jou het woord familie? Gaan bij het horen van het woord je nekharen overeind staan of voel je een warme deken om je heen slaan?

Nanda Roep: Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! Uitgeverij Nanda, 2014. ISBN 978 94 90983 00 0. 224 pagina’s. Prijs: € 19,90

#WoT

Bij de #WoT schrijven bloggers over een woord of een foto. Elke donderdag verschijnt een nieuw woord waarover je kunt bloggen. Deelname is geheel vrijblijvend. Plaats een reactie onder dit bericht waarin je het linkje plaatst naar je blog.

De #WoT is opgezet door @metkcom en daarna door @pixelprinces overgenomen. Vanaf september 2014 hou ik het stokje in mijn hand. Schrijf vandaag mee over het woord ‘familie’.

In de remise

tram-in-spiegelbeeldDe remise zelf was ook een hele belevenis. De complete collectie van (elektrisch) trammaterieel dat in Rotterdam gereden heeft, staat daar uitgestald. De meeste vierassers waren vandaag op pad, maar we zagen veel Duwags en oude twee-assers. Mijn vader vertelde veel over de trams. De vreugde was nog groter bij het zien van een vierasser met de lijnaanduiding: lijn 22, Oudedijk.

lijn-22-oudedijk

Daarna naar andere moderne trams. We zagen ondermeer de opvolgers van de vierassers uit de beginjaren 1950. De inrichting van de bestuurdersplaats was iets veranderd en de tram oogde moderner. Maar de Zwitserse tram met het nummer 15 was al een stuk moderner en had ook een andere instap.

De tijd was beperkt in het museum. We hadden een halfuurtje. De gezelligheid was groot met een paar leuke stands waar boeken werden verkocht en een kraampje met hotdogs, thee en koffie. Allemaal erg de moeite van het bekijken waard. We hebben ervan genoten en namen weemoedig afscheid. Op dezelfde manier als dat we gekomen waren, rijdend in de tram. De deuren van de remise sloten mooi achter ons.

Doris-in-de-tram

De zon werd steeds warmer. Het werd een aangename zomerdag waarbij we op de terugweg regelmatig moesten stoppen om op de 1 te wachten. Hij bleef op een moment erg lang weg. Onze tram reed voorop ter bescherming en moest als het nodig was, de oudste elektrische tram slepen. Gelukkig reed hij keurig achter ons aan. Slechts een keer wilde hij niet wegrijden, maar de bestuurder wist het oude wonder der techniek weer op dreef te krijgen.

Bij het station aangekomen, besloten we te wachten op de lijn 10 om een ander stuk van de stad te zien. Deze historische lijn doet vooral het westelijk gedeelte van Rotterdam aan. In het stadsdeel Delfshaven hebben mijn ouders gewoond en kwam ik ter wereld. Daarom gaf het dit ritje een extra dimensie. Al reden de vierassers in die tijd vrijwel niet meer.

20140913_131846

Verslag van een dagje trammen in Rotterdam. Lees het voorgaande deel.

Nationale Stoomtreindag (6)

doris-bij-stoomlocomotiefEindelijk zette de trein zich weer in beweging. De andere kant op. De kaartcontroleur in een spijkerbroek en donker bloesje kwam langs. De gaten in onze kaartjes waren voldoende bewijs. Dat we eigenlijk op 29 mei 2013 reden, zag niemand. De stempels op de speciale kaarten waren op het verkeerde jaartal afgestempeld.

Op de terugweg waren alle stoomtreinspotters verdwenen. We tuurden over lege weilanden waar soms een auto even stilstond. Een spotter stond op zijn trapje en keek tevreden over de trein die hij zojuist had gefotografeerd. Blijkbaar stonden we er goed op.

stoom-uit-stoomlocomotiefDe kleinkinderen van opa en oma begonnen meer en meer te dralen. ‘Misschien moeten we nog even rondlopen en dan naar huis gaan’, hoorde ik opa zeggen. Oma knikte. ‘Ik denk dat dit wel genoeg is.’

De aankomst in Beekbergen was een heuse bevrijding. Wat was ik opgelaten. Ik mocht deze benauwde trein verlaten. Het voelde alsof ik werd losgelaten in de wijde wereld. Al stond het perron bomvol. Ik liep bijna tegen Leo Blokhuis aan, achter hem aan liep Ricky Koole. Ze riep iets naar hem. Ik herkende de stem van de cd die net een paar dagen in huis lag.

wielen-van-de-stoomtreinAan de andere kant van het spoor stond het kleine stoomlocomotiefje te wachten tot hij aan de trein zou worden gekoppeld. De groep kinderen met de stoomfluitjes drong bij het trapje. Het deurtje ging open en ze mochten even op de stoomlocomotief.

Doris wilde ook graag. Wacht maar even tot je aan de beurt bent. Ze wachtte keurig. Onderwijl drongen een paar andere kinderen de cabine binnen. Toen eindelijk de kinderen eraf gingen, klapte het deurtje dicht op het moment dat Doris omhoog wilde. ‘Nee, we moeten echt vertrekken’, zei de machinist. Blijkbaar kom je er alleen in als je brutaal bent en over een fluitje beschikt.

stoomwolkjeDaarom keken we nog even rond in de loods en naar de enorme hoeveelheid stoomlocomotieven die op het terrein stonden opgesteld. Zo kreeg Doris nog even de kans in een stoomlocomotief te klimmen. Het ging met een grote trap, maar ze draaide trots aan het grote wiel. Ook bekeek ze aandachtig de kolenklep.

Het was een mooie dag, bedachten we terwijl we naar de auto terugliepen. We knabbelden aan een Magnum-ijsje. Een stukje chocolade viel op de weg. Achter mij klonk het gefluit van de stoomlocomotief. De stoomtrein naar Apeldoorn stond klaar voor vertrek. Het klonk door de omgeving, zonder het indringende gefluit van kinderen die op nepfluitjes bliezen.

image

We reden weg. Terwijl we reden stoomde de stoomtrein met ons op. Wat een prachtig gezicht, die enorme stoompluim in dat golvende heuvelland. De trein minderde vaart bij de overweg. Tijd voor een laatste afscheidsgroet. De fluit klonk kort en snel. Een klein pluimpje stoom kwam mee. Daar zette de slang zich weer in beweging. We reden een stukje mee. Tot we bij de snelweg echt moesten afslaan.

image

Dit is het zesde en laatste deel van een serie over de Nationale Stoomtreindag.

Lees deel 1

Nationale Stoomtreindag (5)

stoomtrein-rangeert-in-beekbergenDe trein reed het bos in. Aan de rechterkant stond een camping. Op de vlaggen stond in dikke letters ‘rust.nl’ geschreven. De rust werd enkel verstoord door de stoomfluit van de trein die nu in rustig tempo langs de caravans, tenten en toerwagens reed. Een moeder was op haar hurken gaan zitten naast haar kind, dat op een driewieler aandachtig wees.

Ondertussen liep het lawaai in het compartiment zelf flink op. Achter mij zaten aan beide zijden van het gangpad gezinnen die zojuist meerdere ‘stoomfluiten’ hadden aangeschaft bij de stand waar ik hoofdschuddend had gestaan. De stoomfluit buiten werd overstemd door het eindeloze geblaas van de kinderen.

De ouders deden weinig moeite de kinderen tot bedaren te krijgen. Ik wenste dat de ‘machinisten’ achter mij eindelijk eens met hun gefluit ophielden. Als zij even pauzeerden, zetten de kinderen aan de andere kant van het gangpad onverminderd de lawaai-symfonie voort.

stoomfluit-stoomlocomotiefDe ouders stimuleerden zelfs het wangedrag van hun kroost. Vader was naar het balkon gelopen om vanuit het enige raampje dat open kon, het stoomfluitende gezin te kunnen fotograferen. Met de lens tikte hij op de raam om de aandacht van zijn kinderen te krijgen. Ik wenste alleen maar dat het toestel zou vallen en vermorzeld zou worden door de zware wielen van de rijdende trein.

We arriveerden in Loenen. Een vrouw klom op de stapel bielzen naast de sporen. Ze kreeg een zetje van de man die bij haar was. Bovenaan zette de triomf van deze daad zich om in het klikken van het fototoestel. Elk deel van de trein kwam op de foto.

De opa en oma wisten de hele rit hun kleinkinderen rustig te houden. Opa hield zich een beetje afzijdig. Hij keek met gereserveerde houding naar de twee jongens en het meisje. Oma praatte met ze. ‘We gaan eerst terug naar Beekbergen en dan gaan we in een andere stoomtrein naar Apeldoorn en dan weer terug naar Beekbergen.’ De kinderen keken vermoeid naar oma. Ze vonden het best leuk in de stoomtrein, maar om nou heel lang hier te blijven. En zo’n stilstaande trein was niet veel aan.

stoomspotterDe locomotief keerde en reed links voorbij. De zware wielen voelde je passeren. Hij floot. De kinderen achter mij floten terug. Ze begonnen erbij te gillen. Er kwam een poeplucht in onze richting gedreven. Het kleinste kind van de drie kleinkinderen had blijkbaar iets in de broek gedaan. Oma vroeg het zachtjes. Hij antwoordde luid ‘Nee’. De andere twee begonnen te zingen. ‘Poep, poep, poep, kak, kak, kak.’ Oma probeerde ze stil te krijgen, maar het moedigde de twee aan harder te gaan zingen.

Het geluid bleef aanzwellen. Het leek steeds lawaaiiger te worden in de wagon. Hoe langer we stilstonden, hoe meer het geluid toenam. Eigenlijk had ik hier helemaal geen zin in. Wat haalde het veel van het plezier weg, al dat kabaal. Ik vroeg mij af waarom stoomtreinen als iets voor kinderen werd gezien. Volwassenen mogen er toch ook gewoon van genieten. Iets minder luidruchtig. Niet iedereen hoeft kabaal te maken als voetbalsupporters.

imageDit is het vijfde deel van een serie over de Nationale Stoomtreindag.

wordt vervolgd

Lees deel 1

Nationale Stoomtreindag (4)

stoomtrein-in-aantochtDe locomotief was niet de enige die stond te wateren. Bij de damestoiletten stond een lange rij vrouwen. De herentoiletten hadden niet zoveel belangstelling. Ik kon er meteen naar binnen. Waarom zijn de toiletten voor heren en dames eigenlijk gescheiden? Waarom kan er niet gewoon één toilet voor iedereen zijn.

Ik weet ook wel dat de herentoiletten veel smeriger zijn dan de damestoiletten, maar misschien helpt het de heren wel om wat schoner te worden. Ik stond alweer buiten en mijn dames stonden nog altijd te wachten in de lange rij. Onderwijl bekeek ik de stand buiten waar wat spullen werden verkocht. Er was niet zoveel van de Veluwse Stoom Maatschappij zelf. Ik zag alleen een mok. Verder lag het vol met kinderspeeltjes, zoals een heuse stoomfluit. Dit voorwerp vond gretig aftrek onder de bezoekers.

publiek-wacht-op-de-volgende-stoomtreinWe konden eigenlijk best naar het perron gaan. Straks zou de trein al binnenkomen en stonden wij hier nog. Dan konden we niet terecht in de trein en moesten we nog een uur wachten. Het voorgeschreven tijdstip passeerde maar de trein bleef weg. Het duurde best lang voordat de trein binnenkwam.

Of het aan de rijtuigen lag of dat het gewoon een populair stukje spoor was tussen beekbergen en Loenen, ik kon het niet verklaren. Maar het was buitengewoon druk in deze oude blokkendoosrijtuigen. Deze rijtuigen reden oorspronkelijk achter één van de eerste elektrische treinstellen van de NS. Wij kwamen terecht op de harde, houten banken van de derde klasse. Het zat hard onder de kont.

stoomlocomotief-50307-van-vsmOm ons heen kwamen veel gezinnen met kleine kinderen te zitten. Aan de andere kant van het gangpad gingen een opa en oma zitten, met tegenover zich drie kleinkinderen. De kinderen wiebelden zenuwachtig op de banken. ‘Wanneer gaat hij?’ vroegen ze ongeduldig. Het zou nog wel even duren. De grote stoomlocomotief uit Oostenrijk, werd aan de andere kant van onze trein gereden. Het was dezelfde locomotief als de stoomlocomotief die ons naar Apeldoorn had gereden een uurtje eerder.

Toch vertrokken we eerder dan ik verwachtte. Daar zette de trein zich in beweging. Het lijkt altijd dat een stoomtrein zich anders in beweging zet dan een moderne trein. Minder schokkerig, gelijkmatiger. Maar misschien idealiseer ik de oude beweging en is het andersom.

treinspotterHet traject was populair bij treinspotters. Langs de route in de weilanden bij Lieren stonden de fotografen opgesteld. Op trappetjes of op een stapel bielzen. Ze wisten het mooiste plekje te vinden om de passerende trein op de foto te zetten. Of de foto’s zo mooi zouden worden, lag in heel andere handen: de vingers van de fotograaf. Aan de enorme toeters die aan de toestellen waren bevestigd en waarachter de fotografen zich verscholen, zou het niet liggen.

Dit is het vierde deel van een serie over de Nationale Stoomtreindag.

Naar deel 5

Lees deel 1