Categoriearchief: bakker

De laatste zomerdag van 2010

Jonge mus en jonge spreeuw genieten van de laatste zomerdag

Het voelde een beetje als de laatste zomerdag van het jaar gisteren. De zon scheen op het stationsplein van Almere. Ik moest brood halen en deed mijn bestelling. Ik verontschuldigde mij toen de vrouw het brood aansneed. Buiten op het plein trokken mijn ogen naar de musjes die zich wasten in het water van de fonteintjes.

De dieren genoten van het zonnetje op de bankjes. Als ze het te heet kregen van het zonnebaden, vlogen ze naar een plasje in de fontein en deden zich tegoed aan een verfrissend bad. Een musje vond een gaatje in de straat, net groot genoeg om het water over zijn vleugels heen te schudden. Nat vloog het diertje terug naar een droog plekje en liet zich heerlijk drogen in de laatste zomerzon.

De laatste zomerdag is een gevoel. Net zoiets als dat je de eerste echte voorjaarsdag voelt. Alleen besef je nu dat het voorbij is. Je kunt daar verdrietig over zijn, maar ik ben ontzettend blij met de variatie in seizoenen. Zonder winter, geen zomer. Juist die afwisseling zorgt voor de hoogtepunten.

Ik maakte een paar foto’s van het tafereel. De vrouw achter de toonbank zocht mij. ‘Ik vroeg mij af waar je bleef’, zei ze. Daarna uitte ze haar onvrede. Dat het onfatsoenlijk was dat ik zo wegliep. Dat zij dat ook niet deden en dat zoiets niet hoorde.

Ik liet mij niet afleiden. De laatste zomerdag moet je vastpakken, goed bekijken en pas loslaten als je alles goed gezien hebt. Daar kan geen boze bakkersvrouw tegenop. Op mijn vraag of ik mocht pinnen, kreeg ik een enthousiast antwoord. ‘Ja, je kunt hier tegenwoordig pinnen.’ En heel even voelde ik mij belangrijk. Overtuigd dat mijn blog van een paar maanden terug dit bewerkstelligd had.

Voor haar beurt

Bij de bakker in de rij voor 3 Zweeds wit en 1 grof volkoren. Het is aardig druk, benauwd en vooral heel erg warm. Een medewerkster veegt telkens een guts zweet van het voorhoofd met het rode shirtje dat ze aan heeft. Ik sluit keurig in de rij, onthoud wie er staan en ik houd ook in de gaten wie er binnenkomen. Een jonge meid van een jaar of 20 sluit aan. Ze heeft dopjes in haar oren waar muziek door galmt. Die gaat voordringen, denk ik.

Voorspellingen

Het zijn van die voorspellingen die je voelt aankomen. Ze staat er totaal ongeïnteresseerd, luistert alleen maar naar de muziek en ziet geen mens om haar heen staan. Het oude vrouwtje dat voor haar staat, is snel genoeg, maar als een andere medewerkster vraagt wie er aan de beurt is, piept ze voor mij. Ze schreeuwt gewoon zo hard dat de medewerkster mij niet meer hoort.

Geïrriteerd wachten

Ik mag wachten en kijk een beetje geïrriteerd in haar richting. We hebben het allemaal warm en willen allemaal weer gauw verder. Daarvoor hoef je nog niet voor te dringen. Nu wacht ik op het moment dat het haar beurt is. Als de medewerkster mijn bestelling opneemt, is haar bestelling klaar. Ze loopt weg zonder om te kijken, voor haar bestaat de wereld uit haarzelf. Soms komt ze iemand tegen, maar dat zijn net pionnetjes die ze wegblaast.

Fatsoen

Bij het weglopen, passeert ze een bord van een campagne over fatsoen. Iemand zette haar fiets in het fietsrek. Ze ziet het niet, want de muziek heeft haar vast. Het zakje met broodjes bengelt aan haar fietsstuur.

Klein bedrag maar pinnen kan niet

Klein bedrag, pinnen mag, is de leus, maar in Almere zijn nog altijd winkels waar het onmogelijk is om je aankoop digitaal te betalen. Bij een aantal winkels is het nog altijd niet mogelijk om te pinnen. Dat terwijl de gemeente zegt het pinnen te stimuleren.

Forse dagomzet

Het gaat hier naar mijn oordeel om goedlopende winkels met een forse dagomzet. Vooral bakkers hebben er een handje van. Toen wij, zin in iets lekkers op de vrijmarkt een banketbakker passeerden, bleken we niet met pin te kunnen betalen.

Niet pinnen

Een dag later bij de broodbakker, kon ik opnieuw niet betalen met mijn pasje. Ik moest er maar even voor bij het station geld halen. Daar is een pin-automaat zei de bakkersvrouw vriendelijk, maar pinnig. Alsof ik idioot was geen contant geld bij mij te hebben.

Handjevol

Ik ken zo een handjevol zaken in het centrum van Almere Stad waar het niet mogelijk is te pinnen. Het gaat vooral om zaken waar veel kleinere aankopen worden gedaan, die het niet hun klanten aanbieden.

Geweldadige overval

De kas met contant geld stimuleert overvallers om een geweldadige overval te plegen. In Almere wordt geregeld een middenstander overvallen en wordt de kas op brute en geweldadige wijze leeggeroofd. Daarom zijn er verschillende campagnes geweest om het gebruik van het pinapparaat bij kopers en verkopers te stimuleren. Het verkleint de kas met contant geld en mensen lopen met minder contant geld op zak.

Oude denkbeelden

Bij een aantal Almeerse middenstanders lijkt het erop dat zij nog altijd oude denkbeelden over pinnen in het hoofd hebben. De bank rekent kosten voor een digitale transactie. Deze zou niet lonen bij kleine bedragen. Consumentenprogramma’s als Kassa hebben echter al jaren geleden aangetoond dat het pinnen van een klein bedrag vaak zelfs nog goedkoper is voor de winkelier dan contant geld aannemen.

Stukje service

Bovendien is het een stukje service om het betalen via pin mogelijk te maken. Ik loop steeds minder met contant geld op zak. Als ik contant geld bij me heb, dan is het een laag bedrag. Het is omslachtig en vaak onnodig. Ook omdat je vrijwel overal met pin kunt betalen.

Lekker pinnen

Dus bakkers van Almere: laat je klanten gewooon lekker pinnen, en niet in de stationshal!

Links

Almere Cash-less »
PIN en WIN »

Wachtenden

Bij de bakker vormt zich op zaterdagmorgen een haag wachtenden. De mensen die op het broodnodige staan te wachten mochten zich afgelopen weekend op een heus wachtwelkom verheugen. ‘Door ziekte kunnen wij u niet zo snel helpen als u van ons gewend bent’, stond op een briefje dat met een plakbandje vastzat aan de kassa.

Het verbaasde mij dat deze tekst met zoveel gevoel voor marketing was geschreven. Vooral ook omdat de wachttijden normaal ook niet de kortste van de stad zijn. Ik vreesde het ergste, maar kwam tegen mijn eigen verwachting in vrij snel aan de beurt. Toen ik wegliep met de broden onder mijn arm, sleurde een lange slinger wachtende broodkopers uit de winkeldeur.

Ik dacht terug aan de DDR-tijd, waarbij ik ook een keer mocht meemaken hoe het eraan toeging. Zo ging er eens het gerucht dat er bananen te koop waren bij de groentewinkel. Normaal was de winkel altijd leeg, niet alleen ontbrak het aan winkelend publiek, ook de schappen waren leeg. Op de morgen van het gerucht stond een lange rij, die zelfs het hoekje van de straat omging. En dat in een dorp van enkele honderden inwoners. Ineens spatte de rij uiteen. Er waren helemaal geen bananen te koop. De vier kilo aardappelen die daarvoor in de plaats kwam, was echter aan de eerste drie klanten vergeven. De rest verliet het wachten.

Zoete broodjes

Als de bakker net zulk brood bakte als hij zijn klanten bediende, dan ging ik niet meer. Een ondernemer kan zich onderscheiden door goede service te geven. Concurrentie gaat niet alleen over prijs, maar ook in de bediening, service en entourage rond het product.

Mijn bakker heeft dat niet begrepen. Altijd moet mij de stagiair treffen, of de persoon die net begonnen is. Ze had het schort net omgedaan en vroeg of iedereen geholpen werd. Ik schudde met mijn hoofd. Ze vroeg het nog een keer en ik moest gillen. Had ik dat maar niet gedaan. De zes broden en bolletjes die ik bestelde gingen traag door de handen.

Het broodsnijapparaat kreeg iedere keer een brood te verduren, waarbij ze stoïcijns wachtte. Normaal kun je het volgende brood erachter stoppen en verder gaan. Van efficiency had ze niet gehoord en ze nam mijn bestelling steevast verkeerd op, waarbij ze ook nog een discussie wilde beginnen dat ik toch drie had gezegd in plaats van vier. Of bruin in plaats van wit. Of…

Het is dat het brood zo lekker is, anders ging ik er niet meer heen en pakte het brood uit de schap van de supermarkt.