Categoriearchief: dieren

Sloopbedrijf – Sientje (24)

Vrij snel nadat wij Sientje in huis hadden genomen ontdekten we dat deze zeer lieve teckel uit Goor er een aantal eigenaardigheden op nahield. De meest hinderlijke was toch wel het slopen van gebruiksvoorwerpen. Dingen die in haar ogen de moeite van het slopen waard waren en daarmee waardeloos voor ons. Waarmee dit gedrag te maken had, kon ik niet achterhalen. Achteraf denk ik dat het verlatingsangst was.

In de loop van de jaren werd de berg gesloopte spullen hoger en hoger. Het gebeurde gewoon als we van huis waren. Dan verdwenen dingen die haar in de weg lagen of stonden tussen de grijpgrage tanden. Niet als wij erbij waren, alleen als we weg waren. Niks was veilig voor de tandengrijper. Alles verdween tussen de kaken en vermaalde de voorwerpen tot moes. Of ze scheidde alles keurig in losse onderdelen.

Wanneer het precies gebeurde was altijd onduidelijk. Als je dan thuiskwam, lag ze doodstil op de bank en wachtte onze reactie af. De teleurstelling of het verdriet. Ze liet ons rustig uitrazen om later in onze richting te lopen. Kwispelstaartend. Het kon niet sneller heen en weer daar achter als ze met een flinke dosis schuldgevoel naar ons toe kwam. Of die staart nu sneller ging dan anders, kon ik niet uitmaken. Het viel gewoon extra op omdat er iets kostbaars naar de Filistijnen was geholpen.

De ontdekking was altijd het vervelende moment. Ik kwam op een dag thuis van een cursus. Ik was een paar dagen in Groningen geweest en eindelijk thuis. Gelopen vanaf het station met een grote tas over mijn schouders, opende ik de voordeur en kwam via de tussendeur de woonkamer binnen. Inge was er nog niet. Ze zou elk moment kunnen thuiskomen. Ik zag op het kleed – waar anders – iets in duizend stukjes liggen. Ik keek eens goed en zag dat het haar mobieltje moest zijn.

De mobiele telefoon was net aangeschaft, met bijbehorend nieuw abonnement. Vlak onder het beeldscherm stak een heel klein joystickje uit waarmee je de programma’s op het scherm kon selecteren. Het zag er onwijs schattig uit. Met een druk op de bovenkant kon je het programma bekijken. Ook zat er 1 van de eerste fototoestellen op. Inge was er heel blij mee. Ze maakte foto’s en speelde op elk gewenst moment met het ding, waar weinig meer mee kon dan bellen, sms’en en foto’s maken.

Nu lag het ding op het vloerkleed. Met in het midden als grote steen des aanstoots het schattige joystickje. Verder allemaal losse toetsjes, het scherm dat nu op een propje aluminiumfolie leek en verder allemaal kleine, losse transistortjes, mini-geheugenpanelen en andere minuscule elektronica. Het omhulsel lag verbrijzeld over de rest van het vloerkleed verspreid.

Wat is dit verschrikkelijk, dacht ik. Inge die krijgt een hartverzakking. Ze doet dat beest wat aan als ze dit ziet, schoot door mij heen. Precies op dat moment zag ik onze auto voor het raam aan komen rijden en stoppen. Ze zou zo de sleutel in het slot doen.

De autodeur sloeg dicht en ik liep snel naar de voordeur, deed open en suste geruststellend. ‘Er is iets vreselijks gebeurd, niet schrikken.’ Ze schrok zich lam, dacht waarschijnlijk aan alle erge dingen waaraan je kunt denken en volgde mij naar binnen. ‘Je telefoon’, zei ik terwijl ik de deur naar de kamer opende. ‘Kijk daar maar.’ Ze keek naar het kleed en zag haar net aangeschafte mobieltje in duizend stukjes liggen.

Ze barstte in hard gelach uit. ‘Dat joystickje’, riep ze lachend. Het zag er inderdaad heel komisch uit zoals dat joystickje uit het numerieke stelsel van toetsen oprees. ‘Daar kan ik niet meer mee bellen’, merkte ze droog op en kamde met haar vingers alle elektronica uit al het wol van het kleed. Overal lag er wel iets tot in de diepste vezels van het kleed. Ze plukte de kleine dingetjes eruit en stopte ze in een plastic zakje. ‘Ik zal er wel mee teruggaan.’

De volgende dag ging ze met het zakje boordevol losse onderdelen naar de aanbieder van mobiele telefoons. ‘Die kunnen we niet meer maken’, merkte de verkoper droogjes op. Ze kon een aanbiedingsexemplaar van een ander toestel kopen. Zo’n groot formaat telefoon waar ze net van af was. Helaas moest ze het volle pond betalen, want ze had niet een verzekering afgesloten die je voor dit soort acties van je hond vrijwaart.

Ze sloot bij de nieuwe aankoop gelijk een verzekering af. Onnodig want het grote toestel was haar tanden niet waardig, vond onze sloophond Sientje. ‘Mogen we het oude toestel hebben?’ vroeg de verkoper nadat hij met zijn collega’s uitgelachen was van verbazing en verwondering wat zo’n klein teckeltje teweeg kan brengen. ‘Dan leggen we die in de etalage om kopers erop te attenderen dat ze een verzekering kunnen afsluiten.’ Inge vond het goed. Het ding heeft nog jaren in de etalage gelegen. Het joystickje als trotse overwinnaar fier overeind in bende elektronica.

Lees het vervolg: Boekenverslinder »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Tweedehands bench – Sientje (7)

Sientje liep een beetje onwennig door de kamer. Inge zocht de krant. Ze pakte hem en bladerde: ‘Kijk, hier staat het: een tweedehands bench voor 60 euro. Misschien hebben ze hem nog.’ Ze draaide het nummer, maar er werd niet opgenomen. Ze ging het over een halfuurtje nog een keer proberen. Wie weet was hij er nog.

Sientje bleef rondjes lopen, om de tafel. Onwennig en onrustig. Ze verkende het hele terrein, liep langs de bank en stak over in de richting van de televisie. Uitvoerig stond ze stil bij de stoel en snoof daar uitgebreid een stukje vloerbedekking op.

Ze liep nog iets verder tot vlak voor de televisie die Inge net had aangezet. Ze schoof haar achterpoten naar voren, kromde de rug. ‘Gaat ze nou plassen?’ vroeg ik. Ik had haar net op het strookje gras bij de voordeur proberen uit te laten. Ze had niks gedaan. Ze schoof nu nog iets meer de achterpoten naar voren en perste duidelijk. Daar verscheen een drol. Precies op dat moment ging de telefoon.

De mevrouw van de bench belde terug. Ze had ons nummer gezien via de nummerherkenning. De bench was er nog en als we wilden konden we hem nu komen halen. Inge maakte zich gereed om te vertrekken, terwijl ik met een lepel de drol van de vloerbedekking probeerde los te maken.

Hij was zacht en het poepvocht trok al in de vloerbedekking. De lucht die de drol verspreidde, was onverdraaglijk. Naast het feit dat de hond zelf ook behoorlijk smerig was. Als je op haar vacht tikte met je hand, vloog het stof omhoog van het hooi waarin het dier gelegen had.

Inge pakte snel haar biezen en ik bleef met Sientje achter. Ik probeerde haar nog uit te laten voor het donker werd. De avond viel en ik wachtte tot Inge terug zou komen. Het was vlakbij Haaksbergen, dacht Inge. Ze zou met een uurtje weer terug zijn, dacht ze. Het liep al over een uur en ze was er nog steeds niet. Ik werd ongerust. Ik gaf het dier maar wat te eten, de Fokker Plus brokken. Verder wat water erbij. Sientje at haar eten op en was doodstil.

Pas na 2 uur kwam Inge terug met de enorme bench in de auto. Of ik even mee wilde helpen het gevaarte naar binnen te halen. ‘Het was vlakbij Goor’, antwoordde ze op mijn vraag waarom het zo lang duurde. ‘Bij Diepenheim.’ De bench ging naar binnen. We puzzelden hoe hij precies in elkaar gezet moest worden en legden er een kleedje uit de auto in. We konden zo snel niks anders vinden. Sientje liep naar het nieuwe gevaarte en stapte erin. Dit was haar nieuwe huisje.

Boven het deurtje plakten we een stickertje, gekregen bij de worst van Stegeman. ‘I Love My Boss’, stond erop.

Lees het vervolg: Wat! Een teckel? »

Lees elke week een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Vogels tellen

We gaan lekker voor het raam zitten met uitzicht op de achtertuin. Het is Nationale Tuinvogeltelling dit weekend. Daarom maken we hier een lekker plekje om naar buiten te kijken. We zitten hier nooit. Dit is het naaihoekje van Inge. Nu tellen we de vogels die in de tuin zitten. Eerst is er niks. We wiebelen wat nerveus op de stoel. Stel dat er geen enkele vogel komt opdagen. Dan zit je hier mooi voor schut een halfuur lang.

Aan de andere kant is het best wel gezellig. We kletsen samen, terwijl we naar de wiegende Ginkgo kijken. De sprieten van de hortensia’s deinen mee op de wind. De droge bollen van vorig jaar slingeren als een bungeejumer aan zijn elastiek. Net als achterin de tuin de takken van de vlinderstruiken en het vijgenboompje meebewegen.

Zo zitten we daar voor het raam en keuvelen terwijl de vogels aan komen vliegen. Ja, daar zit een koolmeesje. En kijk nog eens: er komt er eentje bij. En is dat niet een pimpelmees?

Dan maakt merel een duikvlucht en landt fraai midden in de tuin. Kijk eens aan. Zo tellen we ook nog eens een tortelduif in de ginkgo. Hé, er komt er eentje bij. Ze kruipen tegen elkaar aan op een tak. De ene kriebelt met zijn snavel in de hals van de andere. De ander heeft zijn oogjes dicht van genot. Wat is dit schattig.

Misschien moeten we nog wat bijvoeren. Alle vogels schieten weg als er wat zaadjes worden gestrooid. De merel is zo weer terug. Hij gaat op de tuinstoel staan en kijkt met een schuin oog in onze richting. En daar zien we mevrouw merel landen op de schutting. Ze duikt even in de vijgenboom, rust op een takje, draait zich om en vliegt weer weg. Maar ze is geland. Dat telt mee.

Als we dan ook nog eens 2 pimpelmeesjes zien, zijn we helemaal blij. Zo tellen we in een halfuur best een leuk vogelbestand:

  • 2 koolmezen
  • 2 pimpelmezen
  • 2 merels
  • 2 tortelduiven

In totaal 8 vogels in een halfuur. Best een mooie oogst. Ik vind het wel jammer dat we niet de spreeuwen hebben gezien die ik eerder hoorde toen ik de was aan het vouwen was. We zagen ze wel in een grote zwerm hoog boven het pleintje achter vliegen. Of de kauwtjes die ik overal hoor, maar niet in onze tuin zie.

We worden wel enthousiast. Volgend jaar gaan we zeker weer meetellen bij de Nationale Tuinvogeltelling. Het is leuk om te doen en je leert weer eens op een andere manier naar je tuin te kijken.

Te koop: zeer lieve teckel – Sientje (3)

Een week later op zaterdag. Ik had de avond ervoor tot laat gewerkt. Met de eerste trein was ik de volgende morgen vertrokken naar Almelo. Ze haalde me van het station op. Op weg naar huis haalden we meteen de boodschappen. We namen ook een krantje mee. Een Twentsche Courant Tubantia. Dé krant van Twente. Zo kon ik kijken naar personeelsadvertenties voor een baantje in de buurt.

Alvast solliciteren voor als ik binnenkort afgestudeerd was. Het zou niet lang meer duren. Ik was al beland in het laatste deel van de afstudeerscriptie. Het was dan wel handig als ik aan de slag kon. Ik had net een baan in de dak- en thuislozenzorg in Leiden en beloofd zeker een jaar te blijven. Maar de verliefdheid kriebelde aangenaam. Beloftes vergeet je dan snel… Maar ik wilde wel een baan hebben daar in het verre oosten. En die lagen niet voor het oprapen.

We zaten op de bank. Boodschappen in de koelkast. Ik opende de krant en ging de advertenties af. Ze zochten een heftruckchauffeur, een puntlasser en een administrateur. Geen beroepen die aansloten bij mijn studie Nederlands. Daarom dwaalde mijn blik naar het lemma ‘dieren’.

Zeer lieve teckel

Mijn oog viel stil bij een tekst die wel aansloot bij onze verlangens: ‘Gezocht goed tehuis voor zeer lieve teckel.’ Er stond een telefoonnummer bij en de prijs: 100 euro. Dat was in Goor, zag Inge aan het netnummer. ‘Zullen we bellen voor meer informatie?’ We keken elkaar aan. De vlinders fladderden tussen ons in. Ja dat wilden wij! En 100 euro was niet veel voor een teckel. Een koopje.

Het was de derde zaterdag van januari 2002. Op nieuwjaarsdag waren we naar het pinautomaat bij de Plus supermarkt gegaan. Daar pinden we onze eerste euro’s. ‘Hoeveel zullen we pinnen?’ vroeg ik. ‘Laten we maar 100 euro pinnen’, zei ze. We kregen allemaal nieuwe briefjes in onze handen, want de banken gaven die eerste dagen veel klein geld. Die avond bij het nieuws verscheen minister Zalm met een brede grijns op zijn gezicht. Om middernacht had hij het eerst de eurobriefjes uit de flappentap gehaald.

Niet over 1 nacht ijs

Maar we wilden niet over 1 nacht ijs bij de aankoop van een hondje. Daarom probeerden we een lijstje met vragen te formuleren. Want je moet wel wat meer weten dan hoe oud het dier is. Ook waarom hij weg moet en of er problemen speelden. Je moest niet zomaar een hond in huis nemen. Als het een rasteckel was, vroegen ze niet veel voor deze teckel. We zochten naar vragen en schreven ze op een briefje. Inge belde.

Ze sprak met de fokker van ruwhaar teckels. Hij woonde in het centrum van Goor. Openlijk vertelde de fokker over deze niet-opgevoede hond. Ze is niet zindelijk. Ze is niet in huis opgegroeid. Ik heb haar gebruikt om mee te fokken. Ze is uit de showlijn. Een ruwhaar, standaard teckel, wildkleur. Je krijgt er de stamboom bij. Hij wilde 100 euro hebben voor het hondje. En ja, het was een ontzettend lieve hond. We konden gerust langskomen om haar te zien?

Kijken is kopen

Inge keek me aan. Als we zouden gaan kijken, waren we overstag. Dat wist ik uit ervaring. Zo waren wij thuis ook onze hond Blekkie gekomen. Maar ik knikte. Over 2 uurtjes zouden we komen. Eerst lunchen. Tot die tijd konden we goed nadenken over de hond. Inge legde de hoorn op de haak van de telefoon. We trilden van opwinding. Het was zover besefte ik. Kijken is bij een hond kopen. Ik kende Inge net en we kochten samen een hondje: een ruwhaar teckel.

Lees het volgende deel: Roze bril »

Het verhaal van Sientje

De aankoop van onze allereerste teckel Sientje is de mijlpaal aan het begin van onze relatie. Sientje was onze eerste gezamenlijke aankoop en vooral: voor allebei onze eerste teckel.

Ik droom al heel lang van een teckel en begon er vrij snel over nadat ik Inge leerde kennen. Zo in deze periode van het jaar. In september was onze eerste ontmoeting en 3 weken later hadden we verkering. Half januari hadden we onze teckel Sientje in huis gehaald.

Lot uit de loterij

Een schot in de roos. Of zoals de Almelose dierenarts Von Brucken Fock het bij de eerste controle zei: een lot uit de loterij. Hij voegde er wel meteen bij: ‘Wil je dit nooit meer doen.’

We kochten Sientje van een Goorse teckelfokker op zaterdag 18 januari 2002, een dag nadat ze 4 was geworden. Tot die dag had ze in de schuur in zijn achtertuin in een kleine kennel met stro geleefd. Ze had een aantal nestjes gehad, gericht op showhonden.

De standaard ruwhaar teckel, wildkleur, stond in een advertentie in de zaterdagkrant van de Twentsche Courant Tubantia: ‘Goed tehuis gezocht voor zeer lieve teckel’. We belden en ik waarschuwde al: ‘Als we gaan kijken, zijn we verkocht.’ Inderdaad, een paar uur later waren we de trotse bezitter van een ruwhaar teckel, met stamboom.

Mooiste dat je kunt krijgen

Sientje is een bijzondere hond. Voor ons gevoel hebben we alle jaren die ervoor waren, goedgemaakt. We zagen iedere nieuwe dag als een extra dag voor haar. Zo konden we ontzettend van elkaar genieten en kregen van haar het mooiste dat ze kon geven: haar vertrouwen.

We hebben veel met haar meegemaakt. Veel loopt synchroon aan het begin van onze relatie. Een paar weken na de aankoop vroeg ik Inge op de eerste voorjaarsdag ten huwelijk. We trouwden en kregen een prachtig kind. Overal was Sientje bij. Niet altijd lijfeljk tot onze teleurstelling. Het zijn dus typische teckeldingen maar ook gewoon het verhaal over onze relatie.

Een paar jaar geleden schreef ik elke zondagmiddag over onze teckel Sientje. Deels om die bijzondere tijd met Inge vast te leggen en ook omdat ik bang was veel van de belevenissen te zullen vergeten. Al schrijvend dienden zich meer en meer de verhalen op van deze bijzondere hond.

Graag deel ik deze verhalen met je. Dat doe ik het hele jaar op zondag. Dan komt er een kort verhaaltje met een anekdote over deze bijzondere hond. Uit het grote fotoarchief dat ik de laatste tijd aan het opruimen ben, is ontzettend veel materiaal. Ik ga op zoek en zal de meest treffende foto zoeken bij het verhaal van die week.

Vanaf vandaag elke zondag een nieuwe blog met een nieuwe herinnering aan Sientje.

Lees volgende blog: Ons hondje »

Elke zondag een nieuw verhaal van Sientje in je mailbox?

Abonneer je op de wekelijkse nieuwsbrief

Grens bewaken – Saartjes hernia (7)

Hoe gaat het met de hernia van onze Saar? Ze maakt het bijzonder goed. We hebben de benchrust iets verruimd. Het geldt ook als ze rustig in de mand ligt. Merken we dat ze te wild is en te vaak uit de mand gaat, dan moet ze in de bench.

Tot nog toe werkt het heel aardig. Al merk ik wel dat het best lastig is om de grens te bewaken. We breiden het rondje lopen steeds verder uit. Gingen we eerst tot de rand van het park, nu durf ik er al een eindje in te lopen. De band gaat al niet meer om haar middel. Ze springt er namelijk steeds uit.

Dan is het vooral goed opletten. Zo liep ik gisterochtend voor het eerst tot het eind van het eerste grasveld met de bomen. Daar kreeg Saartje het wel moeilijk. Bij het snuffelen aan een graspol, ging ze even zitten. De poten niet mooi recht naar beneden, maar opzij.

Op die momenten merk je dat je hond nog echt hernia heeft. De oefeningen werpen vruchten af. Wel heeft ze nog een paar eigenaardigheden, zoals wippende pootjes als ze plast. De kracht zit nog niet helemaal in haar poten, maar we zien nog elke dag vooruitgang.

Inge heeft de filmpjes die ze in de eerste dagen maakte, gekoppeld aan de filmpjes die ze later schoot. Je ziet hoe snel ze vooruit is gegaan. Het geeft hoop voor de toekomst. Het zou best weleens kunnen dat het helemaal goedkomt met onze Saar.